Het Nederlandsch tooneel: kunst en letteren

1167 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1914, 24 Janvrier. Het Nederlandsch tooneel: kunst en letteren. Accès à 02 decembre 2020, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/c824b2z635/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

HET NEDERLANDSCH TOONEEL 20s,e ïaargang lïr. 19 I I ——— 10 Gentlemen l)et nummer van 6 bladzijden ■ Abonnement : Fr. 3.- 24 Januar) 1914 Uitgever Cl. THIBAUT, Meirplaats 18, ANTWERPEN. — Hoofdopsteller : Aug. MONET. "SreZQ/CTIg " PIE BETJKELABR - PROBFT EHHJ3STS De heer Laurent SW0LFS H et is dus, zooals wij verleden week, voor aile andere bladen, hebben kunneti melden, bepaald dat de heer Swolfs "Parsifal» zal zingen. Deze week heeft hij verschillende malen gerepeteerd met de heeren Van Dyck en Schrey eu met Mej. Meissner. De heer Van Dyck vertrouwt hem dese sware taak in voile gernstheid toe. a A In de Vlaamsche Opéra «Oboron» - «De Vrijschuttor» « Christ'! « •• Horbergprinses » De eerste opvoering van Oberon heeft al in zeer weinig opzichten voldoening kunnen geven. Zij is een vlek geweest op dit glansrijk seizoen. Ookzal het wel niemandverwonderd hebben, dat er Donderdag al heel weinig volk was voor gekomen. Oberon maakt bijna nergens nog deel uit van het regelmatig repertorium. Het libretto is vooreerst àl te onnoozel en dan staat de muziek verbeneden die van den «Freischutz», al schreef YVeber dit werk dan ookvijf jaar vroeger. Nu heeft men op verschillende plaatsen wel pogingen gedaan om het kinderachtig tooneelspel datzekere ]ames Robinson Planché uit het gelijknamig heldendicht van Wie-land distilleerde, voor het hedendaagsch pu-bliek méér genietbaar te maken,en wat wij in de Vlaamsche Opéra tezien krijgen, schijnt een vertaling van de Fransche versie te zijn; maar zoo beteekent het nôg niemendalle. InMonnaiewordtde Duitsche bewerking gespeeld, waarin men nog den terugkeer van Huon aan het hof van Keizer Karel ziet, wat altijd méér waard moet zijn dan de totaal ongemotiveerde apotheose, waarmee hier de feestelijkheden besloten worden. Zooals wij hier het stuk krijgen, is er geen touw aan vast te knoopen. De tafereelen houden niet het minste verband met elkaar en het ding lijkt dan ook méér op een revue dan op wat anders. Nu is een revue wel overeind te houden, als de tafereelen maar vlug op elkaar volgen, zoodat de toeschouwer den tijd niet heeft om erbij te denken, als schermen, kostumen en figuratie de oogen verblinden,en alsde spelers, bij een mooi zangstuk, het talent hebben om ook door aangenaam en geestig gebabbel en door zwierig en pittig spel de menschen bezig te houden. In den tijd dat Oberon geschreven werd. moesten de operazangers even goede akteurs zijn als de vertolkers van het drama en het blijspel, en met zangers alléén is een stuk als dit onmogelijk nog presentabel te maken. Met het materiaal dat voor « De Ontvoe-ring uit liet Serail « geschilderd werd, en dat nog nooit heelemaal gediend heeft, heeft de heer Derickx enkele tafereelen samengesteld, die aangenaam genoeg zijn voor het oog, en het koor is bijzonder schoon en rijk gekleed, maar er ontbreekt een ballet, en dat is niet vervangen kunnen worden door eenige koristen, die aan de edele kunst van Terpsi-chore alleen maar haar goeden wil te offeren hadden. In den zang werden natuurliik wel schoone dingen gedaan ; maar zelfs dâârin liet zich zeer dikwijls een gebrek aan voorbe-reidia g merken. Voor haar roi opgewassen, tjts.o! geréé l was alléén Mejuffer Belloy, al is zij, mèt den heer Daman, zeker wel de artiste die het meest nieuwe rollen heeft moeten leeren.Haar « Fatima » was even geestig als bekoorlijk ; dat was fiin gezegd en lief gezongen met af en toe, dââr waar het noodig was, een zacht tintje van emotie. Mejuffer Belloy stond, in aile opzichten vèruit aan het hoofd der ver-tolking.De « Rezia » van Mevr. Seroen is de eerste maal een desillusie geweest ; en dat was haar eigen schuld. Zij was eenvoudig niet klaar met haar roi. Wèl zal ze haar partij muziekaal gekend hebben, maar den tekst was ze niet machtig. Zelfs in haar groot aria hengelde ze naar den souffleur, die nochthans schreeuwde, dat ge het tôt achter in de zaal kondt hooren. (Open de paranthesis : Wij hebben al méér opgemerkt dat sommige artisten van onze Opcra geen werk maken van hun tekst. Ze leeren hun noten, en dan eerst beginnen met de woorden eronder te zetten en rekenen op den souffleur. Datis glad verkeerd : Dat ze eerst beginnen met hunnen tekst vanbuiten te leeren, en dan gebeurt het misschien wel dat we eindelijk eens verstaan, watze zingen. Hoe willen ze thans duidelijk uitspreken, als ze zèlf nauwelijks weten, wat ze vertellen ? Ook zal de heer Fontaine goed doen, de roi van den souffleur te beperken. Een souffleur bij een opéra kan daar zitten, als hulp in den uitersten nood, maar niet om heel stuk voor te zeggen. Ook mocht hij voor de repe-tities alvast heel goed atgeschaft worden — Sluit de paranthesis.) Mevr. Seroen stond Donderdag al heel watvaster in haar schoenen en was dan ook de prachtige «Rezia», die zij ons en haarzelve verschuldigd is. Zaterdag reeds werd haar groote aria, die ze schitterend zingt, uitbun-dig toegejuicht. « Muon » is geen roi voor den heer Mer-tens. Ze ligt hem veel te hoog en dan eischt ze een lenigheid van stem, die deze zanger geenszins bezit Overigens schijnt de groote aria in deze partij méér als stemoefening, als proefstuk voor een zangwedstrijd geschreven te zijn dan voor het theater. Zij is doorzaaid met moeilijkheden, die haar niets schooner kunnen maken, zelfs als die moeilijkheden door den vertolker met aile gewensche vir-tuoziteit overwonnen worden. Over het spel van den heer Mertens is niets te zeggen,om de eenvoudige reden dat hij niet gespeeld hééft. Den heelen avond heeft hij over het tooneel gewandeld, als ging de zaak hem niets, niemendal aan. Dat mocht ons verwonderen vanwege een zanger, die in De Vliegende Hollander, in De Heilige en in Graaf Chaberl toch van een ernstigen aanleg voor het tooneel blijken heeft gegeven. De titelrol is oorspronkelijk voor ténor geschreven, maar, zooals in den laatste jaren overal gedaan is geworden, heeft de heer Fontaine het beter gevonden, haar door een travesti te laten spelen. Dat kon hij des te geruster doen, daar hij aan Mejufier Smets de schoonste travesti heeft, die denkbaar is. Het is wezenlijk te veel vragen, als we ver-langen dat deze « Oberon » even schoon zin- | gen zou als hij er uitziet. En zeker als we van in het begin der week al geboord hebben dat Mejuffer Smets verkouden is. Iniedergeval ligt het zeker met aan hààr, dat deze vertoo-ning mislukte. En dan zijner nôgwel enkele, die voor hun taak berekend waren : In de eeiste plaatsalMejufferCuypers, — «Puck),— die ook bijzonder élégant het travesti draagt, en die zeer mooi het beroemde vaarlied uit haar roi heefi gezongen. Op andere plaatsen eenter klonk haar stem niet zoo vol. En dan was de heer Tokkie een zeer pleizierige « Sadok », terwijl er van den heer Van Roey, mits nog duchtig repeteeren. een uitstekend « Sheramin - te maken is. Alvast was zijn ■ c1 »<ït ra'?t Mej. Belloy raee van de weinige niooie dingen van den avond. Over de andere spelers zeggen we liever niets. Het koor was op zijn gemak, zoodra het maar stil kon staan en zingen. Er was blijk-baar lang niet voldoende op het tooneel gerepeteerd. Het orkest daarentegen bleek zeker van zijn stuk. Na de ouverture werd de heer Schrey langdurig toegejuicht en heel het werk door kon hij de begeleiding fijn en bescheiden houden. Wij hebben ons reeds gewaagd aan een vergelijking van Oberon met De Tooverfluit. Hetis blijkbaar de bedoeling geweest van den bestuurder van Covent-Garden, die aan Weber dit werk bestelde, een tegenhanger voor De Tooverfluit van hem te krijgen. Het stuk hadde zeer goedDeTooverhoorn kunnen heeten. Zoo'n hoorn, die, als de klokjes van Papageno, de macht heeft om aile vijanden van hem die er op blaast, aan hetdansentebrengen.krijgt Huon van Oberon en van Puck, als hij naar Bagdad wordt gezonden om daar uit den harem van den Kalif, de schoone Rezia te verlossen, die hem in een droomgezicht verschenen is. En, als Taminoop zijn reis naar Sarastros tempel, Papageno meekrijgt, dan wordt Huon verge-zeld door« Sherasmin », die een tegenhanger voor Papageno is en die, evenàls Papageno, een liefvrouwtje voor hem op dezen wonderen tocht zal vinden. Dan speelt Oberon in Syrië en De Tooverfluit in Egypte, maar in beide stukken wordt een harem te pas gebracht, door eunu-chen bewaakt, en in het een als in het andere staan deze eunuchen onder het bevel van een ventmet eenzwart gezicht m met een verliefd hart : < Monostatos » in de Tooverfluit is « Sadok » in Oberon. En in beide stukken hebben de geliefden nogeenboel beproevingen van verschillenden aard te doorstaan, aleer zij malkaar mogen hebben. Ook bij Weber moet de bedoeling bestaan hebben om om een « pendant » te leveren voor De Tooverfluit, want on vele plaatsen doet zijn muziek veel méér aan Mozart denken dan aan den « Freischutz » of aan «Euryanthe» al is ze overal wat dikker, wat zwaarder op de hand. En van aard om, na den Vrijschutter, den roem van den vader der nationale Duitsche Opéra te verhoogen, kan dit op kommando en op Engelschen tekst getoondicht zangspel zeker wel nooit geweest zijn. ¥¥¥ Met niet minder dan vier nieuwe vertolkers moest De Vrijschutter wel al de aantrek-kelijkheid van een « première » hebben. Ook was het publiek inmassa opgekomen,Zondag. De zaal was stampvol. Terwijl nu toch de twee bezettirgen nog aan het gezelschap zijn.is aan een vergelijking niet te ontkomen. Ailes bijeengenomen is de eerste de beste. Maar nu dient in aanmerking genomen dat die eerste het stuk van de meet in gestudeerd heeft en de tweede er zoo maar is ingevallen. Toch was ook Zondag de ver. tolking van Weber's meesterwerk alleszins waardig van onzen schouvvburg. De heer Morrisson zingt de zeer iaag-geschreven partij van « Max « zonder de minste inspanning; overal klinkt zijn schoone stem er even vol en kraehtig in. Alleen mag hij van de gesproken deelen wel wat méér werk maken. Zijn succès was groot. Na den eersten akt reeds werd hij met den heer Col-lignon viermaal teruggeroepen. Inhettweede bedrijf heeft hij bijzonder schoon het uitei st-gevaarlijk trio met « Agatha » en - Antje -, gezongen. Mevr Faniëlla is een gansch andere « Agatha » dan Mevr. Seroen. Een «Agatha» met méér kruim, met sterker afgeteekende energie ; niet zoo goed de incarnatie van het poëtische, blonde Duitsche meisje, die «Agatha» moet zijn, en die Mevr. Seroen ons wonderschoon gegeven heeft. Vooral waar ze spreekt is Mevr. Faniëlla minder de gedroomde « Agatha >. : Die voile donkere stem, die kranige beslistheid in ailes watzezegt, passen méér in zwaarder drama-tische rollen. Met haar rijk en warm geluid heeft zij haar groote aria schitterend gezongen, en een uitbundige ovatie was dan ook haar loon En nog schooner zelfs droeg ze haar gebed voor. Het « Antje » van Mevr. Giesen-Hoos is heel aardig voor wie dat van Mejuffer Belloy niet gezien heeft. Wat deze laatste van de natuur heeft: haarjeugdige bevalligheid. haar zwierige losheid in zang en spraak en bewe-ging, heeft Mevr. Giesen getracht, zich door ernstige studie eigen te maken. Mevr. Giesen stond er wel frisch en opgewektvoor,Zondag, en zong met zoet geluid, maar van haar uit-spraak komt niet veel terecht. Om het vele schoone datons haar werk bood, hebben wij haar gaarne mede toegejuicht.Om de partij van den kluizenaar beter te zingen dan den heer Giesen was niet veel noodig. De heer Gérard was zeer goed ver-draaglijk in die roi — vooral als zanger. Hij moet zich echter rustigerleeren houden onder zijn monnikspij ; niet zoo staan wiegelen, terwijl hij zingt. Koor en orkest waren weer in ieder op-zicht den hoogsten lof waardig. VV¥ De eerste herneming van Christ'l daarna heeft veel genoegen gedaan. Ze was ook bijzonder gelukkig. Er was geen de minste verandering gekomen in de bezetting, maar al de vertolkers waren er beter in dan verleden jaar. Zelfs de heer Mastenbroeck mocht bevallen. Nog beter dan bij de laatste opvoering van den Lustigen Boer kwam het uit, dat zijn stem vaster geraakt en dat hij met méér smaakleert zingen En over zijn spel mag zeker niet geklaagd worden. Dat is wat het in een operette zijn moet. Mejuffer Belloy, die van eerstaf een allerliefste « Christ'l » was, heeft aan haar uitbeelding van deze mooie roi nog meer diepte gegeven. De heer Steurbaut speelt steeds met dezelfde waardigheid den Keizer. Ook Mej. Cuypers, Mejuffer Smets, en de heeren Tokkie, Van Roey en Gérard staan er opperbest voor in dit stuk. De heer Becker dirigeerde het vlug en opgewekt. Er was zeer veel succès. GROOTE MA G A Zloh EN VAN NIEL WIGHEDEN A | g g gk | m | Il B HM | A A g MEIRPLAATS, 33 ANTWERPEN, A I INNUv ATIDN Tentoonstelling van Witgoed, Linnen en Uitzetten. Ml H 11 ™1 "Ip' w Mi 1 1%F 1 ® Aanzieniijko occasion. — Aanzionlijko occasion

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het Nederlandsch tooneel: kunst en letteren appartenant à la catégorie Culturele bladen, parue à Antwerpen du 1895 au 1914.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes