Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad

1723 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 11 Juillet. Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad. Accès à 15 mai 2021, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/4746q1tb1j/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

a&s* , ^flbek-enSteendrukkerij Boekbinderij JAN BOUGHERIJ = 22 = HOPLAND, Antwerpen doûdsbeeldekens met of zonder portret PLAKKATEN Oouendbrieven, Rekeningen iiinn ■mm an— iiiiwmmmm—— ■ ir.GEl LLUSTR EERDE ■ ———a——m———B—B—■———H» IIIWIIIII H ■IIHII—WMWa^— ■ I BUREEL : LANGE GANG 6, ANTWERPEN ; OPEN DAQELIJKS VAN 2 TOT 3 UREN. | Papierhandel JAN BOUCHERIJ — 22 = HOPLAND, Anlwerpan BUREELBEHOEFTEN Godsdienstige VoorwAPaen I I JULI Hedenis het de il° Juli-dag, de leestda <]er Viamingen, die telken jare met meer e nieer luister gevierd werd in onze Vlaamsch gewesten. Elke Antwerpenaar zal zich no ijegrootscheplechtigheden herinneren,welk verleden jaar plaats grepen ter herdenkin van den Guidensporenslag. In onze verbeelding zien wij nog den ir drukwekkenden volksstoet, met wapperend vaandels, schetterende trompetten en ju chende scharen, tusschen dichte rijen toi schouwers de straten der stad doortrekken n>ij zien de uitgestrekte Groenplaats teruf opgepropt van eene talrijke menigte uit ail standen die eer.biedig stil luistert naar d [overheerlijke tonen van de machtige Ruben. Yantate van Peter Benoit, door honderde zangers en muzikanten uitgevoerd ; wij hoc ren wederom de klingelende tonen van onze beiaard door de lucht galmen ; Dan zal d pinard spelen ! Voor dit jaar, nu de feestdag op een Zon dag viel, waren, voor het uitbreken van de: Evereldkrijg, reeds grootsche or.twerpen ge reed gemaakt. Stoeten met praalwagens ruiters, gekostumeerde groepen, enz., toc neelen uit den Guidensporenslag voorste] lende, waren reeds in voorbereiding. I' Daaris natuurlijk niets van gekomen. Wi [leven nu in geen tijd om te feesten. He puldmsporencçntiteit van Antwerpen heel Idan ook besloten de herdenking van dei 'Guidensporenslag thans in stilte te latei koorbijgaan, wat door aile Viamingen za leaamd en goedgekeurd worden. UAMSGHE HELDENMOED /Ils tegenhanger van de feiten, welke il Eommige — vooral uitheemsche — dagbla lien met overdreven misbaar als bewijze: fan de zoogezegde « ontzenuwing » en « ont tiarding » van het Belgische volk uitgekrete: [worden, konit het mij gepast voor van tijd te (tijd te wijzen op de schitterende hoedanig Jieden waarvan ons ras, niettegenstaande de pvaren druk van den oorlog, voortgaat bli kentegeven. | Ik wil even den sluier van 't verleden op lichten om aan te toonen hoe fier-zelfbewus enkalm-hooghartighet Vlaamsche volk voora sich vroeger in tijd van gevaar heeft weten t iouden. I 't Was in 1382, na den rampzaligen slag b tVestroosebeke, waar Philips van Arteveld m 20,000 Viamingen den dood vonden.Vlaar leren scheen verpletterd, verloren, voo semvig aan Frankrijk's willekeur overgele 'erd. Ook onderwierpen zich opvolgentliji 1 de Vlaamsche steden en gemeenten zonde trderen wederstand aan hun franschgezin len graaf Lodewijk van Maie, wiens wreed< taengheid, heerschzucht, losbandigheid et fcJiandelijke geldverkwisting den opstand zij 1er onderdanen en den moorddadigen krij; ladden uitgelokt. [Nochtans, de onderwerping was niet alge Deen. Gent, het « leeuwennest », de « trot jcbewereldstad, die koningen deed beven » «reigerde de genade van den overwinnaar a :e smeeken. Naar Gent, zoo verhalen de kro iijken van dien tijd, waren allen heenge troorad, die den kamp wilden voortzetten lien die liever als vrije Viamingen wildei terven dan als slaven