Den Kempenaer: wekelyksch staet- en letterkundig nieuwsblad

723 0
08 augustus 1914
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1914, 08 Augustus. Den Kempenaer: wekelyksch staet- en letterkundig nieuwsblad. Geraadpleegd op 27 januari 2021, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/k649p2xk6k/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Tu.ruh.out Zaterdag 8 Augnstus i914. îr 82 - Viif-en-ZeveiiDigste jaargaiig o. —aiaMBsaMH——— ABONNE MENTPRI Voor België 5 fr. Voor Nederland 3 guld 25 centen. DE KEMPENAAR ADVERTENTIEN. 15 centiemen per drukregel OORLOG van DUITSCHLAND tegen BELGI Wat in ons onzijdig land eene onmogelijkhe scheen, is werkelijkheid geworden. België is i eenon oorlog gewikkeld door Duitschland, da met schending van overeenkoinsten, traktaten,oi derlinge beloften en verzekeringen, door keizt Wilhelni zelf gedaan, langs ons grondgebied i Frankrijk wilde binnen vallen. Ziehier hoc de zaak zicli ontspon : Men weet dat Oostenrijk den oorlog vei klaarde aan Servie, tengevolge van den afschi welijken inoord, te Serajevo, op prins Ferd: nand en diens gemalin, misdaad welke toegc schreven werd aan een eedgespan waarin zelf de kroonprins en hoogere officieren van Servi v,ouden zijn betrokken, daar het buiten twijfe schijnt dat zij den moordenaars bommen en wt pens in handen speelden. Toen Oostenrijk nu over den Donau kwan oui Servie te bestraffen wegens dien vorstenmoord begon Rusland zieli onmiddellijk te wapenen Duitschland zond een ultimatum eerst aan Rus land, toen aan Frankrijk, om hun eene verkla ring af te dwingen over de roi welke zij zou den spelen in aanzien van de verdiende be straffing welke Oostenrijk aan Servië wilde gaar toedienen. Maar intusschen mobiliseerde ook Duitschlanc zijne troepen, bezette verleden Zondag de stac Luxemburg, in het groot-hertogdom, en zond dai een ultimatum aan België, om langs ons grond gebied een in val te wagen in Frankrijk. Men zou aan België al de schade betalen welke biv den doortocht der troepen zou worden aange-richt; men zou onze onafhankelijkheid en zelfs het behoud onzer kolonie verzekeren. België nu, dat zijne onzijdigheid moest hand-liaven, zoowel tegenover Duitscliland als tegenover Frankrijk, wees met fierlieid en veront-waardiging dat smadelijk spel af en liet zich îoch door geld, noch door beloften omkoopen. En toen gebeurde iets dat de geschiedenis zal jrandmerken en schandvlekken ! ! ! Keizer Wil-îelm II van Duitschland, die bij monde van iijn gezant te Brussel zoo plechtig de eerbiedi-'ing van ons grondgebied verzekerde, v^klaarde Ion oorlog aan... het kleine België ! ! !... Goliath tegen David ! — Die vergelijking is îiet overdreven. Duitschland met zijn leger van 2,750,000 man, ;n cen machtige vloot, dat den oorlog verklaart aan le? kleine, onzijdige Belgie, dat nauwclijks 100,000 man strijdkrachten kan oiïtwikkelen,zelfs îa oproeping van 15 dienstklassen. Maar, o wonder, daar staan die legers aan eze en gene zijde van de Maas, en sindsdrie-agen liouden de belgisclie soldaten®het iuitsche 3ger in bedwang. Onze soldaten vechten als ?euwen legen de duitsche veteranen, en 't is lsof de Vlamingen uit den Guldensporenslag uit unne graven zijn opgestaan om het recht en e vrijheid van België te handhaven. De onverschrokkenheid, de stoutmoedigheidvan nze krijgers wekt de bewondering van den ijand zelf, die volgens krijgsgevangen officie-en ineende dat men lien hier gewillig zou ebben laten doortrekken. In Frankrijks Kamer n Senaat, roemt men de onversaagdheid van de îelgen,die stand liouden tegenover het duitsche le-er, dat in 1870 de groote fransche natie ver- lr>ttor Tn Vif t L incv\ et weerstandsvermogen van dat klein maar apper volk, dat op het gebied van krijgskunde n strategie de les leest aan aile groote mo-cndheden van Europa. In de Vereenigde Sta-in zegt men dat men ons land door voedings-rtikclen zal lielpen. En Frankrijk en Engeland, die onze onzijdig-eid waarborgden, zullen ons komen lielpen, en et zich eene eer rekenen naast ons klein bel-isch heldenleger te strijden, 0111 de IJuitschers it ons land te zetten. Engeland hecft een regelmalig leger van 1G2,000 îan, maar kan met zijne reserven 724,000 man p de been brengen. 1 rankrijk heeH een leger an 2,750,000 man; en Rusland, dat intusschen ok met zijne eerste troepen, langs Polen, in 'ost-Pruisen over de duitsche grens is getrok-en, en met Frankrijk en Engeland tegen kiitschland, Oostenrijk en Italië zal af te re-enen hebben, heeft een leger vau niet minder an 3,000,000. Met Oostenrijksch loger, op oor-Dgsvoet, bedraagt 1,500,000 man. Zal het belgisclie leger dat de Maas-vestingen erdedigt, met eene heldhaftigheid, met ec^i vveer-ladsverinogen, met eene vastberadenheid welke îen nooit van het belgisch leger zou hebben urven verhopen, stand kunnen liouden tôt de ngelsche en fransche hulplroepen zijn aange-omen, tôt de russisclie kozakken in Duitsch-ind zijn gevallen, dan wordt de wereldkolos, an wordt het fiere Germania wellicht terugge-lagen en zal in Duitschland zelf de grootstc olkerenslag geleverd worden waarvan de wfe-eld ooit getuige was. Of zal Waterloo, waar Napoléon I zijn kroon 11 zijn keizerrijk verloor, misscliien het slag-eld worden waar ook het strafgericlit tegen eizer Wilhelm van Duitschland zal worden uit-esproken ? De Hemel zegene de wapens van het dappere îelgië. En als men de biddende scharen ziet die hier i processie de straten doorkruisen en het volk at nacht en dag de kerk bezoekt om den ze-;en over onze wapens af te smeeken, als men agaat wat al communiën gisteren op den eer-ten Vrijdag werden opgedragen ter eere van et II. Ilart van Jésus, dan vraagt men zich f of de Ilemel wel doof zal kunnen blijven voor e smeekingen en verzuchtingen van ons volk! Yanwaar komen die duizenden vrijwilligers, ge-îverd door den belgiselicn adel, de burgerij en e werklieden, vanwaar dat eendraclitig samen-,-erken van aile partijen voor de bestrijding van _et nationaal gevaar, vanwaar die doodsverach-ing onzer soldaten, die er eene eer in stellen m op den eersten rang, te midden van het ïjandelijk vuur temogen staan, en als het ware zingend en vreugdevol hun leven offeren voor e eer, den roem, de onafhankelijkheid van het aderland ! Neen, nooit heeft men iminers gezien dat va-ers, zooals in het vredelievende Turnhout ge-lourde, hnnne teergeliefste zonen als vrijwilli-;ers in het leger gingen afleveren, op een tijd at de oorlog was uitgebroken en dat men met enen overweldiger heeft te doen die hall Eu-opa onder zijne macht heeft ! Studenten die pas van het college komen, hoo-;eschoolstudenten bij de vleet laten zich als vrij villigers inlijven, en hun getal wordt reeds op 0,000, door sommigen zelfs boven de 100,000 ge-chat !... En indien de Duitsclier sterk is door ijn aantal, dan is België onverwinbaar door den leldenmoed van zijn volk, dat zijn grondgebied net razernij verdedigt, want men noemteendorp n Brabant waar heei de mannelijke bevolking ;ich als vrijwilliger ging aangeven. Een eeresaluut aan onze Burgerwacht, waar-nede vroeger wel eens gelachen werd, maar velke nu nacht en dag op de baan is en zelfs ^emobiliseerd werd om legerdienst te -kunnen rerrichten. Toen de compagnie der Turnhoutsche burgerwacht Woensdag avond op onze. Groote darkt in slagorde stond, weergalmde onafge-^roken de ,,Vlaamsche Leeuw", ,,Naar wijd en 'ijd" en de ,,Brabançonne"; en ouders of ga-len, die liunne geliefden zagen vertrekken, zon-ler vooraf te kunnen zeggen welk lot hun be-;choren zou worden, werden opgewekt en be-noedigd bi j den korten,maar hartelijken afscheids-^roet van den kapitein en dienstdo#i(len majoor Vueghs aan zijne manschappen, bij de luidruch-ige opgewektheid der burgerwachten, zoodanig f dat het omringende volk zijne instemming e r zijn afscheidsgroet door luidruchtig gejuich b [ het vertrek betuigde. Moeten wij hier spreken van de liefdadighei der Dames ingeschreven voor het Roode Kruis die ailes in 't werk hebben gesteld om op d hoogte te wezen hunner liefderijke taak ? EEu als men dien moed ziet van de mannen gcstaald door het offervaardig liulpbetoon va meisjes en vrouwen, geestelijken en leeken, va it\ kloosterlingen die hun gansclie feestzalen en ge n bouwen openstellen als lazarets en ziekenzalen l dan gevoelt men zich dubbel getroost bij de be proeving die onze natie treft, en bij den engel r achtigen en onvermoeiden liefdedienst welke al n een schitterende parel dat rouw- en ramptoonee omlijst ! Maar wat zal de einduitslag wezen ? O, ah men de godsvrucht van het biddende volk ga deslaat, dat vertrouwen van het zwakke ge slaclit dat zooveel maclit toeschrijft aan zijner rozenkrans als de soldaat aan zijne wapens, dai 3 moet men zeggen, ja, laat ons hopen ! g In Sint Theobalduskapel, te Turnhout, bevind 1 zich een aloud Lievevrouwbeeld, Avaaraan de volgendé legende is verbonden • In 1789, toen de keizerlijke troepen vanOos ! tenrijk in Turnhout binnenvielen, maar met ach-terlating van een kanon achteruit trokken en op de vlucht gingen, alhoewel Turnhout sleclits verdedigd werd door een handvol slecht gewa-pende Patriotten, onder generaal Yan der-meersch, beweerde men later een vrouw bij het kanon te hebben gezien, welke de krijgsbewe-L gingen der Oostenrijksche troepen belemmerde, die overigens te midden van eenen dikken mist [ op eigen wapenmakkers begonnen te scliieten. Later bevond men dat het Onze Lieve Vrouw beeld in de Theobalduskapel gansch beslijkt was en door den kruitdamp als het ware was ver-schroeid; en zoodoende ontstond de legende dat Onze Lieve Vrouw Turnhout had gered en de nederlaag der Oostenrijksche keizerlijke troepen had bewerkt. Bij de 125e verjaring van den slag van Turnhout werd aan die legende herinnerd. En, nu niet alleen de stad Turnhout, maar gansch het belgisch vaderland door oorlog en door de keizerlijke troepen van het machtige Duitschland wordt bedreigd, wordt datzelfde Lieve Vrouwbeeld dagelijks in onze straten rondge-drage, gevolgd door duizenden geloovigen, die hulp en redding vragen voor onze legerscharen on voor het vaderland. Moge hun gebed verlioord worden, moge de zon van vrijheid en onafhankelijkheid opnieuw onze nationaliteit omstralen, tôt blijvend geluk en welzijn van het belgisch volk ! Toch zal de geschiedenis, nevens al deze ge-denkwaardige gebeurtenissen, den naam van on-zen roemwaardigen hoofdminister de Broque-ville niet vergeten, die op profetischen toon voorspelde, alsoE het hem door de Voorzienig-heid was ingegeven, dat België moest gewapend wezen om zijn grenzen twee of drie dagen te verdedigen, en dat dan de legerscharen ter lgilp zouden komen van de naties die onze onafhankelijkheid waarborgden. Welnu, zoo is het gebeurd. De Broqueville is een ziener, een groot en onvergelijkbaar staatsman, die hier ondanks aile heftige weer-stand en verzet rechtvaardige wetten invoerde en toen de partijhaat deed zwijgen, oin liand in hand, gemeenschappelijk en geestdriftig, ten strijde te trekken voor het behoud van onze nationaliteit en voor de verdediging van het Vaderland. Aan onze Medeburgers Ons Belgisch Vaderland heeft zijne zonen opgeroepen, om zijne onzijdigheid door de naburige strijdende landen te doen eerbiedigen. Met tranen in de oogen en met beklem-de borst, doch met onwrikbare vastberadenheid en ontembaren moed hebben duizenden jongelingen en mannen, zonder een oogenblik te aarzelen, haardstee, ouders, vrouw en kinderen verlaten om het Vaderland hunne hulp te bieden. Doch hooger stijgt de nood van 't land. Iîet machtige, Duitsche rijk heeft door bedreigingen België willen dwingen, onze onzijdigheid te verbreken, aldus de eer onzer natie te vertrappen en onze plich-ten tegenover de landen die onze onafhankelijkheid waarborgden te verraden. Tôt zulke lafheid was ons land niet bekwaam ; kalm en fier heeft het gewei-gerd voor het geweld te buigen. Daarom lieeft Duitschland, door een verkrachting der volkenrechten zonder voorgaande, ons den oorlog verklaard. Onze onzijdigheid is geschonden, onze grenzen zijn overgetrokken en onze onafhankelijkheid wordt bedreigd. Nieuwe manschappen zijn opgeroepen om ten strijde te trekken tegen den over-weldîger ; zonder morren, gestaald door plichtsgevoel en liefde voor den geboorte-grond, gaan ze de rangen. hunner strijdende broeders versterken. Diep buigen we het hoofd voor die dap-peren ; geestdtiftig juichen wij ze toe en bidden God ze onder zijne machtige hoe-de te nemen. Velen onder dezen die ze niet kunnen volgen benijden hun lot, en allen verlan-gen ten minste toch ook iets te mogen bijdragen voor het welzijn van het Vaderland.Welnu, dit kunnen we allen. Tusschen degenen die den oproep van 't landsbestuur beantwoordden zijn er velen die de eenige steun waren van hunno familiën, die bejaarde ouders, eene vrouw en kleine kinderen, zonder bestaanmid-delen moesten achterlaten. Wel zal aan deze een kleine onderstand van Staats-wege gegeven worden, doch ontoerei-kend om zelfs in de dringendste le-vensbehoeften te voorzien. En 't mag toch niet geduld worden dat die personen armoede en honger zouden lijden ; dit moeten we beletten ! Andere personen nog verdienen niet min ons medelijden en onze hulp ; 't zijn de gezinnen dergeiien welke ' ten gevolge van den oorlog gansch zonder werk zijn. dus volkomen zon-i der bestaanmiddelen, daar ze van den i Staat geenen onderstand trekken. j Er is dan besloten te Turnhout een Centraal-Comiteit samen te stellen met het doel aile giften ten voordeele van de slacht-offers van den oorlog bijeen te brengen, 1 en te zorgen dat deze op verstandige wij-ze naar gelang der noodwendigheden worden verdeeld. Het moet vermeden worden dat' bedelaars van beroep of menschen die het ■minder noodig hebben tegelijljprtijd aan verscheidene kassen zouden putten, ten nadeele van de ware noodlijdenden. In naam des Vaderlands en der naas-tenliefde doen we eenen dringendën en warmen oproep aan aile onze medeburgers om in de mate hunner middelen giften, 't zij in geld of in natuur, tôt onderstand van de beproefde huisgezinnen bijeen te brengen. Ten einde deze giften te verzamelen zullen heeren en damen, voorzien van n eene lidkaart geteekend door d< ij Heer du Four, voorzitter van het Con teit, zich ten huize onzer medeburge: d aanbieden. Deze kunnen ook hunne gifti bezorgen aan den Heer L. Caron, schE e bewaarder, of in de bureelen van i weekbladen : Het Aankondigingsttad < J De Kempenaar. t Zij die verlangen dat hunne giften u: sluitend zouden dienen voor eene bepaa , de klas van personen, bijvoorbeeld voi de huisgezinnen der militairen of voor d: «1er werkeloozen, worden verzocht zullj * te melden. Het uitvoerend Comiteit. ! De Voorzitter, F. du FOUR, Schepen. De Voorzitster, ' MEVROUW V. VAN HAfi De Schatbewaarder, L. CARON. | 'iestendige afgevaardigde. '3 De Sohrijver, J. JANSSENS. Bestuurder der Sociale werkfi' LEDEN: Eerw. Heer NTJYTS, Jos. VERSTEYLEN, Jufvrouw VAN EYCK, Guill. THIELEMANS, Het Bescherm-Comiteit. Zijne Eminentie Cardinaal Mercier. Zijne Excellentie Minister de Broquevl-le, en leden van Senaat en Kamer. De Zeer Eerw. Heer Adams, pastoo1-deken, en de geestelijkheid van Turnhojx. De Heer Van Hal, burgemeester en G -meenteraàdsleden.De Heer Louis Caron, bestendigde a-gevaardigde.Mevrouw Victor Van Hal, Voorzitster der Damen van Barmhartigheid. Mevrouw Caron, voorzitster der Chris-tene Moeders. Mevrouw Jules Diercxsens, Voorzitster van het Rood Kruis. Jufvrouw Clem. Van Genechten, Voorzitster van den St. Elisabethsbond. De Heer Versteylen Jos. Voorzitter van het St. Vincentiusgenootsohap. De Hëer Versteylen Ant. Voorzitter van Amieitia. De Christene Vrouwenbond. De Middenstandsbond van Turnhout. De Bediendenvereeniging ,,Concordia". St. Lutgardis Studiekring. Studentengilde. De Katholieke Volksbond en afdeelin-gen.De Werkmansgilde. Het Verbond der Christene Vakvereeni-gingen.Het Genootschap der Xaverianen. Armbus ,,In de Spiegel". Weldadigheidskring, ,.Armbus Gevers". Nota. Binnen enkele dagen zal berieht wui Oîen m i i r cn waar (le m : 1 p J, uu IŒ i. ir *_ r 17- len verstrekt worden. In onzen Gemeenteraad Gisteren Vrijdag is de Gemeente Raad bij hoogdringendheid bijeengeroepen. Het gemeente-bestuur is aangesteld om vergoedingen aan de families uit te betalen aan 0.75 fr. voor de vrouw en 25 centiemen per kind en per dag. Dinsdag werd de vergoeding aan ongehuwJen, op 50 centiem per dag gesteld. De gelden zou^ den mogen gehaald worden bij degenen die gelden van den S'taat in handen hebben In elk geval werd door den Raad een onbeperkt krediet gestemd. Terugkeerende op de stemming van Maan-dag 11., beslist de Raad dat de gelden, welke tôt viering der Patriottenfeesten waren bestemd, zullen toevertrouwd worden aan het komiteit, dat de familiën der soldaten die naar het leger geroepen zijn én ook de gezinnen die door werkelijkheid in ellende zouden gedompeld worden, lielpen en ondersteunen zal. Er zijn dan ook twee kassen, eene kas voor de inza-ineling van soldatengeld en eene andere voor ondersteuning. van werkeloozen, onder voorzit-lerschap van Mr du Four. Misschien zal het noodig worden dat de stad aankoopen doet van eetwaren om die zonder winst of uitbating aan de burgers over te zetten. Moest het College daartoe overgaan dan zal de Raad zich niet verzetten dat daartoe een krediet wordt aangewend1. Ook wordt door het beschermend komiteit de kwestie bestudeerd of het mogelijk zou wezen eene gaarkeuken in te richten voor het uitdëelen van soep aan de noodlijdendên. Gedenkwaardige KAMERZITTING DE KONING EN BARON DE BROQUEVILLE Dinsdag morgen van af 9 ure verdrong zich in den omtrek der Paleizenplaals, in de Koningstraat en in den omtrek van het Pa leis der Natie eene opeengepakte menigte, ach-ter de Nadarbarreelen en de dubbele rijen burgerwachten in groot uniform. Geen gedrang, geen de minste wanordë was tusschen hetpu-bliek te bespeuren. Mannen, vrouwen en kinderen, allen droegen op het gelaat de uit-drukking van statigen ernst, de vertolking van het innigste hartsgevoel. Bij allen is het va. derlandëche vuur ontstoken. Het land is in ge-vaar, en nu zwijgt aile gevoel dat de natie verdeelt, om plaats te maken voor een eenig govool: de verdediging van den geboortegrond. Rechtover het koninklijk paleis stonden d'e lioys1 scouts in gelid, en het escadron der burgerwacht te paard, gelast met den eeredienst. In het Park, achter de gesloten hekkens kri-oelde het ook van volk. Ten 9 ure 50 weerklonken korte bevelen ; de trommels roffelden, de klaroe-en bliezen de veldmarch en de muzieken der bur6erwacht speelden de ,,Brabançonne". Het belgisch nationaal lied maakte een diepen indruk en ont- îd rukte bij duizenden lieden een traan aan de >i- oogen. ■ 3 De koets der koningin, voorafgereden door -n deze van den groot-maarschalk, verliet hetpa-1 leis. Een gejuich zonder einde steeg op. Het e volk wuiSde met hoed^en en zakdoeken. De bur-' i gerwaclit boodj de wapenS, de regiment-vaan-^ dels bogen. Eenvoudig in wit toilet, met lan-] gen blauwen mantel, en een witten hoed met u aigrette van de zelfdë kleur, kwam de bleelc-[( heid van 't gelaat onzer vorstin nog meer uit. ï Hare Majesteit was zichtbaar ontroerd en be-droefd. Naast haar zaten de koninklijke kinderen. Zij ook werden toegejuicht zoo hard, zoo geestdriftig het maar kon. Eenige minuten later versclieen de koning, te paard. Zijne Majesteit droeg het klein uniform van oppergeneraal zonder grootlint, zonder dekoraties. Hij was omringd van zijne staofficiers, en werd begeleid dorr het escadron Maria-Hendrika. Wat er toen gebeurde gaat aile gedacht, aile beschrijving te boven. Nooit of nooit werd de vorst zoo geestdriftig toegejuicht als op dat oogenblik. Het klaroen-geschal en tromgeroffel, de tonen der muzieken die de , .Brabançonne" speelden, dat ailes werd overheersclit door een machtig gejuich van ,,Leve de koning ! Leve het leger,! Le-ve België!" De vorst groette diep ontroerd. Op gansch den doortocht bleef de ovatie on-verpoosd en steeds luider klinkend, aanliou-den. De ,,Brabançonne" werd door de menigte aangeheven. Duizenden hoeden en zakdoeken wuifden. Onvergeetlijk, schoon, grootsch oogenblik. En zoo bereikte de vorstelijke stoet het Paleis der Natie. Aan den eeretrap werden eerst Hare Majesteit en Hunne Koninklijke Hoog-lieden ontvangen door eene afvaardiging sénateurs en volksvertegenwoordigers, en vervol-gens Zijne Majesteit. Binnen het paleis der natie is de groote wandelgaanderij en de eere-trappen die naar de zalen van Kamer en Senaat leiden door een talrijke eerewacht burgerwacht, in groot uniform bezet. Op het verhoog van het bureel is de koninklijke zetel geplaatst en daaracliter, onder het standbeeld van Leopold I, het wapen van j België met de belgische en congoleesclie vlag. Bezijden het verhoog prijken eveneens de bel_ gische vlaggen, alsook aan de diplomatieke en sénatoriale tribuun. Links van het bureel staan de zetels voor ] de koninklijke familie en het gevolg. De senateurs en volksvertegenwoordigers zijn talrijk opgekomen. De Senaat zetelt links en de Kamer in het centrum en redits. De nun- cius van Z. H. den Paus en het diplomatiek korps wonen de zitting bij. De gezant van " Duitschland alleen is afwezig. De openbare tribunen zijn volzet. In de koninklijke tribuun hebben hooge burgerlijke waardigheidsbeklee - , derSj in groot uniform, plaats genomen. ■fr-" -M i"-' n:misters zijn ranweaig. Ten 9 Y> ure gaat het bureel, voorgezeten door den ouderdomsd'eken M. Del vaux over tôt de samenstelling van de parlementaire afvaardiging, sënators en volksvertegenwoordigers, gelast met de koninklijke familie te ontvangen. In afwachting van de opening der zitting worden luide gesprekken gevoerd. De tijding dat Duitschland den oorlog aan België verklaard heeft, o3 zou verklaard hebben, ver-wekt eene grooîe ontroering en eene niet min-der groote verontwaardiging. Ten 9 % ure kwam de liertog d'Utsel in uniform van eenvoudig soldaat der gidSen, in de zaal. De edelman neemt plaats te midden van de socialistisclie groep. Talrijke handen worden hem mot zichtbare onti'oering toegesto-ken.Ten 9 ure 55 wordt de komst des konings en van de koninklijke familie aangekondigd. — Eene pleehtige stilte volgt. Al de Parlements-ledën, zonder onxlerscheid van gezindheid,staan recht,; de leden van het diplomatiek korps,en de hovelingen eveneens. Iedereen wacht in spanning. Ten 11 ure 15 verschijnt de koningin met de prinsen Leopold en Karel en prinsesje Marie-José in de zaal. De vorstin is vergezeld van verscheid'ene eeredamen en generaal Goffinet, bevelhebber dër burgerwadht. Eene geestdrifti-ge ovatie breekt los : ,,Leve de koningin !" weerklinkt als een donder. Eenige oogenblikken later verschijnt de koning, in klein uniform van oppergeneraal, in de zaal, vergezeld van graaf Jan de Merode, generaal Jungbluth, en zijne stafofficiers. Eene nog luidëre ovatie breekt los. Al de aanwezigen, zonder onderscheid wuiven met de zakdoeken en minuten lang juichen zij den koning toe. Nooit of nooit beleefde men zulk een aangrijpend oogenblik, en men zag, op aile banken, tranen van ontroering vloeien. Wanneer het gejuich, het handgeklap en het ,,Leve de koning !" uitgewoed is, neemt de koning, voor zijn troon rechtstaande het woord. Al de aanwezigen staan recht en eene pleehtige stilte volgt. Met kalme en vaste stem, spreekt de vo^t tôt de vertegenwoordigers der natie. REDEVOERING DES KONINGS. „Nooit, sedert 1830, is er voor België een gewichtiger en erger uur geslagen ! Ons vaderland is in g"evaar ! De kracht zelf van ons recht, de genegenheid1 welke België, fier over zijne vrije instellingen on zijne zedelijke over-winningen, bij al de naties onafgebroken geno-ten heeft ; de nood'zakelijkheid, voor het even-wicht van Europa, en voor ons onafhankelijk bestaan, doen ons nog hopen dat de gevrees-de gebeurtenissen zich niet zullen voordoen. Maar, indien wij in onze hoop teleurgesteld worden, indien wij ons moeten verzetten tegen de over-rompeling van ons grondgebied en onze be-dreigdë haardsteden moeten verdedigen, dan zal deze pliclit, lioe liard' hij ook moge wezen, ons gewapend vinden en vast besloten tôt de groot-ste opofferingen. (Geestdriftige toejuichingen). Van nu af, en in het vooruitzicht van aile gebeurlijkheid, is onze moedige jeugd te been, bereid en vast besloten om ons bedreigd vaderland1 te verdedigen met den taaien moed en de traditioneele koelbloediglieid welke de belgen kenmerken. In naam der Natie stuur ik onze jeugd een broederlijken groet toe. Overal, zoo in Vlaan-deren als in Wallonie, in de sted'en en op den buiten, prangt slechts één gevoel aller har- ten : de vaderlandslieftle ! Een enkel visioen houdt al de geesten bezig : onze bedreigde onafhankelijkheid ! Een enkele plicht dringt zich op aan onzen wil : de hardnekkige tegenstand! (Langdurige en geestdriftige ovatie, en geroep: ,,Leve België,!'') In deze gewichtige omstandigheden, zijn twee deugden onontbeerlijk : de kalme maar vast-beraden moed en de nauwe vereeniging en eenheid van aile belgen. Beidë deugden zijn reeds op schitterende wij-ze verwezentlijkt onder de oogen van ons van geestdrift vervulde volk ! De onberispelijke mobilisatie van ons leger, de menigvuldige dienstnemingen van vrijwilligers, de opoffering van de burgerlijke bevolking, de zel Sverlo o cli eni n g der families hebben op onlooehenbare wijze bewezen dat een liartversterkende moed ons belgisch. volk ver-voert. De tijd is nu gekomen om te liandelen. (Hevige toejuichingen.) Ik lieb U bijeengeroepen, Mijne Heeren, om de Wetgevende Kamers toe te laten zich aan te s*luiten bij de vaderlandsclie uitboezeming van zelfopoffering ! Bij hoogd'ringendheid, mijne Heeren, zult gij, én voor den oorlog én voor de openbare orde, aile noodige maatregelen we-ten te nemen, welke de toestand vereischt. — Wanneer ik deze vergadering overschouw, op-geheven van geestdrift, waarin er maar ééne partij meer bestaat, deze van het Vaderland, waar aile harten kloppen in een zelfde gevoel van vaderland'sliefde, dan keeren onze herin-neringen terug naar 1830 en ik vraagi u, mijne Heeren : Zijt gij vast besloten, onwrikbaar besloten, den geheiligdën erfgrond onzer voor-vaderen ongesclionden te bewaren ? Niemand zal in ons land aan zijnen plicht te kort komen ! (Geroep : Neen ! Neen ! Gejuich en ge-wuif met zakdoeken.) Ons sterk en tuclitvol leger is op de hoogte van zijne taak. Mijne regeering en ik zelf hebben voile vertrouwen in onze oversten en in onze sgldaten. Innig gehecht aan onze bevolking, door haar ondersteund, heeft de regeering het voile bewustzijn harer verantwoorde-lijklieid en zal deze tôt het uiterste weten te dragen,metde beredeneerde overtuiging, dat de pogingen van allen, vereenigd in de vurigste en de edelmoedigste vaderlandsliefde het opper-ste goed van ons land zullen vrij waren. Indien de vreemdeling, spijts onze onzijdigheid waarvan wij steeds nauwgezet d^e ei-schen vervuld hebben, onzen vadergrond scliendt, dan zal hij al de belgen vereenigd vinden rond onzen Vorst, die zijnen grond-wettelijken eed nooit gebroken heeft en nooit zal breken, en ook rond de regeering, welke het voile vertrouwen van gansch de bevolking geniet. (Geestdriftige ovatie.) Ik ben vol hoop en betrouwen in onze lots-bestemming : een land, dat zich verdedigt, — dringt zich op aan den eerbied van allen ; Dat land vergaat niet ! (Luidruchtige toejui-jViliinoen.) , ( God zal met'ons zijn i « djeze r ccli t\\nuraige zaak ! Leve het onafhankelijk België!" Wanneer de koning vertrok en eveneens,eenige stonden later de koningin, de prinsen en de prinses, dan beleefde het Parlement eene nieuwe uitbarsting van geestdrift. Als een man jnichte het Parlement, het publiek en de Druk. pers Hunne Majesleiten toe. Geen werorden kunnen de geestdrift uitdrukken die al de aanwezigen bezielde. >erklaringen van M. de Bropueville. Na het vertrek der koninklijke familie, geeft M. de Broqueville aan het Parlement keirnis van de officieele briefwisseling tusschen de belgische en duitsche regeeringen gewisseld. Wij zullen deze gewichtige verklaringen zjoo kortbondig en klaar mogelijk samenvatten : ,,De plicht gebiedt mij, zegt M. de Broqueville, minister van oorlog en voorzitter van den ministerraad, lezing te geven van de dokumenten die de liouding wettigen welke door de regeering in de erge omstandigheden, die wij bele-ven, aangenomen is. Den Zondag; 2 Augustus, ten 7 ure des a-vonds overhandigde de gezant van Duitschland aan den minister van buitenlandsche zaken de volgendc duitsche nota, die zorgvuldig in 't fransch vertaald werd en die luidt als volgt: DE DUITSCHE NOTA. „Het duitsch gouvernement heeft zekere be-richten ontvangen volgens1 dewelke de fransche legermaclilen zouden voornemens zijn langs de Maas op van Givet naar Namen te trekken. Deze berichten laten geen den minsten twijfel over het inzicht van Frankrijk langs belgisch grondgebied naar Duitschland op te rukken. Het duitsch keizerlijk gouvernement kan niet nalaten te veronderstellen dat België, ondanks zijn besten wil, niet in staat is eene fransche vooruitrukking op eene zoo groote legeront-wikkeling te beletten. In dit feit vindt men de voldoende zekerlieid van eene bedreiging tegen Duitschland gericht. Het is een dringende plicht van zelfbehoud voor Duitschland dezen aanval van den vijand te voorkomen. — Het duitsch gouvernement zou ' grootelijks betreuren dat,België het feit dat de maatregelen der vijan-den van Duitscliland het dwingen van zijnen kant het belgisch grondgebied te schenden, als eene vijandelijke daad zo,u beschouwen : Ten einde aile misverstand te doen beletten, verklaart het duitsch gouvernement het vol-gende : le. Duitschland heeft geene enkele vijandelijke daad in 't zicht tegen België. Stemt België crin toe in den oorlog, die beginnen gaat eene welwillende onzijdige liouding aan te nemen, tegenover Duitschland, dan verbindt zich het duitsch gouvernement op het oogenblik van den vrede het koningdom en zijne bezittingen, in gansch liunne uitgestrektheid te waarborgen. ■2. Mits de aangehaalde voorwaarde ver -bindt zich Duitschland, zoodra de vrede gesloten is, het belgisch grondgebied te verlaten.3e. Neemt België eene vriendschappelijke liouding aan, dan zal Duitschland, 't akkoord met de overlieden van het belgisch gouvernement met gereed geld al koopen wat voor zijne troepen nood'ig is en de door België gele-den schade vergoeden. 4e. Zoo België zich op eene vijandelijke wijze gedraagt tegen de duitsche troepen en bij-zonder moeilijklieden maakt voçr liunne vooruitrukking door eene verdediging van de for-ten der Maas of door de vernieling d^r we-gen, spoorwegen, tunnels of andere werken, dan zal Duitschland gedwongen zijn België als vijand te beschouwen. In dit geval zal Duitschland geene enkele verbintenisi aangaan tegenover het koningdom, maar het zal de latere regeling van de be-trekkingen der twee Staten tegenover elkander aan de beslissing der wapens over laten. Het duitsch gouvernement heeft de verrechtvaardig-de hoop dat deze gebeurlijkheid zich niet zal voordoen en dat het belgisch gouvernement de gepaste maatregelen zal nemen om te heletten dat zij zich zouden voordoen. In zulk geval zullen de betrekkingen, die beidé naburige Staten vereenigen, nog inniger en duurzamer worden.Deze lezing werd herhaaldelijk door gemor onder broken. HET FIER ANTWOORD VAN BELGIE. Maandag antwoorddë de belgische regeering het volgende op de duitsc^e : ,,Deze nota heeft bij het belgisch. gouvernement eene diepe en pijnlijke verbazing veroor-zaakt. De inzichten die Duitschland aan Fran-rijk toeschrijft zijn in tegenstrijd met de uit-drukkelijke verklaringen ons den 1 Augustus namens de regeering der fransche Republiek gedaan. - DAARBIJ, INDIEN, IN TEGENSTRIJD MET ONZE VERWACHTINGEN EENE SCHENDING VAN DE BELGISCHE ONZIJDIGHEID DOOR FRANKRIJK ZOU BE-GAAN WORDEN, DAN ZOU BELGIE AL ZIJNE INTERNATIONALE PLICHTEN VER-VULLEN EN ZOU ZIJiN LEGER DEN O-VERWELDIGER DEN KRACHTDADIGSTEN WEER9TAND BIEDEN. „De traktaten van 1839, bekrachtigd door de traktaten Van 1870, roepen de onaflianke-lijkhfid en de onzijdigheid van België uit, onder den waarborg der mogendlieden en name-lijk van de regeering van Z. M. den koning van Pruisen. België lieeft altijd trouw zijne internationale verplichtingen nagekomen. DE AANSLAG TEGEN ZIJNE ONAFHANKELIJKHEID WAAR-MEDE HET DUITSCH GOUVERNEMENT BELGIE ^BEDREIGT, ZOU EENE OPENLIJ-KË SCHENDING VAN HET VOLKENRECHT ZIJN. GEEN ENKEL STRATEGIS'CH BE-LANG WETTIGT EEN SCHENDING VAN DIT RECHT. MOEST DE BELGISCHE RE GEERING DE HAAR GEDANE VOORSTEL-LEN AANNEMEN, DAN ZOU ZIJ DE EER DER NATIE OPOFFEREN EN TE GELIJK AAN HARE PLICHTEN TEGENOVER EUROPA TE KORT KOMEN. BEWUST VAN DE ROL DIE BELGIE SINDS MEER DAN TACHTIG JAAR IN DE WERELDBESCHAVING SPEELT WEIGERT DE REGEE-KING TE GELOOVEN DAT DE ON. Ai- ilA.\ iviAj j K i AN BELGIE iMAAR ALLEEN k AN BElj^J)E^_ J JVEN AAN DEN PRIJS DER SCHEmÏÏNa ZIJNER ONAFHANKELIJKHEID. INDIEN DEZE HOOP MOEST VERZWINDEN DAN IS DE BELGISCHE REGEERING VAST BESLOTEN DOOR AL DE MIDDELEN DIE IN HARE MACHT ZIJN ALLE KRENKING VAN HAAR RECHT AF TE WEEREN." Eene lange ovatie brak los, en de socialis-ten zoowol als de anderen juicliten geestdriftig toe. M. dp Broqueville vervolgde : De oorlogsverklaring. Heden morgen bestelde de gezant van Duitscliland het volgende anlwoord aan M. Davignon, minister van buitenlandsche zaken. BRUSSEL, DEN 4 AUGUSTUS 1914. MIJNHEER DE MINISTER, fiv BEN GELAST EN IIEB DE EER U-WE EXCELLEN CIE TE VEKWITTIGEN, DAT IK TEN GEVOLGE VAN DE "WEIGE-RING VAN IIET GOUVERNEMENT ZIJNER MAJESTEIT DEN KONING OP DE MET EEN GOED INZICHT BEZIELDE INZICHTEN, WELKE HET KEIZERLIJK GOUVERNEMENT HET HAD ONDERWORPEN, DIT LAATSTE ZICH TOT. ZIJN GROOTSTE SPIJT VERPLICHT ZIET, ,ZOO NOODIG, DOOR HET GEWELD DER WAPENS, DE VEILIGHEIDSMAATREGELS ALS ONONT -BEERLIJK AANGETOOND, UIT TE VOE-EEN".(Deze meedeeling verwekte eene groote op-schudding.),,Dit antwoordj, zegde M. de Broqueville ver-der, lioeft geen verder betoog. HET WOORD IS NU AAN DE WAPENS. WIJ ZULLEN ONZEN PLICHT DOEN, — GANSCH ONZEN PLICHT. WIJ KUNNEN OVERWONNEN WORDEN, MAAR NOOIT ZAL MEN ONS TE NEERS'LAAN. GEHEEL ONS HART, GANSCH ONZE HOOP, BE-RUST IN HET BELGISCH VOLK. ZELFS MOEST HET OVERWONNEN WORDEN,DAN ZAL MEN HET NOOIT KUNNEN ONDER-DRUKKEN !" Tien minuten lang juichte het Parlement, het publiek en de parlementaire dagbladsclirijvers dit antwoord toe. „Leve België l" Leve onze onafhankelijkheid ! Leve het Vaderland ! was al wat men lioorde. M. de Broqueville werd door al de partijen, door Vlamingen en Walen toegejuicht met v ongemeenen en indrukwekkenden geestdrift. — \ Honderden handen werden hem toegestoken. ) M. Delvaux, ouderdomsdeken riep te midden van eene nieuwe uitbarsting van geestdrift.„WIJ STELLEN AL ONZE HOOP IN DE REGEERING. HET EENDRA CIITIG BELGIE ZAL NIET VERGAAN!" De zlîting wordt daaroip geheven. — Vele volksvertegenwoordigers weenden. De senators begaven zich naar hunne vergaderzaal. DE KAMERZITTING. Een kwart uurs later wordt de Kamerzit-ting geopend. De geldigheid der wetgevende kiezing van 24 mei laatstleden wordt, op ver-zoek der oppositie, zonder bespreking goedge-keurd. De gekozenen leggen den grondwettelij-ken eed a,f, in 't vlaamscli of in 't fransch volgens de arrondissementen waar toe zij be-liooren.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Den Kempenaer: wekelyksch staet- en letterkundig nieuwsblad behorende tot de categorie Katholieke pers. Uitgegeven in Turnhout van 1838 tot 1937.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Onderwerpen

Periodes