Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad

362 0
close

Why do you want to report this item?

Remarks

Send
s.n. 1917, 31 March. Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad. Seen on 31 May 2020, on https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/en/pid/t727942305/
Show text

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

31 Maart 1917 Nr 13 40® Jaargang HET VLAAMSCH HEELAL Vrij en OnafhankeSijk KathoHek volksgezind weekbiad voor Vlaamsche en Âlgemeene Belangen Voor een jaar fr. 5.— Voor 6 maanden » 2.75 Voor 3 maanden » 1.50 Voor Nederland » 5.50 Voor 't Groot Hertogdom Luxemburg. . » 5.50 Voor andere landen » 7.00 Dit blad verschijnt den Zaturdag morgend.— Men teekent in bij 'en Uitgever en in aile postbureelen, alsook bij de briefdragers. Hoofdopsteller : JOHAN LEEMANS Deo Juvante Vincam ! Aile artikelen en mededeelingen moeten vôôr Donderdag avond ten bureele besteld zijn, alsook de aankondigingen. Afzonderlijke nummers van dit blad zijn te bekomen ten onzsn bureale, Carnotplaats 65. — 1 O centieman het nummer. !»?*&!. sœifzesv&rœraiœztrjaan* trnneaKrssmmïcwmïe* AJUVKOWDI6INGËIV Dan regel fr. 0.20 Klein» aankondiging » 0.50 Begrafenisbericht . . . » 5.00 Groote aankondigingen bij overeenkomst. Voor aankondigingen buiten de provincia, wende men zich. tôt de Agencie BIA.VAS, Martelarenplaats 8, Brussel, en Bsurs-plaats 8, te Parijs. Voor aile andere aankondigingen ten bureale Carnotplaata (Laar) OS, Borgerhont-Antwerpeu WOORD EN LOOPBAAN In vele omstandigheden komt het spreekwoord : « spreken is zilver en zwijgen is goud », zeer te pas. Maar iedereen kan niet zwijgen of heeft het recht niet te zwijgen, en zoo komt soms een enkel woord eene verdienste- j lijke loopbaan breken of soms onheilen ' aanrichten. Dit is het gevai met ; Ministers en andere overheidspersonen, die nu en dan uit hun lood geraken en zich onmogelijk maken door een enkel ongepast woord, dat kwetsend is voor velen, of volksdriften opzweepen door eene onvoorzichtige of nuttelooze uit-daging.* * * Die voorbeelden hebben wij gehad hier te lande, zoowel als elders. Vele verdienstelijke Fransche Ministers moesten om zulk een ongepast woord aftreden. Zelfs Clemenceau, die heel zijn leven gewerkt heeft, om Ministers te doen tuimelen, viel zelf, wanneer hij reeds twee of drie jaren eerste Minister was, door een enkel ongepast, spottend of uitdagend woord. *** In België is insgelijks meer dan een Minister om zulk een woord gevallen of onmogelijk gemaakt. 't Is zelfs meer dan eens gebeurd dat het uitgesproken woord de beteekenis niet had die de tegenpartij er aan gaf, maar daarop den stelregel toepaste : « geef mij van iemand een regel geschrift, en ik zal hem doen ophangen. » * * * Dit was het lot van Minister Van den Peereboom, onlangs overleden. Sprekende over de muiterijen door de tegenpartijen verwekt ter gelegenheid eener nieuwe kieswet, zegde hij : dat die razernij wel zou stillen. « Het is gelijk de mazeltjes », zegde hij, « na eenige dagen is dat voorbij ». De tegenpartijen namen zulks hoog op en ver-dubbelden hunne pogingen, zoodanig dat deze verdienstelijke Minister, reeds zestien jaren een voorbeeld van werk-zaamheid en toewijding aan 's lands belangen, de plaats moest ruimen voor anderen. * * * In andere en mindere besturen zijn zulke voorvallen ook niet zeldzaam geweest, zoodat daarop het spreekwoord : « kleine oorzaken, groote gevolgen », toepasselijk was. Het bevestigde tevens de gulden spreuk, « dat voorzichtigheid de moeder van den porceleinwinkel