te leven, allen verde: lie door de roi, welke zij in den opstanc adden vervuld, geen gratie meenden te mo en vervvachten. Lodewijk van Maie en de koning van Frank ijk, Karel VI, boden den koene Gentenaar; |n vrede aan, doch dezen stelden als hoold lereischte « 't leven behouden en vrij -•> er 'aar deze fiere eisch geen gehoor ontving. jesloot men van weerszijden de vijandelijk-feden voort te zetten. Zoo geducht deden de latste verdedigers der Vlaamsche vrijheid ich nog voor, ondanks de ramp van West-ûosebeke, dat de Franschen het niet waag-en in 't midden van den winter de belege-ng der weerspannige stad te beproeven en îorloopig naar hun haardsteden terugkeer-en- 8 et optreden van Frans Ackerman, die e plaats van Philips van Artevelde had in-ttomen en geholpen door de Engelschen peren belegerde, Oudenaerde overrom-:lde en Damme in zijn bezit kreeg, nood 'akte echter Karel VI nog tweemaal in 1383 1 '385, zijn legerbenden naar Vlaanderen te '■"den. leperen werd ontzet, Damme herno-en. doch te vergeeis beproefden de Leli-rts zich van Gent meester te maken ; ieder- îal raoesten zij onverrichterzake huiswaarts eren. ^eze heldhaltige wederstand deed den Mschen koning en den nieuwen graat van aanderen, Philips van Burgondië, beproe-n met zachtheid de Gentenaars tôt onder--rping te brengen, Men bood hun den vrede n tegen allerlei gunstige voorwaarden. 1 en de Gentenaars zich met hun heer ver-^nen, zoo zou hun volkomen vergifl'enis :scJ9nken worden voor aile vroegere ge-ûttenissen en hun aloude vrijheden en voorrechten zouden ongeschonden gehand- ! haafd blijven. Merkwaardig genoeg, de brie- ' g ven welke die voorwaarden behelsden, n alsmede de vrijgeleiden welke den Vlamin-! ' e gen gestuurd werden om te Doornik over den g vrede te gaan onderhandelen, waren in het e Fransch en in het Vlaamsch opgesteld, een g bewijs dat de vorsten van dien tijd de volks- taal naar behooren wisten te schatten. !- De Viamingen fcouden dus 't leven behou-e den en vrij blijven, hun oude voorrechten, gebruiken, taal en zelfstandigheid zouden ». gehandhaald worden. Wat konden zij meer ; wenschen ?... De Gentsche gezanten, met r Ackerman aan 't hoofd, begaven zich dan ook e naar Doornik, waar de hertog van Burgon-e dië, hun nieuwe graaf, hen vervoegde. « Een oogenblik scheen ailes nog te zullen n afspringen, zegt de geschiedenis. De hertog ^ _ ieischte dat de Gentenaars, den knie buigende, 2 hem vergiflénis zouden vragen voor vroegere * e gebeurtenissen. De Gentsche afgevaardigden £ weigerden beslist zich aan die vernedering c . te onderwerpen. Gelukkiglijk wisten de daar N -, in plechtige vergadering aanwezige vorstin-. nen, door een echt vrouwelijken ir.val, deze C i schijnbaar onoplosbare moeilijkheid uit den ^ . weg te ruimen. De hertogin van Brabant, de . gravin van Neversen de hertogin ...argaretha, Philip's echtgenoote, zelve, wierpen zich op j de knieën, zeggende dat zij in de plaats der t Gentenaars vergiffenis vroegen, waarmee de ' t hertog zich voldaan verklaarde. » j De vrede werd dan eindelijk den iS" De- ; , cember 1385 geteekend. 1 Wie, Vlaming, voelt zich 't hart niet van geestdrift blaken bij 't herlezen van de roem- W rijke daden der voorvaderen ! Wie gaat niet;2 " op in bewondering voor hun taaie wilskracht, ° hun onverschrokken moed en hun onplooi- Z baar zelfvertrouwen te midden der dreigende^ j gevaren ! En is het aan te nemen dat de afstammelingen van dit heldenras thans door V, tegenspoed verlaagd en ontzenuwd zouden zijn?... H. 6 « i i: ANTWERPEN !N OORLOGSTIJD a ; U «Allee.Jan, maak maar rap dat ge weg c zijt. Maar zorg dat ge deez' avond om zeven . uur thuis zijt zulle. Breng ne schoone boekee t t bloemen mee. Dagjan». , j Zoo kreeg ik deze week van mijne aller- £ ; beste wederhelft de permissie om buitenshuis de karot te trekken. 'k Heb er geen spijt van ® j gehad, dat ziet ge van hier. Voor mijn part „ mag nu de oorlog duren zoolang ik leef. . Sapristi,'k ben thans twintig jaar getrouwd, r ik werkte de zes laatste dagen van de week . als klerk op een handelsbureel voor l5o fr. in { de maand ol 5o centiem per dag en per hoofd, ^ r want we zijn thuis met zes kinderen, ons j moeder, en de haan, dat ben ik. j. , Was het den eersten weekdag schoon weer, j dan mocht ik met mijn andere helft mee gaan z wandelen en op de jongens passen. Voor het eerst sinds 20 jaar heb ik mijn „ eigen vrijen dag gehad. 'k Heb voor het eerst . gevoeld wat vrijheid is. Thans durf ik bewe- ■ . ren dat er maar weinigen zijn die weten wat |j vrijheid is. fj De menschen klappen over vrijheid als in . een gezeur eener zelfde sieur, omdat zij zelf . leven in een sieur ...hun sieur. Jahun leven ^ is een sieur, en ailes wat in botsing komt met ^ 1 die sieur, wordt door hen aanschouwd als ^ . tegen hun vrijheid. I Arme beklagenswaardige menschen, zij le- ]( . ven in een fictie gelijk het heele leven fictief is. ' Neen, wanneer ge al twintig jaar onder de plak staat van uw vrouw ('t is nog al goed . dat mijn vrouw slechte oogen heelt en nu niet , meer leest, want anders ) en nu in eens (. gelijk'n.jongen naar buiten wordt gestuurd, » omdat uw vrouw van uw aangenaam gezaag bij den wasch verlost wilde zijn... dan kunt ge pas oordeelen over vrijheid. Die vrije dag is mij lief geworden, 'k zal nu wel zorgen dat er meer komen, 'k houd nu v ook van de Vrijheid. Geeft g'een pink, 'k neem j uw hand. ^ XXX Maar nu ? Daàr sta ik op straat en moet ik k zien dat ik den dag kapot wandel. 'k Zal maar vs het eerst naar de Statie gaan. « Ze » en «men» v l'k weet niet wie het zijn) vertellen dat er e: daar het meest te zien is. s< Weet ge wat er nu te zien is ? ...Niets. Ja, b toch, er is wel wat te zien. Er is te zien het st verschil van vroeger en nu. Onze schoone v: Statie, waar vroeger duizenden menschen m per dag in en uitgingen, — herinnert ge u de (n Conscience-feesten en de blijde intrede van het Vorstenhuis? — Waar zijn de gazetten- bi verkoopers en al dat andere volkje die leelden van het reizigers verkeer ? ....Weg. g< Wat ziet ge er nu ? ....Niets. Het gebouw k< is thans onder militair toezicht en bewaking er gesteld. 0] Men heeft er enkel nog wat dorpsbewe- er ging ; het komen en gaan van Duitsche militairen, waartusschen soms een enkele N burger ; 's morgens de groenselmarkt op het tij pleintje ; den yeheelen dag door 'n paar ni vreemde leurders met Antwerpsche zicht- gi <aarten, en enkele Antwerpsche leurders met /reemde gazetten. Ge ziet niets... Wat zeg ik : ge ziet niets ? Maar lieve hemel /ergeet ge dan de « Statiekijkers « ? 's Morgens om 7 uur beginnen ze al te :omen, 's avonds om 8 of 9 uur trekken ze af. Jren achtereen staan ze te gapen, te sjieken, e smooren, te preutelen of te foeteren ; den ;od-ganschelijken zomerdag hebben ze het iver den oorlog ; ze hebben ailes gezien en /eten ailes. Hun weten berust niet op denken en lezen ! 1 gezond oordeelen met begrip van hetj /eten der gebeurtenissen, neen, hun weten erust op het zien van ditjes en datjes en opj un iantasie die is.... een kinderlijke ver-; eelding. De statiekijker behoorttot de groote massai ie droomt en sjauwelt. Droomen zijn bedrog,1 aarom zijn deze menschen in hun gedach-:nresultaat reeds zoo menigmaal bedrogen n ontgoocheld. Zij waren zôô.... voor den oorlog, doch 'erkten toen, omdat zij moesten ; zij ziju nu 60... tijdens den oorlog, doch werken niet mdat zij niet kunnen en niets kennen ; zij ullen altijd zoo zijn.... want hen ontbreekt ene goede opvoeding en degelijk onderwijs. ' ladden zij beter leeren denken dan zou het , erstand hun handelen meer leiden ; zij zou- , en dan niet gelijk kinderen staan te gapen n wegblijven, de kommissaris van policie it de Vestingstraatzou dan de agenten beter 1 zijn wijk kunnen gebruiken, zoodat wel-cht het stelen werd verijdeld van de houten chutsels langs den Ijzeren weg en die de irake gronden afsluiten in de nieuw bebouw-e buurt van het vroegere Wipplein. Wat 'is deze buurt en de er aangrenzende odenbuurt nu stil, en geen pestende stanken omen u meer van verre tegen, we zullen er en volgende maal eens aan snuffelen, gelijk 'e nu de honden de v fvalbakkén zien door-nuffelen « Nah, mis- T/s) Wj-J" f =hien zien we er noch 'A U— achelen ». ~ l_ We willen thans genieten van onze vrijheid. Ve wandelen langs het schoonste viadukt in ielgië, waar den ijzeren weg overloopt. We ewonderen het menschelijk vernuft dat deze der voor het volkerenverkeer wrocht. We ! ien de schoone versiering in steen en met loemen der zijkanten terwijl wij op ons emak er langs kuieren. Geen gasriekentle smoor uit de rookende zeren beesten, geen bonken, steunen, gillen, uiten verstoort ons denken en toch laakt dit gémis ons droevig. We komen aan de Lange Leemstraat, die ( re in gaan. Ofschoon we ook hier veel mis- j en uit vroeger jaren, ontmoeten we echter e onmiskenbare, vaste en eenige teekenen at we in eene groote en oude stad loopen :... e rondgaande, altijd maar gedurig roepende :ursters en straatventers. tt Dik gekleed.met vasten tred, nooit vermoeid altoos goeds-moeds, gereed met 'n iarce of 'n zot woord, klaar met een schimp ook wel 'n scheld woord, de eene minuut O. L. V. Jezus en al de heiligen er bij roepende om u te overtuigen van de I, waarheid,... de minuut er na.v God en duivel er bij om te" loeken ;.... gevat en slim en nog gewiekster an joden.... zijn het de echte kristeiijoden, ie u weten te overviagen — gelijk italianen! Er is echter een merkbaar verschil in het arakter, de ziel, manieren, taal, handel en andel van een garnalenverkoopster en een ischleurster.maar vooral tusschen een stads-1 een boerenleurder, men heeft wijk, buurt ; :izoen- en gelegenheidsleurders (sters) ; de rutaalste zijn echter de gazettenverkoop-ers, de leursters die gestadig het meest ge-■aagde artikel verkoopen en de kamelotten et nieuwe of pas uitgevonden voorwerpen îeestal prullen of te wel « camelot »). Aldus denkende over het leurdersstieltje ;n ik tôt aan de vestingwallen genaderd. 'k Ga de poort uit. He ! dat doet 'n mensch )ed, dat heerlijk Z. O. windje. Wat is 't hier >el bij dat water, waar men gedurende ikele vriezen dagen in den winter van 1913-14 ) het gladde ijs schaatsen reed. Toen was s veel volk. h Maar nu, nu zijn er nog meer menschen. ^ u kunnen we ons weer denken in den Oer- C d van ons menschbestaan, toen werd er r ets gedaan dan geëten, gedronken, geslapen, îvochten en voor het bestaan gezorgd door s tejagenofte visschen. Men heeft mij een geleerd : dat aile gekweekte planten en ge kultuurde (ol te wel gedresseerde) dieren bi verwaarloozing terugkeeren tôt hun primi tleve staat of grondeigenschappen. Than: ondervind ik in dezen tijd dat het geheel ei al waar is, eerstens dezen oorlog (waar ik al: mensch het lieist van zwijg) tweedens, d< vrouwe natuur (die me koud laat) derdens het luiëren der menschen (dat ik afkeur) vier dens : het door de gelegenheid weer 'n die worden (dat ik betreur) vijfdens : het naar d< kerken gaan, dus het voelen dat men heef kwaad gedaan (dit bekennen toont mij no; de goede eigenschappen), zesdens : het lie gen en fantaisie geklap (dit toont mij di onontwikkeling des volks) en zevenden: (zeven is heilig, dus goed) het visschen. '1 Heb nog nimmer zooveel hengelaars gezien Elkeen vischt, iedereen hengelt : vrouwer met kinderen op de armen ; jonge meisje: hengelen aan de armen van jonge snotneuzen kwajongens hengelen met steenen, groezen kluiten en andere voorwerpen ...met 'n pions s ochtends vroeg in den prachtigen morgen-;tond de echte hengelaars hier komen visschen dan vangen zij geen baars of snoek... naar 'n oude laars of magere kat... dit is :och wat. Zoo genieten dus vele menschen van de tiun nu opgedrongen vrijheid. . in blijheid. Veel van de gezonde buitenlucht genietende stedelingen komen wij tegen. Vooral nu we het nieuw kerkhof van Berchem langs gaan 't Is te verstaan want nu naderen we door de Lindendreef den Sinjorentuin. Eindelijk. Wc zijn in het Nachtegaalpark ; ive zijn nu in onzen tuin, we dwalen, we genieten zooals er hier duizenden genieten. We luisteren naar de kweelende vogels, — sn we denken aan vroeger jaren, toen de \ntwerpenaar alleen nog maar naar «de jlein » of naar « Dikke Mee » kon gaan, waar vij — wanneer er geen volk was, hier de stilte opkwamen zoeken, om in de verwilder-le parken, op de vergroeide paden", tusschen ie onbesnoeide boomen en boschjes vrij en :enzaam te dwalen en te luisteren naar het joddelijk lied van den meester zanger, naar îet kauwen der sprçkende kraaien, het gekir Df gekoer van 'n tortel of houtduif. Noghoort -nen nu de wielewaai, lijster, merel, rood-jorstje, vink, mees en bastaardnachtegaal. Maar waar zijn mijn eekhoorntjes, mijn conijntjes en zooveel wat de nabijheid van nenschen schuwt. Gevlucht voor de jolijt 1er kinderen, het plezier van jongelieden en le prêt van groote menschen, want ailes wat lier komt geniet, geniet in een zalig niets loen van wandelen, zitten of liggen.... wat >ok ik doe. Voor „ Ons Invaliedenhuis " Gestort op het bureel der » Zondagsgazet » Tôt lafenis der gesneiivelde soldaten. — Naamloos Fr. 62.50 Uit Oud-Antwerpen Het artikel in « Antwerpsche Tijdingen » ;ewijd aan de nagedachtenis van den kunst-childer en schepen Frans Van Kuyck, en .andelende over de wijk van aangename en unstvolle gedachten « Oud Antwerpen », in e Wereldtentoonstelling van 1894, wekte bij ns het gedacht op daar nu en dan eens wat îeer over te vertellen Wij meenen dat de uithangborden in eene tad of wijk, zoo wat den toon geven van het i II ■ | J s, verleden en het heden, van wat eigenaardigs - is, van wat er gebeurde, ook van de legenden j welke er blijven verhaald worden en van het werkelijke dat men er gevoelt en ziet. - D aarom is 'tdat wiji geerne«ruizen-muizen» tusschen al wat wij verzameld hebben van 1 uithangborden en opschriften ; het leidt tôt > herinneringen welke ons meest altijd aange-; naam zijn. , Dat was nu weer het géval met het artikel over Oud-Antwerpen. Nauwelijks haddenwij j- gelezen 01 de verzameling, welke wij van die onvergeetbare wijk bezitten, was in onze ' handèn. Ailes daarvan kwam ons terug voor : den geest. » Wii droomden ons terug in dit kleurig.en . aangenaam verblijf : wij zagen er de inwo-î ^e.rs' ^orgers en borgereîîsen, in hunne win-kels en drankhuizen, de groote « merkt » vol • ?ev^9ne t>^zoekers, waaronder flinke « helle-bardiers » in hunne prachtige uniformen, . orde en toezicht hielden. Wij zagen de hee-L |"^n £dw. de Beukelaer, en Emiel Raes, , binnen- en buitenborgemeesters, Possemiers, ron de Wolf, Max Rooses, Donners, en den « eersten — en laatsten » Frans Van Kuyck, allen in kostuum der XVIe eeuw, daartus-schen wandelen. Wij herinneren ons ook aan den rechter-olte westkant van de Borsestraat, aan n° 58, nevens het drankhuis « Het Schuttershof », het volgende aardig uithangbord : een ventje dat aan eenen grooten boom hing, waaronder een ezeltje, dat vierklauwens wegliep. J Waaronder was de uitleg in rijm vermeld : « In Absolon « Daer hangt nu Absolon « Met zij ne lange haren « Wilt ghij uw lieve leven sparen « Volgt sijn voorbeeid niet naar « Ende laet knippen uw haer. » Aan de andere zij de van het ijzeren uithangbord las men : Bij Karel du Cheyne— De Leeuw al hier Men mag daar niet uit opmaken dat de vriend Karel Ducheyne, de « coiffeur », « po-s tic heur », « grim^ur », « costumier » en vriendelijke helpende-hand van aile begin-nende en bestaande tooneelgezeischappen, een leeuw tôt levensgezellin had « ter contrarie » zooals Drée De Weerdt zaliger zong. Onder zijn naam volgde : « Perrukier,.sirurgijn ende barbier, « Scheert de menschen met seep en fatsoen « fc,r zijn er die het sonder een van beide doen. » Die er zich liet behandelen ontvingibfj het verlaten van den « barbierswinkel, vereerdt met het besoek van Z. M. den koning», een « diploma » ter gedenkenis dat hij er geschoren was. Dit diploma was in de j\ laamsche,lHransche,Engelsche en Duitsche jtalen opgesteld. Wij zullen met onze lezers nog wel eens meer een onderhoud hebben over de oude wijk der tentoonstelling van 1894. Wij zijn zeker dat het hun zal welgevallen, S. Nuffelaer. OVER ALLES. I — Heer Lemaître, kap. bevelhebber van den Belgischen stoomboot « Ménapien », die men dacht verdronken te zijn, is nog gaaf en gezond. Zooals men zich herinneren zal was M. Lemaître, oud-stuurman van het schoolschip « L'Avenir » overgegaan op de stoomboot « Ménapien », welke in de Noordzee gezonken is. Gelukkiglijk was voor de laatste reis aan kapitein Lemaître het bevel van een ander schip opge-dragen, zoodat hij aan de ramp van de « Ména-:pien » ontsnapte. Die tijding over den jongsten der Belgische scheepskapiteins zal iedereen ge-noegen doen. — Mgr. Glemens Micara, auditor bij het pauselijke gezantschap in Argentinië, is door Z. H. de Paus benoemd tôt auditor van Z. Ex. den pauselijken nuntius Tacci-Porcelli, te Brus-sel. Zooals men weet is deze laatste ook aïs lnternuntius geaccrediteerd bij het Hof van Nederland. TOMKINS' ONTSMETTINGSPOEDER — Uit Leiden (Nederland) wordt gemeld, dat medelijdende harten zich het lot van den uit Antwerpen gevluchten schilder F. Van der Velde hebben aangetrokken. De ouders van Mevr, Vreedenburg Schotel, — deze laatste overleden schilderes — hebben haar atelier afgestaan aan den Antwerpschen schilder. D?ardoor heeft deze laatste nu de gelegenheid de schilderijen, die hij van de stad Leiden en omgeving gemaakt heeft en ook nog wel andere, tentoon en te koop te stellen. — De intrestkoepon der leening van Antwerpen 1895 kan ter betaling in de bureelen der Stadskas, Hofstraat, 21, aangeboden worden. — Voor de Burgerlijke rechtbank onzer stad is een procès tôt echtscheiding aangelegd door een 82-jarige grijsaard tegen zijne 57-jarige 'vrouw ! Wie zal nog durven betwijfelen dat wij in oorlogstijd zijn 1 — Heer P. J. Troelstra, het hoofd der So-cialistische Democratische Arbeiderspartij van Nederland, is in zijn zenuwgestel er.stig ge-schokt. Hij zal voor geruimen tijd in de Tweede Kamer niet meer kunnen verschijnen en heeft bedankt als voorzitter van de groepfractie in voornoemde Kamer.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad appartenant à la catégorie Gent, parue à Antwerpen du 1914 au 1916.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Sujets

Périodes