De legerbode

1694 0
09 november 1918
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1918, 09 November. De legerbode. Geraadpleegd op 18 juli 2024, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/g15t728b10/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

DE LEGERBODE den Dinsdag en Zaterdug verschijnende T '' '' ' """" """ »i i 1H1 m m.,,.,, >ljtllV.,»-.nn^Mi..>pl IHIi i u,i , W», i. M» Wlf|Tf llMWM^IH Dit blad is VOOR DE BEI^GISCHE SOLDATEN bestemd ; iedere compagnie, escadron of batterij ontvangt tien of vijftien Fransche en Nederlandsche exemplaren. ©p h et Belgisch Front (Van een ooggetaige.) 5 Nov., 1 u. 's morgens. De Duitschers gebruiken stikgranaten tegen de burgerlijke bevolking Tcn einde zicli te beschutten tegen aard- en îuchtbombardementen, toonen de Duitschers al Weteens in hunne legerberichten een des te meer verrassend en onverwacht medelijden, daar die-zelfde Duitschers zonder genade de opene steden hebben gebombardeerd en met cyniscbe vreugde de schepen torpedeerden waarop vrouwen en kinderen werden vervoerd. Maar oen ander allerhatelijkst feit doet de sehijnheiligheid van hun protest uitschijnen; tijdens de huidige gevechten beschietde vijand de plaatsen die hij gedwongen is te ruimen met giftgranaten. En daar de bewoners noch gas-maskers noch eenig ander middel van bescher-ming hebben, zijn de doodelijke gevallen zeer talrijk in hun midden. Ik was, onder meer, ge-tuige van een vreeselijk schouwspel te Wyn-ghene. Een onzer soldaten, die zijne familie kwam bezoeken, vond zijne vrouw stervend en zijn lcind dood, beiden slachloffers van de stik-gasseu, verspreid door de DuitscEe granaten. Zijn buis was slechts een hoop puinen. Ziedaar welke zorg deze barbaarsche vijanden aan den dag leggen voor onze burgerlijke bevolking. Hoe onze Troepen over het Afkidingskanaal der Leie- trokkea. De vernielingsrazernij der Duitschers. Dezer dagen werden hardnekkige gevechten geleverd voor het kanaal van Schipdonck, waar de Duitschers zich verschansten in stellingen, welke zij de burgers gedwongen hadden te ma-ken.Deze stellingen waren uiterst sterk, vooral op sommige punten. Dicht bij eene brug, bezette eene compagnie een front van slechts 150 m. met 42 machiengeweren. Maar onder de krachtige drukking van de Belgische troepen en tengevol-ge van het succès behaald meer ten Z. waren de Duitschers verplicht de linie van 't kanaal van Schipdonck te verlaten en zich terug te trekken achter 't kanaal Gent-Tèrneuzen. Onze troepen lieten zich niet bedriegen door de tegenaanvallen, welke de vijand uitvoerde op 't oogenblik van zijnen aftocht. Steeds bleven zij in voeling met den vijand, ondanks de hardnekkige verdediging der acbterhoeden, gesteund door talrijke machiengeweren. Onze soldaten vielen den vijand aan langs aile kanten, zij vorderden zonder ophouden in de richting van Selzaete en van Gent; de torens der stad wâren Zondag reeds in 't ziclit. Ik heb de kalme en bekoorlijke landschappen van het Meetjesland, die werden onsterfelijk gemaakt door onze Vlaamsche romansehrijvers, doorloopen. Helaas, hoeveel schoonheid is iieden verzwonden t Hansbeke, Landeghem, Nevele, St-Martens-Laethem, Drongen, zijn droevig be-schadigd. Bijna overal deed de vijand de kerk-torens springen. Vele inwoners, die m de kelders bleven, werden vergiftigd door giftgranaten. In Hansbeke alleen telt men 27 dooden. Ben gedeelte der bevolking vluchtte weg en lceerde terug zoohaast hunne dorpen bevrijd waren. Ik heb *e zien weenen, voor hunne omgewoelde velden, de neergevelde boomen, de huizen in puin, de meubels wild door de Duitschers vernield, die m hunne woede aile mogelijke ongelukken hebben teweeggebracht. Tijdens mijne pijnlijke bedevaart, hoorde ik, rondom mij, het bulderen van het kanon, het geknetter der geweren en der machiengeweren. Het zijn de laatste Duitsche detachementen welke onze soldaten wegjagen van op den wes-teroever van 't kanaal van ïerneuzen en van uit de omstrelcen van Gent. Ziehier een Belgisch regiment, muziek aan 'thoofd, metwapperendvaandel, dat zijne intrede maakt in een dorp, waarop de Duitsche granaten neerploffen : Eene onbeschrijfelijke ont-roering overmeestert mij wanneer ik het flink, kalm en fier uitzicht dezer mannen bewonder, die hun land bevrijden en vastberaden ten vollç-digen en aanstaan4e_njege trekke»* i - ' " 6 November, 6 ure 's morgens. De Duitsche Vernielzucht. — Deingericht© Plundering. — Beestelijke Daden. Na het kanaal van Schipdonck te hebben over-schreden, hebben de Belgische troepen, zooals men weet, hunne vordering voortgezet in de richting van Gent, talrijke dorpen bevrijdend, gevangenen nemend en materieel. Te Meerendré Het belangrijk doi'p Meerendré kreeg betrek-kelijk weinig te lijden van het bombardement, maar werd geplunderd en verwoest door de Duitsche soldaten. Uit aile plaatsen waar mannen hebben gelogeerd, huizen, hoeven, kasteelen, stijgt een verpestende reuk. De meubels zijn verbrijzeld; al wat er in stak, ligt overhoop. bemodderd en bevuild. De veldkeukens werden in het salon van het kasteel geplaatst. Prachtige satijnen paneelen werden van de muren gerukt om baden en pan-nen te reinigen. In het park en op de baan werden boomen tôt dicht bij den grond afgezaagd, zonder eenig militair nnt, uit vernielingsrazernij. Yoor een ingestort huis, ontmoet ik eene Ira* gische groep inwoners, die uit hunne woonplaats wegvluchtten tijdens h> t gevecht. Zij zijn terug-gekomen zoohaast de Duitschers- uit het dorp werden gejaagd. De vader houdt een kind op ellten arm; de oudste zoon, i3 jaren oud, heeft zijne twee zusterkens op eenen kruiwagen aan-gebracht; de vrouw heeft een wicht aan den boezem. Allen staan stom van de akeligheid en zot van verdriet, voor de assche van hunneu verwoesten aard. Verder trok ik voorbij eenen hulppost waar de vlag met het Rood-Kruis van Geneve wappert. De vijand heeft hem meedoogenloos gebombardeerd. Een niet ontplofte granaat zit in den gevel, juist onder het kenteeken van het Rood-Kruis. Ganâch de wereld hoeft het nummer te kennen van het regiment dat hier ailes heeft verwoest met wilde woede : Het is het 381* infanterieregi-ment.En, tragisch contrasteerend met deze wanda-den gepleegd dooï deze bandieten, wapperen de drièkleurige vlaggen aan de vensters der door granaten cloorschotene huizen. Te Putte Te Putte werd het kasteel van graaf van der Stegen insgelijks door Duitsche plunderaars be-zocht. Hier onderscheidde zich het 110 infanterie reserveregiment. Het gebouw werd door het bombardement niet getroffen, maar het werd systematisch verwoest. De oude hovenier dient me tôt gids. Het is een schrikbarend schouwspel. Van den kelder tôt den zolder werd niets eerbiedigd. De twee in steen gebeeldhouwde leeuwen, die het perron versier-den,werden in duizend stukken geslagen. Enkele stappen verder ligt een doode pauw, met prachtige vêeren, de kop platgeslagen doôr kolfslagen. Bij de stalling, werkten de moffen hunne woede uit op eenen break, die nu onbruikbaar is. Op de muren van het dorp vindt men de plak-brieven nog, geteekend von Uckro, etappen-koinmandant. Zij verbieden de soldaten eetwaren op te vorderen of te nemen, behoorende tôt het Bevoorradingskomiteit. De onderpastoor De Coninck, voorzitter van het komiteit, zegt mij dat de Duitschers ailes leegplunderden den 18 October, zijn verontwaar-digd protest met schimp en spotternij beant-woordend. « Kom zien, » zegt hij, « hoe zij, zooals hunne bladen het melden, de voorwerpen van den godsdienst eerbiedigen. Kom mijne kerk, mijn huis, mijn klooster zien, » lnderdaad, hier ook is ailes verwoest, geplunderd, bevuild. De voorwerpen van den eere-dienst, de versiersels, de schilderijen, liggen overhoop op den grond, gescheurd, gebroken, verwrongen. De brandkist werd gedynamiteerd. Oh, de vuige ellendelingen ! De Plundering en Verwoesting van Deynze In de streek van Gent, zetten de Duitschers hun bombardement voort, op de bewoonde dorpen, zonder eenig militair nut. Overal zie ik doorschotene muren, ingevallen huizen. Langs de wegeo, oatmoet ik groopea ds^l^oze burgers, j die, zoo goed mogelijk, wat zij reddea mociiterr» meedragen. Dinsdag morgen bezocht ik Deynze. De stad, die veertien dagen onder het bombardement-bleef, heeft veel geleden. De ongeschonden huizen zijn zeer zeldzaam. De Gentsche en Kortrijk-sche straat zijn verwoest door brand. In éénen kelder werden 17 personen levend verbrand, waaronder eene vrouw met hare zes kinderen^ Men telt 157 slachtofiers in de burgerbjke bevolking.Vooraleer Deynze te verlaten, hebben de Duitschers op bevel van generaal von Ostrowsky, de stad leeggeplunderd. De plundering werd uitge-voerd volgens een voorbereid plan, onder de bewaking der olïïcieren en der onderoffieieren. Zij stolen voor ongeveer een half miljoen fran» ken goederen in de magazijnen van het Bevoorradingskomiteit, nameiijk 24,000 kilos reuzet tegen 5 fr. per kilo, 9,000 kg. spek tegen 5 fr. pe» kilo. In de Molens van Deynze, namen de ban» dieten voor een miljoen frank riemen weg en al de bloem. Ook onthaalde de bevrijde bevolking hare be» vrijders met onbeschrijfelijke geestdrift. Ik doorliep de straten van Drongen, dieht bij Gent. Voorafeer weg te trekken, deed de vijand de ijzerenbrug springen. Wanneer zijne machiengeweren werden weggedreven, begon bij heb dorp geweldig te beschieten. Ailes wat ik zag, bewijst ten klaarste dat de Duitschers besloten hebben de gemeenten te ver* nietigen, welke zij gedwongen worden te verlai ten, zonder zich te bekommeren over de burgers die zij verplichten er te blijven. En nu, is het schouwspel van de vlucht dier daklooze onge-lukkigen,die in den regen langs de wegen loopen, beladën met ailes wat zij hebben gerea, een pijn-bjk en hartroerend schouwspel. Door hunne wilde handelwijze, door de Ver* nieuwing van de gruwelen, gepleegd in den be*. ginne van den oorlog, hebben de Duitschers ift het hart onzer bevolking eenen haat gezaaid, die nooit zal uitsterven, en die even krachtig is als de oneindige vreugde welke zij gevoelen, omdats zij vrij zijn en den verdrukker zieQ valleu in dil, onvermijdelijke neerlaag. Belgisch front, 8 Nov., l u. 's morgens. Van Mariakerke naar Drongen. Overal langs de baan van Mariakerke, welka ik Donderdag doorliep, ziet men de sporen van de laatste gevechten : schuilhoeken door de moft fen in den grond gedolven ; voetbruggen ovef beken geworpen, granaattrecbters, die hier eu( daar het terrein omwoelden. Ik kom eene groep van een twintigt&l je*fe lieden te ontmoeten van 18 tôt 25 jaren, geleiî door een onzer gendarmen. Allen waren gebruikff geworden door de Duitschers tôt het uitvôeren van defensieve werken, granaten dragen ej> loopgraven malien. Zij werden verplicht aehte* eenvolgens te Verdun, in de Somme, in Chaan pagne en onlangs in Vlaanderen te arbeiden. Een hunner draagt het spoor van eene bajo* netsteek, hem toegebracht door eenen Duitsche^ schildwacht, omdat hij weigerde te werken. Het is onmogelijk al de knevelarijen te melden,waa*» van deze ongelukkigen de slachtoffers waren. Ziehier het kasteel van Mariakerke, dat vijandelijke batterijen woedend omlijsten met\ vlagen granaten. In de onderaardsehe gangé^ hebben vele inwoners eene schuilplaats gevon* den. Daar zijn ouderlingen, vrouwen, ldimerei^ die geiten, schapen, honden, katten hebben me» gebraeht. Het is een onbesehrijfelijk gedrang. Men neemt elle ophouden van 't vijandelijl^ geschut te baat, om groepen dezer bevreesde lieden weg te brengen. Ze loopen weg. En is een tragisch schouwspel, die vrouwen en kinderen te zien vluchten, al weenend en roepend, in het lawaai, door het geblaat en het gebas, al die verschrikte dieren. Ik kom te Mariakerke aan, waar om* roofr posten verschansd zijn op enkele meters afeta*â van de Duitschers die het oostergedeelte van net dorp nog bezetten. Twee Belgische generaals zi|à daar tegenwoordig ; zij geven bevelen terwijl dm machiengeweren voortknetteren. Een vijanâelijli vliegtuig vliegt laag boven het dorp, besehotid door onze geweren en maehiengeweren ; het t* wijdert çiclî na, fonder mikkeo» eoniga branv 9 November 1918 Nummer 626

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De legerbode behorende tot de categorie Oorlogspers. Uitgegeven in Antwerpen van 1914 tot 1940.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Onderwerpen

Periodes