is», maar niemand is tegen zulke voorvallen gevrijwaard, zoomin groote als kleine woordvoerders. * * * In gewone omstandigheden heeft een enkel woord het ongeluk voor velen medegebracht. Door onbedachtzaam zijne zienswijze over deze of gene omstandigheden uit te drukken, zijn vele menschen in den druk geraakt, zonder eenige noodzakelijkheid of eenig nut voor de algemeenheid. Zij leerden met schade of met scbande dat zwijgen voor velen, en bij zonder voor hen die niet spreken moeten en dus geene plicht te vervullen hebben, onverbeterlijk is. *. * * Wil dit zeggen dat er immer moet gezwegen worden ? Integendeel, de plicht gebiedt meermaals te spreken, dan zelfs wanneer er gevaren aan verbonden zijn. Maar dit moet gebeuren met kennis van zaken, met bedacht-zaamheid en overweging, die allen ijdelen praat of spotternij uitsluit. Wie zijne belangen ernstig doet gelden, met 'MwmTri-wi'i i ■ il i «iimsmb m —« 11 i i ieggaBBa«gaaiii mu i n MirfnawrnaBaca kalmte maar met wilskracht tevens, zal des te gemakkelijker aanhoord worden en eerbied afdwingen voor zijne rechten. * * * Breekt een enkel ongepast woord de politieke loopbaan van enkelen, het kan ook nadeelig zijn in andere omstandigheden, voor de toekomst en het levensbelang van velen. In het gewoon burgerlijk leven, in den strijd om het bestaan, komt zulks meermaals voor, bijzonder bij hen die gaarne een vast bestaan verlangen. Wanneer zij eene eerste kans verkeken hebben, komt eene tweede nog zelden voor. * * * Het is dus niet ongepast daarop de aandacht te vestigen van aile belang-hebbenden. Want het nadeel dat uit onbedachtzame woorden voortvloeit, treft doorgaans ook anderen, niet alleen in hunne politieke, godsdienstige of zedelijke belangen, maar tevens in hunne stoffelijke noodwendigheden. De voorzichtigheid en 't vooruitzicht maken een deel uit der âlgemeene opvoeding, en zelfs wel het voornaamste deel, vermits het de âlgemeene toestanden en belangen in ruime mate beheerscht en regelt. J. L. DE TOESTAND HIER EN ELDERS NEDERLAND. — Dat Nederland op aile gebied veel profijt trekt uit den oorlog, is algemeen gekend. Bijzonder de stoomvaart-maatscbappijen maken schitterende zaken. Tusschen deze zijn er, zooals de Holland-Amerika-Lijn, die 55 ten honderd intrest betalen en nog miljoenen over houden voor nood-kapitaal. De Komnklijke Hollandsche Lloyd betaalt 25 ten honderd ; de Koninklijke Nederlandsche Stoombootmaatschappij 20 ; de Holland Gulf 40, en de Oostzeemaatscbappy 60 ten honderd, alhoewel zij 200 °/0 winst heeft gemaakt. In andere bedrijvigheden van handel en nijverheid bestatigt men eveneens een ongemeenen voorspoed, welk eigenlijk slechts eene verplaatsing van fortuinen is. — Het algemeen stemrecht wordt in Holland genoemd « Allemanskiesrecht », zoo omtrent gelijk « Allemansgerief », den gekenden almanak. Naarmate de kiezing nadert, die nogtans zonder strijd zou moeten afloopen, worden de pennetwisten over het kiesrecht en de grondwetsherziening heviger, zonder even-wel in persoonlijkheden te ontaarden. Ieder zegt daar vrijmoedig zijn gedacht, zonder anderen te kwetsen, althans niet persoonlijk. —o — RUSLAND. — De zaken in Rusland nemen tôt heden hun gewoon verloop. De omwenteling die zoo gemakkelijk tôt haar doel kwam, heeft veel gelijkenis met de uitroeping der Republiek in Frankrijk, den 4 September J870, na den slag van Sedan. Deze uitroeping gebeurde ook zonder veel tegenkanting en bloedvergieting. 't Was slechts den 18 Maart 1871 dat de Commune hare borens opstak en aanleiding gaf tôt bloedige en onmenschelyke tooneelen. Volgens groote dagbladen melden, zou de nieuwe Regeering van Rusland reeds erkend zijn door verscheidene Staatsbesturen, alsook door den Paus. 't Is echter nog voorbarig daar-over een oordeel te vellen. FRANKRIJK. — Het Ministerie Briand, dat sinds maanden aan allerhande beknibbelingen bloot stond, is eindelijk afgetreden en vervan- j gen door een Ministerie-ribot. Minister Ribot î was Minister van Geldwezen in 't afgetreden I Ministerie en is, ondanks zijn hoogen ouder- j dom, vol werkzaamheid en wilskracht. — De landbouw wordt thans tôt het uiterste J gedreven. Aile braakliggende gronden worden j voor aardappel-, groenten- en tarweteelt benuttigd. Naarmate er minder eetwaren kun-nen ingevoerd worden, trachten aile landen in hunne eigen behoeften te voorzien. De ruilhan-del zal voor eenigen tijd op dit gebied minder in aanmerking komen. Pax î UIT DE GAZETTENWERELD In verscheidene landen worden voortdurend door Engelsche en Amerikaansche kapitalisten pogingen aangewend, om zich van de voornaamste dagbladen meester te maken. Het doel is : van heden af en bijzonder na den oorlog, gimMffiVMII II Mi I■■MBHHMEMMB—fligBWPBMHWKiW^irgSS51MCTW>f?fttfiWEfe reklaam te maken voor deze of gene groote handels- en nij ?erheidsbedrijven. Al de dagbladen die aan deze vereeniging zouden toe-booren, zouden natuurlyk slechts aan één ordewoord gehoorzaman en aile machten doen samenvloeien ten gunste vau uitbatingen, door de eigenaars dier bladen aangewezen en beschermd. Meer dan op politiek en maatschappelyk gebied, hebben de groote wereldbladen een machtigen invloed tôt bevordering van handel en nijverheid. Dit gebeurt onder den dekmaotel van onpartijdigheid of onzijdigheid, want gelden winstbejag heeft geenen geur. Indien de aanbevolen zaken goed en eerlijk zijn, dan is dit samenspannen niet te vreezen, maar het gebeurt dat min goede zaken door zulke bladen tijdelijk aangeprezen worden en vele geringe menschen er hun klein fortuin aan wagen en... verspelen. Zulke zaken worden gewoonlijk slechts ondersteund, tôt zoolang er voor de grooten iets bij te verdienen is, maar eens het vet van de soep, dan blijven de kleinen voor de ballen zitten. Na den oorlog zullen er veel nieuwe onder-nemingen uit den grond oprijzen,die geen ander doel zullen hebben dan geld te kloppen op den rug der goedgeloovige menigte. Het zal een tegenbanger van den woeker zijn. Hildebrand Voor Denkende Menschen I. Enkele O ver wegingen V Hebt gij er al eens op nagedacht welk de hoofdzaak is die de ouders te betrachten hebben in de opvoeding hunner kinderen ? Op die vraag zal iedereen, met die radheid van tong die het ernsiig nadenken belet, aanstonds weten te antwoorden... nevens de vraag. Want onmiddellijk rijst in u het beeld op van wat ge uw kind graag zoudt zien worden : braaf, gehoorzaam, dienstwillig, ijverig, leer-zaam, wat weet ik nog al ! In zoover wil ik u gelijk geven, dat ge inderdaad moet trachten uw kinderen die en andere hoedanigheden — van het goede heeft men nooit te veel — in te boezemen. Maar mijn vraag gaat daarboven uit, en, om ze in een-maal zelf te beantwoorden, zal ik u zeggen dat gij uw uiterste best moet doen om u bij uw kinderen overbodig te mahen, om hen te leeren u te derven. Die streving moet hoofd-zakelijk ten grondslag liggen aan elhe opvoeding. Uw kinderen zijn bestemd om zelfstandige wezens te worden, die op eigen beenen loopen, die door eigen middelen den strijd om het bestaan voeren. Er zal eens een oogenblik komen waarop geen werkzame vader, geen bezorgde moeder, hen het noodige verscbaffen zullen ; waarop ze alleen en zonder steun de wijde wereld zullen moeten ingaan, en uit hun eigen krachten putten al wat hen onontbeerlijk is. Wanneer dat oogenblik zal aanbreken, weet niemand van ons ; maar dat het eenmaal aanbreken zal — voor zooveel het kind in leven blijft — is zeker. 't Is dan ook op die onbetwistbare zekerbeid, dat ons voornaamste streven moet gericht zijn, en te dien einde dienen wij van jongsaf onze kinderen te gewennen aan eigen werk en zelfhulp. Dit hoofddoel van onze taak is des te gewichtiger, omdat het « menschen » vormt in stede van « vertroetelde kinderen ». Moeilijk is dit geeriszins ; veeleer ver-gemakkelijkt het ons de leiding. Wat het kind zelf verrichten han, desnoods met de onont-beerlijke aanwijzingen, dat moet het zelf verrichten, en iiet doet dat hoogst gaarne. Want we moeten juist zôô blind niet zijn te meenen dat een al te groote bezorgdheid voor het kind een blijk onzer liefde is. In ons gemoed, ja ; maar niet in het gemoed van onze kinderen, die over het algemeen er heel weinig mee gediend zijn. Ten andere, wie oplettend de kinderen nagaat, kan dit aanstonds bemerken... ten ware hij te doen heeft met een verwend kind, d. i. met een kind, dat zoodanig aan het dienstbetoon van zijn ouders gewoon is, dat het hulpeloos staat tegenover iedereen en tegenover ailes. Zulke kinderen kunnen onmogelijk <- menschen » worden, die den strijd om het bestaan kunnen en durven aanvatten ; zij blijven steeds hulpbehoevende wezens, tegenover welke onze Samenleving, die « menschen » vergt, erg stiefmoederlijk gezind is. Zoohaast het eenigszins mogelijk is, moeten de kinderen hun ouJers helpen, of trachten te helpen. Dat geeft hun eigendurf en zelf-vertrouwen ; dat ontbolstert in hen menige heerlijke gaven die anders braak blijven liggen ; dat helpt hen machtig om zelfstandige wezens te worden die, op een gegeven oogenblik, den ouderlijken steun zullen kunnen missen, g—ssmtsamiiimias» mmiiimh "i—ri-r^.im-wMTiTiTi-rfriwwirTrri——* wanneer zy hem moeten missen. Maar zulke opleiding gaat niet zonder struikelen ; en wie bang is dat Fransje de waterkruik zal breken, of dat Treesje een bord zal laten vallen, moet er zich niet aan wagen. 't Is al struikelend dat men leert loopen, en indien Fransje ooit eenige hulp wil verleenen, indien Treesje ooit moeier ten dienste zijn kan, zullen ze beide de braak vau meer dan één stukje huisraad op hun geweten krijgen. Dat komt kostelijk uit, vindt ge ? Inderdaad, indien het breken geschiedde om te breken. Maar dat is hier het geval niet. Eveuals ge er niet in zult gelukken een eier-struif te bereiden, zonder eieren te breken, zult ge nooit vau uw Fransje een handigen knaap, nooit vau uw Treesje een vlug en werkzaam meisje maken, zonder er iets of wat aan toe te leggen. Dat staat vast. Ieder mag nu voor zichzelven beslissen wat hem het meest in waarde toeschijnt : degelijke kinderen, ofwel een glas, een kruik, of een bord. Misschien zijn er wel ouders die meer aan hun huisgerief houden, en die zich troosten met de mooie spreuk der nalatigen : dat ailes toch wel terecht komt met de jaren. Och, reeds zoolang voor onze jaartelling sprak immers Koning David reeds van menschen die oogen hebben en niet zien ? VI Waarom zouden onze kinderen niet zelfAosn wat ze^/kutinen verrichten? Waarom moeten vader, moeder, of wie ook, steeds gereed staan om hen den weg te vereffenen... en het leven te vervelen ? Waarom houden wij er zoodanig aan de opbruiscbende werkzaamheid onzer kleinen zich enkel op verkeerde paden te laten uitoefenen, wat dan natuurlyk tôt allerlei kwapoetserijen moet aanleiding geven ? Ik weet niet of ge de heerlijke boeken van Jan Ligthart gelezen hebt. In Nederland zyn zij overbekend, en in Vlaanderen dienden ze wel wat meer verspreid te zijn, want 't zijn ware schatten van ondervinding, ook, en misschien wel vooral, voor de ouders. Wat ik er u hier wil uit vertellen — omdat het juist van pas komt —, zal u dit des te beter doen beseffen, en u ook, wellicht, aanzetten om wat nader kennis te maken met een schrijver, wiens werken ik in aile handen wensch. In het buis waar Ligthart zijn verlofdagen doorbracbt — ergens in de met mastbosschen bezaaide fleurige heide van Gelderland —, was er een deugniet van een jongen, die gedurig in 't oog moest gehouden worden. Lamp, noch petroolkan, noch uurwerk,... niets was veilig voor hem, en dit ging zoover dat de moeder — nu ze toch een « schoolmeester » in huis had — er zich tegen den schrijver erg over bsklaagde en hem om goeden raad vroeg. Dat was nu juist zoo dom niet van die vrouw. Dat gedurig verbieden zonder gevolg liep toch wat àl te erg de spuigaten uit, en een schoolmeester is juist de man om daar weg meê te weten. Maar hoe stond ze verbaasd, toen Ligthart haar aanried niets meer te verbieden. Niets meer verbieden ! Dat was om gansch het huis overhoop te zetten... alsof het onder het verbieden 66k niet overhoop vloog ! Toch bleef de raad : niets meer verbieden, maar wèl iets ^ebieden. Daar die vrouw nu reeds zoo verstandig geweest was een « schoolmeester » om raad te vragen, zal het ons niet verwonderen dat ze ook dien raad wilde opvclgen. En aanstonds werd de kleine kwapoets, een weinig onvrien-delijk zelfs, uitgenoodigd om 'k weet niet meer wat voor werkje te verrichten, wat hij aanstonds en met het meeste genoegen deed. Nauwelijks had hij zijn opgelegde taak vervuld, of hij kwam bij moeder terug om nieuwe bezig-heid te vragen, die hem, niet meer onvriendelijk thans, gegeven werd. Kort en goed, die kleuter van een voet of twee hoog bewees weldra aan moeder zooveel kleine diensten... dat ze over-gelukkig was den raad van een bevoegd man ingewonnen te hebben, en nog overgelukkiger, zoo'n schat van een jongen te bezitten. De schrijver voegt er niet bij, wanneer de kleine heel ijverig de ledige melkflesschen naar den zolder vervoerde, hoeveel flesschen er onder weg gebroken werden. Wellicht geen enkele, want die Geldersche moeder was al te verstandig om de werkzaamheid van haar kleuter met breekwaar te beginnen. Maar indien er een paar holderdebolder *an den trap gerold waren ; zelfs indien de kleine zich moest bezeerd hebben aan de scherven, meen ik toch — en ben ik vast verzekerd — dat ze er niet zou om gegeven hebben. Want dat zyn de kleine ongevallen die zich voordoen bij het streven naar elk groot doel. Zie, ik wou dat ik het elken vader, elke moeder kon toeroepen : Vertroetel uw kinderen niet door een overdreven en dus on^ezonde iiefde ; verwen ze niet in hun jeugd ; maar leer ze werken van zoohaast ze op de eene of de andere wijze in staat zyn u — al ware het slechts schijnbaar — te helpen. Gij verschaft hen daardoor het grootste geluk : dat der

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
This item is a publication of the title Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad belonging to the category Katholieke pers, published in Borgerhout from 1878 to 1930.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Add to collection

Location

Periods