Gazet van Brussel: nieuwsblad voor het Vlaamsche volk

429 0
29 november 1914
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1914, 29 November. Gazet van Brussel: nieuwsblad voor het Vlaamsche volk. Geraadpleegd op 05 augustus 2020, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/qr4nk37k06/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

lste Jaargang. — Nr 1 Prijs : & centiemen 29 November 1914. Gazet Van Brussel NIEUWSBLAD VOOR HET VLAAMSCHE VOLK Handschriften worden niet terug gezonden BEHEER EN REDAKTIE : 12, Zwarte Lieve Yrouwstraat, 12 AANKONDIGINGEN : Plaatiaanvragen : 5 cet tiemen per halven regel ; Andere aankondigingen : 10 centiemen ; Publiciteit: 30 centiemen. ONS DOEL IVaarom ons lilad? 1 Vandaag verschijnt voor de eerste maal De Gazet van Brussel. Waarom dit nieuwe blad? Ten eerste, ora onze Vlaamsche menschen zoo regel-matig en zoo getrouw mogelijk op de hoogte te houden van het laatste oorlogsnieuws. Daartoe zullen wij steeds officiëale mededeelingen geven van de verschillende oor-logvoerende landen. Deze mededeelingen, die in Brussel het eerst toekomen, zullen wij aanvullen door belang-wekkende^ en geloofwaardige gegevens ait de internationale pers. Dikwijls zullen wij daarbij een beredeneerd overzioht geven van den algemeenen oorlogstoestand. Wij zoeken onpartijdig de waarheid en willen die onver-bloemd mededeelen, want met valsohe berichten en groote woorden behaalt men geen overwinningen en wordt het vaderland niet gediend. Alleen de waarheid hebben wij noodig, zij alleen kan onze redding en ons richtsnoer zij a. Ten tweede willen wij met ons geliefde Viaamsohe volk samen overwegen wat ons in de huidige omstandig-neden te doen staat, om zooveei mogeiijk te hersleilen wat door den oorlog verwoest ol beschadigd werd, zoo zedelijk als stoflelijk. Want niet alleen huizen zija ver-nield, niet alleen akkers vertrapt, niet alleen menschen gedood, 00k aan onze volksziel is echade toegebraoht, 00k onze volksgeest werd in de war gebracht door ophit-sing, paniek, tegenstrijdigheid en gewetenloos persge-schrijf. Ons volk moet zijn kalmte, zijn,eveiiwicht, zijn ) gezonden zin voor de werkelijkheid terugwinnen, want nu heeft het die meer noodig dan in vredestijd. Wij willen daaraan meehelpen door bezadigde voorlichtiug, alleen gedreven door de liefde tôt ons diepbeproefde volk. België en de Oorlog Wanneer in 't begin der maand Augustus de Euro-peesohe oorlog uitbrak, klonk in België overal de ang-Btige vraag : zal ons landje van deoorlogsrampen bevnjd blijven? Wij vroegen niets dan vrede en strenge onzij-digheid. Als een donderslag kwam oensklaps het nieuws, dat Duitsohland België verzooht vrijen doortooht aan zijn leger te laten, tegen voliedige sonadevergoeding en onder waarborging van onze onafhankelijkheid. Wij willen hier niet onderzoeken welke beslissing ons volt zou genomen hebben, indien het was geraadpieegd kunnen worden. Wat er 00k van zij, onze regeering besloot tôt den oorlog. Frankrijk en Engeland beloofden hulp; volgens het algemeen gedacht zouden de Dm tacher s van den Belgischen bodem verdreven worden. Une dagen hield de stad Luik het ait tegen den aanval, enkele for-ten nog een paar dagen, en net dapper Beigisch leger had een eerste maal gebloed : de eer zijner wapenen was gered. Waar bleven de bondgenooten? Wel stonden onze bladen vol geheimzinnige Oenchten over hun oprukken en hun plannen, doch bij Luik hadden zij ons in den steek gelaten, en hoewel onze spoorlijnen tôt hun beaohikking stonden, kwainen ze 00k thans niet.Duitsch-land stelde opnieuw voor den strijd te staken, tegen dezelfde voorwaarden als vrocger. Wat moesten wij doen ? Naar het sckijnt, was koning Albert met enkele ver-lichte staatslieden en legeroversten voor den vrede ; de drukking van Engeland en Frankrijk sloeg dit wija raadsbealuit in duigen. Wij kennen het verder rampzalig verloop : de inneming van onze sterke vestingen Namen en Antwerpen, de deelname van inwoners in de provin-cie Luik en elders aan de«i strijd, met de schrikkelijke gevolgen daarvan, de bezetting van ons gansohe land door de Duitsche troepen, de vlucht van onze regeering en de overblijfselen van ons leger naar Frankrijk. Heel het land door hoorden wij herhaaldelijk zeggen dat wij na den val van Luik vreae hadden kunnen en moeten maken. Van het oogenblik dat een ontzaglijk Duitsch leger de Maas overtrok en de hulp der bondgenooten achterwege bleef, was tegenstand onmogelijk en moesten wij voor de overmacht buigen. Wij hadden onze plicht gedaan en hoefden ons land niet bloot te stellen aan voikomen ontreddering. Anderen blijven van mee-ning dat de 9er ons gebood voort te vechten en het uiterste te beproeven, doch 00k zij zijn pijnli]k getroffen door de zonderlinge houding ouzer bondgenooten tege-nover België. Wie zijn nu de beste vaderlanders : zij die het land aan verwoesting en ondergang wilden prijsgeven of zij die na de verdediging van Luik net vaderland wilden sparen en een eervollen vrede sluiten? Wij laten het antwoord aan onze lezere over en denken er het onze van. Wij eerbiedigen elke overtuiging en begnjpen de moeili^^nositie van onze Regeei ing ; als bij aile ware Bèig^^^^n 00k ons liart bij onzeh heidhaftigen koning en bij^^-Ç^ engelachtige koningin. Vôôr ailes bewonde-ren wij de dapperheid van onze soldaten in deze erge beproeving. Onze Plicht Nu de strijd in België zoo goed als geëindigd is, wordt I onze vaderlandsche plicht kiaar en duidelijk. Wij moeten zooveel mogeiijk onze bezigheden hervat-ten en het leven zijn normalen gang doen terug bekomen. Wij begnjpen maar met hoe sommige menschen weige-ren te werken uit zgn. vaderlandsliefde, vermits zij daaraoor alleen zichzelven en hun landgenooten nadeel toebrengen. En wat zullen de latere gevolgen zijn van het stil liggen der zaken? Het ergste staat ons te wach-ten.Zij die kunnen, moeten werken. Ieder moet op zijn post zijn. Wat te zeggen van bur-geineesters, dokiers, ambtenaren e. a. die zonder eenige reden, enkel uit schrik, hun poat veiiaten hebben! Hoe te denken over njke lieden die hun duurbaar j.even in Holland, Engeland of Frankrijk in veiligheid gaan bren-gen zijn en hun medemenscnen in den nood acùteriaten 1 Zij verloochenen uit lafheid en uit îkzucht hun eerste burger plient. Wij moeten ons hoeden voor valsche geruchten. Van den aanvang van aen oorlog aan, zijn wij overstroomd geweest met alleriei benenten die eenvouuig uit de iuent gegrepen waren en rondgeatrooid weroen door dagolad-scnnjvors die het volk wiascmen onvnj wiliig bearogen en belogen, tôt op dt>n dag der vreeselijke ontwaking. En zi] zijn er in geiukt vei warnng en onrust te zaaien in ons volk, dat door hun ophitsingen oneindig veel geleden heeft. Hadden onze gazetten aan het volk gezegd wat het moest doen en laten tegenover de soldaten, hadden zij het aangespoord tôt kaimte, het geru&t gesteld, het de waarneid met verzwegen van den beginne af, dan ware het onheii met gekomen over zoovele ougelukkige steden en dorpen, dan ware het grootate gedetlte der gevluchte bevoïking teimis gebieven en ware het op de meeate piaatsen rustig toegegaan. Nu neett het aan-prediken van haat en wraakzucht diepe sporen nagelaten in ganoen liet land bn nog wordt het miadadig werk vuortgozet zoowei te Brut sel als op den buiten, tôt m Holiand toe bij de Belgische vluohtelingen. Eindelijk, oi>ze houding tegenover de bezettingstroe-pen moet onberispelijk zijn; dat is een vaderlandsche