Onze kop

963 0
close

Why do you want to report this item?

Remarks

Send
s.n. 1914, 21 March. Onze kop. Seen on 02 December 2021, on https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/en/pid/6m3319t27q/
Show text

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Zaterdag 21 Maart 1914 4e Jaargang. Nr 134. ONZE KOP ✓ Een Weekblad voor de Vlaamsche Hoogeschool en dus 6ok voor de heele Herleving van Vlaanderen. -- - '-jazsrtcx 'psjç - --ar .«-r***.& r • -*"»■ . miytt.«ww«w^"- ■■ n—iiwih 11—1 iiBimiiiniin m.—ili_ium_l_li Gent aa. le Gentenaars ! — Vlaanderen aan de Vlamingen ! —— ——— ———a—— —a—^——— PRIJS per Jaar : — Het Nummer 5 Cs. AANKONDIGINQEN 20 es den regel, of anders, bij den uitgever DRUKIŒR-UITGEVER : VICTOR DELILLE, MALDEGEM Die kop die moet er op ! Wie kan dat zien ? Wie krijgt het op 1 Een beeld te laten zonder kop... Wie zou, als bij dat ziet, zijn handen kunnen [bouwen Wie 7ou dat la'en er dien kop weer od te douwen 't Beteekent niets toeb zoader kop ! Die kop die moet er op ! Ik wfet 'en bee'd, een beerlijk beeld, Het beeld van gansch een volk, geteeld In 't v'eie weiddand, waar Leie en Schelde [stroomen 't Beeld van een volk zoo groot, zoo vol ook nog [van droomen En 't staat ocharme zonder kop ! Die kop die moet er op 1 Een beeld ja zonder kop dat is 't 1 Een volk dat hooger leven mist 1 En hooger leven is de school in eigen taie : Dat volk en adel drinke uit de eigen gouden [schale Dat is ons kop, ons Vlaamsche kop ! Die kop die moet er op 1 'k Zie reeds in gouden aureool Dien kon 1 Die Vlaamsche hoogeschool ! En 'k zie dat opschrift tôt de lagere geslachten 's Lands kinderen waren 't die ait hier tewege [brachten Studenten op 1 Die kop ! Die kop die moet er op 1 DE LILLE. Wij eischen de Vlaamsche Hoogeschool ! Ze moeten niet peizen te Parij dat we aile dagen den schoonei voorkant van 't Getrouwe met hunn heldendaden gaan volzetten. Maar dezen keer is 't de moeit weerd. De vrouw vart minister Caillau) heeft Calmette, den hoofdopstelle van den Figaro, doodgeschoten... omdat hij te veel tegen haren man it zijn blad zette.... Dat blad is altijd een beetje bijtenc geweest. In zijn eerste jaren (1825 is het zelfs ten onder gegaan doo de processen. Dan (1854) kwam he herop als weekblad en weer dagblac geworden, verdedigde het den koning aïs er geen koning meer was. To hiertoe is er nooit geen republiel voor hem goed geweest, maar me minister Barthou was het bevriend. Welnu, Barthou werd weggebor-steld door Caillaux, ook door gazette geschrijf. Vrouw Caillaux mocht dus wel wat verdragen, maar wij weten bij ondervinding dat wie het meest van een ander schrijft, zelf het minst verdragen kan. Caillaux was minister van 't geld-wezen en verleden week stond in de Figaro een briefje van hem dat hij naar eene vriendin had geschreven (nu zijne tweede levende vrouw) en waarin hij erop stoefte hoe hij dub-bel spel had gespeeld met de wet op de nieuwe belastingen. Nog meer zulke brieven zouden verschijnen en Calmette was geen man om te over-halen met schoone woorden. Hij wist dat wat hij in zijn blad openbaarde, moest nuttig zijn aan 't vaderland ; hij wist dat Caillaux een noodlottig man was en hij moest yerdwijnen.... Maar eerst verdween hij zelf, ver-moord....Dat Caillaux Maandag wist wat zijne vrouw ging uitmeten, is bijna zeker. 't Valt echter leelijk tegen hem uit. Zijne vrouw zit in 't gevang en hij jaf zijn ontslag. Dan, 's anderendaags, las oud-ninister Barthou openlijk in de <amer om door aile bladen overge-nen te worden, wat in de Figaro îad moeten staan : Een verslag van den procureur dat iij gedwongen is geweest van de ninisters Monis en Caillaux het noces in te Houden tegen den bankier Rochette (die 70 miliioen had wegge-noffeld....)Daarop werd een onderzoek ge->temd, van hetwelk de hoofdman 1er socialisten Jaurès voorzitter is. iet zal weerom wat zijn. In den loop van den redetwist tferd ook gezegd dat de vermoorde schrijver nog andere papieren bezat ran heel anderen aard. Frankrijk aan TUSSCHEN PEN EN REVOLVER. Van boven zît M. Oastoa Calmette aan zijne opstellerstafel. Hij was nu 55 jaar geworden ; begon als gewoon opsteller en werd hoofdopsteller tôt voldoening van al zijne makkers en heel de letterkundige wereld. Van onder zit, zij die hem doodschoot, de ministers vrouw, 39 jaren, de echtgescheiden vrouw van een ander beroemd man... Langs den kant staat M. Caillaux, voor den tweeden maal minister ; eens zelfs hoofdminister. Hij denkt eraan zich heelemaal uit de politiek te trekken. 1 » den vreemde verkocht door zijne ministers ten tijde der moeilijkheder met Duitschland in Afrika (vijf jaai geleden).... Mij dunkt dat omkoopen van hel gerecht is al genoeg. 't Was wel de moeite dat de Franschen honderd jaar geleden hunnen koning vermoordden, en latei al de prinsen, zoo keizerlijke aïs koninklijke uit het land banden. Ze zitten er met hunne radikale Republiek nog slechter voor dan ooil te voren.... * m 't Was gelêen van 1870 dat een dagbladschrijver om zijn schrijven het leven liet. Dan was 't Victor Noir van de Marseillaise, gedood in tweegevechl door prins Pieter Bonaparte, neel van den keizer. Hij gaf zich gevangen en werd vrijgesproken, maar het was toch een knak voor het keizerrijk, dat hetzelfde jaar nog ineenstortte. De begraving van Victor Noir werd bijna een oproer. En men verwachi even groote beweging morgen Vrijdag met Calmette, die, alhoewel de kalm-ste nog van het gild, zeer populaii was te Parijs, om de fijnheid en de getrouwbaarheid van zijne pen. ♦ * m Oelijk wij reeds deden verstaan is de moorddadige ministersvrouw zijne tweede vrouw : hij is van zijne eerste gescheiden en zij zelf is ook de vrouw van eenen andere geweest, Er zijn er die zeggen dat hij op het punt was eene derde vrouw te nemen, en dat het daarom was, otr kloeker in zijne gratie te staan, dai zij het haar aantrok tegen den dag bladschrijver 1... 't Moet al een heel flauw huis : houden zijn, alzoo te meenen d i men van vrouw mag veranderen, g ' lijk een land van minister.... * • * Van den vermoorden Calmet ; wordt veel goeds verteld ; zijt laatste uren ten minste bewijzen dé Hij was met Paul Bourget, de beroemden schrijver, te wege uit gaan, toen de deurwachter hem ee gesloten briefje gaf en waarop 1 las den naam van vrouw Caillaux. Laat ze loopen ! zei Bourget. Neen, zei Calmette. 't Is eer vrouw. En als hij hoorde dat ze een uur op hem zitten wachten ha deed hij ze seffens in zijn eiger werkkamer leiden. Bourget was nog niet buiten toe hij vier vijf schoten hoorde. Vrouw Caillaux heeft het zelf ve teld : « M. Calmette, zegt ze, was he beleefd. Hij deed me neerzitten e ging te wege naar zijnen zetel. W is de reden van uw bezoek ? zei h Oij weet het wel, zei ik, en ik schoi al mijne kogels op hem af.... Ik 1 het wapen op de schouw en was : wege voort, want niemand dacht m aan te houden. > Toch, de loopjongen en de med opstellers van het blad kwamen t Er werd om policie en dokter gebel en, 't mocht de vrouw van de minister zijn, ze moest mee ; in ha; eigen auto naar het bureel en lati naar Sint Lazaar, het gevang voor c vrouwen. Minister Caillaux, die de daad va i zijne vrouw had vernomen in ( : Kamer, was persoonlijk ' naar h . policiebureel geloopen, en snauwc den deurwachter toe : ge moogt w - een beetje meer eerbied hebben vo< den minister van 't geldwezen I Maar zijne aanstellerij smolt algau heel weg. Het volk daarbuiten begon i roepen : I Ter dood met den minister-moo denaar ! En hij vluchtte langs een achte deurtje weg, niet echter zonder ee tik van een wandelstok op zijn hoof gevoeld te hebben. De arme Calmette kon nog dez woorden spreken : Zeg toch dat i nooit iemand hebben willen kwaa doen, al verdedigende al wat verd< diging waard was.... De arme man bestierf het in h< gezondheidshuis van Neuilly de Dinsdag morgend half twee. * ♦ • De rest van de wereld is nogî rustig. Willem I van Albanie echter, wa nog niet gezeten als hij reeds va: zijn troon moest opstaan om tegei de opstandelingen op te trekken. Ze moeten ernstig ingericht zijr want ze hebben verleden wee eenige Hollandsche officieren gevar gen genomen en de Hollandsch opperbevelhebber raadt aan met hei te onderhandelen. (Men weet dat het Nederlander zijn die de gendarmerie in Albani inrichten. Dit gebeurt nog meer dat nieuw landen om hulp moeten gaan naa den vreemde. Ook in België was er een vreem delingen legioen van 1830 tôt 183Ç maar het heeft niet veel uitgericht ei Leopold I was blij het te kunnei ontbinden en voortzenden.) Nu zijn 't Belgen die in Persie dei belastingendienst herinrichten. * * • In lerland zien wij het onverkwik kelijk schouwspel dat die van Ulstei nog altijd niet willen weten var eigen Iandbestier, nu zelfs dat Enge land dat voor de derde maal gesteme heeft. Dat gelijkt de] Franskillons ir Vlaanderen die Iiever geen eiger hoogeschool zouden hebben. Verviaamsching der Cientsche Hoogeschool. Onze lezers weten reeds dat hel wetsvoorstel tôt verviaamsching der Oentsche Hoogeschool in de afdee-lingen der Kamer is besproken geworden.Die eerste schermutseling voor den besljssenden strijd is ons eigenlijk nog al gunstig geweest, al mag men lang nog geen victorie kraaien. Het wetsontwerp werd aangeno-men in vier afdeelingen van de zes. Aile stemmen bijeengeteld is er eene meerderheid van 18 voor de verviaamsching, 61 leden stemden voor, 43 tegen en 14 onthielden zich. Beteekenisvol is het zeker ai, dat de Regeering geen stelling genomen heeft. De heeren de Broqueville en Poullet hebben niet durven tegen stemmen, al ontbrak hun daar zeker de lust niel toe. Zij hebben zich ont-houden, onder voorwendsel dat zij aan de Vlamingen wel eene hoogeschool willen geven, maar niet willen raken aan die van Oent. Deze reden werd trouwens door al de onthouders opgegeven. ! Vier ministers echter hebben v66r-gestemd : De heeren Helleputte, Se-ghers, Vandevyvere en Carton de Wiart. De stemming van dezen laat-ste heeft ongetwijfeld de zwaarste beteekenis. Wat de afwezige ministers aangaat iv kunnen we den heer Renkin nog als een voorstander aanzien en als be-te slissende tegenstanders de Walen Berryer, Davignon en Hubert, r- Met de benoeming der verslagge-vers echter werd deerlijk geknoeid. r- De vijfde afdeeling waar de wet ge-n stemd werd met 11 tegen 8 en 2 d onthoudingen, koos tôt haren ver-slaggever den heer Versteylen, die e zich onthouden had. Daar was de geheime stemming voor gevraagd, zoodat enkele leden, die in 't open-baar niet tegen de verviaamsching der Oentsche Hoogeschool hadden durven stemmen, in 't geniep probeeren n konden om aan hun eigen stemming zooveel mogelijk afbreuk te doen door eenen verklapten tegenstander als verslaggever en lid voor de midden-afdeeling aan te duiden. s En op dezelfde manier maar nog „ ergerlijker werd er geknoeid, in de n zesde afdeeling, die door den heer Woeste voorgezeten werd. Daar werd, , nadat de wet met 11 stemmen tegen If' 6 en 2 onthoudingen, aangenomen . was, de heer Poncelet tôt verslagge-e ver aangeduid, een Waal, die tegen -, had gestemd ? Deze twee deugnieterijen bewijzen s al genoegzaam, dat er getracht wordt e om de zaak der Hoogeschool in het donker den nek om te wringen. En e de Vlamingen zullen dan ook nooit r ver genoeg hun oogen kunnen open zetten, zelfs tegenover hen, die in . kiezingstijd het hardst kunnen schreeu-i wen, dat zij de zaak genegen zijn. | De Middenafdeeling zal dus samen-i gesteld zijn uit drie leden die tegen-stemden : de heeren Poncelet, Du i Bus de Warnaffe en Neujean ; uit twee leden die voorstemden : de heeren Kamiel Huysmans en Siffer en uit één onthouder: den-heer Ver-| steylen. Nu moeten we niet vergeten, dat er nog 68 leden afwezig waren. Een i snel en oppervlakkig onderzoek laat ons toe, vast te stellen, dat de groote meerderheid van die wegblijvers tegenstanders zijn van de verviaamsching.Onder de aanwezigen bevonden zich onze twee Oentsche volksverte-genwoordigers de heeren Mechelinck en Braun. Zooals te verwachten was verklaarden zij zich beiden voor een Vlaamsche Hoogeschool, maar tegen de verviaamsching van de Qentsche. De heer Braun verklaarde boven-dien dat de overgroote meerderheid der Oentsche burgers daar ook tegen is. Weet de heer Braun dat zoo zeker ? Of verwart hij de « groote meerderheid » met het handjevOl ver-blinde vulgarisateurs die in den poil van verleden Zondag een duchtige nederlaag ondergtngen ? * * * Merkwaardig is het, hoe bij het naderen van den strijd de hardnek-kigste vijanden van de Vlaamsche Beweging weer voor den dag komen met aandoenlijke verklaringen ten gunste van onze rechten op een Vlaamsche Hoogeschool. Ze worden ook veel beleefder te onzen opzichte. Wij houden op < énergumèmes > enz. te zijn en krijgen zelfs compli-menten.In de Chronique schrijft de heer Dumont-Wilden : « On sait que les flamingants ne reculent jamais devant l'exposé de leur thèse. Devant un Français surtout, ils y mettent une grande modération de forme qui leur permet d'être d'autant plus radicaux au fond. Cette thèse, on la connaît : le peuple flamand, privé pendant des siècles de tout : culture supérieure, parce que l'élite flamande a cessé de parler la langue

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software. 

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
This item is a publication of the title Onze kop belonging to the category Katholieke pers, published in Maldegem from 1910 to 1914.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Add to collection

Location

Periods