De Belgische standaard

393 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 04 Juillet. De Belgische standaard. Accès à 18 septembre 2019, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/pk06w9779f/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

!»** J&ar, N° 93 "fljf centiemen het aummet Zondag 4 en Ma? ndag 5 Juli 1915. De Belgische Standaard Door Ta ai an Folii DAGBLAD u . Xfjyjs&u <« tw -.wiisjr» JL^V Foor Qod 8B Haard en Lard -"•n-r mumi—■■—"■••nTf-tf'-->--Ttîrirai--n-TiTin>Mi ymmryf m- r- ■ ■ ■•r-r Tr-"tTnr-Tirtn*ynnowirn-«B-nu -,t.-trr <■ ji■ •-*«>»»«».; - *■-•■■ ■. - wvftiaK'.vM^«fci«i«wws»«Aa.wr«-'< tt.rz.'ji&uKk-,m• -.w^wca* • -v -••>- •. «w , - 'jcj&&v-xaeun*.œftvwwuwst»j*«-usuate ;aB9ecss.airf->''Wi4««3a«»«#»*£T «x « K KUHK SflNMI» llMttlf «ij#« ï BmioOtt t tUEFOM PSE1W. ., *T&!^'fT\^.TÎ5ï'».«. Abonnementspms -oor 50 sommers bij -voeu uitbetaling. V1 a M A (. G < U I L L h, Zee.dsik PL F ? R K.E Voor de soldâtes: 3,50 fr. _ « VA,«>TB OPSTBuIe RS : M. E. BELPAIRE, L. GUYKERS, VSctor VANGRAMBERÊt^ , , ,' \ "" ' ", % " " ' * ' Voor de nlpt-poîdaten — in 't tend 3.50 fr.; buitm U tenu 4.50 fr. ^anKOBchgïagea : o.23 fr. do r«gew «.eklsm se : «40 fr, ae regel. IndiMMetr txttefterm va» *lk mmmtr voordm gtvraagd, wordt d* aboKmmtntt-' BOTtBfl VA» JfcB SCKELucK, JliUI rlLLIAfcn I. Y-iy/'hteliv^en : % ink schù; en ' fa - refais, o,e,o fr prjfS 99t4t%U$l . '* ' J ' .**' ' ^ '' ' h De Mal in België veroordeeld in 'tMt der Katbolieke leer. | (Vervolg.) 3e Andere bewering. In het 00g van den schrijver kon Duitschland, door zijn mededingers in doodsge-vsar gebracht, zich alleen daaruit redden met dwars door België te trekken. — Maar hij bewijst niet dat men gereed was Duitschland te vernietigen ; uog min-der toont hij aan dat Duitschland door Frankrijk werd bedreigd, daar dit land vôôr de maand Augustus niet mobiliseel de ; evenmin toont hij aan dat Engeiand, dat in 't geheel niet mobiliseerde, zich gereed maakte om wezenlijk bij te springen zooals het gedaan heeft, alvo-rens het Belgische grondgebied was overrompeld. Ik beroep mij op de Duitschers zelven, om te zeggen dat het samenwerken van Frankrijk en Rusland voor hun land niet noodlottig was ; anders is hun tegenwoordig vertrouwen op de eindoverwinning slechts ijdelegroot-spraak. Wat Engeiand aangaat, uit niets blijkt dat het aan den oorlog zou hebben deelgenomen, in de mate waarin dit thans het geval is, indien de onzijdigheid van België niet was geschonden. Na het duitsche ultimatum en den inval in België, stelde Engeiand als voorwaarde van zijne onzijdigheid slechts de ontrui-ming van België. Door de weigering van Duitschland werd Engeiand met al zijn macht in den oorlog gc-sleept.Bovend) en weze hier aangestipt, dat uit de feitea zelf is gebleken dat, ver van eene strategische noodzakelijkheid te zijn, de doortocht door België voor Duitschland een grove misstap is geweest. Dit is zijn groote kwaad in den tegenwoorcïïgen oorlog ; dat zal zijn ondergang zijn. De medeplichtigheid van België was noodig, opdat de doortocht een ernstig voordeel voor Duitschland zou scheppen; maar België had eene andere opvatting dan Duitschland van de eer en den eerbied voor het gegeven woord. 4« WashetBelgië's plicht dus, zooais de schrijver beweert, Duitschland doortocht te verleenen ? Dit se hij nt eene vreemd-onnoozele stelling ; toch doen wij deze de eer aan er even bij stil te blijven. Vôôr welken "casus conscientiœ ,, stond België ? Hier zijn twee menschendie ineenstrijdvantegenover-gcstelde belangen gewikkeld zijn.Moet of mag ik dan den eenen schade toebrengen om den anderen te hel-pen, den eenen dooden om den anderen 't leven te be-waren ? Vooral, moet ik het doen op gevaar af mij in het verderf te stortea î Welnu, Duitschland helpen, was Frankrijk schade toebrengen ; Duitschland helpen beteekende voor België zijne eigene onathankelijkheid in de weegschaal stellen en zijne eer verliezen. België had inderdaad te kiezen tusschen dood en leven. Alleen de onafhankelijkheid en de eer zijn op zich zelf het leven waard van een volk. De Duitschers beroepen zich op de rechtvaardig-heid ; de Franschen eveneens. Wie noch Duitsch noch Franschwas, kon twijfelen. Nemen wij aan dat enkele punten op rechtsgebied en vele punten op het terrein der feiten niet al te klaar zijn. Dit is zeer bescheiden uitgedrukt. Wanneer een oorlog begint, zijn de recht-vaardigheid der zaak, de noodzakelijkheid der midde-len, de belangrijkheid van den inzet, de verantwoorde-lijkheid van den aanval evenzooveel kwesties. die elke partij te hare bate oplost. juist daarom moet men eerbied hebben voor de verbintenissen aangegaan door en met de niet in het geschil betrokkene volkeren. Onder particulieren komen er gevallen voor waar de nood en het zelfbehouds-gevoel klaarblijkelijk een recht verleenen dat men in gewone omstandigheden niet bezit: Zookan men b. v. over hetgoed van anderen beschikken om zijn leven te redden. Rijst echter twijfel of crnzekerheid op (en dat gebeurt meestal), dan komt de wet er tusschen, beslist en treedt met gezag op. Onder volkeren echter leveren de gevallen veel-vuldige elementea op ; zij zijn ingewikkcld enmeest altijd duister. Beide pai tijen beweren geiijk te hebben; nochtans iemand die niet aan den strijd deelneemt, kan niet worden gedwongen, — het weze nogmaals herhaald, — het staiidpunt van den een of den anderen in te nemen. Daar het conflikt nu door geen enkele wet uitgaande van een hooger gezag wordt opgeiost, krij-gen de traktaten, waaraan de neutralen hun bestaan danken, kracht van wet : Zij vervangen de wetten en eischen trouwe inachtneming. De onzekerheid of als men wil de zekerheid van elke oorlogvoerende partij, over haar goed recht is de hoofdreden om niet af te wijken van het gegeven woord. Boven al het duistere, bewaren de vrijelijk aangcgane verbintenissen hun licht waarmede zij het geweten verlichten. Wie er zich aan houdt, blijft bij de rechtvaardigheid ; wie ze schendt, treedt buiten de rechtvaardigheid ; wie anderen overhaait om ze ten zijnen bate te schenden.pleegt onikooperij : hij poogt te verlagen, tcrwijl hij zich zelf verlaagt. Geen volk kan er aanspraak op maken, onfeilbaar zijn meening voor te schrijven. Het oordeel van Duitschland decien, wordt tôt nog toe door geen enkele menschehjke of goddelijke wet tôt een verplichting verheven. Moesten dan op een gebiedende sommatie het grondgebied opengesteld, de spoorwegen en de vestingen overgeleverd worden ? Moest Duitschland geloof worden geschonken toen het deze ongehoorde partijdigiieid als "welwillende,, neutraliteit bestem-pelde ? Moest ni en zich verlaten op zijn woord toen het zcide : " lk heb geiijk ; mijirwapens dienen mi) tôt ar-gume»t. Ik verklaar den oorlog maar ik doe niets an-' tiers dan mij verdcdlgsa. Mijn soldater» die gij voor uw poorten ziet, verzamelen er zich niet maar de Fran-l schen die gij niet ziet, zijn reeds bij u. Ik heb mijn ) woord gegeven maar dit verbindt tôt niets. Ik zal u geen kwaad doen, maar mijn belang is mijn wet. Ik ben de rechter van uw voordeel en van uw eer. Laat met gesloten oogen ailes aan mij over wat gïj kost-baarst hebt : uw onafhankelijkheid, uw eerlijkheid, uw roeip. Gij hebt eenige uren tijds om een besiissing te nemen.,, Wie zou zoo onbeschaamd of zoo onnoozel wezen te beweren dat het Belgische geweten ten plicht had vôôr } zulk een bevel den kop te buigen ? België heeft het eenig mogelijke antwoord gegeven : liever sterven dan meineed plegen. 5e Ten slotte staat in het artikel een bewering die ernsliger is dan al de andere en laster is in der theolo-| gischen zin van h-et woord ; de bewering, namelijk, dat \ België zelf sedert verscheidene jaren zijn neutraliteit 1 geschonden had, door cen geheim verdrag met | Duitschlands vijanden. | Men noemt "Engelsch-Belgiscbe Conventies,, enke-| le losse gesprekken tusschen officieren, gesprekken die I nooit officieel bekrachtigd zijn geworden. In de veron-| derstclling dat deze gespi ekken echt zijn, kan toch een \ Duitsche pen, die dit opschrift neerschrijft, ze niet ver-1 anderen in offensieve alliancie-verdragen. Als men den ji Engelschen verwijt een inval in België te hebben voor-\ zien in geval Duitschland het eerst optrad, en hun dit ' aanwrijft als een snood ontwerp tegen de Belgische | neutraliteit, wat dan te denkenvanhun tegenstanders, S die zoozeer rekening hadden gehouden met een derge-| lijke hypothesis, dat voor er van eenige oorlogsverkla-[ ring sprake was, hun troepen onze grenzen versperden ' naar een rijpelijk overwogen plan ? | Niet alleen zijn de gevonden documenten geen ver-■ dragen, 00k indien mes hun deze waarde toekent, het besluit dat de Duitschers er uit trekken kan geen oogenblik de proef doorstaan van een onderzoek. Zooals Pater Bouvin zelt woordelijk citeert, nad België î om zijn neutraliteit te verliezen zelf een verdrag moe-l ten sluiten, waarbij het verplicht werd ten gunste van :! een der oorlogvoerende partijen zijn onzijdigheid op te 5 geven. In de gesprekken van 1906 nam België geen en-i kele verplichting op zich, maar regelde de wijze waar-\ op Engeiand zijne verplichtingen zou ten uitvoer bren-3 gen om tegen een mcgelijken indringer de Belgische | neutraliteit te verdedigen. Dat is zoo duidelijk, dat al-j les in de voorbesprekingen ondergeschikt is aan de hy-| pothesis dat een Duitsche inval voorafging. Woordelijk staat er immers : De actie der Engelschen in België zou slechts plaats grijpen nadat onze neutraliteit door Duitschland zou geschonden zijn. Duitschland beginne dus niet met de Belgische neutraliteit te schen-den en nooit zal een Engelsch soldaat het Belgisch grondgebied betreden. Alleen reeds de zinsnede die wij hier aanhaalden doet geheel het leugengebouw in-eenstorten. Menbegrijpt danook dat, in de proclama-tie die te Brussel werd aangeplakt om de verdachte Engelsch-Belgische conventie bekend te maken, de militaire gouverneur van België het niet beneden zijn eerlijkheid achtte de gewraakte zinsnede teschrappen. Ailes wordt dus niet opgeiost door de vergelijking van den man die een wild beest op hem ziet afkome» ; dat hij over het erf van zijn buurman vluchten mag om aan het woeste dier te ontsnappen is duidelijk. Het is moeilijk voor ons nu in Frankrijk het wilde beest te zien, en in Duitschland den weerlooze die op de vlucht gaat. Het ware gemakkelijk enveeljuister de gelijkenis aldus te wijzigen : een wild beest wil zich op een vreedzamen toeschouwer werpen ; mag ik het hek openen om dit toe te laten. In den grond van al deze verdedigingsredenen ligt het deakbeeld verborgen, dat alleen Duitschland belang heeft, dat" de voorspoed van Duitschland onont-beerlijk is, dat zijn ovarwicht het doel is van ailes, dat j men slechts be:,taat voor Duitschland, dat Duitschland | alleen oordeelt, dat zijn gedachten waarheid, dat zijn wil reeht, dat zijn grootheid de rede van 't bestaan der wereld is. Men herinnert zich het wooid van Frederik II : " Indien gij behoefte hebt aan een provincie, val er dan stout binnen : gij zult altijd advocaten vinden om uw recht te bewijzen. De groote gewetenlooze voorganger kende de menschelijke zwakheid genoeg om te weten dat het de macht nooit aan lofredenaars ontbreekt.Ook hedeni wordt dit bawaarheid. Op grond van de rechten die de noodweer verleent, toont een blaa uit Chicago aan dat Duitschiaad geiijk had België geweld te plegen, en dat België groot ongelijk had zich te verdedigen. Heden bewijst men dat Duitschland den oorlog mocht. aandoen ; morgen, wij kunnen er op rekenen, zal men bewijzen dat het dit mocht doen op de bekende manier, 1 d. i. in brand steken, stelen, georganiseerd plunderen, onschuldigen het land uitvoeren en vermoorden. Wel-licht zal men de subjectieve behoeften aanvoeren van een leger dat instinctmatig tôt verbranden, stelen en dooden wordt gedreven ; gaarne geven wij dit toe, maar het volstaat om dit ieger in den ban van het menschdom te doemen. Eea groep Katholieke Qodgelearden ; = Is overleden Jean Lahova, hoofd | van de behoudsgezinde Partij in Rumenie. | = In Holland beginnen de socialisten het f wetsontwerp dat den landstcrm inricht te- | gea te werken en te bekpmpen. Oorlogsnieuws. WESTELIJK FRONT. ; De laatste berichten melden ons sedert > twee dagen voortdurende duitsche aanvallen. î Bij Voosten, ten noord-westen Yper, in de ; streek van Atrecht, in Argonne, bij Verdun ; en in den Elzas. Wat daaruit te besluiten? Moet een duitsch offensief aangenomen worden ? Wel moge- , iijk ja, want na de schrikkelijke gevechten ;■ rond Atrecht, zou het duitsch leger er wel, in | e&n ander geval, aan gedacht hebben wat stil te blijven. Een offensief van hunnentwege is | ten andere geen onmogelijkheid, want nu is | 1 het raeer dan waarschiinlijk dat sedert den | aftocht der Russen, verschillige duitsche korpsen uit het oostelijk front gelicht, weer : op het westelijk front zijn toegekomen. De I aanval door minstens twse legerafdeelingert j gedaan langs Binarville en Four de Paris is | er een teekenend bewijs van. Dat deze aanval ernstig dient aangenomen te worden, blijkt te meer uit het vocvafgaan-delijk bombardement der fransche linie dat drie voile dàgen duurde. Nadie beschieting \ werden de onvermijdelijke stikwolken, — die ? thans schijnen tegen aile winden in te wer- ? ken, — gebruikt en de stormaanval die volg- : de was al even hevig als deze van de Fran- ; l schen nabij Atrecht. Zonder de gebeurtenis-| sen te willen voorloopen rr-ag dus aangeno-5 men worden dat een duitsche aanval zich ; 3 reeds duidelijk in een niet v^rafgelegen ver-! schiet aanteekent. OOSTELIJK FRONT. De toestand begint zich klaar voor te doen. | Nog steedsrukken deDuitsch-Oostenrijksche ] legers èn op de Poolsche grens èn op d> ; S Dniester vooruit. Na de inname van Lemberg | heeft de vijandelijke macht zich in twee ) | deelen gesplitst.Het eene werkt in 't noorden | ov^r de Tanew-rivier en zoo dit vooruitruk- : f ken niet wordt stopgezet, dan schijnt zijn doel - het omsingelen van Warschouw - een • gunstigen afloop te mogen aanstippen, het ! ander rukt naar 't zuiden om den uitersten r russischen flank buiten gevecht te stellen. Doch deze splitsiug heeft dan 00k het na-| tuurlijk nadeel bijgebrachthec center van den | vijand open te laten. Zullen de Russen dit tij-î delijk voordeel kunnen te baat nemen ? I I \ Duitsche Zeeschuimerij | j Het noorsch stoomschip Jeso werd getor- 1 | pedeerd op 27 mijlen zuid-oostelijk van \ | Tyriemouth. De Cambrushenneth, zelfda na- | j tionaliteit, werd in de», grond geboord bij i Galley-Head. 8 Duitsche koppen van de be-| manningwerdendoorde duikboot aan boord ! genomen. Het noorsch schip Kotha werd j gisteren door een onderzeeër in den grond | geschoten. —— Mengelmaren. — Het is de fransche vlieger Gilbert, die verplicht werd neer te dalen in Zwitserland naov. r Friedrichshaven bommen te hebben geworpen. g — Bulgarie heeft verschillige officieren uit p het Buitenland geroepen. Men meldt dat het | met Servie in onderhandeling is. — Verschillige ouzer ondenîeeërs kruisen 1 thans voor Constantino-pel. — De engelsche vlieger Watson is bij het I beproeven van een rsieuwen tweedekkej' ver- § ongelukt. S — 4o.ooo nieuwe oostenrijksche troepen | zijn te Gorizia aangekonien. Het italiaansch front blijft onveranderd. | Een Oostenrijksch vliegtuig werd neerge- I schoten. — Meer dan 2000 mijawerkers hebben in ,, EDgeland het werk gestaakt, c mdat men in v 't land van Wales ongesyndikeerde werklie-den had aanvaard. jj — De bezetting van Skoetari wordt door \ de italiaansche pers ongunstig beoordeeld. * X.^aatste Bai?iclbien. Parifs. 1 Juli. 15 uur. Het kanongeschut was geheel den nacht zeer hevig op een groot getal punten van het front : namelijk in de streek van Voosten (Noord-Westen van Yper), in deze van Souchez en in deze van Verneuil ten Noorden der Aisne. Na eene hevige en voortdurende beschieting heeft zich een aanval van Duitsche grenadiers voorgedaan omtrent twee uren tegen onze stellingen van de baan van Ablain naar Angles ten Noorden de baan van Bethune. Hij werd volkomen afgeslagen. Nabij La Boisselle heeft een onzer mijnen de vooruitgaande werken vernield van de vijandelijke inrichting. In Argonne, heeft den strijd geheel den nacht geweldig voortgeduard. Een enkele vijandelijke aanval had plaats, gesteund door groote bommenwerpers en verstikkende bommen/ Hij werd afgeslagen. In den Quart de reserve, in het bosch Le Prêtre meld men ook eene poging voorafgegaan door eene voorbereiding door de artillerie en die teruggeworpen werd door het vuur onzer artillerie. OOSTENRIJKSCH FRQfôîï. 'k Ben geen strategist. Wat ik schrijven ga over den oorlog in het Oosten is dus slechts een weergave van wat ik daarover in de voornaamste bladen te ïezen kriig. De Russen zijn door de Oostenrijkers en de Duitschers naar het Oosten teruggedreven. ! De heele beteekenis van het feit kan nog niet worden gemeten, Eenige zaker. staan vast. De Duitschers hebben veel manschap-pen verloren. Men schat ze op 250.000 man. : Dat is de goede zi]de. 't Verlies vanzooveel manschappen is van grooter beteekenis dan 't winnen van een stad. Den vijand uitputten î is immers de xaktiek der verbondene mo-I gendheden. i Het tweede feit is dat .de Oostenrijksche i stad Lemberg, door de Russ«n sinds zes ; maanden bezet, terug genomen is door de Oostenrijkers en de Duitschers. D^ze her-? overing is van groot belang in politiek op-?icht, door den invloed die zij op het oosten-< lijksch-duitschei volk en op de legers uitoe-: fenen moet alsook op debevolking der neu-trale staten. In taktisch opzichtis Lemberg l iveneecs van beteeicenis. Lemberg heeft, l aan den westkant een groote natuurli]ke l verdedigingsiijn \an moerassen. De stad is l daarenboven het centrum van al de spoor -l wegverbindingen, die de bewegingen van ' het leger vergernakkelijkeo. Maar tegen-over dit feit staat dat hoe verder de vijande-lijke legers nu willen oprukken, hoe moei-lijker het voor hen wordtvoorfeevoorradirig. Slechts twee één-lynige sspoorv, egen loopen uit Galicië iia.w Rusland, waar slechts één | enkel lijn met de grens geliikloopt. Deze i toestand is zeer onguqsfig voor de vijaDde-j lijke legers, des te meer dat deze laatsten ' het Russische leger niet verslagen, zelf niet doorbroken heboen. Wat nu de strategie der Russen zal zijn is îiietaan te duiden. Zeker mogôn wij ons aan een krachtigen weerstand verwachteii. î De Groot-Hertog verklaarde duidelijk dat hjj, wat het ook kosten moge, zijn legers wil samenhouden en dat Mj zelf niet aarzelen zal grond aan den vijand af te staan, als dese afstand de algemeene zaak bevorderen kan. Het plan dat Duitschland en Oostenrijk thans opmaken is ons al evenmin bekend. Zullen hun legers verder in Rusland willen dringen, een z^ge over de Russen trachteh tebehaîen? Zullen zij slechts verdedigend optreden, eenige troepen losmaken om tegen Servie te zenden, tegen Italie, naar het Westen ? Alleen de toekomst kan het leeren. A. V. D. P. Duitsche plannen. De jorigste overwinning op de Russen is de Duitschers m 't hoofd geslagen. Dit tijdelijk voordeel commeutarieerend geven de duitsche bladen ellenlange artikeîen om erop te wijzeu dat het eigenlijk duitsch plan nu nog maar ten uitvoer zal gebracht worden. Ze zullen, (zoo orakelen ze) : i° Den Rus verslaan en in 't hartje van Rusland dringen. Daar zal hun leger een de- j finitieve stelling maken van aan de Baltische 1 Zee met Riga tôt basis tôt de Zwarte Zee waar Odessa zal dienen tôt aanlandingshaven. 2° Een gedeelte nu van hunne troepen te- f gen Italie keereu en in Italie binnendringen ; 3° In den Herfst dan al hun beschikbare, troepen gelicht uit de legers die tegen Italie en Rusland in 't veld staan naar 't Westelijk front sturen om door een doorbreken, Kales in te nemen van waar zij een leger in Engeiand zullen ontschepen. Te schoon om waar te kunnen zijn | De koning Lodewijk van Beieren L'enfant terrible. Welke lezer van «De Standaard» geeft mij de juiste vertaling van het fransche « enfant terrible »? Ik vind zijn weerga niet in het vlaamsch en daar het zoo jdist op den koning van Beieren toepasselijk is, wil ik het niet prijsgeven. Door « enfant terrible » verstaan wij een kind dat thuis een gesprek van va-der en moeder heeft afgeluisterd en, on-bewust of uit ijdelheid,in een passende gelegenheid het geheim gesprek verpraat meest altijd aan personen die 't juist niet moesten weten,-hetgeen de ouders in een verlegen toestand brengt. Zij hebben dan ailes in 't werk te stellen om te doen begrijpen dat zij,de ouders, het soo niet meenden, dat het kind het slecht begre-pen heeft, enz. enz. Dat is nu juist het geval met den koning van Beieren. Hij heeft van zijn meesters afgeluisterd dat ze België en de monding van den Rhyn (Holland) moeten inpalmen na den oorlog. De koning van Beieren, onnoozel of uit ijdel-heid, verpraat het geheim in eene rede-voering te Furth. De duitsche pers begreep al dadelijk wat voor een domme streek het < enfaut terrible# uitgestoken had, en welke groote gevolgeâ ze hebben kon. De mededee-ling dat Duitschland de monding van den Rhyn, met zijn haven van Rotterdam^ zou inpalmen was noch min nog meer een oorlogverklaring aan Holland, oor-logverklaring die de duitsche Keizer in een geheim kofïer had opgesloten in af-wachting dat welhaast het gunstig oogenblik voor hem komen zou oin ze naar Holland te zenden. Dat bij zulke onthulling de duitsche pers er de kluts bij verloor, kan ons niet verwonderen. Al den uitleg die ze bij-haalt om de zaak weer goed te maken, bereikt maar éen doel : het bevestigen van hetgeen het « enfant terrible » ver-praatte.Ge begrijpt mrkeerd, zegt de"Mun-chener Nachrichten"; niet Holland willen wij inpalmen, maar België dat willen we ; dat vwrdl, dat is Duitsch grondgebied. En dan leggen we op dat grondgebied een Rhyn- Mdas- Scheldekanaal aan en we verbinden het met de Noord-zee ; we maken dus een nieuwe monding aan den Rhyn. 't Is over deze monding, dat de koning van Beieren het heeft, en niet over de natuurlijke Hol-landschc Rhynmonding. Veronderstellen wij dat deze de juiste ûitleg der woorden van den koning van Beieren is. Wat is dan de beteekenis dezer verklaring voor Holland. Volgens deze verklaring zal Duitschland België inpalmen. Maar deze verklaring is nog een oorlogsverklaring aan Holland, vermits von Jagow, de duitsche secretaris, op 2° Oogst aan den duitsçhen ambassadeur te Londçn sein-.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre De Belgische standaard appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à De Panne du 1915 au 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes