De katholieke illustratie: zondags-lectuur voor het katholieke Nederlandsche volk

1013 0
08 december 1917
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1917, 08 December. De katholieke illustratie: zondags-lectuur voor het katholieke Nederlandsche volk. Geraadpleegd op 11 augustus 2022, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/183416tp9z/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

DE KLOVE door H. B. VAN DER SANDE ( v ervoig) REEMD zooals haar geest nu werkte, terwijl 't hart koortsachtig sloeg. Zij moes' er aan denken dat eens in die groote kerk de katholieken hun heilige geheimen vierden, eeuwen geleden... Nu was 't een protestantsch gphnnw; van binnen witgekalki, met tegen de rauren nog de verbrijzelde beelden... Ze huiverde... Wat wilde ze toch, wat ging ze doen, aan welke gedachten gaf zij zich over? Wilde ze haar mooie zieleleven besmeuren, verbrijzelen de heilige beelden in haar Rooinsche hart?... Gejaagd liep zç voort, soms opschrikkend als ze tegen 'n voorbij-ganger aanliep of als fietsbelien rinkelden achter haar. Scherper, feller werd de pijn in haar gemoed. Ze moest iemand hebben, die haar leiden, steunen kon. Maar er was niemand... Nelly was weg, uit logeeren, en anders kende zij er geen. Maar nu viel er 'n lichtstraaltje in haar gemoed en zij aarzelde niet langer. Ze liep 'n zijstraat in, de deur van haar parochiekerk stond open en haastig, als vreesde zij dat de stem der wereld haar nog terug zou roepen, liep zij naar binnen. 't Was koel en stil in 't Godsgebouw, een plechtige stilte, die weldadig werkte op haar gejaagd gemoed. . . Zij bedacht zich nu niet meer, drukte even op de schel bij een der biechtstoelen en bleef wachten met de koude han-den tegen 't heete voorhoofd gedrukt. Zij hoorde den zachten tred van den priester langs zich heen gaan en de deur open en dicht klappen. 'n Oogenblik later knielde ze neer in 't schemerdonker hokje. „Vader, geef mij uw zegen." En toen barstte ze los. Niets weerhield haar meer, ze schreide haar leed uit, klaagde haar nood en zwakte... Lang bleef ze daar, luisterend naar de zachte stem van haar biechtvader, ieder woord in zich opnemend met vurig verlangen als de dorstige de druppels van 't heérlijke. koele water... 't Werd zoo stil, zoo vredig in haar gemoed ... De strijd was gaan liggen als een uitgewoede storm en het licht ging op aan den blauw-gebroken hemel... 't Was haar alsof de Meester Zelf tôt haar sprak en haar opwekte met een van liefde trillende stem. Haar eigen, straks nog zoo sterke verlangens vloeiden weg en toen zij opstond, dankend voor den troost en den steun, die zij gevonden had, kende zij nog maar.één begeerte: dat Koen, zoekende op den donkeren weg van de» twijfel, het licht der genade mocht ontmoeten. Toen zij thuiskwam, scheen de kleine huiskamer niet eng en donker meer. Moedig vatte zij haar naaiwerk weer op en haar gedachten kregen 'n vroolijken glans. O, zij was nog jong en Onze Lieve Heer zou haar niet tever'geefs laten bidden. Daar werd op de deur geklopt en in 't volgend oogenblik stond in de kamer een buurvrouw met 'n goedig, vroeg verouderd gezicht, de magere hand nog om de deurkrjik geklemd,.in de oogen verlegen vriendelijkheid. „Ik dacht, 'k zal 's even aanloopen. Als je zoo alleen zit, wordt je zoo naar bij dit donkere weer... Dan ga je over allerlei dingen aan 't prakkezeeren — hebt gij dat ook?" Marie, losgerukt uit haar gepeins, knikte de buurvrouw. vriendelijk toe. 't Was 'n goedig mensch en zij had 'n verdrietig leven, 't kon haar goed doen, dat ze eéns 'n praatje maakte. Ze schonk 'n kop thee in en was spoedig met de vrouw, die geen tien jaren ouder was da>i zij, maar reeds een groot gezin had, in een vertrouwelijk gesprek gewikkeld. Terwijl een bitter trekje haar vermoeid gezicht een droevig aanschijn gaf, vertelde de bezoekster haar geschiedenis openhartig, onkiesch bijna, als de vrouw uit 't volk dat doen kan. „Och ja, as je nog zoo jong bent, denk je niet na," zuchtte zij. „Ik kreeg kennis aan Hendrik op 'n dansclub, zoo as 't gaat onder jongelui. Ik vroeg er niet naar, wat of îe was van z'n geloof; je denkt zoo gauw niet, dat 't meenens zal worden. En later, ja, toen was 't te laat, toen wou 'k niet meer van 'm ai. Mijn moeder ging te keer, mijn vader wou me de deur uitgooien, maar dat kwam d'r niet van. Ik had lang op 'n fabriek gewerkt, nou en dan ben je niet verlegen meer. 't Eind van 't liedje was, dat we trouwden. In de kerk natuurlijk, want ik stond op mijn geloof en dat kon toen nog. Hendrik vond ailes goed en hij was zoo aardig tegen de geeste-lijken, dat 'k bij me zelf dacht: „Daar kan menige Roomsche 'n voorbeeld aan nemen." 'n Jaar lang ging 't goed. Hij had d'r nooit iets op tegen, dat ik mijn plichten deed, maar meegaan naar de kerk wou ie nooit. Zie je, dat was toen al zoo onplezierig: je kon nooit met 'm over die dingen praten. As 't vastendag was, trok ie 'n zuur gezicht, as ik in de week 's avonds naar 't Lof wou, dan mopperde ie en as d'r iets bijzonders in di kerk te doen was, dan zei hij d'r wel niet veel over, maar ladite zoo stiekem in z'n eigen. En dan kon ik in mijn gemoed zoo verdrietig worden. Och, maar toen was 't nog heilig vergeleken bij nou. 't Eigenlijke chagrijn kwam pas, toen we kinderën hadden. Hendrik had vôor 't trouwen moeten be-loven dat ze allemaal Roomsch zouden worden —- rhaar, hoe gaat 't later? Dan weten ze pas wàt ze beloofd hebben en dan kunnen ze niet zien, dat hun eigen kinderen 'n anderen godsdienst hebben dan zij zelf. Hij zat d'r altijd.as 'n vreemde bij. Van dat bidden en al die dingen begreep ie niks. Toen moest de«oudste z'n eerste Communie doen en dat vergeet ik nooit. Andere moeders kunnen d'r met 'r man over praten en dan ben je trotsch en gelukkig. Ik had ailes alleen en dat kun je voelen, vooral as 'n kind z'n eigen d'r mee gaat moeien en d'r over zanikt dat vader niet is as 'n buurman, die wel Roomsch is. Hendrik wou niet mee naar de .kerk en ik heb 'm dien dag niet gezien voor 's avonds. En toen was ie dronken. Daarmee begon 't lieve leventje. As ik naar de kerk ging, liep hij naar de kroeg. Hij wou hebben dat ik thuisbleef, maar daar kwam ik natuurlijk niet van in en dan was 't iederen Zondagavond ,,bal." Ze zeggen wel: „Twee gelooven op één kussen, daar slaapt de duivel tusschen." Maar waarachtig, 't is zoo. 't Was alsof de duivel d'r achter zat. Hij kon geen kruisbeeld meer zien, hij schold op de geestelijken, hij maakte de kinderen bang, als ze naar de kerk wilden en ons leven was 'n hel geworden. 't Is mijn eigen- schuld, ik had wijzer moeten zijn. Maar as ik ooit met 'n meisje praat, dat met 'n protestanten jongen verkeert - en dat heb je tegenwoordig om 'n haverklap — dan zeg ikaltijd: meid,. weet wat je doet. Je loopt je eigen verderf tegemoet, je kunt betei niet trouwen dan dat je aanlegt met 'n man, die niet Roomsch is. Daar rust geen zegen op." „Maar jullie hieldt toch van mekaar," vroeg Marie peinzend. „Ja, natuurlijk,. anders had ik 'm niet genomen. Maar je mot niet gelooven, dat 't in 't leven net gaat as in de boeken. Och —Heere --nee! In 't begin is ailes lief en aardig, maar as 't nieuwtje d'r af is, dan mot er iets zijn dat je bij mekaar houdt. Dan mot je — ja, hoe zal ik dat nou zeggen? — dan mot je allebei 't zelfdé doel hebben, dan mot je elk oogenblik kunnen voelen dat je samen één bent en mekaar niet missen kunt." „Maar dat is liefde." „Daar kun je gelijk in hebben, maar dat is geen liefde van jonk-heid en van 'n knap gezicht, dat is liefde die van Boven komt. En as er dan altoos strijd is in je gemoed en je mekaar niet begrijpt, dan kan d'r toch van zoo'n huwelijk niks goeds terecht komen?" Marie bleef peinzend 2.1'tten, ook toen de vrouw reeds weg was... Sprak dat mensch niet de waarheid ? Natuurlijk, Koen Zijlvoort viel niet te vergelijken met 'n drorikaard als die buurman, hij zou nooit zijn fijngevoeligheid afleggen — maar toch, in den grond bleef 't het-zelfde : er was geen eenheid, er kon dus ook geen geluk zijn ! En nog dieper zouden zij dit voelen, omdat hun fijner gemoed en ont-wikkelder geest meer behoefte hadden, aan overeenstemming. De bekoorder sprak niet meer. En toen Marie den volgenden morgen neerknielde in de kerk met warm-kloppend hart, omdat de groote Trooster weer liefdevol tôt haar gekomen was. voelde zij zich sterk in haar mooie overtuiging en bad met reine overgave: ,.U\v wil geschiede!" HOOFDSTUK VIII. Als een bange, sombere droom was 't over haar gekomen .. . Het gebeurde laat in den namiddag, toen zij bezig was de koffietafel voor de straks thuiskomende mannen klaar te maken. Marie was in een ongewone sternming. Zooeven had Nelly van Weerden afscheid van haar genomen en 't was haar zwaar gevallen de lieve vriendin, die al haar zorgen gedeeld en zoo menig troostend woord gesproken had, te zien heengaan. Nelly was haar vertrouw/k, die teedere ziel begreep ailes wat er in haar omging, kende haar leed en haar strijd — zij zou ze bitter missen. Ook was zij 't geweest, die den eenigen band vormde tusschen haar en Koen Zijlvoort, die wist te vertellen van zijn kloeken strijd en de buitengewone wijze, waarop hij zijn talenteri ontplooide. Eens was ze met 'n courant bij Marie gekomen, waarin 'n fel hoofdartikel stond, gericht tegen de Kerk, wier wetten hem dwarsboomden in zijn verlangens en hem prikkelden tôt vijandigheid. „Wij moeten niet alleen voor' zijn bekeering bidden," had Nelly gezegd, toen haar vriendin angstig-bleek 't blad ter zijde legde, „wij kunnen ook nog wel wat dôèn. Ik zal hem schrijven, dat hij ons verdriet doet door toe te geven aan bitterheid. 't Is niet zijn geest, die ii) dit artikel ligt; 't is gemoedsverbittering, die hem doet dwalen. Dat rnàg niet. Als hij zôô voortgaat... dan wordt de kloof nog breeder... Dat zal ik hem zeggen en ik ben er zeker van dat hij luisteren zal, want hij staat te hoog om werkelijk zoo'n oordeel over onzen godsdienst te méénen." Nelly schreef en den anderen dag kwam zijn antwoord. 't Was aan Marie gericht en heel kort; behalve een gioet en zijn naam be-vatte 't niets dan deze woorden : „Ik acht u hoog." Maar zij wist genoeg : zijn hart was geraakt, zijn geest zou ka'imer worden. Ze had goed gezien : het volgende artikel dat hij schreef was zoo scherp niet meer. Toen glimlachte zij vol hoop ... „In 't klooster," zei Nelly vôôr ze heenging, „heb ik nog wat meer gelegeriheid om den Hemel geweld aan te doen — en daar zal ik gebruik van maken. Weet je wat mij altijd vertrouwen geeft op onze overwinning? Dat Koen hoog staat. D'r zal nog heel wat strijd komen voor 't zoover is, maar iemand als hij zoekt dagelijks naar de waarheid, omdat hij ze noodig heeft voor zichzelf en voor zijn wark." „Nelly," zei Marie peinzend, „ik — je zult 't misschien gek vin-den, maar 'k zeg 't toch maar liever — ik denk soms, dat 't... dat 't jammer is dat jij in 't klooster gaat." 't Aanstaande nonnetje was niet gekwetst door deze opmerking. Op 't blanke meisjesgelaat speelde 'n heldere glimlach, die ook blonk in de diepblauwe oogen. „Waarom denk je dat, Miek ?" „Je zou in de wereld zooveel goed kunnen doen, je doet nu al zooveel goed en in dat verborgen leven " 112 KATHOLIEKE ILLUSTRATIE

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De katholieke illustratie: zondags-lectuur voor het katholieke Nederlandsche volk behorende tot de categorie Culturele bladen. Uitgegeven in Haarlem van 1866 tot 1967.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes