De klok uit België = La cloche de Belgique

800 0
01 avril 1917
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1917, 01 Avril. De klok uit België = La cloche de Belgique. Accès à 16 avril 2021, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/833mw29c0c/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

WEEKBLAD VAN „LE COURRIER DE LA MEUSE" Zondag, 1 April 1917. le BLAD. lste Jaargang N° 1. De Klok uit België Redactie Kapoenstraat 14 Administratie Kapoenstraat 16 MAASTRICHT — Teleph. 614. M UN NAAM 1S ROELAND ALS IK KLEP, IS T STORM ALS 1K LUID, IS T ZEGE PRiJS PER NUMMER: 5 Cent. ABONNEMENT : Voor Holland . . . . Fl. 1.00 per Kwartaal Voor Buitenland . . . Fl. 1.25 „ „ Âan den Lezer, Lang duurt de strijd, en 't balling-schap kan somtijds zoo zwaar wegen. Noodig is dat er ons nu en dan een riem onder 't hart gestoken wordt. X X Toen we nog leefden in ons lief ïandeken, toen we daar vrij en blij ongestoord in onzen handel en wan-del ons eigen Vlaamsch leven leidden, toen ook kwam soms de droeîheid aan onze deur aankloppen; toen spron-gen er soms tranen uit onze oogen. Maar we woonden dan in de schaduw van ons eigen oude grijze kerk, en daar boven hing de klok die deel nam aan de groote gebeurtenis van ons leven. Ze had geluid bij ons H. Doopsel, op den dag onzer eerste Communie, ze had met haar klanken ons huwelijks belofte bezegeld, ze had haar lied gezongen bij de uitvaart van ons meest geliefden; daar boven in den toren hing de klgk, wier klanken zoo met ons dagelijk leven vergroeid waren, dat we ze noode misten ge-durende de Paaschweek toen ze naar Rome gevlogen waren. — En had de smart haar hand op onze ziel gelegd, de Angelusklok riep ons tôt het gebed, en met de beue kwam de iroost. — En hadden we een heele week zwaar onder den arbeid gedrukt gestaan, 's Zondags 'smorgens weergalmde haar bronzen stem boven dorp en boven land, en riep ons allen naar Gods huis, het huis van de vreugde en van de vrede. — En hadden we 't heele jaar geslaafd en gezwoegd dan kwam er toch een Zaterdagavond dat we zegden nu mogen we ons in den Heer verheugen, en al met eens daar klinkt de feestklok, en zoo vreugdevol als ze kan luidt ze de „Kermis" in. En 't land kwam in 't gevaar, de vijand dreigde met moord en brand... De trouwe wachter in den toren roept „Te wapen". De klok klept „Nood! Te weer!" Doch deze alarmkreet had zelf een zalvende kracht. De mannen wisten dat dagelijks die zelfde klok de echtgenooten en kinderen aan den voet van het altaar zou vereenigen; de vrouwen voorzagen reèds den dag dat die zelfde klok luiden zou als de vaders en zonen glorievol uit den slag zouden terugkeeren. Sinds dien is de overrompeling ge-komen, en wij zijn voor den Barbaren vloed gevlucht. Onze klokken zwijgen nu, althans hun klanken komen niet meer tôt ons. Dat willen wij verhelpen. „De Klok uit België" zal trachten te zijn in uw ballingschap, wat uwe dorpsklok voor u allen was toen ge nog op 't eigen Vlaamsche erf leefdet. Ze zal zijn zuiver van gehalte zoo-als uwe bronzen klok, en haar tonen, godsdienstige, vaderlandsche, vlaamsche zullen onvermengd zijn. Ze zal luiden ter verheerlijking van God, Land en Landaard. Hoog boven de hoofden zal ze verkonden dat God het eeuwig Goed is, dat het Vaderland een dierbaar kleinood is dat men ten prijze van zijn bloed moet verdedigen, aat men zijn ergen aard om welke reden ook, nooit mag verloochenen. Als de dorpsklok zal de „Klok uit België" een taal spreken die tôt daden leidt. Hebben we soms onder 't klep-pen der Mis niet rouwmoedig op de borst geklopt? Heeft het luiden bij vaderlandsche feesten ons niet aan de plichten tegenover Koning en Land herinnerd? Dit weekblad zal ons dan wakker schudden uit den slaap waar-iti het onsamenhangend ballingsleven ons gedompeld heeft. Het zal ons stellen tegenover de plichten die wij in ons ballingschap, als echte vader-landers tegenover Land en Volk te vervullen hebben. Als de dorpsklok zal deze „Klok uit België" met u meeleven: in wel en wee, en uw lief en leed zal ze deelen. Ze zal België's nood uitgalmen. Ze zal spreken van wat ons zoo nauw aan 't hart ligt: het vertrappelt Vaderland, het bloedend Yzerland, het zuchtend vluchtelingenland. Ze zal spreken van België's blijde hoop op de nakende Verrijzenis van zijn on-wankelbare zekerheid,.... de komende heerUjkheid. Ze weze u allen welkom „De Klok vit België". Haar lied zal u 't lijden draaglijk maken, en uw vreugd nog verhoogen. Bovenal haar lied zal in u het onvergankelvk hetrouwen in de ioekomst wekken, want ze weet dat toch eens — op den dag door God aangeduid — zij over 't Vaderland triomf zal mogen luiden. Koning Albert Over Napoléon's tijd hoorde ik wel eens zeggen dat men dadelijk elk oud-strijders huisje herkennen kon aan de beeltenis van den generaal die hun kamer sierde, want gingen trots op hunnen leider. Grooter even-wel gaan de Belgen op hunnen Koning Albert en zoo ook, vindt men nergens een Belgisch huisje, al is het dan nog zôô klein, waar 's konings beeld de eereplaats niet inneemî. Lijk het kruisbeeld bij ons in Vlaanderen den bezoeker bij een vlug^en oogopslag toeriep dat hij bij diepeeloovenden thuis was, zôô hoeft men rhans in sommige woningen maar eventjes rond te kijken om zich te vergewis-sen dat er vaderlandslievende Belgen wonen. Past het dan ook niet, dat bij zijn eerste verschijnen, dit blad door eeni-ge woorden over onzen Koning be~ lijdt hoe diep het Hem eert en hoe trouw het hem aanhankelijk zal z,jn. Met koning Albert gaat het lijk met de helden uit onze Vaderlandsche ge-schiedenis. Wanneer de onderwijzer over de groote mannen met de groote daden aan 't vertellen gaat, zitten de jongens piepstil te luisteren en zettten groote oogen vol bewondering voor al 't glorievolle open. Raaakt hij eens aan 't praten over al 't krijgshaftige door koning Albert reeds verricht, dan hoeft hij niet bang te zijn z'n klein volksken te vervelen. Doch niet alleen kinderen, heel het Belgische volk on-dergaat de betooverende aantrek-kingskracht die uit het wezen van Albert straalt. Ons volk beseft de grootheid van de daaad die Hij als verdediger van 't Recht en de Eer stelde toen hij de wapens opnam om met zijn klein leger den strijd aan te gaan tegen den duitschen kolos. Het volk weet dat Hij geworden is de hoogste bewaarder en verdediger van zijn heiligste goed: zijn vrijheid en zijne eer ; het volk is overtuigd dat Hij het in hem gestelde vertrouwen niet beschamen zal; het volk leeft en voelt met^zijnen Koning, lijk de Koning voelt en leeft met zijn volk : hoe dikwijls hoorden we niet spreken over de angstvallige bezorgdheid waar-mede de Koning over de beiangen van al zijn onderdanen waakt? Met wat juichende blijheid vertelt de sol-daat over 's Konings kameraadschap-pelijkheid en stouten durf! Hoe geestdriftig weet de man uit het volk te verhalen over zijn Koning die onverschrokken bij zijn sol-daten verblijft en er dagelijks trots ailes zijnen plicht vervult! Met wat srijgende bewondering begroet de meer ontwikkelde zijnen Koning als den strijder met het blanke zwaard, den wereldkampioen voor Eer en Recht. En om dit ailes gaat het volk zoo groot op zijnen Koning; daarorn juist klppt ieder 'iart van lief de tôt Hem. daarom staat hij in onze verbeelding als omstraald met eene aureool van onvergankelijke heerlijkheid. Gebeu-re wat wil, ons volk heeft den pols-slag gevoeld van zijnen Koning en daarom zal Hij altijd blijven: DE KONING DER BELGEN. Dr. J. UITTERHOEVEN. De klokken van ons land. Bij 't verschijnen van „De Klok uit België". De klokken uit den kerk- of Halletoren Zijn sahoone taal van 't menschenhart; Als wij hun trage rouwetonen hooren, Dan klaagt daarin onze eigen smart; Aïs klokken beieren in ivreugdedagen, Dan zingt ook mee ons Jiehte zin, En slingren zij in noodtijd storrernslagen, Bonsit ook onze angst en drift daarin. 0 Roelandsklokken van onze oude vrijheid, Die dreunt den zang van^ trots en recht, 0 beiaarden van onze hooge blijheid, Die feestbloei om ons leven vlecht, 0 klokken van ons lieve, mooie kerken, Die maant van God en eeuwigheid, En d'armen zwoeger troost in 't lastig werken, 0 klokken al van '<t land dat lijdt, En zwijgend strekt zijn'verten van ellende — Die, wat in 't volk ligt opgehoogd Van wee en /trots, zooals geen volk ooit kende, Niet weenend, stormend kondeti moogt — 0 klokken, roerloos hangt <ge in pijnlijk zwijgen, Maar dra ,gaat 't aan, de vrijheid daagt, Uw zege- en dankgegalm zal dra gaan stijgen, Dat hoog en wijd ons wonne draagt. Dra bruischt uw zang in 't stralend ruim der luchten En rnaakt wie eindloos leed, weer blij.. . Hoor! ruischend naadren reeds de heilgeruchten, Het zwelt en joelt steeds dichter bij! Op, beiaardiers! en klokkeluiders allen! Maakt u voor 't zegezwaaien klaar! Laat Beilgië's vreugd en grootheid luid weerschallen: Een heele wereld horkt er naar! ARTH, çoussens. Middelburg, feestdag van den H. Joseph, 1917.. Kleine niauwsjes uit België. De „Libre Belgique" verschijnt nog altijd tôt groote woede van de Duit-schers. Hoe meer zoogezegde mee-werkers er aan gehouden wordt, des te beter schijnt de winel te draaien. De duitschgezinde bladen w'orden veel gekocht en gelezen.... doch men geloft geen schijnt van den heelen inhoud. Al de scholen op enkele na zijn thans gesloten! Niemand kent de juiste rede die tôt dezen maatregel aanleiding gaf. In Henegouwen is er groote nood. De provincie telt heel weinig land-bouwers en de toevoer der levens-middelen schijnt heel onregelmat'g te zijn. Enkele prijzen die te Brussel be-taedd worden: Suiker 5 à 6 frs. de kilo moeiiijk om krijgen. Boter 15 frs. de kilo, moeiiijk om krijgen. Vet 15 frs. de kilo, zelden kan men er de hand opleggen. Chocolade 10 à 15 frs. de kilo. Koffie 16 à 24 frs. de kilo, 't Is nog een mengsel: 1U is koffie en de rest zijn andere rngrndunten. The 25 frs. de kilo. Bruine zeep die we voor den oorlog aan 0.40 frs. kochten betaald men nu 15 à 18 frs. de kilo. Een stuksken toilette zeep 2 frs. Olie 20 à 25 frs. de liter. Tabak kost 12 à 15 frs. de kilo. Weelde: Deze week zijn de con-trolekaarten aangehouden, dus moe-ten in 't vervolg de mannen tôt 40 jaar zich aanmelden. Mgr. Heylen, bisschop van Namen, ontving van Zijne Heiligheid den Paus eene sont van 10.000 franken voor de noodlijdenden van h et bisdom. In Anderlecht is een marokijnleder fabriek totaal afgebrand. Met Sinte Greef is de Heer Burge-meester Brees, van Bouchout, od ronde geweest en heeft aan al de kinderen onzer soldaten, zonder onder-scheid een Belgisch briefje van 20 frs. gebracht. Te Verviers overleed de Heer De I.oneux, oud-hoofdopsteller van het orgaan der Katholieke partij, nu „Le Courrier du Soir". Aan volkontwikkeling doet men ook nog mee in België ; zoo gaf professor A. Verbist te Mechelen eene voor-dracht over den „Ontwikkelingsgang van het kinderlied".

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre De klok uit België = La cloche de Belgique appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à Maastricht du 1917 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes