De Belgische standaard

722 1
28 januari 1915
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1915, 28 Januari. De Belgische standaard. Geraadpleegd op 21 november 2019, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/gm81j9847h/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

De Belgische Standaard Voor alîe mededeelingen zich wenden tôt : VlLL-A MA COQUILLE, ZEEDIJK, DE PANNE. Aankondigingen : 0,25 fr. de regel. — Reklamen : 0,40 fr. de regel Vluchtelingen : 3 inlasschingen van 2 regels, 0,50 fr. De zeqepraal van 't Seven. j « Vit den dood rijst het leven... » Wanneer bleek die waarheid meer dan nu ? nudateender meest verwoestende, vermoor-dende oorlogen dien de wereld ooit zag.te allen kant woedt en v/aait ? De vrees voor 't leven was de groote plaag van onzen tijd, zooals van aile tijden van ver-val.Zelfmoord, kinderbeperking, schending van den levensoorprong, waren aile verschillende vormen van een en dezelfde kwaal : de vrees voor 't leven, die vrees die eigen is aan aile laT-fen, genietzuchtigen, zelfzoekers en zelfaanbid-ders.Maar nu ? Nu dat de dood ons te allen kant omringt, beloert, bespringt, nu ziet men juist het tegenovergestelde — onze natuur is vol te-genstrijdigheden — nu wordt het leven wat het is : het hoogste goed, de hoogste gave, en is het schenken ervan wat het 00k is, de hoogste heldenmoed. En die heldenmoed wordt gepleegd door duizenden en duizenden, dage-lijks, kwistig, eenvoudig en grootsch. Weer eene tegenstelling. Helden schenken dit kostbare en eenige : het leven, ja; maar zij weten wat zij schenken, zij waardeeren het. Het is uit met het misprijzen, met het verachten, met de vrees van 't leven. De dood heeft hun dat geleerd. En mag men niet verhopen dat het voortaan zoo zal blijven ? Het kwaad is zoo oud als de wereld, dat is zeker. Het was er voor onzen tijd, het zal er blijven zoolang er menschen bestaan ; maar de vorm van 't kwaad verschilt met de verschillende tijden. En mag men niet verwachten dat vele zedelijke gruwelen door dezen gruwelijken oorlogten minstezullenverzachten verminderd worden ? De zelfmoord, bijvoorbeeld. Die is wel de lafsfe vorm van die levensvrees waaraan de wereld mank ging. En hoe was hij verspreid ! Tôt bij kinderentoe. Voor eene beuzeling, een niet, een kleine straf, ontnamen kinderen en jonge lieden, mannen en vrouwen zich het leven, opechtheidenschewijze.Zal het nu zoo nog zijn, nadat zoovelen zullen ondérvonden heb-ben hoe kostbasr dit leven is, trots al zijn ram-pen en ontberingen, — ja, door al zijne ram-pen—hoe broos,hoe onstandvastig enbedreigd? Zelfmoord werd gepleegd uit pessimism, le vensmatheid, levsnsverveling. Maar nu, in al die gruwelen en verwoestingen, hebben de menschen leeren optimisten zijn, leeren waardeeren de levensgaven : Blijheid, moed, geest-drift en bezieling. En deze gaven huldigend voor hen zelven, zullen zij noodwendig die zceken rnede te dee-len, wat eigen is aan de îlefdë ; en daar.loor de vruchtderliefde: — hetleven.zonderâchterdocht of zelfbetrachting.willen scbenjcen, volgensdie eerste wet die door geen z ; -de of zondvloed ooit werd uitgewischt. Wat de derde kwaal, de echte zedeloosheid, grootelijks zal verminderen. — Verdwijnen zal zij nooit. Maar e. rbied voor de door God ge-stelde wet in het vooitzetten van 't leven, inoet toch met zich meebrengen eqne iritooming van het misbruiken dier heilige wet. Ik mocht dus, mij dunkt, wel vooruitzetten dat deze geweldige oorlogdie den dood wijd en zijd zaait, voor gevolg zal hebben : de zege-praal des levens. M. E. Belpaire. 25 Januari 1915. De Italiaansclie Katholieken en de Oorlog. Den 5™ Januari. kwamen de hoofden der romeinsche kâ^hoiieke actie bijeen, om eene serie vergaderîpgen vast te stelîen, waarin de vraagstukken die de Katholieke Actie meest aanbelangep zouden worden besproker.. Tusschen deze vraagstukken, komt op het huidige oogenblik, dat van den oorlo'g op den allereersten rang te staan. De voorzitter Graai Délia Torre heeft klaar en duidélijk gesproken ten voor "eele van Italie'stusschen-komst in den oorlog, en van de medewerking der katholieken...» Op dit oogenblik, zegde hij om te eindigen, moeten wij één enkel ideaal voor oogen houden : de eer van ons Volk, de grootheid van ons Vaderland. » Na die fel toegejuichde aanspraak werd er een dagorde gestcmd, waarvr.n het laatste considerand, als volgt luïdt al de georga-niseerde Katholieken van Rome... keuren goed dat aile Katholieken, zoowel private medeburgers,als economische vei eenigingen. met patriotieke geestdrift insçhrijven op de Nationale Leening,—in de overtuiging dat Italie in het opofferen van h are zonen, de reden en de kracht van hare toekomende grootheid zal weten te vinden. » De aanspraak van Graaf délia Torre heeft een diepen indruk in Italie teweeggebracht, want men mocht zich afvragen welke de houding der Katholieken zou wezen. De algemeene indruk is geweest dat de redenaar (der katholieke parti]) een stap vooruit lveft willen daarstellen naar eene politiek van tusschenkomst. Die verandering is merkwaai dig en zal veel weerklank hebben. Zeker zal het Vatikaan, voor zijn eigen rèkeniiîg, eene volstrekte neutralité t be-waren,ten wille van zijne enkel godsdienstige zending en van zijn internationaal kaiakter; maar 'tvalt niet te betwijfelcn dat de Paus op voorhand kennis kreeg van Graaf D 'ila Torre's redevoering, en dat hij ze liet door-gaan. Het feit is des le merkwaardiger dat Italie's tusschenkomst in den oorlog, mis-schien rijk aan gevolgen zou zijn voor den Heiligen Stoel, die zijne verbindingen met een deel der katholieke wereld kon belem-merd zien... (Il Corriere délia Sera). Wie weet of de oplossing van het Romeinsche vraagstuk niet een der vruchten van den Europeischen oorlog zal zijn ? II. Hymne aan den Yser. O ! Yser, heilge stroom van 't oude Vadei iand ; gij Uouwen aderslag van Vlaanderens haitelevcn van 't verste Frankenoord tôt aan het noordzeestrand; komt heel het vlaamsche volk u roem en hulde geven. O ! Yser vrije stroom, die kendet nooit geen siaven; al zijn uw hoven groot, uw steden fier vergruisd, gegroet! o Yser, waar de laatste vrijheid huist, waâr...l zooveel helden zijn begraven. Hoe schoon waart gij, gedost in zelver goud en groen, met bonté weidenpraehl omgordeld en omgeven; een edel wapenstuk, een koninklijk blazoen doorfijne kunstenhand beschilderd en beschrevcn. Hoe schoon warrl gij met al uwvolk dat nog zijn gaven, zijn taaien wil behoudt, zijn ouden kcerJenaai Maar schooner om den schatdiennuuw schoot be\v aart waar.... zooveel helden zijn begraven. Hoe groot waart gij ! wiens dapper en ontembaar ras — de spreuk getrouw: hoc nader zee hoe meerder [lceuwen — ter hère en kruisvaart ook het onverzaagdstc was, zijn eed gestand, van aver 't aver, door al eeuwen. Hoc groot waart gij ! wiens naam de roemrijkste onzer [Graven alsgrootsten eerenaam cens koos en voeren dorst. Maar grooter nu, dat aan uw vrijen vaderborst daar.... zooveel helden zijn begraven. Gepurperd met hun blocd, in 't blankc maange«chijn hoe schrikkelijk schoon strekt gij uw trotsche reuzen- fleden. Twee se*' immen groot, uw zonen uit uw groot verle- [den, daar wandlen Zannekin en d'IJzcren Boudewijn zoo eenig in het leunen van den winteravend.... Ze treuren luide en lang met diep en eindloos wee, doch hcffen voor de zege het oude vlaamsche hoezee !, waar.... zooveel helden zijn begraven. O ! Yser, heilge stroom ! O ! Yser, vrijheidsdroom ! Gij houw en trouwe beeld der nooit verwonnen vâdren, o! rijke pèlderboôm! O ! gulden weidezoom ! Reeds zie 'k in uw verschiet derBelgen vrijheid nâdren. Dan komen w'aan uw boord, zoo gui en hertelavend vol vredevreugd vergeten 't gruwelijk oorlogsleed, gedenken al die in uw vaderarmen breed als.... zooveel helden zijn begraven. H. Nord a. 10-1-15. iœa3MnjaB0BtxsaBsoe3BtKmamame^j&mmœx%&w > G roote Engelsche Zegepraal op Zee. Ten Noorden van de eilanden Ame-land en Schiermonnikoog. De groote Duitsche kruiser «Bliicher», een der bijzonderste zooniet het bijzon-dersteder schepenvan de Duitsche vloot, is in den grond geboord. Van geheel de bemanning, 855 hoofden, zouden slechts 123 ontsnapt zijn. Twee andere Duitsche kruisers zijn ook grootelijks beschadigd. De bevrachting van 't schip «Bliicher» bedroeg 15500 ton ; 't was 166 meters lang, bezat 12 kanonnen van 20 centim., en 8 van 15 cent. De engelsche vloot heeft niets of wei-nig geleden. Dat heeten wij eene prachtige zee-zeg.praal, en eene wederwraak onzer dappere Bondgenooten waardig, en een teestgeschenk aan keizer Willem. We leven voor den konmg! We lijden met den koning ! We strijden en sterven voor den koning en ons land ! Mi DEDEELIN GEN OP HET WESTELIJK LEGERFRQNT Vaii d-3 Zee tôt Arras. — In Bel-gië. — Rrandstichtende bommen werden vvederom in overvloed op Nieuwpoort gevu rpen. iVch zijn wij een honderdtal rneters vooruitgegaan ten oosten der kal-sijde van Lombartzijde. Eene vijande-lijke aanval werd vervolgens door het geschut onzer artillerie vernietigd. In het lepersche schijnt de vijand eveneens eene nieuwe pogingaangewend te hebben in de richting van Hollebeke. Drie dagen lang was 't een bombar-deeren zonder einde. Te Zillebeke wierd een groote slag geleverd. Een groot ge-tal Duitsc'nen zijn gevangen genomen, en velen zijn op 't slagveld gebleven. In Frankrijk. — Te O. L. V. van Loretten blijft een nieuw bombardement en een vijandelijken aanval zonder vrucht. De vijand bekent eindelijk in zijne officieele b'erichten dat hij een veroverde loopgracht wederom verloren heeft. Van Arras tôt Reims, -t- In de streek van Arras, Albert, Amiens en Roye, enkele artilleriegevechten, waarin de bondgenooten immer de bovenhand behouden. Na de gevechten van Soissons, tracht de vijand nu door te breken te Berry-au-Bac (tusschen Soissons en Reims). In zijne officieele berichten verklaarde hij dat hij, ten Zuid-westen Berry-au-Bac, twee loopgrachten veroverd en bewaard had, niettegenstaande hevige tegenaan-vallen. Den volgenden dag bekende hij een dezer loopgrachten verloren te hebben. De waarheid echter was, dat hij Berry-au-Bac hevig beschoten had, na vruchtelooze pogingen om onze loopgrachten ten Zuid-Oosten van Berry-au Bac te veroveren. Nu hebben wij er zelf een loopgracht veroverd Van Reims tôt Verdun. — Spijts den hardknekkigen tegenstand van het leger van von Heeringen, gaan wij traagzaam, doch zeker vooruit in de streek van Perthes en Beausejour, Ten noorden der hofstede van Beauséjour hebben wij twee bosschen veroverd en behouden. ïn Argonne wordt hevig gevochten in het bosch La Grurie. 't Was eerst bij St. Hubert dat het jleger van den Kron-prinz, na een hevig bombardement op onze loopgrachten door het geschut van ons voetvolk en onze artillerie achteruit-gedreven werd. Later was Fontaine-Madame het mikpunt van hunne aanval-len. 't Was enkel na een strijd van 24 uren dat wij erin gelukten al onze stel-lineen te behouden. O Het gevecht in de streek van Four-de-Paris is geëindigd. Slechts een vijftigtal meters loopgrachten werd door de vijan-delijke artillerie vernietigd. Van Verdun tôt Belfort. — Tusschen Maas en Moezel, bij St. Michiel werden de vijandelijke bruggen erg beschadigd. Ten zuid-Oosten St, Michiel hebben wij de twee veroverde loopgrachten niet kunnen behouden. In het bosch Le Prêtre ten N. W. Pont-à-Mousson hebben wij ook een deel van onze aanwinsten verloren. In de Vogeezen niets bijzonders. Op Hoog-Elzas woedt èen hevige strijd rond Hartmannsweilerkopp : deze gemeente ligt ten noorden Cernay, op de baan van Sovitl naar Cernay. De vij-anden krijgen gedurig versterkingstroe-pen, en vechten onder de leiding van Eitel-Frederik, zoon van Attila II. Toch hebben wij in deze streek, niettegenstaande het slecht weder, veld gewon-nen. Bij Steinbach werd een loopgracht verloren, doch aanstonds wederom veroverd. OFFICIEELE TELEGE AMMEN : In de omstreken van Nieuwpoort-Lombartzljde, heeft de vijand, bij middel van een geweldig bombardement, onze nieuwe posities die wij veroverd hadden, een nieuwen aanval bereid. Onze artillerie heeft de vijandelijke infanterie, die gereed scond om den aanval te wagen, uiteengeslagen, en nieuwen vooruitgang gemaakt. Geweldig 1 ombardement door de Duitschers ten Noorden Zillebeke en omstreken. Hev'.i; geweergeschot bij 't Kasteel van Herentag, doch geene aanvallen. Rond Yper hevig gevecht met zegepraal der verbondenen : groote duitsche verliezen en 800 krijgsgevangenen. Te Veurne van tijd tôt tijd eenige rare kanonschoten. Op den Yzer, zijn de Belgen vooruitgegaan langs de kanten van Pervyse. In de vallei der Aisne hebben onze batterijen verschillige duitsche stuk-ken vernield. Zij hebben ook de vijandelijke vliegers op de vlucht ge^re-ven ; en daarbij nog hebben zij vijandelijke werken vernietigd bij Soupir en Heurtebise. Bij Berry-au-Bac hebben wij eenen loopgracht ingewonnen. In Argonne, 't gevecht van Four-de-Paris is ten einde. Wij hebben aile onze positiës bewaard ; slechts een vijftig meters loopgrachten wierden door de Duitsche bommen beschadigd. In Alsace, bij Hartmannsweilerkopf, zijn wij op onzen rechtervleugel vooruit gegaan. OP HET OOSTELÏJK FRONT. In Oostelijk Pruisen blijft de toe-stand ongewijzigd. Op de rechteroever van de Vistule, in de streek van Mlava, waar wij kleine voordeelen behaald hebben, blijven wij nauw handgemeen met den vijand. Deze heeft nog eene wanhopige poging ge-daan om onze strijdlijn in te beuken doch met zware verliezen werd hij af-geslagen ; en door eenen verwoeden stormloop hebben onze bondgenooten het dorp Skempe, vrijgevochten. De nieuw gesmeedde oorlogsplan-nenvan den duitschen oorlogsstaf blijken zeer gedwarslioomd door het nieuw of-fensief optreden der Russen op de rech-ter-oever van de Vistule. Sedert weken onderging de toestand daar geen enkele wijziging. Het nieuw groepeeren der duitsche machten, verleden week begon-nen,is gansch ontredderd. Door een hevig en moorddadig geschutvuur wilde de vijand, op de linkeroever van de Vistule, de Russische stellingen op de Bsourari-vier onuitstaanbaar maken om dan de russische trospen, gelegen op den rech-oever, van het middenleger af te snijden. Doch onze onverschrokken bondgenoten zijn hen vooruitgesprongen, Op de Bsourarivier, de Rawka en de Pilizarivieren hierschter kalm-te; slechts eenige artillerie-gevechten. Op de Karpathen nemen de Russen het offensief : hevige gevechten woeden rond Uspek en Lynta. In Bukovinestrïjdt men rondUrokh-ta, die nu door onze troepen is bezet. In de streek van Kirlibaba hebben wij het opwaartsrukken der Oostenrijkers gestuit en vele krijgsgevangenen gemaakt. Door de russische zegepralen op de Turken, werd de vijand van de twee oevers van de Tchorokh afgeslagen en uiteengedreven; en gansch de artillerie van het I ielegerkorps werd buitgemaakt. Nu bezetten de Russen de stellingen van vroeger,en hebben op het turksch grond-gebied sterke verschansingen aange-bracht. Deze nieuwe strijdlijn bedreigt nu voor goed de versterkte plaats van Erzeroum. Twee Engelsche Vliegers boven Zeebrugge. De twee vliegers Davies en Pearse hebbeneenprachtigenraidgemaakt boven Zeebrugge. Binst zijn verkenningstocht wierd Davies omringd van 7 Duitsche vliegmachienen, Hij werd zelfs gekwetst in de zij de ; maar toch is hij erin gelukt 27 bommen te werpen op twee Duitsche onderzeeërs,en op dé Duitsche kanons bestemd om de kusten te ver-dedigen. ûuitschfand's inzichten. Ailes komt onze overtuiging bevestigen dat Duitschland van den beginne af voor-nemens was ons land door te trekken en spijts allerlei protestaties ons land in te lii-ven.Klaarder dan ooit wordt die meenirig uit— gesproken in een laatst verschenen schrift van den Duitschen professor Herman Lasche : "De stroomen bloeds van honderden dappere duitsche soldaten, vergoten op Vlaam-schen en Waalschen bodem roepen om wraak. "Geen kanselier, zelfs keizerWillem niet, zou het Duitsche volk kunnen doen verstaan dat Belgio, na dezen oorlog, rnoet blijven wat het zou geweest zijn, hadde het de duitsche legers vrijelijk laten doortrekken. " Niet alleen heel de Belgische kust maar ook al de versterkte plaatsen van het land, en in de eerste plaats Luik, moeten in de handen blijven van de Duitschers. "De kunstmatige samenbrenging van 't Vlaamsche en 't Waalsche zal moeten ver-broken worden. " Heel België moet deel uitmaken van den toekomstig-en economischen staat van Midden-Earopa. " Noch Antiverpen, noch Zeebrugge mogen vrije havens blijven. " België zal geene bijzondere vertegen-woordigers meer mogen hebben bij de andere regeeringen van Europa. " Al de Belgische stfoorwegen, het be-stuur van post en telegraaf moet in Duitsche handen zijn. " De Nationale bank van België moet ge-sloten worden en de Duitsche munt moet in België gangbaar worden. " Het is belangloos te weten of België nog zal bestaan als ytaat, of hoe dat die zaken zullen geregeld worden." Uit aile die regels, zoowel als uit zoovele andere zaken, wordt hetvanlangsom duide-lijker dat het officieele Duitschland metslech-te inzichten bezield is, wannneer het ver-klaart dat het ten strijde trekt enkel voor eigen bestaan, en niet om andere landen te overweldigen. Ook daarom mogen we ons zelf geluk wen-schen dat wezoo'n kloeken weêrstand hebben geboden en tôt aan de eindzegepraal toe zullen toonen. En België zal blijven wat het was : 't Land derVlamingen en Walen, Broeders, strijdende onder 't zelf de vaandel en voor 't zelfde doel: 't vrije, 'it heilig Belgie. De Yaderlandsliefde der Brusselaars. De XXe Siècle meldt ons : Verleden zondag onder de hoogmis, in St.-Jacob-op-Cauden-berg's-kerk te Brussel.was de kerk stampvol. Een hevige aandoening greep de aanwezigen aan, toen de E. H. Quirini, pastoor der koninklijke parochie, in den preekstoel steeg en de volgende woorden liet hooren : « Drie dagen geleden werd aan de geeste-lijkheid van Brussel een brief — uitgaande van de Pruisische overheid — medegedeeld, waarin Kardinaal Mercier verbod geeft zijn herdelijken brief voortaan te lezen. Nu, die brief is een valsch schrift ; Monseigneur ge-biedt ons, verplicht ons zijn herderlijken brief voort te lezen. Hetgeen ik dus zal doen. », voegde hij er met klem bij. Nauwelijks had hij deze woorden uitge-sproken, of geweldige toejuichingen braken los, enkel door een bekend gebaar van den E. H. pastoor tôt zwijgen gebracht. Dan be-gon hij 't lezen van den herderlijken brief. De orgel speelde daarna de (( Brabançonne" en gansch de menigte zong mêe. - .y, rmni«nwi iiii'w ■iinirntfiii ii ii— ïmmmvm émim—TKMn—mwi fiirninr -mrfiïïiiTn-Tr'-r-^*"'—■—1 -w» —~— — •1— — — tansmsiaBX. iz^jsœÊ&xmmBaestamKiem \ 11 1 ste jaar. — N° 6 Vijf centiemen het nummer Donderdag 28 en Trijdag 29 Januari 1915.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De Belgische standaard behorende tot de categorie Katholieke pers. Uitgegeven in De Panne van 1915 tot 1919.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes