De Belgische standaard

1358 0
close

Warum möchten Sie diesen Inhalt melden?

Bemerkungen

senden
s.n. 1918, 29 Oktober. De Belgische standaard. Konsultiert 08 Dezember 2022, https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/de/pid/7m03x84t2d/
Text zeigen

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

4de Jaar - N' 232 <"°3» Diasdag ' ctober 1018 51 S ÂBùKaaaiKTiii -j * Vior Sol du tel I mtand 1,35 fr. a mttnde» 9,50 3 mtaadca 3,7s Niet Soldat» in 't land 1 ^ t maand fr. 1,75 pl I maand«B 3,50 i j imaandea 5,35 j ' —0— \ Bnitca 'tlaed [ maand fr. 3,50 » maasdcn 5,00 3 niaaBd«M'7,so : DE BELGISCHE STAnDAARD up*wi II Bebeir Villa Ltt Charmcttca Zeedijk DB PANNB Kleine aankon* digingen : ,35 fr. de rtgtl RECLAMER VolgCBI OT«r-•cakomat—s— Suchtbr-Bbstuùrdhr ^ ÎLDEFONS PEETERS lLL>JtS£<UNb mil k &K5 .NaSPK) VASTE MEDEWEBKERS : M. E. BeSpafre, L. Dnykers, P. Bertrand Van der Schelden, Dr. Van de Pérre, Dr. J. Van de Woestyne, Joui Filliaert, Dr L. De Wolf, 0. Wattez, Adv. H. Baels, Hilaiion Thans De Duitschers in aftocht tusschen de Oise en de Serre- imuaewa—■ De Engelschen bezetten Ingoyghem en Avelghem. Ludendorff geeft ontslag. Belgisch Front 27 October 23 uur. Oostelijk Kortrijk hebben de Fransche troepeo de hoogte van Zulte bezet en bereikten dit dorp. Ze schreden dan vooruit tôt den weg Waereghem-Anseghem. De Britsche troepen na Ingoyghem en Oote-ghem ingenomen te hebbeu zijn vooruitgegaan in de richting der Schelde, meer ten Zuiden viel Avelghem in hunnehanden. Op het overige front artillerie-strijd. De Duitschers beschoten onze achterwaartsche we-gen.PRANSCH FRONT PARÎJS 27 Okt 23 uur. Tusschen Sissonne en Ghateau Porcin hebben wij de Duitsche stel-lingen aangevallen. Na een verwoeden strijd hebben wïj den vijand uit zijne linie geworpen en talrijke dorpen bevrijd. Tusschen Oise en Serre moest de vijand onder de drukking van het eerste leger achteruitwijken. Hij rukt het noorden in. Wij bezetten Mont d^Origny, Origny, Ste Benoite, Conrjumelles en Clevissis. Op onze rechterkant hebben we Peron, de hoogte 117 en de suikerfabriek van Richecourt bezet. Het tweede leger heefl de Serre, 0. Assis doorgetrokkea. Het getal ki ijgsgevange-nen op 2$ en 26 dezer tusschen Sissonne en Chateau-Porcin overtreft de 2400 man. N. Verdun heeft het Amerikaansch leger ge-welnige aanvallen ondersiaan. Verwoede ge-vpchten hadden plaats tusschen Bantheville en Rappes-bosch alsook in 't Bellen-bosch. In Wœuvre groote ■millerie-strijd. ËNGELSCH FRONT LONDEN 27 October 23 uur. Wij hebben ge-durende plaatselijkegevechten vorderingen ge-maakt naar Doornijk en om Valenciennes, 100C krijgsgevangenen vielen in onze handen. Eer schrikkelijke aanval der Duitschen tegen den spoorweg N. W. Quet noy werd afgslagen. Ludendorff geeft o&tslag Uit Berlijn wordt ambtelijk geseind : « De Keizer, na het ontslag van Ludendorff aanveerd te hebben heeft dezen generaal, eersten kwar-tiermeester, in tijd van vrede bevelhebber van de 23e brigade in beschikbaarheid gesteld. Duitsche hulde aan Kardioaal M cier en het Brigisch voïk. Wij hebben gister moaegedeeld dat von der Lancken aan Kardinaal Mercier een brief had overhandigd om hem de ontruiming van Belgie ter kennis te brengen. Deze brief luidt als volgt : « Eminentie, gijzijt de levende persoonlijking en de geëercie herder van bezet Belgie ; het jeneraal bestuur en de Duitsche regeering hebben dan 00k besloten, zich tôt u te richten om uter kennis te brengen, dat wanneer wij het grondgebied zullen ontruimen, wij op eigen iniliatiel al de onlvoerde Belgen en politieke gevangenen zullen vrijstellen. Velen zullen tegen Maandagreeds hunne haardsteden ver-voegd hebben. « Deze verklaring zal ongetwijfeld u ver-heugen. Ik ben zooveel te gelukkiger dit nu te bestatigen omdat ik sinds vier jaren midden de Belgen niet heb kunnen leven zonder hunne ▼aderlandslielde op haar juiste waarde te schat-ten. » Kan men eeîi meer sebitterende hulde aan Kardinaal Mercier en aan het Belgisch volk uitdenken ? Als ze slagen krijgen, zijn 't oprecht hondjes. De Herînrichtlng van 't Bevrîjde Qebied Generaal Andringa is in zijn ambt van Mili-tair Gouwheer van West Vlaanderen behouden. | 't Is Generaal Frans die zou geroepen zijn om den diest van Militair Gouwheer van Oost-Vlaan-deren waar te nemen. Colonel Vinquier is Plaatsbevelhebber van Brugge benoemd, Colonel Delmaere van Oos-tende.De Mititaire Auditeur Remy is Bestuurder -'n d openbare veilipheid benoemd. M. Parai t ? van . d wordt hem toegevoegd. s venu.,,e Provinciale Afvaardiging van V» \ deren is Vrijdag te Brugge bij hoog-drii enci A-'i bijeen geroepe# geweest. Dr, Hoilemans is gelàst gewordcii met het besluui van den gezondheidsdienst die naar Brugga overgebracht wordi. De burgerlijke hospitalen van achter 't front zullen naar Brugge en Kortrijk overgebracht worden. Bij Koninklijk Besluit is aile vijandelijk geld, goudstukken uitgenomen, niet gangbaar in het bevrijde land. In welken staat de Duitschers de kust hebben achtergelaten Van Westende tôt Oostende Van Lombartzijde af is de weg begaanbaar. In de^erte zien we niets dan puinen. 'tls Wes-tendedorp dat evenals Lombartzijde ten gronde toe vernield is. Links liggen de puinen der kerk die ineengestort is, maar waarvan 't onderste gedeelte tôt tvree meters hoogte is blijven rechtstaan. Hier hadden de Duitschers een hulppost van hun Rood-kruis ingericht. Op een plakkaatje'leest men nog duidelijk « Verband-platz ». Van Westendedorp blijfi anders niets over dan 'n iiigestuikte straat waar men hei steengruis opruimi om den weg vrij- te krijgen, Van Westende naar Westende-Baden loopt dt weg midden het doodsche en bloote larid. Langs beide zijden staan nog overblijfsels van Duitsche maskersbescijolten en men vorderi als in 'a gang. Even voor den weg naar Wes-tende-Bacten in te slaan, zïe 'k rech s nog 'n ge-deeltc »an den steciioven van M. Cailiaux blek-ken.Het zoo lieve badpiaatsje van Westende-Badèii is onkeunelijk. Geen enkele villa is ge-heel gebleven. Van ade Krokodilenwijk ziet men den toren van Midaelkerke uitsteken, maai hij is leelijk afgeknot. Middelkerke ziet er van verre uogal wel be-waard uit, maar als men 't dorp nadert.besla-tigt men eenzelfde verwoesting als te Westende. De laatste obussen door onze kanonnen geschoten hebben hier en daar versch-gedolven putten gegraven het dorp rond. Van de kerk staan alleen nog de muren recht. '1 Lijkt een uugeplunderde ruine. Vooraan hangt het Calva-riekruis ér nog en, — wie slak het aan ? — het Godsiicht brandt er voor. Al de huizen op de plaais en in de straat die naar Zee leidt zijn beschadigd. Weinige vilia's die, '1 zij onder de obussen, 'tzij onder de plun-deriug niet geleden hebben, maar de schade is zoo gioot niet als in 't dorp. Hier wonen toch noch meoschen in den omtrek, want langs de baan oaar Oostende, buitenwaarts het dorp, nuilt er rook uit twee drie schouwen. Hier en daar aan voorname huizen ziet men nog duitsche segeropsebriften. Tôt aan Middelkerke brachten de Duitschers hun bevoorrading per spoor. Eennauwe spoor-lijn ltgt langs de baan op Raverszijde en 00k ] de tramlijn li^t er no> ongeschonden. I Vaa Middelker,ke naar Raverszijde ishetlangs : den een opeenstapeiinjj van bundels hout, tonnen ciment, ijzeren balkeri enz. Materiaal doet de vijand in zijn ijlingsche vlucht heefl moe-ten achterlaten. Van Maiiakerke is, niet veel geschonden. De villas op den dijk echter zijn nog al deerlijk gehavend. Het bovenste van den kerktoren is afgeschoten. Langs den zeeweg komen wij te Oostende. Het Palace Hôtel is ottgédeerd. Van de Wellington wedren is een gedeeite der tribunen door een obus weggeslagen. De koninklijke villa en de galerijen schijuen ongeschonden. In de kur-saalmoeteen obus gavlogen zijn, maar de schade is te herstellen. dijk is wel bewaard ge bleven, we zagen een tiental villas erg bescha-digil of in puin gelegd. Op 't strard is overal pinnekensdraad geplant tôt aan '1 stakeisel. In den dijk zijn overal onderaardsche fangén ge-boord die tôt de stad toegang §e\en. De stand-plaatsen voor kanons en mitraljeuzen zijn hier en daar nog merkbaar. le eude vuurtoren staat recht, van de nieune geeo syoor meer. Het staketsel is om zeggens stukgeschoten. Op 300 meter van de haven, oostwaarts het staketsel ziet men d» masten tan den door de Engelschen gezonken kruiser uit de golven steken. In de hav&n zelf ligt een groote baggersboot gezonken. De Zeeetatie, de kom, de bruggen hebben veel te lijden gehad. Al de bronzen stukken van de Smet de Nayerbrug zijn naar Duitlchland vervoerd. Al de kerken zijn onge-deerd, maar veel, om zeggens, aile klokken zijn verdwenen. 't Klokje van het we«zengesticht luidde storm bij de intrede onzer jongens. Geheel de stad is bevfagd. Geen huis of er steekt een vaandeltje uit I Men staat *e?baasd over die bevlagging. Waar haalden ze al die vlaggen zoo plotseling vandaan ? In de Kapplle-straat prijken de beeltenissen van onze vorsten in aile vensters. Be uitstallingen zijn op hun beste. In stad heerscht de grootste geestdrift. Het volk il zot van vreugde. De verlsssing. na vier jaar dwang en verdrukking, heeft het jubelende hart van 't volk doen overloopen. Het lijden is vergeten, maar niet vergeven ! De haat tegen de Duitschers blijft levendiger dan ooit. En de Oostendenaren vertell«n 011s met heele moné-vollen ailes wat ze te verduren hadden : boeten, opeischingen, ge ;angzittingen, verkrachtingen ; in aile steden is het hetzelfde geweest. Overal is het eenzelfde beeldophangen van de grootste ellende, de grootste verdrukking, echte slaver-nij. Nu slaat de woede boven. Men zal 't nooit vergeten ! Ter bevrijding van het Vaderland Opgeorafcen aan de helden Van HOUTHULS1 van 28 Sept. 1918. — o— Zij zaten aan den Yser in de moddergrachten Te waken over België's laatste lapje grond ; En zorgdeu dat de Pruisen 't onder juk niet brachten, Besloten vol te houden tôt hun laalsten stond. Zij zatendaar in 'tslijk.bij koude winternachten, Vier lange jaren,maar... hun zielebleef gezond, Wat in hun harte leefde, was een vurig trachten Naar't uur waarop hun vorst zijn volk ten aanval zond. De dag wa* aangebroken. Krijgsbazuinen schett'ren Zij sprongen uit hun schans den vijand te ver- plett'ren ; Zij zagen in het Oosten 't vrijheidszonlicht aan. Zij stormden als d'orkaan,ensloegen ailes neder Tôt dat de Duitscher week. Daar zagen z'een- klaps weder Tôt ver in voile licht de torene van Brugge staan. OMER WATTEZ. Lid der Koninklijke Vlaamsche Academie. Naar Huis... 1 « 't Was donker avond — Maandag iaafst \ — toen twee Belgische soidalen kwamtrr Î1 aankloppen in eene herberg te Left'iaglie. " Kunnen wij hier 'n brokke slapen vaa „ den nacht, baas? We komen al van De ' Panne, en zijn op Aveg naar huis "... — ",Komt binnen, jongens, zeere bin-nen, zei de baas ; en zet u achter de stove... we gaan 'n pot koffie maken, eh, wi f ? Die mannen gaan hier juiste doen lijk thuis... Trekt uwe schoenen maar af en droogt u. We'n hebben niet veel te geven, maar we zullen deelen wat er is..." En de soldaten, raoede en beslijkt daar ze waren van 'n langen en raoeilijken tocht speelden hun tuig en kleeren uit en zaten vergenoe^d neer bij 't vuurtje. De bazin smeet eenige spaanders op — kolen waren er niet — ; ze maalde wat " malt", om koffie te maken ; ze sneed brood — brood dat zwatter en zwaarder was aïs 't peerdebrood van vroeger — ; ' ze spreidde er wat gesinolten Amerikaansch vet op, dat lot smout diende, en 't duurde niet of 't avondmaal was klaar. " Wat is dat voor 'n licht dat gij hier | branden hebt, baas ? vroeg een der mannen ; dat 'n gaat toch niet met petrool, eh, die lampe ? " •' Petroel ?1 zei de baas 'n spreekt daar niet van, rnensch lief! 't Is meer dan drie jaar dat we 'r zonder zitten ; dat is carbuur daar. Carbuur is al wat we nog hebben, en gelukkig genoeg want zonder dat moes-ten we... ja, wat ga ik u zeggen, had't nog moeten 'n winter duren, we waren er al aan... tôt hi,ertoe ging het n#g 'n beetje, maar er komt 'n einde aaa ailes... we gin-gen verhongeren !... Beziet 'n keer wat brood dat we aten, onze patatten 'n waren nog maar de grootte van 'n duifei, als zij ze al kwamen halen, al de beesten zijn " ge/ekwereerd " van in 'i5. En hoe dat zij al dat schoon vleesch vermoord hebben ! Pooten, koppeit-, beenisn smeten zij weg, dolven zij onder, en ze moesten maar 't beste hebben. Wij mochten er 3op staan zien, staan watertanden, op onze eigene beesten... Dat luizengoed 1... Maar ik heb het hun geze,id, dat ze gingen van honger kre... lijk de honden, eer de oorlog uit was, en 'k en heb niet gelogen. Van ver-leden jaar ai hebben zij moeten koolrapen en peerdeboonen vreten ; zij hebben de honden opgeischt om te slachtén, en ze at n erv^n lijk de- wolven. 't Vet van de honden gebruikten zij om zeep te maken ; en dat was me de zeep ! Als gij een half uur lang gewreven hadt, ge'n zaagt nog geen schuim... Zij waren kiezig om zien ; hunne kleedéren wierden gelapt en geta.pt tôt zij van hun lijf vielen. Zij droegen kloefen, als zij hier waren ; er was schier niets meer van leer te krijgen en veel van hunnen bucht werd uit papiee gemaakt..." En de baas gaat aan 't vertellen dat hij érvan hijgt ; hij ziet er 00k bleek en ver-vallen uit. " Die oorlog is tien jaar ver-korting van mijn leven, zegt, hij ; wat wilt ge ? Gewend van ailes in overvloed te hebben 1 Er waren geen gelukkiger men-schen véér den oorlog als wij. 'k Had mijn beesten, mijn land, mijn herberg, ailes was om ter schoonst... Wij leefden hier in een streek die door heel de wereld : gekend was om heur vee. Boter, melk, eieren, vruchten van allen aard, hadt gij hier meer dan wij konden gebeuiken... ! Maar ja, 't was te veel weelde, en weelde steekt... 't Vrouwvolk ging gekleed lijk s princessen ; de mannen moesten vélos hebben, motocycles en wat weet ik al ? Zij 'n konden geen half uur ver meer te voe 1 gaan of ze namen den frein, den tram... Ja dat en ton zoo niet blijv< h dmvn, i*r. moest storm opsteken, en wij hebben hein gehad. En wat wij nu tcgeuio t gaan, weet de H eer..." î " Hebben ze dit porltet daar laten han- |j gen ? vroeg een der soidalen, met den vin- « ger wijzend naar een prent op den muur." — " Ah ! de koninginne ! ja, " was 't antwoord ; " zij mocht blijven, maar al de anderen moesten weg. O, zij waren er gloeiende dul om, soms, en hoe' dat ik in den bak niet gevlogen bea, en weet ik zelf niet... Ze hadden hun bureel daar, in die kamer, ziet gij, en zij siiepen er met drieën. 's Avonds zaten zij de stove af en ze zouden zich van ailes hebben meester gemaakt, maar dan toonde ik hun mijn tanden en... ze lieten ons gerust, mij en mijn wijf... 't Zijn in den grond lafaards ; schceeuwen, ja, bulderén, dat kunnen zij. Met drieen voor eenen burger te pakken en met gevelde geweren. 'k Sprak hun soms over den " Duivel-torre " van Nieupoort ; hoe zij dat nooit en z«uden plat geschoten hebben, hoe zij er nooit over en zouden gaan, omdat jde duivel er in was... en zij geloofden mij, want zij bezagen me dan nog aardig... Zij en waren niet katholiek, maar wel evan-gélisch zeiden zij ; ze hebben daar een kerkhof aangelegd, zoo schoon dat gij er geen sch»oner en hadt in tijd van vrede ; ze 'n peisden niet nog ooit Belgie los te laten... Ha ! daar zit iemand in dat keck-hof ! Soms met 3o, 4o in een put tegelijk. Ze zijn moeten gaan verhuizen, want er kwamen kanonkogels in gevlogen... Op drie kwartier van hier stond hunne groote •r Bertha » ; de Hamilton-batterij noemden zij ze 00k, en daarmede schoten zij op Duinkerke ; maar ze kregen er van de uwe 00k... Eensjjis er 'n Fransche obus op ge-vallen die 120 man doodde... Dan zijn ze benauwd geworden... — - Maar, baas, vroeg een der gasten aan tafel, heeft het water altijd zoo hoog ge-staan langs hier ? Heel de streke staat onder om zeggens. — Ze hebben den Siphon doen sptingen ondec den vaact van Passchendaele, zoowat een half uuc van hiet, was het antwooed ; moegen gaan wij et naattoe om 't gaf te stoppen, andecs zal geheel de steeke tusschen Nieupoott en Oostende ovecstcoomd getaken. 't 1s moeilijk om iets te d en, want wij 'n hebben geen een trekdiec meet ; 't n-oet al met hand gedaan worden en de wegen zijn daatbij ondeemijnd geweest. Op vele plaatsen zijn ec kcaters van detiig voet diep, en met hondecd man en kunt ge al niet vele van die putten vullen, als de aaede moet aangebcacht zijn met ktui-wagens en zakken. Maac we gaan et toch iets mede moeten doen. — De mannen die naac de loopgcaeh-ten moesten, wacen zij et nog " geetne bij " ? Vtoeg een dec soldaten andec-maal.— Ze hadden ec den gtuw van op het laatste, antwootdde de baas, maac ze moesten wel ondec dwang van tevolvécs. Ik heb ec een zien " snot en kwijl " schceeuwen ; hij l,ad vijf bcoecs dood en hij moest nog altijd mede. Alleman die 'n geweec kon dtagen moest mee ; zô veclocen zooveel volk ên ze 'n wisten niet hoe de gaten stoppen... Wij hebben hiec 'n tijd lang een Elzassec gehad, dat was btaaf volk. Zij haatten den Duitsch zoo hacd als wij zelf en zij 'n schoten nooit in de gcachten, zij 'nwilden op hunne bcoecs niet schieten, die al den andecen kant in 't fcansch legec wacen. Dan heb- j ben wij 00k eens Oostencijkers gehad, maac die vochten altijd met de Pcuisen

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dieses Dokument ist eine Ausgabe mit dem Titel De Belgische standaard gehört zu der Kategorie Katholieke pers, veröffentlicht in De Panne von 1915 bis 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Zufügen an Sammlung

Ort

Zeiträume