Onze kop

1666 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1914, 07 Mars. Onze kop. Accès à 24 mai 2022, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/ks6j09x66w/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

J Zaterdag 7 Maart 1914 4e Jaargang. Nr 132 v ONZE KOP Een Weekblad voor de Vlaamsche Hoogeschool en dus ook voor de heele Herleving van Vlaanderen. i S ' j n ~w itiiiti i—thimi ■■«■iiiir—ia mim iir irimimiiinai i ■ mi mi inr ui ïTMfTT-T^Trrir"irfmrB»nmwiffifTrT Gent aan Gentenaars ! — Vlaanderen aan de Vlamingen ! r- PRIJS per Jaar 3 Frs£— Het Nummer 5 Cs. AANKONDIOINOEN 20 es den regel, of anders, bij den uitgever DRUKKER-l TGEVER : VICTOR DELILLE, MALDEGEM ™ Die kop die moet er op ! Wie kan dat zien ? Wie kriigt het op 1 Een beeld te laten zonder kop... Wie zou, als hij dat ziet, zijn handen kunnen [houwea Wie zou dat laten er dien kop weer op te donwer 't Beteekent niets toch zonder kop ! Die kop die moet er op ! Ik weet een beeld, een heerlijk beeld, Het beeld van gansch een volk, geteeld In 't veie weideland. waar Lei en schelde [stroomen 't Beeld van een volk zoo groot, zoo yol ook nog [van droomen ■■ En 't staat ocharme zonder kop ! Die kop die moet er op ! Een beeld ja zonder kop dat is 't !, Een volk dat hooger leven mist 1 En booger leven is de school in eigen taie : Dat volk en adel drinke uit de eigen gouden [schale ™ Dat is ons kop, ons Vlaamsche kop ! Die kop die moet er op I —' t Zie reeds in gouden aureool Dien kop ! Die Vlaamsche hoogeschool ! er En 'k zie dat opschrift tôt de lagerc geslachten 's Lands kinderen waren 't die dit hier tewege [b achte» Studenten op I Die kop ! ut Die kop die moet er op ! DE LILLE Wij eischen de Vlaamsche Hoogeschool ! Algemeên Stemrecht zuiver en blool zal er niet geraken. De socialisten zelf zijn er benauwd van. Alzoo is toch gebleken uit de bespreking der 31 vroede mannen die te Brussel onder voorziiterschap van onzen ge-achten senator, grave t'Kint de Roo-denbeke, nu sedert maanden aan 't zoeken zij naar eene betere kieswet voor de gemeente. Maar vrouwenstemrecht wint bij. En wat niemand van Holland zou verwacht : Holland was nu aile lan-, den daarin vooruit : Oud-minister Heemskerk zelf, was voor de vrouwen ! 't Kan heel wel gebeuren dat wel-haast in Nederland eene kieswet met vrouwenrollen verschijne. Miss PANKHURST Intusschen dit is 't portret van miss Pankhurst, de geweldige voor-loopster der stemrechtvrouwen, die na zesmaal gevangen en weer los-gelaten, nu eene omreis doet in Amerika. ♦ * ♦ De Belgische minister-wisseling stond Zaterdag in 't Staatsblad. Er gaat een minister weg : M. Levie, : maar er gaat ook een ministerie weg : dat van het Zeewezen hetwelke weer bij het Spoorwezen gevoegd wordt. Alzoo is er geen nieuwe ministei te benoemen geweest en aldus werd M. Melot niet benoemd gelijk wij eerst zegden. De kamerverkiezing van 24 Mei, zet stil aan. Een groot verschil van twee jaar geleden. Men weet toch dat het katholiek ministerie niet om te halen is en men berust erin. * • * Een droevig nieuws Maandagavond. Een waterzak is in de koolmijn van Strepy Bracquegnies geloopen en dreigde 300 werklieden te verzuipen. Ze konden nog juist in tijds bo-vengehaald worden maar eenigen hadden reeds tôt aan de heupen in het water gestaan. Er zijn algelijk 9 dooden : deze die werkten daar waar de scheur ontstaan was of te ver van den ophaalbak. Het water stond 80 meters diep, zoodat er niet gelijk bij eene ontplof-fing nog hoop is van te ontsnappen. Maar deze goede kant is er bij : dat hun doodsangst niet lang zal geduurd hebben. Lees verder nadere bijzonderheden. * • * De Albaneezen zijn volop aan 't vechten tegen malkaar. In Epi ru s wil men onafhankelijkheid, dus nog een landje op zijn eigen, alhoewel onder één koning, die de prins von Wied zou zijn. Hij zal 't wel moeten nemen gelijk hij het krijgt. Waarom de Waalsche werklieden meer bouwen dan de Vlaamsche ? Wij ontvangen uit Antwerpen volgend opmerki*gen, achtervolgens hetgeen wij schreven in 't Getrouwe en Onzen Kop. « Men heeft uitgerekend dat de Vlamingen « maar half jooveel van de vroegere wet op « de werksmanswoningen genoten hebben « als de Walen. » (Ui? Onze Kop van 28 2 14 t* 131.) De heeren van de wettige Comiteiten van werksmanswoningen in het Vlaamsche laad jpraken veelal franseb. Dat gebeurde zelts in Provincie Antwerpen Set is in den Provincieraad besproken geweest — en wij weten heel goed dat werklieden uit die comiteiten weggegaaa zijn omdat zij de groote fransebe heeren niet konden verstaan — Die heeren houden nogtans staande dat men uit beleefdheid fransch moet spreken als er aanwezigen zijn die geen vlaamsch verstaan ! Wij verzoeken den Heer Minister op voor-hand voor die benoemingen inlicbtingen te nemen bij de kandidaten leden op den cfficieelen staat van inlicbtingen of de kandidaat zieb verbindt de taal te spreken van de meerderheid der dorpen. der gemeentea die er verte-genwoordigd zijn — de minister kan zoo ge-makkelijk vlaamsche en Waalscbe comiteiten simenstellen. Ik weet wel dat men dan op sommige plaatsen werklieden gezocbt heeft die voor de zaak minder gesebikt waren maar die wat Racke broeksch ot marollen verstonden,en zôé waren de fransche heeren in het vlaamsche land weer de bazen. JBoed af vlaamsche Paria's !! of de deur uit. Nota van de Redaktie : Zoa het wer-kelijk waar zijn dat daar eene der oor zaken is dat in Vlaanderen zoo wei nig gebouwd wordt ? Dat verdient nader onderzoek. Hooger Leven, in 't behpreken van den toestacd heeft er zeifs niet aan ge-dacht.En dat wie in Vlaanderen geen Vlaamsch spreekt, ook geen Vlaamsch herte ûeetc, ook geen liefde voor eigen arm volk, is klaar. Eindelijk zon men het nog op 't gebrek aan Vlaamsche werkers steken, maar als er zulke werkers verrijzen,-duwt men ze achtei uit om de fils à papa te be noemen, die niets doen, tenzij naar de eereplaatsjesstaan Te furnhout is ailes in het Vlaamsch ; van het Fransch Mechelen weet men niet ot het Vlaamsch is. \ Alcobol i* een moordanaar. Van priester Lemmens, den grooten drankbestrijdçr verscheen een boekje « Een woordje aan de moeders. » Daarin zegt hij : « wat vrouwe wilt Qod wilt » en zoo zij nu hare jonge kindertjes afhoudt tothunne 15 jare», van bier, wijn en jeaever en al wat taaar naar alcool riekt, deze jongens, zoo opgevoed, geene zuipers meer : zullen worden, De kiem tôt drinken is dan bij hen ' niet ingeworteld. En meer nog, lijk of \ mpeder, de kinders het vloeken, en ■ bedriegen leert verachten, zoo ook ' moet zij die jonga herten den drank met zijne walgelijke gevolgen, doei verafschuwen en een frissche knapen schap zal hunne belooning zijn ea de verbetering van een heel lan<?. En dat zonder wetten van de ka-mers ; want zoovelen die daar in zete-len hebben belang bij het drinken dat eene goede maatregel daar voor, niet licht te verwachten is, Wij ontvangen ook een boekje der katholieke drankbestrijders vereeni-gi ;gvan Mechelen « Kruisverboad » Hier is een deel der vele schoone brokjes Wanneer een Rinnot en andere anarchisten een tiental menschen vermoorden, wordt een heel leger tegen ben afgezonden en staat de wereld in rep en roer. Wanneer Alcobol in ons land alleen jaarlijks 20,000 menschen vermoordt en er 200,000 ziek legt en daarbij nog honderden doet opsluiten in gevaigenissen en zothuizen, dan vindt iedereen dat natuurlijk. zwijgt daarover lijk een graf, of lacht met de n»ïsve sukkelaars, die dat willen gebeteren. Wanneer bij de ramp met de Titanic 16 à 1700 personen verdronken, werden er, heel de wereld door, middelen beraamd, om dergelij-ke ongelukken in 't vervolg onmogelijk te ma-ken Goed. Maar wanneer wij zeggen en bewijzen dat de groote moordenaar Alcohol er iaarlijks honder den duijenden over beel de wereld. en in ons land alleen twintig duijend doet verdrinken, dan tnlen de braatste menschen de schouders op, en .. pakken er eentje ! Is dat menschelijk ? Is dat cbristelijk ? Het bip nanrotpen d»r Milicialclassen De mannen der klassen van 1910, 1911 en 1912 zullen in 1914 tetug on der de wapecs geroepen worden op de volgen datutns : klas van 1910. — Ie legerafdeeling, van 24 Augusti tôt 5 September ; 2e legerafdeeling, 25 Maart tôt 10 April ; 3e afdeeling, van 1 of 2 Juni tôt 12; 4* afdeeling, van 28 & pril of 3 of 4 Mfi tôt 14 Mei ; 5e aldeeling, van 24 Augusti tôt 5 September ; 6e afdeeling, ran 26 Augusti tôt 5 September. Klas van 1911. — Ie legerafdeeling. ;an 23 Augusti tôt 5 September ; 2* tfdeeling, van 28 Maart tôt 10 April ; 5e afdeeling, van 24 Mei tôt 12 Juni; afdeeling, van 14 Mei tôt 1 Juni ; 5e i afdeeling, van 30 Augusti tôt 5 Sep-i tember ; 6e afdeeling, van 23 of 24 Augusti tôt 5 September. Klas van 1912 —Ie legerafdeeling van 30 Augusti tôt 5 September ; 21 afdeeling, van 29 Maart tôt 10 April 3e afdeeling, van 31 Mei tôt 12 Juni 4e afdeeling, van 30 Augus'i tôt 5 Sep tember ; 6* afdeeling, van 30 August: tôt 5 September. Aanmoediging der Vlaamsche Letterkunde 500 fr. Prijzen (10 premien van fr. 50) /. Door Carolus, het Weekblad var de Vlamingen, wordt een prijskamp uitgeschreven voor oorspronkelijke onuitgegeven Nederlandsche proza stukken, in volkstoon geschreven. Op stellen die door humor en originali-teit uitmunten worden gewenscht — zonder daarom de voorkeur te hebben.II. Aan elk der 10 beste stukken wordt eene premie toegekend var 50 fr. Indien er minder dan 10 mede-dingers bekroond worden, zullen de overblijvende premiën gelijkelijk ver deeld worden. III. Ieder deelnemer *mag meer dar een stuk inzenden, doch bij gebeur lijke bekroning van meerdere stukken kan hij slechts aanspraak maken op 2 premiin. IV. De stukken mogen niet grootei zijn dan 12 kolommen van de plaats in Carolus voorbehouden aan hel mengelwerk. Zij moeten door eene andere hand dan die des mededingers geschreven zijn zoo mogelijk < ma-chien-schrift ». V. De bekroonde stukken worden in Carolus afgedrukt, in volgorde, door het lot aangeduid. VI. De handschriften moeten be-steld worden aan het adres van Carolus, Offerandestraat, 8, Antwerpen, v£6r 15 Mei 1914. De keurraad doet uitspraak voor 15 Juni 1914. VII. Elke mededinger teekent zijn werk met een pseudoniem of een kenspreuk, welke zal herhaald zijn SINTE GODELIEVE VAN GHISTEL DOOR WIJLEN KAPELAAN VAN HAECKE. Hun gebed werd verhoord, en de talrijke getuigen van zijnen ellendi-gen staat, werden getuige van zijne genezing, en paarden hunne atem bij deze van den boetling en van zijne omders, om de macht en de waardig* heid van Qods lieve Heilige te her-kennen en hare goedheid te loven. Hoort wat gebeutde in het jaar 1492 den maandag 30 juli, dag op denwel-ken men jaarlijks te Qhistel de verhef-fing vierde van de Relikwëen van Sinte Qodelieve. Te Ramscappele bij Nieuwpoort was er een zekere Cornelis Gillis. geboortig van Qhistel, die zich liet gezeggen door zijne makkers, om te gaan werken in den oogst. Hij stelde zich aan het maaien, maar toen hij de derde greep koorn gepikt had en ze in zljae linkere hand hield, sloot deze al met eens geweldig toe en terzelfder tijd kreeg hij zulk eene danige keel-pi-a als of er hem een stok in zijn K^el^at den adem benam. Aanstonds gewaar dat hij gestraft was, 1 et hij vol schrik zijn zeisen vallen, verliet sijn stuk en besloot den heiligdag te viere. TcrwUl hij, in dat goed voorne- men zijnde, huizewaarts trok. ging zijne linkere hand los zijne keel ook werd ontlemmerd en hij kwam tôt spraak weder. Nauwelijks zal men het gelooven, maar zoo draaizinnig was hij dat hij bij zichzelven vroeg of het gebeurde niet toe te schrijven was aan eene ze-nuwspanning of misschien wel aan eene natuurlijke oorzaak ? En met die gedachten bezig, kwam hij langs een koornstuk gegaan, waar een ander jongeling ook aan het pikken was Hij ging tôt bij hem, verhaalde hem zijn geval, en, met schoon te spreken, bekwaam hij van hem zijne pikke te mogen gebruiken om door die Oodter-gende proef te ondervinden of hy nog bekwaam was te werken. Hij onder-vond het seffens. Immers, nauwelijks had zijne linkere hand eene dikke greep koorn vast of zij ging zoo dicht enzookrampachtigtoe.dat noch hij, noch zijn makker bekwaam waren de-zelve open te pramen. Wat meer is, andermaal stond Qillis van de spraak beroofd. Vol vrees en schaamte, over van de keelpijn en het zeer in zijnen linker arm, krasselde hij naar huis. Huilen deed hij, spreken kon hij niet Door allerlei teekens en gebaren liet hij zijne vrouw en kinders vestaan dat zij hem naar de paroehie-kerk van Nieuwpoort zouden volgen, die op weinig afstand zijner woon geleden was, Eer zij daar toekwamen volgde-hen reeds een menigte volks, allen om teven nieuwsgierig wat het mocht be-dieden dat Gornelis Qillis in zeven haasten naar Nieuwpoort liep met zij nen linker en arm stijf en uitgestrekt, zijne linkere hand vol koornhalmen en tijne rechtere hand aan zijne kele, al uilen en onbekwaam te spreken, Des te meer getuigen zouden er zijn van hetgeen ging plaats hebben. In Onze-Vrouwen kerk te Nieuwpoort aangekomen, wierp Qillis zich neder voor het Qodelievenbeeld dat aldaar opgericht was, ea na door den pastoor van ter plaats gezegend geweest te zijn met eene Relikwie van het Bloed van Qodelieve, kreeg hij aanstonds de spraak weder. Allen sta-ken dan eene hand toe, maar vrucht-loos, om zij nen linkeren arm te ver-slappen en de koornhalmen uit zijne hand te halen. Hij sprak dan en zei : het is maar te Qhistel zelf dat ik kan mijne straf ontgaan. Inderdaad hoe zeer hij afgemat was en hoe lang de reis naar Qhistel, hij stelde zich aanstonds op gang. Doch was zijn verlan-gen groot, niet minder was zijne schaamte ; ook om de aandacht der voorbijgaanders te vermijden, sloeg hij de binnenwegels in, alhoewel deze hem eene nog langere reis veroor-zaakten. Maar wat vermag de mensah tegen Qods inzichten ? Door de aan-groeiende pijn bevond hij zich gedwon-gen de kortere maar openbare baan wederom te volgen Nauwelijks was hij op Qhistel grond, of de kleine vin ger zijner linker hand ging los van zelfs Zulks gaf hem moed ; maar nog eens gaf hem die om9tandigheden het gedacht in, zijn doelwit te bereiken ten nadeele van Qodelieves eer ! want aanstonds besloot hij slechts te gaan tôt naar het klooster der Zusterkens van Qodelieve, waar hij voor zeker minder toeloop van bedevaarders zou ontwaren, en diensvolgens min getui gen van zijne zichtbare straf. Daar ge-komen begon hij vurig te bidden, maar zoo weinig hielp het hem dat hij ge-weldiger dan ooit begon te lijden, en in zijne beide arms nu. Beter laat dan nooit, verstond hij eindelijk wat er hem te doen stond. Ook aanstonds aile schaamte van kant leggend, begaf hij zich naar de parochiekerk om er open-baar de Relikwieën van Sinte Qodelieve te vereeren. Eene menigte volks vergezelde hem ea bad met hem te za-mea. Toen hij openlijk en rechtzinnig zijn gebed deed, zoo zag men hem door gansch zijn lijf sidderen, schoken en beven, en op dien oogenblik ver slapte zijn linkere arm, zijne hand ging open, dé koornhalmen vielen er mt en hij was genezen. Vooraleer te vertrek-ken deed hij tôt glorie aan Qod en van Sinte Qodelieve, de omstandige be-kentenis van zijne schuld, van zijne straf en van zijne genezing, en beves-tigde zulks op eed aan den voet van het altaar, tôt groote stichting van aen ieder. Even slecht en even wel vaarde in 1498, Cornelis Van Cotrelaere, een boereaknecht van Zandvoorde bij, Oudenburg, Den maandag 30 juli ging j men jaarlijks processie te Qistel ter eer van Sinte Qodelieve, en voor de inwoners der gansche streek was het een verplichttnde feestviering. Cornel-lis nogtans begaf zich tôt zijnen daag lijkschen arbeid. Een trar of daarom- trent had hij gepikt ea gemaaid ge-zamenlijk met zijnen meesters zoon, toen deze hem zei : Ik staak nu van werken, wil ik nog aan tijd zijn om de processi bij te wonen teQhistel. —Qa gij maar, zei Cotrelaere, vindt gij daar lust in, maar 't is ik niet die heden naar Qhistel ga Daar op trok de joa-geling huizewaart zijae werkkleederen afleggen, en na korten tijd kwam bij Qhistelwaart langs het koornstuk ge-treden , waar hij zijnen maat aaa het werk gelaten had Doch hoe was hij, niet verwonderd Cornelis daar roer-loos te zien op zijne knieën zitten gansch besmeard met het bloed dat hem uit den neus stroomde en in ztyne krampachtig geslotende vuisten een zeisen houdend en eene breede greep koornhalmen waarvan hij zich op geener wijs kon ontmaken ! Weldra verstoad hij dat zulks eene straf was ; ook looehende Cornelis het niet, Zonder tijdverlies leidde hem de jongeling naar Zandvoorde kerk. maar langs den weg werd hij bovendien met stom-heid geslagen. Op Zandvooide kerk-hof gekomea, wierp hij zich plat ter aarde neder voor een wegkappelleke dat daar opgericht was, hij bad er in-wendig, stortte leedwezige trannen, en zijne rechtere hand werd eensklaps ontlast van het zeisen. Ondertusschen trad hij het dorpskerksken binnen ge-zamenlijk met de menigte die uit nieuwsgierigheid wes gekomen toege-loopen en hunne gebeden bij de zijne paarden. Doch daar hanne smeekin-gen vruchtloos bleven, zoo bealoten ! zij allen hem naar Qhistel te vergezel-

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Onze kop appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à Maldegem du 1910 au 1914.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes