Het Vlaamsche nieuws

277 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 06 Decembre. Het Vlaamsche nieuws. Accès à 05 decembre 2019, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/gf0ms3mk7n/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

ma&ndag 6 Decembeij 1915. Eerste Jaarg. Nr 325 i ii - - -- - - iii.m.iiimh.11 Iiinn-Iii- i 111 un - I! ■ n inr ■■uni. .m iviT " " Frijs: 5 Centiemeri dcor geheel België Het Vlaamsche Nieuws Het best ingelicht eo meest verspreid Mièuwsblad van Beîarië. - Verschimt 7 maal per week 1ABONNEMENTSPRIJZEN AFGEVA ARDIGDEN VAN DEN OPSTELRAAD 1 AANKONDIGINGEN PeJ- week 0.35 Per 3 maanden 3.75 ^ V.M nCM pDAxmr: ? Tweede bladz., per regel 2 50 Vierde bladz., per regel.. 0.50 Per maand 1.25 Per 6 maanden 7.50 Dr Aug. BORMS — Albert VAN DEN BRANDE | Derde bladz., id. I.— Doodsbericht 5.— " Per jaar 14— ' | BUREELEN : ROODESTRAAT, 44, ANTWERPEN. Tel. 1990 ■ j Voor aile annoncen, wende men zich : ROODESTRAAT, 44. DE BLOKKADE VERBROKEIM De centralen zijn er in gelukt zich ;CJ1 weg te banen over den Balkan naar [vonstantinopel, en daardoor is ook de jlokkade, waaraan ze sinds het uitbre-cen van den oorlog blootgesteld waren, ferbroken. Vijftien maanden lang waren de mid~ ienriiken door hunne vijanden van aile àjden omringd. Ze waren vast ingeslo-ten in een sterken kring van ijzer en itaal en hoe ze ook aanbeukten tegen iet Wester- en Oosterfro,nt, ze konden en muur hunner vijanden wel doen làjken, soms over groote afstanden, »r een volledige doorbraak, een be-îendige bres konden ze niet bewerken. Wat werd van die blokkade al niet -erwacht ? Dat ze een beslissende faktor zou ijn in den wereldoorlog en den zege an. de Entente zou verzekeren, zelfs lan als de bondgenooten er niet zouden n slagen het Duitsche leger over zijn ;renzen terug te drijven. Die nauwe nsluiting van de middenrijken zou niet lleen hunnen handel met overzeeschc jewesten tijdens den oorlog • opheff en, n hem, alsook de inlandsche nijver-eid, ee,n knak toebrengen, die zich tng na het sluiten van den vrede zou loen gevoelen ; ze zou ook spoedig ge-irek aan levensmiddelen, grondstoffen n geld doen heerschen en daardoor het oortzetten van den oorlog voor Duitsch-md en Oostenrijk onmogelijk maken. Dat het in hoofdzaak industrieele hitschland, hetwelk met zijn bevol-:iug van 68 millioen zielen, in vredes-ijd ongeveer 40 t. h. van de totale be-oefte aan levensmiddelen uit het bui-Ipland moet betrekken, spoedig door ■Aaarschte aan eetwaren zou worden Itaepen, wanneer invoer uit den vreem-ïe, niet meer mogelijk bleek, kon men irij algemeen als vaststaande beschou-len. Deze schaarschte zou onvermijde-jjk de prij/,en der levensmiddelen op baaelitige-wîjze doen stijgen; waarop w volgen algemeene ontevredenheid [ùi 't Duitsche volk, vooral van den ar-slersstand, die zou beginnen in te ie>! dat de « militaire kaste » hen in een iaihopig avontuur had gesleept. ;ntevredenheid, opstand in Berlijn.... let een klein beetje verbeelding en goe-en wil, gesterkt door «hoop en wensch» -as de zaak spoedig roosikleurig ge-nt...Te meer omdat men niet ailes uitslui-::d van de voedingskwestie moest ver-;achten. Geen enkel ministerie, geen akel inilitair deskundige, zoo meende len, had het reusachtig verbruik van lunitie en materieel voorzien, dat een lodeme oorlog meebracht. Daarbij, ai oorlog die bijna al de jonge manneii an Europa onder de wapens zou bren-tn, die milliarden zou kosten en de jkste staten — naar de voorzegging er ekc.nomisten — op enkele maanden' M ruïneeren; die door de wreedheid ■" middelen uitgevonden door 3e mo-Pe techniek, den afschuw van heel t beschaafde wereld zou verwekken ; ® onmogelijk lang duren en men Kht op grond dier redenen veronder-dlen dat de voorraden door Duitsch-|nd opgehoopt, spoedig zouden zijn %eput. Gebrek aan koper, katoen, ibber, enz., zou het groote leger van a keizer, tôt machteloosheid doemen 'Duitschland aan de genade van zijn ianden overleveren. En nog een andere faktor kwam die •raing versterken : Duitschland kon B waren, de voortbrengst zijner groo-■' mjverheid niet meer uitvoeren. Zij teten, bijna waardeloos, in de maga-blijven opgestapeld en konden ït ten gelde worden gemaakt, en dit P een oogenblik dat de oorlog dage-te millioenen verslond en het land be-*fte had aan geld. Gebrek aan finance sterkte zou den doodsteek toe-eilSen aan het land, dat zoo trotsch op zijn materieele kracht... eon, de redeneering was niet slecht :,°nden, ze was niet onverstandig, kleingeestig, niet verwaand ; ze had lar eene fout namelijk dat de feiten ^ niet hebben gestaafd... was i,n ieder geval het beproeven * d, ineende men. Lukte het plan - '•olkomen, werd Duitschland door -°kkade niet verplicht den oorlog s-aken; in ieder geval zou het Duit-,e volk, door 't gebrek aan levens-'Jelen, al de zwaarte van den bitte-'^''rijg en van de macht der vereende en voelen ; het te kort aan grond-^ea en ggjj zou ten m^nste (je jjracht Pruisisch militarisme een beetje % ï€tl 611 -^uitscMand tôt een minder ^caten tegenstrever maken... ,.. « moeilijk nu reeds juist uit te : fend.invloed de isolatie, de i erin8' van de centralen, op het L,PT^er krijgsverrichtingen heeft j ' i och kan men thans als een feit aannemen, dat allen, die hoogerge-noemde illusies hebben gekoesterd, in hunne verwachtingen werden bedro-gen.Dat de bevolking in Duitschland heeft gemord tegen de spekulanten, die van den toestand wilden misbruik maken om de nienschen te stroopen, is aan te nemen. Het kan zijn, het is zelfs waar-schijnlijlt, dat het daarbij op openbare verkoopplaa^en wel eens tôt opstootjes kwam —- i,n vredestijd is het bij ons wel eens gebeurd, dat de boeren die op de markt te hooge prijzen vroegen, hunne waren zagen afnemen en Wat oorvijg^n opliepen in plaats van geld te ontvan-gen — maar van een geregelden opstand tegen de overheid, die ten slotte toch zou bekend geraakt zijn, heeft men nim-mer gehoord. Integendeel, de leiders en de pers in Duitschland hebben het uit-hongeringsplan tegen het volk, behen-dig aangehaald als een bewijs dat de Entente niet zoozeer wenschte ideëele doeleinden te bereiken, maar het vooral gemunt had op het bestaan va,n 't Ger-maansche rijk en op de vernietigjng van 't Duitsche volk. t Wat er ook van zij, heeft er in Duitschland ook wat schaarschte ge-heerscht, van uithongeren wordt al een ti j d je niet meer gesproken omdat dit onmogelijk blijkt. Welk gebrek aan sommige grondstoffen in de middenrijken er ook moge geweest zijn, of nu nog is, de Russen hebben dezen Zomer moeten ervaren dat het den legers1 der centralen volstrekt niet mangelt aan kanonnen en munitie, want juist hun overwicht in dit opzicht heeft den Russen zoo'n erge neerlagen be-zorgd. En nu nog onlangs kon de moeilijke Donau-overgang zoo snel be-werkstelligd XVorden, door eene krach-tige artillerievoorbereiding. Heerscht er in Duitschland gebrek aan geld? De laatste oorlogsleening die iets meer dan 15 milliard frank opbracht, laat dit moeilijk veronderstellen. In ieder geval is het erg te betwijfelen of door de blokkade de financieelie kracht van Duitschland ernstig werd geschaad. ■Sommigen beweren het tegendeel, o. a. een groot financieel blad, de Engelsche « Economist w. Wat is toch het geval? Een volk is in 't algemeen moeilijk tôt sparen te bewegen. Hadden de Duit-schers levensmiddelen en grondstoffen, tegen grof geld, in het buitenland kun-nen aankoope,n, ze zouden zich waar-schijnlijk die weelde niet hebben ont-zegd en dan hadden ze zich arm ge-kocht. De blokkade heeft hun dit belet. Zij hebben hunne allerdringendste be-lioeftefl herleid tôt een minimum en, uit vrees voor gebrek, de voortbrengst van 't land ontzaggelijk opgevoerd. De bondgenooten hebben de Duit-schers tôt sparen en werken gedwon-| gen ! Zij hebben hen gedwongen, in ! zake levensmiddelen, zich tôt het hoogstnoodige te bepale,n — o. a. het brood-rantsoeneeren —; zij hebben hen verplicht te benuttigen al wat vroeger ongebruikt werd weggesmeten — bijv. , het afwaschwefter wordt in de hôtels ge-! filterd en het aldus verkregen vet wordt | als machiensmeer gebruikt ! — ; zij heb-, ben bewerkt dat dezen onder het Duit-! sche volk, die nooit de spade hadden jgehanteerd of den grond hadden be-i werkt, hunne bloemtuinen, parken en • braakliggende gronden tôt moestuinen j hebben herschapen waar ze zelf allerlei ■groenten kweeken en aardappelen plan-jten. Waar, van den eenen kant een heel ; volk — van 68 millioen menschen ! — ! gedwongen werd minder te verbruiken en niets onbenuttigd te laten verloreh gaan ;en van den anderen kant de voortbrengst werd verhoogd, kan dit niet an-ders voor gevolg hebben gehad, dan eene enorme besparing, waarvan de omvang zich nu ,nog niet laat bepalen. Maar Duitschland kon toch niets uitvoeren en dus geen geld verdienen ? Zeer juist. Men neme daarbij nochtans in aanmerking : 1° dat den uitvoer van een oorlogvoerend land altijd afneemt, door-dat zooveel werkkrachten zich in 't leger bevinden, en ten 2° dat Duitschland niets kon invoeren, dus, in den vreem-de, niets behoefde te koopen e,n dan « ook geen geld uitgaf ». De landen der Entente doen groote bestellingen in Amerika en het geld^ dat ze daaraan besteden is voor hun eigen land totaal verloren, vermits het in rui-ling bekomen materiaal, bij 't verbruik in den strijd, wordt vernietigd. De Duitschers nu waren verplicht al de grondstoffen in eigen land te koopen en ze in eigen land te laten verwerken. Al wordt daardoor een groote inspanning van de nationale niiverheid gevergd, dit heeft toch het voordeel, dat het geld in het land blijft en de eigen burgers laat leven. De nijveraars die geld winnen met het vervaardigen van al wat het leger behoeft, kunnen die winst gebrui-ken voor inschrijvingen op de oorlogs-leeningen. De opbrengst der leeningen wordt besteed aan nieuwe bestellingen voor 't leger, waarop door de nijveraars weer nieuwe winsten worden gemaakt, die nogeens voor een toekomende lee-ning kunnen dienen... Dit ekonomisch procès, waarin waarschijnlijk het ge-heim ligt besloten van Duitschland's financieele kracht, ka,n zich niet in 't Oneindige herhaleu ; maar de verbazen-de uitslag der laatste leening, en de groote bedragen die leveranciers van 't leger daarop inschreven, bewijzen dat 't onvoorzichtig zou zijn op dien faktor al te zeer te rekenen... vooral als men niet zinnens is den oorlog onbepaald langen tijd voort te zetten. Men kan hier nog bijvoegen dat de manier waarop onze bondgenooten de blokkade hebben tcegepast, zeker geen genegenheid heeft doen winnen, voor de Entente, bij de neutralen wier be-langen daardoor werden geschaad. Zij maakt nu nog, zooals men weet, het on-derwerp uit van eene bittere nota van de Vereenigde Staten aan Engeland. Nu die blokkade door het terugdrin-gen deri Serviërs en het ingrijpen van Bulgarije is verbroken, en de centralen reeds bezig zijn zich meester te maken van de kopervoorraaden in Servië en straks ook groote hoeveelheden van dit kostbaar rnetaal uit Klein-Azië zullen kunnen betrekken ; nu zij den overvloe-digen oogst van Bulgarie en zelfs van Roemenië over den Donau naar hun land kunnen voeren, mogen we de blokkade als grootendeels mislukt beschouwen. Want, zelfs als de Entente-troepen er in slagen, wat niet heel waarschijnlijk lijkt, binnen korten tijd de Oostenrijk-sche, Duitsche en Bulgaarsche legers terug te drijven -en de insluiting te her-stellen, dan zullen de centralen toch al g^noeg vooiraden hebben opgedaan om een heel tijdje voort te boeren zonder gevaar voor gebrek. Het is nu wel waar dat de blokkade ook nu nog gedeeîtelijk bestaat, daar de centralen 'nog altjjd geen overzee-j sçhen handel kunnen voeren. Maar, als I dit niet voor gevolg heeft dat er in hun j land spoedig gebrek komt — wat nu \ niet meer zoo waarschijnlijk is — waar-door ze den oorlog moeten staken, dan wordt het hoofddoel van den strijd, het vernietigen der Duitsch-Oostenrijksche strijdkrachten, door de blokkade niet bevorderd., Het knakken van den Duit-schen handel kan, met het oog op de toekomst, voor konkurrenten van Duitschland heel voordeelig zijn; maar (( daarvoor » toch, meenen we, wordt den oorlog niet gevoerd. Ailes samengenomen kunnen wij be-sluiten dat onze bondgenooten zich no-pe,ns de gevolgen van de blokkade hebben misrekend. Wij maken hun daarvan geen verwijt; misrekeningen zullen immers altijd tôt het gebied der mensche-lijke daden behooren. Maar we zouden er te dezer gelegen-heid toch eens willen op wijzen dat ' « eene belegering op verren afstand van j Duitschland en Oostenrijk », waarbij ; men lijdelijk afwacht tôt de belegerden door honger en gebrek aan materiaal gedwongen worden te kapituleeren, — zooals die blijkbaar door de bondgenooten wordt toegepast — ten aanzien van de nieuwe omstandigheden geen kans van slagen meer heeft, HUIGH. ONZE LETTERKUNDIGE PÏUJSKAMP Hippoliet Meert 186S Geboren te Aalst in 1863 ; leeraar aan 't IConinklijk Atheneum te Gent, waar hij de kollega was van den grooten dich-1 ter René de Clercq. Hij heeft dus dit jaar de vijftig be-[ reikt en is een man die mede aan het hoofd staat van de Vlaamsche Beweging, ' zich ini aile omstandigheden, ook in de-, zen benarden en verwarden tijd, een; goede leider toonend. Drogredenen zullen hem niet verschal-1 ken ; raadgevingen uit berekening of lafheid hem, niet versagen ; lie.fde noch haat hem verblinden. Hij kent alleen zijn plicht jegens zijn vaderland, jegens het Vlaamsche volk. Ailes wat hij deed of verme.ed, schreef of wreef, was ter eere van de moedertaal. Hij is een taalgeleerde van 't ras van Willems, Snellaert en David. Hij is een schrijver wiens rake woord en klemmend betoog al de Destrée's deerlijk havende. In Distels, heeft hij de Vlaamsche taal çewied gelijk de ijverige tuinman doet. met zijn veld, dat vol onkruid is gescho-ï ten. Met Ruusbroeck's Taal en Het voor-naamwoord. Du, werd hij tweemaal be-kroond door de Vlaamsche Akademie — die hem al lang in haar sçhoot had moeten opnemen. Hij verrichtte groot werk : hij stichte het Algemeen Nederlandsch Verbond, een tegengif van de Alliance française, die over ons land woekerde en thans bezig is het nog gezond-Nederlandsche Holland wormstekig trachten te maken. Het Algemeen Nederlandsch Verbond ijvert voor een Groot-Ne.derland, « be-hartigt de belangen1 van aile Neder-landsch-sprekenden, in welk gewest het ook zij », en wil den broederband tus-schen aile Nederlanders bewaren, nau-wer toehalen of herstellen. Aan degenen die; zeggen : « Het Nederlandsch wordt nergens gesproken en heeft geen toekomst», antwoordt Hippoliet Meert : « Het Nederlandsch is geen- van de ta-len, die; achteruitgaan, want het aantal Nederlandsch-sprekenden neemt gesta-dig toe ; en op zijn immer ïich uitbrei-dende taalgebied heeft het Nederlandsch een zeer schoone toekomst, als wij, Nederlanders aan onze taal die toekomst weten voor te bereiden. » In Europa wordt Nederlandsch gesproken door 5.000.000' menschen in Noord-Nederland, door 3.600.000- in Vlaamsch-België en door nagenoeg 100.000 in Fransch-Vlaanderen. » Van zijne bevolking heeft Noord-Nederland darenboven vroeger duizen-den afgestaan voor de emigratie. » Zoo drong onze taal in Zuid-Afrika, met de Boeren, van aan de Kaap tôt in Portugeeiech Angola door. Trots de Engelsche overheersching en den Engel-schen overwegenden invloed, tracht ze zich op te houden door toedoen van on-verpoosde en bewonderenswaardige po-gingen van edelhartige Afrikaanders. Dezen ijveren vooral om in Zuid-Afrika een onderwijs uit te breiden, doortrok-ken van nationalen geest en ingericht op nationalen grondslag, d. i. met het N .xlerlahdsCli als voertaal of médium, zooals men in Zuid-Afrika zegt, in de scliolen bezocht door kinderen,wier moedertaal het Zuidafrikaansch of vereen-voudigd Nederlandsch is. » Hoe belangwekkend is het, eens nader te onderzoçken welke plaats het Nederlandsch in andere gewesten heeft veroverd. Men herinnere zich even hoe de Nederlanders onder de vroegste kolo-! nisten in Noord-Amerika waren. Door | hen kwamen de eerste volksplantingen aldaar tôt stand op de Westkust ; in 1612 sticbtten ze Nieuw-Amsterdam, dat New-York geworden is ; dan Breukelen (Brooklijn) ; Bloemendaal (Blooming-clale ; Plaarlem, enz. Deze landstreek droeg in dien tijd den naam van Nieuw-Nederland ; Nieuw-Nederland valt, in 1664, in handen van de Engelschen en is thans New-Jersey ge.worden. Daarop is een overstrooming van duizenden An-gelsaksers gevolgd. De Nederlandsche kolonisten, die zich hier gevestigd hadden, zijn langzamerhand verengeischt en hun nakomelingen hebben de taal van hun vaderen verleerd. » Behalve deze oorspronkelijkq kolonisten, de Knickerbockers genoemd, zijn de Nederlanders, die zich in de Veree-nigde^Staten in de 19de eeuw gevestigd hebben, zeer talrijk. Zoo vindt men vele yolksplantingen met Nederlandsche na-men : Holland, Friesland, Oostburg, Prinsburg, Vlissingen, Amsterdam, De Pere, Hoboken, Zeeland, Pella, Middel-burg, Overijsel, Graafschap Drenthe, Wilhelmina, enz. ; andere, die aan Ne-derland of zijn geschiedenis herinneren : Orange-City. In tal van Amerikaansche steden hebben Nederlanders zich in dichte massa's nedergezet, als te, Chicago, waar er een 30.000 zijn (Vlamingen en Hollanders), te Battle-Creeck, Engle-wood, Kewanee, Milwaukee, New-York, San-Francisco, Paterson, Roseland, Ga-no, Kalamazoo, Cleveland, enz. In deze steden verschijnen ook tal van Nederlandsche bladen : te Chicago De Neder-lander, Excelsior ; te Holland, Michi-gan, De Grondwet ; te Kalamazoo, De Hollandsche Amerikaan ; te Paterson, De Telegraaf, enz. » Ook hebben de Nederlanders, op onderscheidene plaatsen, vereenigingen gesticht ter beoefening van de Nederlandsche letterkunde, het Nederlandsch tooneel, den Nederlandschen zang. In het ééne stadje Paterson bestaan1 de vol-gende Rederijkersmaatschappijen : De Bloemenkrans, Harmonie, Tôt Nut van 't Algemeen, Excelsior en de Friesche Vereeniging : Uetspanning toch Yn-spanning. Het Nederlandsch begrafenis-fonds Zelf-Help van Chicago telt 7.000 leden. » In Zuid-Amerika wordt onze taal gesproken in de Nederlandsche koloniën Curaçao en Suriname. » In deze kolonie verschijnen enkele Nederlandsche, bladen, b. v. De Aru- H ; ^ ,■ basche Courant op Aruba ; op Curaçao De Vrijmoedige, De Wekker, Amigoe di Curaçao (in 't Spaansch en 't Nederlandsch). In de kolonie Suriname hebben we een kolonie met Nederlandsch bestuur, Nederlandsche ambtenaren en ingezetenen, Nederlandsche scholen, een Nederlandsche dagbladpers. Zoolang deze koloniën onder Nederlandsche vlag blijven, heeft onze taal hier een veld voor hare verbreiding. » Denzelfden toestand nemen we waar in Nederlandsch Oost-Indië, met dit ver-schil, dat deze kolonie oneindig uitge-breider is en welvarender en dat zich hier, buitçn de inboorlingen, een aan-zienlijk getal Nederlandsch-sprekenden bevinden : Nederlandsche ambtenaren, planters, nijveraars, en andere Europea-nen, wier getal 60.000- overtreft. Ook wordt Nederlandsch gesproken door de Indo's, d. z. afstammelingen van Euro-peanen en, inlandsche moeders ; ook, maar minder, door de inboorlingen.Door de meest ontwikkelden onder dezen wordt de kennis van het,, Nederlandsch op prijs gesteld. Immers, zoodra ze zich tôt hoogere beschaving willen verheffen, wordt de kennis van een Europeesche taal, waarin een uitgebreide letterkunde het kapitaal van de moderne beschaving behelst, hun onmisbaar ; eu de eerste Europeesche taal, waar ze, kennis mede maken, is de onze. Dertig millioen on-derdanen staan onder Nederlandsch ge-zag en voor die talrijke millioenen menschen wordt het Nederlandsch de taal, die hun den weg tôt hoogere beschaving ontsluit. » Wanneer we aldus onze blikken laten weiden over het uitgestrektç gebied in de wereld, waarover onze taal ver-breid is, dan is er geen reden om ons door kleinmoedigheid te laten bekrim-pen. Onder de kleinere moderne volken is er geen, waaraan het taalgebied het onze in uitgestrektheid overtreft. We mogen zeggen : Onze taal heeft eene schitterende toekomst ; maar onze stam, met zijn nauwer aan elkaar aangesloten hoofdvertakkingen, moet haar die met een hooggespannen, krachtigen wil weten voor te bere.iden. L,aten we ons, Nederlanders over de wereld, leiden door eene hooge bezieling : den wil om, trots ailes en trots alle.n, vast te houden aan onze zelfstandigheid, dan hebben we 't in onze macht om ons op te werken tôt een hoogte, die ons met eere een glans-rijke plaats doet innemen in de rij van de volken. » Wij voegen erbij : Indien Kongo in het Vlaamsch werd bestuurd, zou het zich door de Nederlandsche taal aanslui-ten met de vernederlandfeche Kaapkolo-niën.Onder de kleinere volken, Zweden, Noorwegen, Denemarken, Holland, Zwitserland, Portugal, Griekenland, Bulgarije, Roemenië, zijn de Vlamingen op zichzelf genomen, nagenoeg het sterkst in getal en Vlaanderen is toch het eenige; volk dat geen hoogeschool in de eigen taal bezit. 't Is wel een tijd om te zwijgen en zich onvoorwaardelijk tevreden te ver-klaren voor de toekomst ! N. B. — Griekenland heeft twee hoo-gescholen, te Athene en te Korfoe ; Servië heeft één hoogeschool ; Roemenië, twee ; Bulgarije, één ; Zwitserland heeft : drie uitste.kende Duitschtalige hooge- : scholen (Bern, Bazel, Zurich, met daar- ! bij nog Fransche fakulteiten te Geneve, Lausanne en Freiburg) ; Noorwegen : heeft één hoogeschool ; Zweden, twee. Zelfs voor IJsland, 100.000 inwoners, in 1 sneeuw en ijs bedolven, is er een hooge- ; school te Reikiavik. Sinds verleden -maand heeft Polen een Poolsche; hooge-school te Warschau. Vlaanderen alleen... ' niets ! J DAGELIJKSCH NIEUWS VROOLIJKE GESCHIEDENIS VAN S EEN FRANSKILJONSCHEN GROOT. MEESTER. — «Au Grand Laboureur» komen dagelijks eenige oomes van het Antwerpsch franskiljonisme steeds aan dezelfde tafel bijeen, waar hij, als de echter grootmeester, troont. Daar worden dan telkens eenige flaminganten af-gemaakt en voor de zwarte lijst be-stemd, wat gesnoefd en gepocht en de aieuwste praatjes die in de stad de ronde doen, over tafel gevezeld. De felste opsnijder is daarbij natuur-lijk de grootmeester in kwestie. Onlangs kwam hij evenwel met eene geschiedenis voor den dag, die zijn anders zeer licht-geloovig gezelschap niet kon slikken. Hij had namelijk, het noenmaal genomen in den « Paon Royal », waar even-iicns vele Duitsche officieren aangezeten waren. — Op zeker oogenblik, zoo vertelde bij, met eene Tartarinsche radheid van :ong en Gasconsche gebaren, hief het îrkest « die Wacht am Rhein » aan. ' :< Aussitôt je me lève et je leur crie : ' « Silence ! » (Seffens sta ik op en rpep ik hun toe : « Zwijgt ! »). Een hooger officier gaat naar den orkestmeester toe en doet hem onmiddellijk uitscheiden... Van aile kant en luide gelukwenschen en bewonderende blikken vanwege 't gezelschap in den « Grand Laboureur». Maar toen de stralende grootmeester weg was, werd besloten op staanden voet te gaan vernemen of die-helden-daad werkelijk zôô gebeurd was. De heer E. trok dadelijk naar den « Paon » en vroeg aan den gérant hem te willen vertellen wat er den vorigen dag gebeurd was met zijn vriend en die Duitsche officieren. —■ O ! volgaarne. Mijnheer X... (hier noemde hij den naam van den grootmeester) zat hier in gezelschap van eene jonge dame en haar zoontje. Toen de muzikanten « Die Wacht am Rhein » begonnen te spelen, riep dit jongetje : « Sst ! » waarop M. X... rechtsprong en luidop den knaap toesnauwde : a Taisez-vous, polisson ! » (Zwijg, schelm, die ge zijt !). Of er nu in den « Grand Laboureur » met dien snoeshaan gelachen wordt!.... ANTWERPEN EN ROTTERDAM. — Wij lezen in de « N. R. Ct », Vrijdag. 3 Dec. ochtendblad : <t Van Engelsche zijde. — Londen, 2 December. (Reuter, part.) — In een he-deiiavond verschenen rapport van Max-se, den Engelschen consul-generaal te Rotterdam, verklaart de.ze : » Aan het eind van den oorlog, denk ik, dat wat Nederland aangaat, een groot tijdperk van welvaart zal aanbreken, niet alleen voor Nederland en zijn kooplie-dien, maar ook voor den Engelschen handel.» In ieder geval schijnt het duidelijk dat Rotterdam gedurende een aantal ja-ren na het einde der vijandelijkheden, een groote invoerh^iven van het vaste land zal zijn. Om redenen, waarover hei onnoodig is uit te weiden, zal het zoowel voor Antwerpen als voorHamburg nog vele jaren duren alvorens zij hun vro&-gere welvaart hebben herkregen. » Indien de Engelsche reeders en kooplieden daar nu al rekening mee houden en er bij zijn om hun voordeel tq doen met de groote bedrijvigheid in den handel, die ongetwijfeld na het sluiten van een bevredigenden vrede zal intre-den, dan zie ik geen reden waarom zij niet in ruime mate zouden deelen in den voorspoed van Nederland. » Wat beteekent dit ambtelijk verslag van den Engelschen konsul-generaal te Rotterdam? Dat Antwerpen, even als Hamburg, nog vele jaren van hun vroegere welvaart ve.rstoken zullen blijven? Dat de Engelsche reeders en kooplieden zich met Rotterdam moeten vef-staan, omdat het de groote invoerhaven van liet vasteland zal zijn, en Antwerpen aan z.ijn lot en verval moet worden over-gelaten, schijnt ons in de gegeven omstandigheden een al te bar standpunt van zelfzucht en eigenbaat. Wij beseffen wel dat Engeland noch Franckrijk, veel kunnen doen voor „de Amtwerpsche haven, doch dat Engelarids reederij en koophandel officieel worden litgenoodigd, na den oorlog, tôt de ont-pvikkeling van Rotterdam mee te hel-pen, omdat er baat bij is, zal te Antwer-ien reeds vroegtijdig tôt nadenken aan->poren.JULIUS RODENBACH. — Men neldt uit Roeselare : Donderdag laatst, 25 November, ont-iliep alhier zachtjes in den Heer, Julius R.odenbach-De la Houtre, vader van den Roese.laarschen dichter en leider Al-irecht Rodenbach. De eerbiedwaardige iflijvige had den hoogen leeftijd van 92 aar beredkt. HELAAS, IN WELKE HANDEN... — In het Département du Tam, in Zuid-?rankrijk, verblijven 1300 Belgische, /luchtelingen : 1100 ervan zijn Vlamingen, die de Fransche taal niet of slechts rebrekkig kennen. Aldus een mededee.-ing in de « Dépêche de Toulouse », door Pater Corty, aalmoezenier bij de Belgi-iche vluchtelingen in Tarn, De Vlamingen krijgen, schrijft de pa-jer, onderwijs in hun moedertaal. De jeest, die dit onderwijs bezielt is Bel-îisch ; een begrip dat de pater aldus om-ichrijft : a Voor ons, Belgen, zijn de Franschen feen vreemdelingen. Wanneer de Fran-ehen ons vreemdelingen noemen, doet iet ons pijn. Belgen en Franschen heb->en een gemeenschappelijk historisch /erleden ( ! ?) en de tragische Augustus-lagen uit 1914 hebben tusschen de Fran-ichen en ons een onsterfelijke alliantie ngeluid. » Het inprenten van broederlijke aan-îankelijkheid jegens Frankrijk maakt, /erklaart de pater, deel uit van ons on-lerwijs...Helaas, in welke. handen vallen i* Parn onze arme Vlaamsche menschen?.. (VI. St.]

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het Vlaamsche nieuws appartenant à la catégorie Gecensureerde pers, parue à Antwerpen du 1915 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes