Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad

2124 0
31 oktober 1915
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1915, 31 Oktober. Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad. Geraadpleegd op 05 februari 2023, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/348gf0nx21/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

B XX IR. E E L yoor Aankondigingen HOPLANO 30, Antwerpen Abonnement 2.50 fr. het jaar Het blad wordt ookwekelijks tehuis besteld aan 5 centiemen PiPM I .s-— ZQMDÂeseAmf BUREEL : LANGE GANG 6, ANTWERPEN ; OPEN DAQELIJKS VAN 2 TOT 3 UREM. ■>> | AANKONDIGINGEN (op voorhand betaalbaar) 4« bladz., den regel 0.30 Finaneieele aank. » 1.00 Reklaam onder de rubriek OVER ALLES » 1.00 Begrafenisbericht » 5.00 Uitgiften (overeen te komen) Bij dit blad behoort een Bijvoegsel. "^ADEN S'^ZAKEM" i. De Gezwoornen in het Assisenho Men kondigt de opening aan van de ass senhoven in de bezette provincies van Belgii Dit deed ons denken aan de Jury, die n elken zittijd erg te lijden heeft over de besli: singen welke zij in de afgedane zaken ui bracht. Waarom ? . Omdat zij het gewaag heeft een oordeel te vellen, dat het publie anders hadde gewild. In ons journalistiek leven hebben wij da£ meermaals getuige van geweest ; wij hebbe het uitgebrachte oordeel altijd geëerbiedig .en de Jury verdedigd. De Jury is voor ons een der opperste recl ten door het volk verworven. Immers z alleen heeft de macht te beslissen over h< leven van een lid der maatschappij. Een pe soon kan zulke groote misdadiger of moo. denaar zijn als er ooit een bestaan heeft zonder het ja-woord der Gezwoornen op d vraag of hij plichtig is of niet, kan het ass senhof of welke macht ook, hem niet veroo deelen. De maatschappij alleen, door de Jury ve legenwoordigd, heeft het hooge woord i Krimineele Zaken. Heeft de Jury altijd goed geoordeekl ? Zull beweren wij niet, door deze instelling te ve dedigen. Even goed kunrien wij de vraa stellen : Hebben de rechters altijd goede voi nissen geveld ? Maar wat wij met stelligheid bevestige is : dat én Jury en rechters hunne oordeele uitbrengen in de vaste overtuiging volgei recht te handelen. Waarom dan, zooals sommige mensche het willen, de afschaffing vragen der Jury De Jury is samengesteld uit menschen u aile standen der maatschappij, uitgezonder den werkersstand. Men heeft vroeger, wai neer het openbaar onderwijs de tegenwoo dige uitgebreidheid niet had als nu, wannee dus duizenden menschen van het voordeel I kunnen leeren niet genieten konden, den mil deren stand, voor wiens kinderen er geen scholen waren ,van bet recht van gezwoorn in rechtzaken te zijn, moeten uitsluiten. Nu iedereen door den leerplicht gedwonge wordt van het onderwijs te genieten, zal d dag aanbreken — mits een voorbehoud ne pens het zedelijk gedrag — dat iedereen zî kunnen opgeroepen worden tôt gezwoorne. En om terug te komen tôt het verwijt d: men de Jury aanwrijft geen goede oordeele uit te brengen, willen wij deze bemerkin il i et i . Udb iïefc gevoei van ""een mensch zee dikwijls strookt met de strengheid der w< en in vele gevallen er mede in strijd komt. Het gebeurt dikwijls dat een gezwoorn voor de plichtigheid van den besehuldigde w stemmen, maar het niet doet, omdat hij wei dat de mensch, dien hij door zijn bevestigen antwoord als plichtig verklaart een grooter straf zal bekomen dan de Jury in gewete hem zou moeten toegediend hebben. En daarin ligt volgens ons eene fout, welk wij *niet zullen trachten te verbeteren, maa waarop wij de aandacht roepen van degene die door hun arnbt en geleerdheid geroepe zijn de maatschappelijke wonden te heeler II. Tegen Bedriegers, Vervalschers en Uitbuiters De heer de Stoppelaar, voorzitter der Nedei landsche.Handelskamer, te Brussel, heeft ove eenige dagen bij de opening der jaarlijksch zitting dezer vereeniging een blaam uitge bracht tegen zekere personen die fabelachtig prijzen doen betalen voor eetmiddelen en we ren welke zij aan lagere prijzen aankooper wat een aanslag is op den goeden faam va: den Nederlandschen handel in Belgie. De achtbare Voorzitter drong er op aan da al de leden hem in kennis zouden stellen vai aile dergelijke feiten welke lien ter oore zou den komen, opdat een einde gestëld word aan die schurkerij. Uit de woorden van d#n heer de Stoppelaa kan men opmaken wat wij reeds meermaal aankloegen : dat hetgeen in Holland aan tame lijke prijzen word aangekocht, hier tegei woekerwinst moet betaald worden. Wij ontvangen verscheidene brieven ove de onbegrijpelijke houding der deftige win keliers en handelaars, die stilzwijgend hui bedrijf laten bezwadderen door de oneerlijk en strafbare handeling en werking der bedrie gers en vervalschers. Een der inzenders schrijft : — « Welhoi wij hebben Nerïngdoeners vereenigingen, di' altijd steun gevonden hebben bij de eerlijki en deftige bevolking en ook bij de openbari besturen, waarom kruisen de leiders deze vereenigingen de armen en laten zij het voll stroopen door oneerlijke bedrijfsgenooten ? » Neemt de huishuurkwestie dan maar al leen al de werkkracht in van die kringen ei bonden ?» Deze bemerking hoorden wij reeds meer maals maken. *** Wij hebben gemeld dat te Binche en omlig gende gemeenten het volk opkomt- tegen di verkoopers van levensmiddelen voor de hoogi prijzen welke ze vragen voor boter, eiersn ei aardappelen. De Burgemeesters van bedoelde gemeehter hebben plakkaten uitgehangen om hunne me deburgers tôt de goede orde te roepen en d< landbouwers aan te zetten « redelijke » prij zen voor hunne waren te vergen, anders zul len zij op de markten hunne waren niet meei mogen verkoopen. III Kleedingskomiteit Wij hebben in vorige nummers meldinj gemaakt en verdienden lof gebracht aan he Werk der Kleeding voor schamele burgers en werkmansfamilies. Er zijn twee afdeelingen van dit werk : et voor mannen en een voor vrouwen. Elk dezi afdeelingen heeft zijn werkhuis en bureeh van uitdeeling of magazijnen van gemaak goederen. De. werkliuizen voor mannenkleederen z«; in de bureelen van de « Banque Centrale hathelijnevest ; voor de vrouwenkleederen, : het winterlokaal der Koninklijke Harmoni | Arenbergstraat. • Het eerste dezer werkhuizen hebben w \ erleden Maandag kunnen bezoeken, dan aan de vriendelijke uitnoodiging van den hei Adolf Dumont, provincieraadslid, voorzitte dje er al zijnen vrijen tijd aan opoffert, daa in geholpen door den heer de Waha. Het was de heer A. Dumont, die ons ontvir en rond leidde. Het bureel van het bestuur zoo eenvoudig mogelijk : een lessenaar, tw< stoelen, een gasvuur en een kapstok ; 't ailes. Van daar komt men opvolgentlijk i het magazijn der gezonden kleederen u Amerika, welke losgetarnd, gewasschen, g verfd en geklopt worden. Eens aldus ten voile ontsmet en gezuiveri wordt ailes in 't groot werkhuis gegevei waar 83 man : snijders, tarners, naaiers, enz aan den arbeid zijn. In het magazijn der afgewerkte goedert hebben wij kunnen vaststellen welke pracl tige jassen, broeken, vesten, jaketten en ve tons, die brave werklieden afwerken. Want hier willen wij dit woord braaf ve reclitvaardigen : die mannen, van allen oi derdom, werken daar dagelijks rond de uren, niet voor een loon, nëen, voor eene d geïijksche vergoeding van fr. 1,50 ! Daaroi heeten wij ze braaf, en ieder zal zulks m ons beamen. Nog iets : benevens de kleergoederen wo den van den afval klakken en sloeffen g maakt, zoo netjes en flink als 't maar ieman zou kunnen. Ailes wat afgewerkt is, wordt in het m; gazijn bewaard tôt het — onder de strengs kontrool — afgeleverd wordt en vervoerd naî de stedelijke feestzaal. Van daar gaat h gedeeltelijk naar het Weldadigheidsburee naar het lokaal der Maatschappij « Unitas Nationalestraat, en naar dit van het « Synd kaat voor Handel en Nijverheid », Kor Nieuwst.raat ; waar het aan de schamele bu gers persoonlijk afgegeven wordt. Ook worden de gemeente en vrije schole bedeeld. Wij verlieten het lokaal van het Kleerm; kerswerk B., na den vriendelijken voorzitti heer Dumont bedankt_te hebben, ons in c gelegenheid te hebben gesteld de lezers va de i iEillustreerde Zondagsgazex met deze lo barc menschlievende afdeeling van het Natii naal Hulpcomiteit kennis te hebben late maKen. L. ANTWERPEN IN OORLOGSTIJI XVII. Mijn naam is Li-Ping-pang. In mijn land vond men een zang, waar gi het nu nog door u gebruikte ut re mi fa sol ! si uit getrokken hebt. In mijn wondei schoon land waar de voge niet zingen, omdat zij zich kunnen verlustige in eenen vedertooi. welke het rijkste pare moer overtreft, vindt men geen trompet-gr; mofonen of spreekinstrumenten omdat d gansche natuur er ééne simlonie is met hor tlerdvoudige mélodieuse klanken en geluider door onze metalloïden-rijke insekten vverel voortgebracht. In mijn hemelsch land, waar de tooverlar teern is gevonden en de grilligste spookblo( men hun bedwelmende geuren ter verdoovin van uwe ademhaling uitwasemen,... gaai wanneer de hemelfeeën als sterretjes in he uitspansel staan te schitteren, de mensche ter ruste, om er als godheden te droomen va heerschen en regeeren over ailes, wat zij i de werkelijkheid des levens niet kunnen. En in mijn schattenrijk land, waar alzoo d bewoners bij maneschemering slapen gaar verstoort niets meer het droomen, war strenge policieagenten waken. Zoo had ik mij dit hier in de Scheldesta ook voorgesteld, maar oh Ah-Nah ! wat hee: Li zich bedrogen. Pas lag ik in een bed — wat mis ik mij zij-donzen kussens,.... en Boedha weet wi en wat-voor menschen en bèesten er op mij hotelleger hebben geslapen—of... terrettettel taraboem ping-pangdrong een kakofonie doo mijn kamerwanden heen. In mijn paradijsachtig land, waar zefier e nimfenlied harmonieus een slaapliedje do-dc dodoenen en engelen de kleintjes in slaa zoenen, daar vond eens een wijze het klok kenspel uit, dat klingelende klangelende ge luid, zoo teeder en zachtkens van tonen. Wij hingen die bellen en klokjes aan d kanten kragen onzer woningen, waar d wind er dan op kan spelen ; verbeeld u da ook de verbazing van Li den Chinees, die n hij bij u te gast is en zijn hôtel heeft gekoze bij uwe pagode, in het geheel geen klokje hoort klin-klanken. Wel hoorde hij bij het doorbreken van de dageraad en tegen het aanbreken van de avondstond klokkenklepels bombammen ui de hooge torens van uwe tempels, maar he liefelijk geluid van klokkerigespeel hoorde h niet over hem ruischen. En toen ik nu dezer dagen naar aanleidin van het gezaag van dien gramofoon en he luiden der kerkklok, den hotelhouder er ove sprak, verteldemij die Franschman : — Ah, m'sieu Li, c'est la guerre ici. — Si, si on est en guerre ; on fait le ping pang-bom ! C'est triste, mais c'est comme ça voilà !.... En ik dacht : Die « gasthofman » spreek bijna Chineesch, want hij doet mij aan he la si do weer eventjes denken. Hij noopte m: ook een gesprek aan te knoopen, dat, gelij hij het zelf uitdrukte, « oorlogszeever » wordi genoemd, en waar ik met mijn chineesch ver stand geen logika weet uit te trekken, maai wel de moraal in ons oud-chineesch spreek-woord vervat : Wanneer de leeuw den tijgei ontmoet, kan de Hindoe den ezel weghalen Want wie het ook wint, verliest toch zijr prooi, en de buit weegtniet op tegen verliezen, 'k Verzocht dan ook den veelsprekenden man mij tijdens-mijn verblijf niet over oorlog te spreken, want ik bevind mij in het geval van duizenden, die evenmin iets van den oor-log hadden gezien en er nu toch ook niets van zagem Wel wil ik gelooven, dat het er hier vroeger anders uitzag, maar dat weet ik niet. Ik ben alleen naar hier gekomen om te zien en te aanschouwen, en ildus beschouw ik de Sinjorenstad, zooals zij er nu uitziet, er. ga ik na wat de menschen er thans doen. Nu had mijn « hôtelier » mij ook gesproken van de « porte de Chine », zoodat ik besloot mij aan een gids toe te vertrouwen, die mij dan de China-poort zou laten zien. Mijn cicerone was beter bèspraakt en veel meer op dehoogte van Antwerpen en omstre-ken dan ik verwacht had. Heel aangenaam koutend hadden wij plaats genomen in tram 3. Na eene rit van een Klein half uur stapten wij uit en 'k zag niets. Mijn gids zeide mij : — Ziedaar nu de Chinapoort, doch dat is slechts een Fransche verbastering van Schijn-poort.... en hij lachte eens de vent. Maar ik bleef mijn Oostersche kalmte be-waren en drong op nadere uitleggingen aan. Hij vertelde mij dat de bewoners uren in den omtrek in geen twintig jaar zoo gelukkig zijn geweest dan juist nu met dit oorlogsjaar, omdat de Merxemsche fabrieken het Schijn niet meer verpesten en zij dus deuren en ven-sters des avonds open konden laten. 'k Had niet veel lust een westersche valling op te loopen en we trokken maar rap dien windhoek uit. Nu gingen we tevoet. Mijn geleider dwaalde met mij door heel veel buurten en straten der ioc wijk, opdat ik het leven der havenbewerkers zou aanschouwen. Het was Zondag, dus zag ik de menschen in hun schoonste gedoe met fraaie pluimen omhangen, iets wat bij ons niet bestaat, want daar heeft men geen weeksch-en zondagschkostuum. Toen de lampions — 't is te zeggen uwe gas- en bougielichtekens — werden ontstoken. zag ik de menschen stedewaarts gaan.'kVroeg de reden en mijn gidf zeide mij : — Ja, mijnheer, dat :s hier zoo de gewoonte; 's Zondags gaat men naar de steenwegen en naar de Meir, en dar een pintje pakken in een calé-chantant. — Ha, mijnheer Li-Ping- .i*■'V."i,. 'iu aiig iyo ^Ciioun als ner-gens ter wereld. Ge moet maar eens komen naar den Beeldekensweg. 't Is zoo schoon om het te hooren. Men zit overal warm, heeft er leute en prêt en drinkt er het beste gersten. — Mij goed, vriend. Breng mij dan maar eens naar uwen Beeldekensweg. Nu het Maandag is en ik nog lichter in mijn hoofd ben van uw gersten dan van honderd pijpjes opium, moet ik u eerlijk vertellèn dat ik spijt gevoel over mijne nieuwsgierigheid. Ik had gedacht een weg te bewandelen, breed en schoon, vol kunstig gehouwde beelden, belommerd door eeuwenoude boomkruinen en... we gingen door een smalle straat met oude huisjes, zonder beeldjes, doch zwart van vroolijk koutende menschen. Toen hoorden we muziek : we zagen eene deur openen en drongen door veel menschen 'k Geef u de verzekering dat deze music hall'sche muziek verre te verkiezen is bove de Vlaamsche schouwburg-kapel, zells zoo. dat ik m:jn pint uitdronk en een andere tir geltangel daar tegenover binnentrok. Ah nah ! Wat een volk was hier èn geei ' wonder. Aan het eind der zaal was een getim merte, dat men met doek en beschilderi papier had veriraaid, en daar op dat toonee (zoo noemt men zulk ding),maakten een paa levende poppen allerlei vlugge apen- en bok kesprongen 'k Vond het zelf plezierig en haï zooveel leute dat ik wat bleef toezien en mijn steeds maar droog wordende keel door he noodige gersten nog droger maakte. Toen die danseressen moe gesprongen waren bogen ze hun wespenlichaam in twe wierpen wat kushandjes toe en tararaboem diéet, weg waren ze. Het volk in de zaal stampte, klapte in d handen, bulkte het uit, doch al hun bisse: hiepl niets, integendeel ; er kwam een dikk Ésnuiter op de plar ken, die me daar ee scène zong dat ail katjes in de zaal ht uitbegonnen teproe sten. Hij baritond zoo geweldig mijn verlicht hoot er van begon te goc zen en wij door he volk en de deur e uit bonsden. Heh, de buiten luchtdeed ons goed doch wat verderwa er weer zoo'n cavit je. Wij er in enjsoi waar ik een chinee ben, daar zong mei een lied op een aangename wijee di steeds weer keert. Dat was nu het lied da mijn hart bekoorde, het lied vol melodi luister : Ping pang kweepo pipohneski. ping pang kweepo li o na. O, Nikodemus ! O sarawarski O, Nikodemus ! sarawarawarski ! Gij kent het niet dat lied, wellicht zullen e enkelen zijn die het wel eens hebben gehoort en hebben zij het niet, dan moeten zij maa: eens opletten, er worden thans zooree vreemde liedjes gezongen. Bij ons in Chin; is dat anders, daar heeft men draaiorgels, dit overal en.dagelijks door de straten gaan et dan niets anders dan de nationale en d( eigen volksliedjes spelen. Mij deed het echter nu werkelijk genoegei een lied te hooren dat mij op lange marschei wel eens opgevroolikt had, en zoo gingen wi dan ook hier weer de vol ro&khangendi bierzaal binnen. Pas gezeten kwam er echter een Romeo voor het voetlicht en de vent die de woorden uitsprak als een uit den Seef-hoek, wist zooveel aandoening in zijn stem te brengen, dat de mannen uit ja- yjw loerschheid naar hun M vrouwen zagen. Niet jjf j# aile vrouwen wisten S M hun gevoel te be-heerschen ; zoo zet ^ er voor mij een dit ttiï- op den stoel ginf 1/ staan, heur halvei /-y trouwring moes haar ondersteunôn \°j hij deed ditgedwee maar o wee 1 nu zett( diejulia mij in he' duister en nietsmeei kunnende zien, verlieten wij het lokaal tje en daar het al laai was geworden, toog ik naar mijn hôtel Mijn gids bleef nog watplakken.hij vonc het zoo droevig ir de stad, wat ik toch maar niet kon be grijpen. Gij wel ? Lari. Goed Meinvs voor de Ondenvyzcrs De heer P. Cnudde, algemeene secretaris van de Algemeene Federatie der Belgische Onderwijzers, kondigt onderstaande schrij-ven af, gedagteekend 14 October igi5, betref-fende de jaarwedden der onderwijzers, welke door de nieuwe schoolwet van 19 Mei 1914 zijn vastgesteld. « Den 19 Mei 1914 werd eene nieuwe schoolwet afgekondigd waardoor o. a. den stoflelij-ken toestand der onderwijzers merkelijk ver-beterd werd, en dit met terugwerkende kracht tôt 1 Januari 1914. « Echter, met het uitbreken van den oorlog bevinden zich vele Belgische gemeenten in eenen moeilijken geldelijken toestand, zoodat het niëuw barema van jaarwedde niet van kracht is kunnen worden. « Door omzendbrieven van 25 April en 8 Aug. igi5 heeft de alg. secretaris van het Ministerie van Wetenschappen en Kunsten doen weten, dat de onderwijzers zich moesten tevreden stellen voor het jaar 1914. evenals voor 1915, met dezelfde jaarwedde als'degene die zij op de gemeentebegrooting in igi3 getrokken hadden. « De alg. secretaris had zonder twijtel uit het 00g verloren dat, voor het jaar igi3, de wedde der onderwijzers uit twee deelen was samengesteld : het een door de gemeente betaald en het ander « bijgevoegde deel » (van 100 tôt 5oo 1rs.) door den Staat, op de som genoemd het « Krediet der vier millioenen ». « Met eenen pennetrek bewerkte men : 1. de nieuwe schoolwet werd niet toegepast in wat de wedde aangaat ; 2. het krediet van 4 millioen werd afgeschaft. « Wij zullen niet vitten op den eersten maatregel, gezien den ongunstigen geldelijken toestand waarin talrijke gemeenten zich bevinden. Maar wat de afschaffing van het krediet van 4 millioen betreft, dat ten laste van den Staat was om de wedden der onderwijzers met 100 tôt 5oo (ranks te verhoogen, kunnen wij deze niet goedkeuren, zooveel te minder dat zij tegenstrijdig is met eene uit-drukkelijke schikking der schoolwet,dieluidt: « De huidige wedden van de onderwijzers en die, welke hun later toegekend worden, mogen hoegenaamd niet verminderd worden, zoolang de titelvoerders h"Un ambt in dezelfde gemeente waarnemen. « De bij wedde, welke de belanghebbender bij het m werking treden van deze wet trokken op het krediet van vier miilioen, gebracht op de begrooting van het Ministerie van Wetenschappen en Kunsten voor het dienstjaai 1913, bkjven hun toegekend zoolang het in-komen, waarop zij krachtens de nieuwe wets-bepalingen recht hebben, hun huidig inkomen met mbegrip van de bijwedden niet bereikt. Gezegde bijwedden maken wezenlijk deel uit van de gewone jaarwedden. » « De afschaffing van het krediet van vier miliioen bevatte dan eene dubbele onwettig-heid, hetgeen wij aan de bevoegde overheid hebben doen opmerken. " Het schijnt dat onze werking niet on-vruchtbaar is geweest, want wij vernemen uit goede bron, dat het krediet van vier millioen opnieuw zal toegepast worden te beginnen van 1 Januari 1915. « Derhalve bespoedigt men het werk der boekhoudmg. « De onderwijzereesen van bewaarscholen zullen insgelijks eene bijgevoegde wedde van 2aofranks ontvangen, ten laste van den Staat. zoohaast de geldelijke toestand het zal toe-laten.XXX «Alhoe wel het nieuw barema van jaarwedde nog niet is toegepast geweest, wordt er noch-thans rekening van gehouden bij het vaststellen van de bijdrage in de kas der pensioenen. Voorbeeld : Voor den belanghebbende, die zun pensioen den 1 Januari igi6 moet trekken zal het bedrag voor het pensioen van lgi4 en xgi5 berekend zijn op grond van het nieuw barema van jaarwedde. » p_ Cnudde Voor 't Ki'nd van den Soldaat Gestort oj) het bureel der « Zondagsgazet » Opbrengst van een verkoop op termij» van stekskens ' ]_ Uit dank Toor den praehtigen IJzeratlas, Naamloos 2.50 Naamloos 075 Uit den portemon»aie Tan Jaak 0.50 Het ESPERANTO en de WEREtDGORLOG Van dag tôt dag wordt het meer duideli]k dat het Espéranto eene noodwendigheid is en het overgroot getal weldaden door haar in den huidigen wereldoorlog bewezsn zijn ontelbaar. Welke zijn niet de menigvuldige diensten die het bewijst aan den ziekenverpleger bij het vervullen zijner zoo moeilijke taak op de slagvelden en in de gasthuizen ? Dagelijks zijn zij geroepen hunne zorgen te besteden aan bijna aile voBcsstammen van Europa, en welke troost moet het niet zijn voor den strijdende_ wanneer hij begrepen wordt door dezen welke hem moet bijstaan en opbeuren ? Ook zien wij de krijgsgevangenen, ten einde in betrekking te komen met hunne lot-genooten, tôt een gansch ander volk behoo-rende, de noodzakehjkheid dezer taal inzien. In Nederland in de Interneeringskampen van Zeist en Harderwijck hebben lessen van Espéranto plaats die gevolgd worden door een overgroot getal gevangenen. In Duitschland in de Kampen van Alten-grabow, Zossen, Cassel, IvavaAer Scharn-borst en Gottingen worden welgevolgde leer-gangen van Espéranto gegeven in de talen der aldaar opgesloten krijgsgevangenen, ver-schillende dezer kampen hebben reeds Espe-rantische tolken aangesteld en de briefwisse-ling in Espéranto met de gevangenen der andere kampen is zelfs toegestaan. In het kamp van Gottingen worden zelfs artikelen in Espéranto in het aldaar afzonderlijk voor hen verschijnend dagblad opgenomen. In Rusland wordt het Espéranto aange-leerd in het Kamp van Verhovojskij prosad, ten einde de gevangenen den omgang met de bevolking te vergemakkehjken. OVER ALLES. — De Chineezen zijn den republikeinschen regeeringsvorm reeds moede na een paar jaren ; ze willen een keizer, en waarschijnlijk zal voor het einde van 1915 reeds een vorst den scepter zwaaien in het Hemelsche Rijk. — Bene les van « tomanie » : een persoon die op straat u staan houdt bij den knop van uw jas, is een « streptomane • ; de heer die u doorzaagt terwijl hij uwe handen vasthoudt, is een «klypto-mane » ; de kere! die met vingeren en duimen in zijnen neus zit, is een « rhinothopomane » ; zijn gebuur die zich de vingernagelen kort bijt, is een «onycopagemane».De persoon, die u aanhoudend cijfers opdient, is een « arithmomane ». De be-zoeker, die, ten uwent komende, printjes of postuurkens recht zet, is een « symetromatie » ; de persoon, die zich gedurig in vitrienen of in» ruiten spiegelt, is een «katoptramane». Eindelijk, de personen die ailes wat ze in de handen krijgen of nemen, recht naar den mond brengen, zijn * psychalonamanen>. Niet vergeten a. u. b. — Men schrijft ons dat zekere personen, die gemakkelijk hunne schulden kunnen betalen, de deugnieterij ter liand nemen, wanneer zij weten dat hun schuldeischer in verkort van geld is, ën hem aanbieden 40 of 60 p. h te betalen van wat zij moeten, tegen een kwijtbrief van het voile bedrag. Wij raden onze lezers aan die in zulk geval komen, akte te nemen van dit woeker-aanbod en bij de rechtbank de betaling van heel de rekening te vragen. Geen enkel magistraat zal hen zulk vonnis weigeren. — Het Hopiand, een der meest bezochte strs ten der stad, zoowel van voetgangers als van gerij van aHen aard, wordt opnieuw gevloerd met allerschoonste kasseien, welke met pek worden vastj;e!egd. Het stadsbestuur deed goed deze straat,wetker verbreeding millioenen gekost heeft, eene evenwaardige kasseiïng te doen geven. Aldus bekomi het Hopiand, evenals de gelijkloo-pende Schuttershofstraat, een verjongd aanzicht.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Geïllustreerde zondagsgazet: familieblad behorende tot de categorie Gent. Uitgegeven in Antwerpen van 1914 tot 1916.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Onderwerpen

Periodes