t Brugsche volk: katholiek volksgezind weekblad voor Brugge en omstreken

632 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1914, 11 Avril. t Brugsche volk: katholiek volksgezind weekblad voor Brugge en omstreken. Accès à 27 novembre 2020, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/6d5p844n4z/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

« V A » » > A«V-V\Y^ M Paschen. ! Christus' zegepraal. Afgedaan van zijn kruis, werd Jésus in eei nisuw steenen graf gelegd en daar zou zij, afgebeuld, uitgeput lichaam een siondekea gaaj rusten. Twee driften, de haat en de vrees, waakteî fond dat graf. Mèn had hst geslotin met e« Iwarert steen, èn beiegsid met den zegel de; Syaagoog ; de soldaten hielden er de wach rond, om ail* oplichiing te vermijdsn ; en op die wijze zou Hij, dachten ze, voor immer tact «wijgea nu, Hij die gfezegd had van zijn lichaam « Laat dien témpel verdwijasn en in drie dagei bouw ik hem wederom op. » O rneusch, wat zijt ge dwaas en zinaeloos, tegen de eeuwige raadsbssluiten van der Almogend* op te treden 1 en hoe Hdel en onbe zoncen, hoe machteloo» krank in al wat ge ci tegen doet ! Oen raorgen van den dardai» dag, beeft de grond, en komt een engel uit den hemel det grooten steen die 't graf toesluit, wegneman... Door een goddelijke kracht, verrijsi Jésus to het leven en ohtwaakt vol majesteii uit de armet der dood. * # • Eene les, een zinnebeeld, en een troostvollc belofte. Ziedaar, mensch, wat in dit vsrhever mysterie van Paaschmorgen ligt besloten. Eene les, — zeg ik. Want inderdaad, besctiouwt de glorie en de vreugde dier ver-rijzenis, en denkt na hoe ze gekocht werden ter pfijze van onzeggelijke folteringen. Was het geen waar wat de Christus van zich getuigde : « Moest hij niet veel lijden eerst, vooraleer zijne heerlijkheid in te gaan ? Welaan dan, meent niet, gij die Jésus volgt, dat ge Sangs de bebloemde wegen der zinnelijke weîlust en der aardsche pleizieren, tôt de zaligheid kuct geraken. 't Is niet de weg die uw Leermeester volgde, en langs daar ging uw Leidsman niet voorbij! » Zija weg 't was de weg van het lijden, 't was de weg van Calvarie en de weg van hel Kruis : « Lijden om eeuwig te leven », ziedaar de ieuS die elke christen moet volgen ; en daar is er geen andere, het geestelijk leven is een «trlid. « • » Een les, dus ! en 'k heb ook gezegd : een Binnebeeld. De verrijzenis Christi immers is de levende verbeelding van den geestelijken omkeer die in ons moet geschieden. De zonde, mijne christene broeders, 't is de dood ! De zonde, 't is het graf van onze geboeide ziel ! het graf, waar ze een verderfelijken slaap ligt le âiaptn, enrondhetwelk ook de vijand waakt... vreezend dat haar iets zou kunnen ontwekken. Och arme ! wat wil hij ook de stem van Qod weerhouden en beletten dat ze toch doordringe en weerklinke tôt in den grond toe van 't graf. Hoort ge ze niet ? Zondaar, sta op en verrijs op uw beurt van tusschen de dooden 1 dat de verrezen Christus uw lichtbake zij. * # # Sta op ! Eilaas, hoe zult ge 't doen ? Komaan, schep moed. want in 't zinnebeeld zelf ligt eec belofte besloten ! Voor ons is de Christus gestorven en voor ons ook is hij in 't leven teruggekeerd. Stellenwe dan ons betrouwen in Hem, en gaan we bij Hem alleen, in de goddelijke krachl zelf van zijn verheerlijkte menschheid, de onont-beerlijke hulp en sterkende gens de tôt inkeer zoeken ! Eensdaags roept ze ons doode lichaam tôt het leven en wekt het op uit de vergetelheid van onze verstrooide assche tôt een eeuwige heerlijkheid. Voor nu bawerkt ze de verrijzenis van onze arme zondige ziel en roept haar uit d« dood der ongerechtigheid, tôt het besef van deugd en plicht ttrug. • « Verrezen Christus, wij aanbidden u met gèbo-gen hoofde en knielen in verrukking voor u neer ! Heb medelijden met ons ! Ontlerm u onzer : Op u alleen, Hser, hebben *e al onze hoop gesteld 1 Uit een Herdsrlîjken Brief ■van de lersche Bisschoppen over 't Sociaal vraagstuk. Onîangs had een groole loonstrijd plaats te i Dublin, die duijènde werklieden betrof en , maanden duurde. Om de noodige lessen eruit te irekken en madeen van die gelegenheid gebruik te maken , om de christene leer in zake sociale vraagstukken te herinneran, hebben de Bisschoppen van lerland gezamentlijk eenen herderlijfcen brief I roadgazonden. i Daaruit geven we hier enkeîe uittreksels, met ! 't inzicht vooral van té toonsn hoezeer de ge-dachtsn die wij hier altijd verdedigen, overeen stemmsn mst de ware christelnke leering, die zoo /elen hclaas vergsten. Ierlacd moet, ook zooals Vlaanderen, veel van zijn volk zien uitwijken om hun brood te ver dieneu, en daarom begeeren de Bisschoppen de nijverheid te zien uitbreiden. Ziehinr hoe zij daarover deuken : « Als we begeeren dat in onze sieden en te lande, eene nijverheid die er op past zou bloéien 't en is niet omdat we de begeerte hebben ééne klas der samenleving te zien in voorspoed leven, maar wel om onze Ierlandsche werkers een werk te zien uitoefenen dat hun «en mensch-weerdig bestaan zou verzorgen en hen zou weer houden op de plaatsen waar zij geboren zijn. « Wanneer de nijverheid neg maar weinig vooruitgang heeft gedaan — of daar waar de buitenlandsche concurrentie de nijverheid ver-zwakt ôf waar door andere redens ook de nijverheid oodermijnd is — kan de werkman in het begin voor zijn Werk dezelfde vergoëding niet verwachten die hij zou krijgen in eenen regelmatigen toestand van de nijverheid. Maar wanneer de nijverheid in eanen middelmatigen vooruitgang is, zal de werkman aile redecs hebben om ts vragen voor het geweteasvol afgedane dagelijksch werk ten minste ditgene dat aan hem en zijne famiiie een deflig bestaan zal kunnen verzekeren, en hem daarbij de hoop laat koesleren door dit werk stilaan tôt eénen hoogeren stand te geraken. < Moest hij die hoop niet kunnen hebben, het z ware werk,de gesparigheid enzijnneerstig leven zouden hem geene voldoende belooning ge-geven hebben. « In algemeenen regel, men moet dit getuigen, de werkers, zij die het zwaarste werk deden voor de kleinste loonen. hebben geen rechtmatig deei gehad in den rijkdom dien zij hebben hel-pen aanwinnen. « Onder den invloed van de théorisa der materialisten was men er toe gekomen over een honderd jaren de menschen te behandelen als werktuigen, zelfs had men in vele gevallen meer zorg voor de werktuigen. « Maar de Katholieks Kerk heeft nooit ees leer kunnen aannemen en zal het nooit kunnen, die beweert dat er een zeker soort of klas menschen is waarvan wij de belangen niet moeten behertigen. De Kerk intègendeel, heeft aan geene klas van menschen uitzondering gemaakt, voor de zieken en de armen meer hare liefste en teederste zorgeà geschonken als aan deze die hun dagelijksch brood winn*n in het zweet huns aanschijns. « De werkende klas had deze bezorgdheid van doen en zij heeft ze verkregen in ee»e ruime maat. Zij heeft ze verkregen van de Kerk als watmser zij nog de macht van nu niet bezat in de Staten, die macht die zij dezer dagen noodig heeft om hare belangen te vrijwaren en die ze rechtveerdig moet tsegezegd worden om de wezentlijke dignsten die zij aan de maatschappij bewijst. » * * • Als wij soms zoo schrijven, dan spookt het al eetis. De Iersche bisschoppen gaan zeifs nog ver-der.Zij sprsken van een stelsel dat aan den werk man zou mogelijk maken een deel in de winsten der nijverheid te verkrijgen, of van eraan meê te doen als mede-actionnaris of van op de eene of de andere wijze een bestendig profijt t« kunnen hebb«n uit den bestendigen voorspoed der iiij/erheid. Door dit middel zou de werkman aangemoedigd zijn voor zijn gedurig werken en zou hij eene kans hebben «ens patroon te worden. « Het schijnt ook we! dat de nijvcrheids wereld in een overgangstijdsfip is, 't einder hetw«ik men wel zou kunnen zien dat werklie den zeteien in den beheetraad van handels-ondernemingen. » • • Bsste Lezer, hebt ge nog ons arlikel enthou dîo: « Wat in een werkmansziel steekt » î , Wij zijn gelukkig in dien brief dit zelfds gedachi terug te viaden. Eea groot deei van hunnen brief bestaat in hei aarjhalen van hei voornaamste deel van der ; «?ersldbri«f « Rerum novarum ». Dit bewijs ! sens te meer dat die brief voor gansch de katho \ lieke wereld nog we! voor! geldt als het grond f wetboek der werkende klas, waarvan een des hoofdgedachten is « dat het in priheiep vèrki*s ! lijk is de oplossisîg van de Vraagstukken aan-gaande de werkvoorwaardên, over te laten aac de vakvereenigingen ». Mochte het waar zijn, hetgeen da I«rsche bisschoppen, als hoop uitdrukken : « Bur-gers en werklieden zullen dien wereldbriefvan Léo XIII lezen , en herlezen in zijn graheele ». Mochte het waar zijn t Hoe veel burgers zijn er niet, ja zelfs. die anders willsn goede christenen zijn, die nog nooit geen enkei woord daàrvan lazen, en die toch altijd gereed staan om barabbas te roepen, tegen de leiders der christene vakbswegiflg, tegen hsa, die in ailes enkel 's Pauzens raad-geviegen volgen 1 Maar ncen, wellicht dat de Paus daar ook fiiels van kent... volgecs hun oordeel. Christeaen al, 't zij burgers, 't zij werklieden, leert uw kristene leering en leeft ze ca ; luistsrt naar 'î woord van uwe kerkelijke overheden. Wat al misurie en twist zoti er daarmee ver-medén cordes ? Bij de schilders. Er is nog geen oplossing gevonden. Op de aanvraag der vereenigiugen heeft de Bond der meesters-schilders eene onderharde-lin K aangenomen die vrijdag avond plaats had. Dis onderhandeliag was gshecl hofîelijk, doch heefi tôt geanen pratieken uitslag geleid. De werklieden verdedigden een loonopslag algemeen van 5 et. dus van 32 tôt 37 en een bijkomenden opslag met een ernstig exaam tôt 40 en 42 et. Daartegenover weigerden de patrooss allen opslag zonder exaam en be-hielden zich bij hun vroeger voorstel van 35 en 38 met exaam. Echter verklaarden zij zich be-reid dit exaam rechtuit in te richten en de ver-worvest opslag met terugwerkende kracht te betalen van op den dag der werkherneming. Daarop hielden de vereenigingsn opnieuw vargaderingen waar er besiist werd volgenden brief te sturen aan dm Bond der meesters-schiiders.Mijnheerea, Na 't verslag gehoord te hebben van de onder-handelisg dis onze afgeveerdigden hadden met uw besiuur, en na opnieuw den toestand onder zocht te hebben, hebbsn wij de eer u te laten weten volgens uw verzoek, dat wij bereid zijn maandag, op de uur door u te stellen, de onder-handeling voort te zetten op grondslag van de volgende gedachten. Het dunkt ons dat den oogenblik gekomen is om eens voor goed 't Schildersambacht op den voet te stellen van aile soortgelijke ambachten, deze namentiijk van de bouwnijverheid. Te lang immers blecf ons ambacht ver beneden aile andere, en zoo kwam het wel «enigzins dat de schildersknechten ook wel als iets minder dan een ander aanzien werden. Weîau er bsstaat geen enkele gegronde raden, om dat onderscheid te maken. Het echt schilderen is tcch niet gemakkelijker dan timme-rsn en meîsen. Daar er spraak is van een exaam van dubbelsn graad.moet het toch zijn dat er be-kwaamheid en metrdare bèkwaamheid noodig is, Er is svenveel gsvaar i« ook, 'i zij bij 't wer ^en op leeren, 't zij van wegens 't gebruik vas loodwit. Daarbij wij meeten toch ook in acht nemen dat dit ambacht meer dan veel andere blooige-steld is aan werkloosheid. Zsifs de goê schilders die geen ander ambacht kennen en dus met niets anders hun brood kunnen verdienen, hebben wel eens dagen zonder werk «n weken soms met eenige uren werk, daar waar timmermans 't jaar door hun werk hebben. Dit ailes ingezien, kunnen wij maar niet be- grijpen waarom gij ons niet mechelpt ons ambacht te doen schatten lijk een abden Wij wsten stellig dat de patroons ondernemerS, ook Van dat gedacht zijn, en Ued. dit voorstel vroeger gedaan hebben. De kliënteel ook, gewoon aan de loonen van andere ambachtslieden, zal dat|rap àanveerden. Dit bsstaat ten anderen in vele andere steden, zelfs te Yper staan de schilders boven andere ambachten. Ten slotte een gewtion bekwaam ambachts-man-schilder moet aven deftig van zijn loon kunnen leven als zijn gebuur den timmerthah, dërs metser, den letterzetter, enz. Daarcm dan verwachten wij van u, dat gij om eere te doen aan ons ambacht, en om de werklieden te oudersteunen die dank aan u en samen met u hun en uw bestaan winnen en hel-pen winnen in één edelmoedige daad, ons ambacht zult brengen op den voet der andere. Vroeq of laat, juist omdat het zoo redelijk is, zou dat toch komen. Waarom dan door gedurige beweging en wreveling daar komen, en niet incens door eene vrijgevende daad. Steunend dan op al die beweegredens hebben wij niet geaarzeld ineens te vragen het minimum voor allen le brengen op 40 centiemen. Na ouderzoek nogtans willen wij op die vraag êene toe^evieg doen. Wij stellen dan voor en wi) meenen wel ons daaraan te moeten houden van al demi die als schilder aangenomen worden een minimum te betalen vàn 37 centiemen. Schijnt dat te veel voor iemand die niets van 't ambacht kent, hewel wij zullen vereerd zijn dat zulk geene als schilder aangenomen wordin en de klientael ook; maar als de werklieden wel doen hetgeen ze te doen hebben, als het iets is dat 't ambacht aangaat, hewel zij verdieneh toch zeker wel 37 centiemen. Vergeten wij niet, Mijn-heeren, dat het voor die menschen die alzoo sëizoeawerker zijn, al lastig gecoeg is in hun huishouden van 't eene op 't andere te moeten gaan met dikwijls een verlies van éenige dagen. Aan eenen anderen kant, zij helpen toch in bui-tengewone omstandigheden den patroon uit den nood, en z'helpen hem ook zijn seizoen goed maken. Wij mesnen dus volstrekt niet beneden dien loon van 37 centiemen te kunnen toegeven. Voor wat nu deze betreft die door eèn ernstig exaam bewijs levereh dat zij echte vakman zijn, daar kan men toch beneden de 40 centiemen niet staan. Deze moeten in aile geval gelijk staan met andere ambachtslieden. Eindelijk voor de bsste die de meeste bekwaamheid bezitten, zai 2 centiemen meer, toch het minste zijn. Die loontarief dus van 37, 40 en 42 centiemen is toch wel ailes dat redélijk is. Voor wat nu betreft het exaam, wij zijn het met u eens nopens uwe schikkingen : Zoohaast mogelijk inrichten met terugwerkende kracht voor 't betalen van den loon tôt den dag der herneming van 't werk. Wij aanveerden ook tusscheo te komen voor den helft der enkostèn beloopend boven de toelaag van den Staat. Verdere schikkingen kunnen bij hoogdrin-gendheid genomen worden. 'tZou natuurlijk ook te verstaan zijn dat nooit, noch nu noch later, geen eckele werkman zal te lijden hebben omdat hij in werkstakieg is gegaan, en dat elke patroon al zijne stakende werklieden zal terug nemen. Van hunnen kant zullen de vereenigingen het mogelijke doen om al de werklieden weerom aan hunnen patroon te verzekeren. Ongetwijfeld dat nadien de beste verstand-houding onder patroon en w erkman zal blijvçn voortbestaan. Hoewel de werkstaksnde schilders vast staan in hunne overtuiging, en dat zij vast mogen steunen op hunne vakbroeders de ver-eenigde werklieden die nog op het werk zijn, toch mogen wij de stellige overtuiging geven dat er geen de minste haat noch ophitsing onder het volk bestaat. Langduriger stakiug zou dat kunaen verergeren, doch wij betrouwen vast ôp de goede gesieltenis der werklieden. Eindelijk, Mijnheeren, nopens de vrees die tijdens de onderhandeling uitgedrukt werd, dat de vereenigingen in eene toegeving van uwen kant een reden zouden zoeken tôt lawijd en geroep in stad alsof ze esce zegepraal behaald hadden van vereeniging tegen vereeniging, daarvan mogen we u de stellige overtuiging geven dat niets in dien zin zal gebeurén. Een werkman moet zijn patroon als geen vijand aanschouwen en dé vereenigingen van weérs-kantea moeten ten beste mogelijk overeènko-men.daar zij geroepen zijn om de vrede te stich-ten. Eene toegeving zal enkel met dank en stille blijdschap aangenomen worden. Het gaat hier i BRUQGE 11 APRIL m4. ^ EEN CBNÎ PËR NÏMMBR. 3* JAAR - 18

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre t Brugsche volk: katholiek volksgezind weekblad voor Brugge en omstreken appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à Brugge du 1911 au 1921.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes