Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad

1264 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 13 Juin. Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad. Accès à 16 avril 2021, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/639k35n67n/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

iVf L.EES * -"den boeienden roman [STVAARDIGE 3AGDALENA welke thans als mc.ngelwerkverschijntln de Antweipsche Tijdingen Het blad is in aile dag-blaiwinkels en bij de ver-koopers te verkrijgen —i rantiomon i i awe—sa»'in i»ii mu- i mi ———————i———ii^——— ■ !!11_J10.GEILLUSTR EERDE 5 ZONDAGSGAZET BUREEL : LANGE GANG 6, ANTWERPEN : OPEN DAÇELIJK3 VAN 2 TOT 3 UREN. ' I " Papierhand«l JAN BOUGHERIJ = 22 = HOPLAND, Antwerpen DRUKWERK BOEKBINDERIJ Godsdienstige Voonwernen |t rz-yrr ^ i . ■vnr I n > .1 ^ r<ji \«a.ij In West-Vlaanderen UITVINDING VAN HET GLAS Lange jaren werd de uitvmding van he glas aan de Pheneciërs toegekend ; maar di ontdekkingen die men nadien in de oude bedolvene woningen gedaan heeit, bewijzei dat het gebruik van het glas tôt de eerst jaren van de menschheid opklimt. De Egyptenaars waren zeer behendig il het bewerken van het glas. Men vindt inder daad zeer dikwijls in de praalkisten hunne dooden, stukken glas die volkomen helde zijn, en die het bewijs leveren tôt hoeverri dit volk in dezen tak van nijverheid de vol maaktheid nabij was. Van den Egyptenaar ging de kunst van he glasbewerken tôt de Romeinen over, die eens meester van de wereld, niets beter vonden, dan zich al vvat hun nuttig kon ziji toe te eigenen. Zij maakten voornamelijk dubbcl glas, me verscheidene lagen, en talrijke schakeeringen Dikwijls wordt dit glas nog in doodkistei onzer streken gevonden, want, ontnamen d( Romeinen den overwonnen volken al wa zij bezaten, zij wisten de landen die onde hunne heerschappij stonden van de vruchtei der Oostersche beschaving te laten genieten En nochtans werd het glas als vensterruitei slechts rond de l^° eeuvv gebruikt. In dei beginne aanzag men het eerder als een pronk stuk dan als eene noodwendigheid. Op he kasteel van den hertog van Northumberland b. v., werden de glazen ramen slechts in d< vensters gebracht als de hertog het slot kwan bezoeken. Gedurende zijne afwezigheid wer den zij in den kelder ter bewaring gelegd dit gebeurde nog in 1567. Toen Montaigne in i58o Italie bezocht, zag hij nergens vensterruiten : in de muren t waren groote openingen, die door middel van ; planken konden gesloten worden, zoodat men , in volkomene duisternis werd gedompeld, 1 van zoodra wind, regen of zon dwongen de ; luiken te sluiten. In de zeldzame streken waar vensterglas i gebruikt werd, waren het dan nog kleine - ruitjes, of wel een aantal kleine ruitjes die : door middel van lood aan elkander gesoldeerd : waren, zooals men heden nog voor eenige ; kerkvensters doet. Het gebruik van groote, uit een stuk bestaande vensterruiten, werd slechts onder t de regeering van Lodewijk XIV, in Frankrijk , ingevoerd. 3 De oorzaak dat het gebruik van glas zoo î moeilijk indrong was voornamelijk in de groote bezwaren gelegen om het zich aan te t schaffen. Alleen in Venetië kende men de bereiding i van het glas, en de Raad der Tienen had eene : wet gestemd, waarbij de werkman die het t geheim der glasbereiding dierf verraden, met r den dood gestralt werd. En om het geheim î des te beter te behouden, was de arbeid zoo-. danig verdeeld, dat geen enkel werkman in î haar geheel de bereiding van het glas kende. î Doch deze wreede dwingelandij en deze - zelfzuchtigheid konden den vooruitgang niet : terughouden, en weldra zag men langs aile , kanten glasfabrieken als uit den grond oprij- : zen, en heden is het gebruik van glas zoo j i algemeen, dat men zich met verwondering - afvraagt, hoe de beschaafde wereld zoo lang : het glas heeft kunnen missen. Oude Gang, penteekening van René Bosiers Antwerpen's Leveei Rederijkerskamer " 't Pardoent Niettegenstaande de drukkende hitte die ver den Zondag heerschte, had een talrijk publi den oproep der kamer beantwoord en verdroi het zich in de ruime Qelagzaal van onzeVIaamsc Opéra. Het programma op eene kundige wijze same • gestekl, doet eer aan den kunstleider der Kame M. Jan De Schuyter. Geen wonder dan ook d de bijval overgroot was. Algemeene bewondering baarde de jonge he Karel Huismans, door de diep gevoelde uitvoeri gen op de viool van « Romanza » van Svendse • Herinnering »' van Ordla, « Mazurka » v; Winiawsky, en « Largo • van Handel. Uitstekend was de Heer Lode Vermeer in « Ei lied van de Zee » van Helena Swarth en < Truitji van A. Bogaert. Een kundige pianist is wel degelijk de he Renaat Veremans, dien wij bewonderden rr ■ Berceuse > en « Mazurka » van Chopin, « Wal van Jef Van Hoof en ■ Bruiloîtmarsch » v Edv. Grieg. Ook kregen wij een allerliefst lied te hoor door den heer Veremans getoondicht. Mevrouw Emma Van Haï werd dapper toe^ juicht met « Oebroken hart verlangt de rust » v P. Benoit, » 't Maagdelieveke » van E. Wamfoac en « Daar wonen vogelkens vele» van Mestdag Mej. Victorine Brees galmde op heerlijke wij uit « Vorstenschool » van Multatuli, « Meeste straf >• van Jan C. de Vos, en « Droeve tijden van Gentil Antheunis, dit laatste als bisnumme H. Lodewijk Van Pelt, beviel eenieder m • Bu/ten is ailes wit van sneeuw » van R. Ver mans, en " De Vlaamsche Taie » van L, Mo telmans. Mej. Anna Robbens liet haar talent waardeeren I in het kunstvol voordragen van « Het Menuet », >> omgewerkt door M. Sabbe, en « Bergliot » van Bjornson. e- Dit laatste werk was wel degelijk het kroon-;k spannend gedeelte van den avond. îg Mej. Antonia Albrecht toerde eenieder met îe « Een Kind » van Ada Negri en met « De Sneeuw » van Gentil Antheunis. Als bisnummer n- trad zij op met « Het Breistertje ». r, Duo's gezongen door Mev. Van Hal en M. L. at Van Pelt, zooals « Het Angélus klept in de verte » en « Goeden Nacht », beiden van Katherina van er Rennes, behaalden een geestdriftigen bijval. n- Vergeten wij vooral niet M. Walter de Grou-n, lard, die zich als een knap pianist deed gelden, in door zijne kundige begeleidingen. Tijdensde poos sprak M. J. De Schuyter eene :n korte maar gepaste aanspraak uit, die bij de ;> meeste toelioorders de waterlanders uitlokte. I DE FAKIRS an Faltir is een Arabisch woord, dat zooveel beteekent als « arm zijn ». en Die naam wordt gewoonlijk gegeven aan eene soort van Indische monniken, die door ;e- ontberingen en folteringen heilig denken te în worden, en hopen door de goden met eene h, bovennatuurlijke macht beloond te worden. h. De meeste fakirs zijn volgelingen van Siva ; ze zij leven in de eenzaamheid, in de opene r- lucht en onderwerpen zich meestal aan vree-» selijke zelfkastijdingen. Niettegenstaande r. zijne Arabische benaming bestond de fakir et lang vôor den inval der muzelmannen in het e- schiereiland Hindoestan. Inde V edas spreekt r- men zeer dikwijls over hunne heldenfeiten'. De stichter van het boudhismus was een ■ -~=- ■' . '1 , In West-Vlaanderen ( soort van fakir : Boudha was inderdaad ee bedelmonnik, en de priesters van den boud hischen godsdienst leggen de belofte af slecht van bedelen te leven, en zich in bijzonder daartoe ingerichte gebouwen geheel en al va de wereld af te zonderen. De westerlijke godsdiensten, het mahome disrnus en het christendom, hebben du enkelijk het kloosterleven aangenomen, doc niet uitgevonden. Wat er ook van zij, is Indië het vaderlan gebleven der godsdienstige bedelorders ; he brahmanismus evengoed als het boudhismu en het islamismus hebben er een groot getê gesticht, die allen van de openbare liefdadig heid leven, en aan de weldaden zoowel al aan de ongemakken van het beschaafde levé: verzaken. Zij brengen het leven door zonder werker zonder familie, zonder schuilplaats ; hunn eenige behoefte is een stuk doek dat ze zic rond de zijden slaan om hunne naakthede: te dekken, en een stok om zich tegen d gevaarlijke dieren te verdedigen. Om hu voedsel bekommeren zij zich al zeer weinig al wat ze vinden en maar eenigzins eetbaa is, is hun goed. Hun dwergachtig bestaa wordt ten andere door de warme luchtgeste: tenis zeer begunstig : het klimaat eisch inderdaad noch warme kleederen om zich t dekken,noch ruwen arbeid om zich te voeder Deze gunstige voorwaarden, die men in d noordelijke landen niet aantreft, hebben da ook belet dat er zich in die landen bedelorde vormden. Men heeft er nooit in Rusland c in Zweden aangetroffen ; zeldzaam in Enge land, Frankrijk, Duitschland en België. I: Azië, daarentegen, vanwaar die orden oor spronkelijk zijn, was geen enkele staatkundig of godsdienstige omwenteling in staat, di orde Bit te roeiën. Het alleen leven is geen hoofdvereischt om fakir te wezen : het kloosterleven is ge oorloold. De echte fakir nochtans, leel gansch alleen, en slaat nergens zijne ten neer : hij slaapt naakt, op den naakten grond Hij warmt zich zoo weinig mogelijk en, is h: een volgeling van Brahma of Boudha, da: zal hij zich, om vuur te maken, uitsluitelij bedienen van het gedroogd mest der koe, he heilige dier der Indiërs. Vele reizigers hebben de fakirs beschrevei als gevaarlijke wezens, die zeer te duchtei zijn wanneer men ze ver van de steden ont moet. Men heeft namelijk beweerd, dat z zich in groep vereenigen, een hoofdman kie zen en op roof en moord uitgingen. Dit aile is echter valsch bevonden. De echte faki leeit gansch alleen, en doodt of steelt nooit De moordenaars die men langen tijd met d< "akirs verward heeft, zijn enkelijk volgelingei van de verschrikkelijke orde der thugs o lanbidders der dood, die uit dweepzucht, ui jeiotie dooden, en denken hunne slachtofler; ;rooten dienst te bewijzen. Zij vormen, lang: le andere zijde van den Indus, eene geheimi /ereeniging van het verschrikkelijkste karak er, en aile middelen, sinds 3ooojaar beproeft )m die menschhatende dweepzuchtigen ti /erdelgen en uit te roeien bleven tôt hedei /ruchteloos. De Hindoes hebben grooten eerbied voo îunne fakirs ; komen zij er een langs de stra en tegen, dan werpen zij zich op de knieën ipdat de iakir zich zou gewaardigen den blil )p hen te werpen, want, zoo denkt dit licht 0 geloovige volk, de blik eens lakirs brengt - zege aan. Wanneer zij hunne gebeden in het s openbaar doen, dan verwijdert het volk zich e stilzwijgend, ten einde hun in hunne god-n vruchtige stemming niet te storen. De groot- ste eer, die iemand te beurt kan vallen, is - toegelaten te worden de voeten en de vodden, s die het lichaam derfakirsbedekken,te kussen. h De fakirs bezitten ten anderen de faam aile kwalen te kunnen genezen. Zij hebben bijzon-11 dere gebeden waarmede zij de lammen.de t manken, en zelf de onvruchtbare vrouwen s kunnen genezen. 1 Die eerbied, die soort van aanbidding die - het volk voor hen heeft, is licht te begrijpen s als men langs den eenen kant de onwetendheid i en de lichtgeloovigheid van dit volk kent, en langs den anderen kant de onverklaarbare, , ongelooflijke, en ec.ht merkwaardige gods-3 dienstige en vrome pratijken in oogmerk i neemt, waarmede de fakirs dit volk als i begoochelen. s Men heeft er gezien die zich tôt aan den i hais in de aarde lieten begraven, en jarenlang ; in deze houding bleven ; anderen, die gedu-r rende tien jaar lang de armen in de hoogte 1 hielden, en er zoodanig aan gewend wierden, • dat zij die nog onmogelijk naar omlaag t konden doen. s Daar zijn er, die zich als geeseling, aan de . beten van insekten en venijn, aan de overvloe- 2 dige regens of de verzengende zonnestralen, i blootstellen ; die zich aan aile soorten slechte i en vreeselijke behandelingen onderwerpen, f die pijnigingen uitdenken, zooals alleen de - vervoering, eenen dweeper kunnen ingeven. i 't Is door zulke middelen, dat deze bekla- - genswaardige verdwaalden tôt den staat van 3 brakme{dat is van « heilige ») denken te komen. s Een geloovenswaardig Engelsch reiziger verhaalt, een fakir gekend te hebben, die 3 tivaalf jaar lang recht bleefstaan, zonder ooiti - te zitten of te liggen : hij sliep al rechtsta ande I t Nadat hij gedurende 12 jaar die proef door-' t staan had, bracht hij de 12 volgende jaren ! door, met de handen gevouwen boven het j hoofd. Zijne nagelen werden zoolang, dat ze i als fijn geslepen messen in het vleesch zijner < handen drongen. t Vervolgens beproefde hij gansch naakt, op zijn gemak door vijf achtereenvolgende vuren 1 te waudelen : hierbij verloor hij echter het 1 leven. Hij ontstak vijf vuren : vier, ter eere - der vier hoofdwindstreken, en één, ter ee-e 3 der zon ! De eerste vuren doortrok hij moedig, - doch in de volgende viel hij bewusteloos s neder, en een hall uur later, was zijn lijk tôt r asch verbrand. ! Maar, het buitengewoonste feit, en dat het ; menschelijke brein ver overtreft, is dit der 1 fakirs die zich maandenlang laten begraven, f en dan weer levend uit de aarde opstaan ! t Dit feit is zôô zonderling, zôô merkwaardig, s dat wij er ons eenigen tijd willen aan ophou-> den en het aanstonds breedvoeriger zullen : behandelen. Benevens de martelingen die de fakirs 1 zichzelven opleggen, pratikeeren zij ook nog ; k den godsdicnsligen zelfmoord ». Daartoe 1 bedienen zij zich van een bijzonder mes, dat ze karivat noemen, en den vorm heeft van - eene halve maan, met zeer snijdende snede ; • aan de twee uiteinden bevindt zich eene , ketting waaraan twee stijgbeugels vastgehecht : zijn. Het slachtofler dat 2ichzelven aan de goden wil offeren, plaatst zich de halve maan ron-dom den hais, en, door middel der voeten welke het in de beugels plaatst, geeft het een geweldigen schok, zoodat zijn hoold op zijnen schoot valt. Is het hoofd inééns geheel en al van de romp gescheiden, zoo wordt de fakir heilig verklaard. Is het daarentegen maar gedeelte-lijk afgescheiden, dan is de heiligheid van het slachtofler zeer twijfelachtig. Deze halsrechtingen geschieden te Kschira, dicht bij Nadija. Ook op eene andere wijze brengen de fakirs zich nog den dood toe, doch dit vergt meer tijd. Zij die deze wijze van zich te dooden verkiezen, worden pousti genoemd. Pousti is de naam eener plant, die de Hindoes als heilig beschouwen, en waarvan ze een verschrikkelijk gebruik maken. Deze plant bezit n. 1. de eigenaardige eigenschap. in korten tijd eene uiterste ont-zenuwing en vermagering te veroorzaken. Men rookt de pousti, en drinkt er afkook-sels van. Van zoodra de fakir de belofte gedaanheeit, pcusti te worden, zet hij zich, op Oostersche wrze, op een kussen, en neemt geen voedsel meer. Hij rookt dit gras in eene soort van pijp, en maakt zich onophoudelijk dronken niet het sap dezer heilige plant, die langzaam, maar zeker, den fakir naar het graf voert. Wordt voorgezet. In den nacht van 24 December 1870 bevond Henri Regnault zich op wacht aan de boorden van de Seine, dicht bij de brug van Suresnes. Toen het op een toren van Parijs middernacht luidde stond Regnault uit zijn loopgraaf op en zong met forsche stem een Kerstlied. Henri Regnault was een kunstschilder van groote faam, welke in den ouderdom van zeven en twintig jaar den 19"Januari 1871 den dood vond.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad appartenant à la catégorie Gent, parue à Antwerpen du 1914 au 1916.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Sujets

Périodes