plicht. Hoe hard en moeîlijk het soms 00k valle, wij moeten ons onderwerpen. Aile gewapend optreden van burgers is een misda,ad tegenover het vaderland, want het sleept altijd de ergste gavolgen na zich. Zij die de menschen daar rechtstreeks of onrechtstreeks toe aan-zetten, zijn echte verraders van hun land en volk. Besluit Wij, Vlaamsche Belgen, moeten vôôr ailes het moge-lijke doen om ons land voor verdere rampen te sparen. Herstellen wat we kunnen herstellen, opbouwen wat afgebroken werd, nood ienigen waar hij het felste nijpt, ijdel geklaag vermijden en fiink de handen uit de mou-wen steken, dat staat ons te doen. En wezen wij vast besloten onze taal en onzen landaard hoog te houden tegen gelijk welken vijand en in aile omstandigheden. Vlaamsche Belgen willen wij zijn en blijven l Wij kunnen nu besluiten met de verklaring dat de Gazet van Brussel uitsluitelijk opgesteld wordt door Belgen, die hun volk beminnen meer dan wie 00k en die alleen willen trachten dit volk nuttig te zijn in de maat hunner krachten. De Opstelraad. Algemeen Overzicht l)e oorlog in het Westen Op de Yzerlinie en de Zeekust. — Na de inneming van Antwerpen trokken de Duitschers naar de zeekust op en bezetten zonder veel tegenstand Grent, Brugge, Kortrijk, Eoeaelare, Thielt, Blankenberghe, Oostende, enz. Op de Yzerlinie stieten zij op zeer krach-tigen tegenstand. De verbondenen hadden aldaar aller-sterkste verachansingen aangelegd en het kwam tôt langdunge en verwoede geveenten. En nog is die weken-lange slag niet ten einde. Uiterst groot waren de ver-liezen aan beide zij den en nog steeds vertrekken nieuwe troepen naar het front. Belgen, Franschen, Engelschen, Afrikanen en Indiërs stonden hier in een wanhopigen strijd tegen de Duitschers en verloren één voor één de piaatsen Zandvoorde, Hollebe&e, Measines, Bixachoote, Diksmuiden, Langemarck, RamskapeUen, ISiype, Lom-bartzijde. Om denUuitschen opmarschop te houden werd door den Belgischen staf de streek ten Zuiden van Nieuwpoort en Diksmuiden onder water gezet. Daardoor îa wederom een vruchtbare streek van ons land aan den ondergang prijsgegeven, een streek die na eeuwen eerst aan de zee omworateld was. Vreeselijk hebben onze dappere jongens te lijden gehad op de Yzerlinie (aie arukel : « Heldenmoed der Beigen »;, waar zij steeds voor aan stonden. Nieuwpoort en Yperen zijn zwaar beaciioten en îmuier nauwer wordt de Duitacne îjzeren ring die beide Vlaamsche steden omklemt. Water, sneeuw en mist bemoeilijken de opera-tie's voor beide partijen. In No or d-Westelijk Frankrijk. — Ten Westen van Rijasel, bij Roye en iSoisaons nebben aanhoudend hevige gevechten plaats, met wisseiend geluk. Hard-nekkig hebben de Franaciien getracht den Duitachen recMervleugel af te snijden of achteruit te dringen, waardoor de vechtiinie tôt aan de Noordzee verlengd werd. Door het versohijnen van een nieuw Duitsch leger bij Rijsei en een tweede op de Yzer, viei het Fransche dian in duigen, en thans winnen de Duitscners langzam-terrein. Hun doel is blijkbaar den Franschen linkervlau gel tegen de zee te drukken of te omsingelen en Duin« kerken, Boulogne, Kales, met de zeekuat tegen het Kanaal te bezett&n, om Engeland in het hart te beurei-gen. Dat is geen lichte taak, maar het groot gewicht dat zij aan dit pian heenten inoet ons doen begnjpen dat zij met aile kracht er op actnsiuren. Auecht, Armentière^ en Béthune staan aan een zeer hevige bescMeting bioot. Aile praatjes over een Duitsohen terugtooht kunnen

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Gazet van Brussel: nieuwsblad voor het Vlaamsche volk behorende tot de categorie Gecensureerde pers. Uitgegeven in Brussel van 1914 tot 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes