Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad

1681 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1918, 29 Juin. Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad. Accès à 13 juillet 2024, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/dn3zs2mb4m/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

BORGERHOUT, 29 JUNI 1918 10 Centiemen Nr 26, 41® Jaar HET VLAAMSCH HEELAL Allés in te zendkn vôôr Donderdag middag Bureel en Drukkerij : Carnotplaats 65 — Inschrijvingsprijs : 5 Frank — WtîOlillhul VOOI* \laaillSCh(; en Algemeeiie BeliingeU Aankondigingen : 20 Centiemen den regbl Het Midden Het midden waarin de menschen leven, maakt een diepen indruk op hun gemoed, op hunne wilskracht, op hun karakter, op hunne opvoeding, op al hunne goede ot slechte hoedanigheden en begaafdheden. Van daar komt het spreekwoord : « zeg mij met wien gij verkeert, en ik zal u zeggen wie gij zijt. » Dit spreekwoord bestaat in aile talen, bij aile volkeren, zoodat het eene algemeen aangenomen waarheid is. * * * Het is opmerkelijk dat zoo iets niet beter begrepen wordt, zelfs in de meest begaafde en ontwikkelde standen. Menige afwijkingen zijn daar op dit gebied te bestatigen, omdat het geld meer invloed heeft dan de deugd. Woekeraars, oplich-ters en bedriegers van allen aard worden niet zelden hoog vereerd, omdat het geld een zeilsteen is met een buitengewoon groot aantrekkingsvermogen. Zij genieten aldra. eene achting en vereering, die alleszins misplaatst is en tôt schande strekt van hen die zich met hen ophouden. * * * De stelregel is : dat eenieder in zijnen stand en bij zijne soort moet blijven. Oude lieden bij ouderlingen, jonge lieden bij jongeren, kinderen bij kinderen. Dat is eene natuurlijke schakeering waartegen niets te zeggen valt en die geene opspraak ol geen nadeel aan eer en goeden naam zal verwekken. Wijkt men van dit punt af, dan komt de kwaadsprekerij aldra bevestigen, dat men in zijn midden moet blijven, vvant kwade vermoedens schenden aldra de eer van velen. t * * * Hetzelfde geldt voor overheden ol gezaghebbenden. Zij bijzonder dienen zich te doen eerbiedigen door in hun midden te blijven en door niet al te dalen tôt eene kamaraadschap, die de ergste verdenkingen kan doen wegen niet alleen op hunne opvoeding en beschaaldheid. maar nog meer op hunne eer. Zij dienen hun gezag, hunne eer en hunne overheid hoog te houden, zonder te kort te komen aan minzaamheid en gedienstigheid tegen-over het volk en de beambten. YVat uitgesloten moet blijven, dat is eene te verre gaande gemeenschap of gemeen-zaamheid, en het stellen van hun vertrou-wen in personen die zulks geenszins verdienen. * * * Het is verwonderlijk dat zulks aan die personen nog moet geleerd ol herinnerd' worden, bijzonder in deze tijden van woeker, van diefstal en van meer andere oneerlijke bedrijven. Indien er reden tôt wantrouwen bestaat, dan is het wel nu, nu aile geweten bij velen is verdwenen en de geldzucht en bedriegzucht ailes overheerscht, wat vroeger aanzien wierd als onmisbare bnrgerdeugd. De wereld is geheel uiteen geschokt niet enkel onder stoffelijk, maar evenzeer onder zedelijk oogpunt. * * * Deze afwijking van den gulden regel van het juiste midden, vindt zijnen oor-sprong ook in het feit, dat vele lieden tôt eenen stand zijn opgebracht, waartoe zij j natuurlijk ol geestelijk niet geschikt waren. I Zulke lieden doen doorgaans geene eer j aan 't beroep, dat zij hebben uitgekozen ! ol dat hen door ouders of anderen wierd 5 aangewezen ol opgelegd. Men noemt zulke lieden « gemaakte • van dit ol dat, naar gelang het beroep dat zij uitoelenen en waar zij weinig aanleg of achting voor hebben. ♦ * * Die mistoestand werkt nadeelig op de opvoeding der jeugd of op de opleiding van meer ontwikkelden, die door hunne febreken of ondeugden het volk geen oogen dunk geven van hetgene men verstaat door hôoger standen. Eerbied en achting gaat daar door verloren, des te gauwer wanneer die « gemaakten » niet in hun midden wetfn te blijven en hun verkeerd gedrag bloot stellen aan gegronde beknibbeling en afkeuring. * * # Eenieder heeft thans een kijkje kunnen werpen in verschillende middens. Velen die nooit met het zoogezegde geringe volk omgingen, zijn verwonderd geweest over de heerschende gemeenheid en onbeschaafdheid, maar zij hebben tevens kunnen bestatigen hoe weinig kieschheid, hoe weinig bekwaamheid en goede opvoeding meer ontwikkelden deden blijken. Het was een warboel die hen de wereld beter leerde doen kennen en die bij velen eene heel andere'opvatting zal ingeven over den stand en den zooge- zegden vooruitgang der Samenleving. * * * Zij hoorden tôt heden slechts ééne klok. Zij hoorden spreken over den vooruitgang van kunsten en wetenschap-pen, over de uitbreiding van licht en kennis, zoodat de vorige eeuw reeds de eeuw van 't licht wierd genoemd, licht in den vorm van wetenschap. Maar nu zien zij dat dit licht niet veel beteekent, wanneer het niet gepaard gaat met eene doeltreffende beschaving bij het volk en bij meer ontwikkelden. Dit licht is valsch geweest en heeft den geest en de oogen van velen beneveld, ten nadeele van geweten, van eerlijkheid en beschaving. * * * Het is onder den invloed van dit valsche en misleidende licht, dat het volk niet beter opgeleid is gewoijflen en zich overal laat gebruiken als materiaal ol werktuigen, en niet als redelijke schepsels. Ook meer ontwikkelden geven weinig bewijzen van mannelijkheid en wilskracht, omdat zij te weinig bedacht zijn op hunne verantwoordelijkheid. Want het gebrek aan beschaving is veelal hunne schuld, omdat zij het noodige niet deden om het volk een menschelijker bestaan en eene betere opleiding te doen geven. » * » Is het noodig dat ieder in zijn midden blijlt, rekening houdende van ouderdom en stand en meer ander tegenstellend onderscheid, van den anderen kant is het nu en dan noodig en leerrijk uit dit midden te treden, om gebreken en ondeugden te bestatigen en deze uit te roeien. Zoo verstaan en toegepast, is een oogslag in een ander midden eene hoogst nuttige zaak die moet aangewend worden om beschaving en wetenschap te bevorderen. J. L. DE TOESTAMD HIER EN ELDERS BELGIË. — Het Wet- en Verordeningsblad heeft de volgende schikkingen afgekondigd : 1. — Verordening betrefferide hat vervaardigen van dieoststempels en diensizegels. Deze mogen niet gemaakt worden- zonder opdracht of schriftelijke toelating der bevoegde Duitsche overl.eid. 2. — Bekendmaking betrekkelijk den jury of keurraad, belast met het goedkeuren van door mid-delbare onderwijsinrichtingen afgeleverde getuig-schriften. Deze zal zitting houden in Augusti 1918. 3. — De prijs der kunstmeststoffen wordt bepaald als volgt : a. Voor in citroenzuur oplosbare fosfaatzuur fr. 1,8b den kilogr. b. voor Bernard-fosfaat, gecalcineeid 16/18 °/0, los, fr. 7,20 de 100 kilogr. c. voor Bernard fosfaat, gecalcineerd 12/14 % los, fr. 6,60 de 100 kilogr. 4. — De aanneembare lagere Jongensschool van Schaarbeek, bestuurder Alvons Beelkn, ontvangt eene bijzondere toelage van fr. 3,200 en de Gemeente Sehelle fr. 2,500 voor den gewonen dienst van 't lager oudtrwijs. — Het Belgisch Ministerie in den Havre (Frank-rijk) schijnt, onder de leiaing van den nieuwen eersten Minister Cooreman, eene andere richting aan de Staatszaken te willen geven. Volgens het Antwerpsch blad Neptunus, sinds drij jaar te Lon-den verschijnende, zou Autwerpen na den oorlog onder de voogdij van Eng-land en Amerika geplaatst worden voor hetgene de scheepvaart betreft. 't Is een oorlogsnieuws dat denkelijk niet veel waarde heeft en enkel op geruohten berust. Zoolang de vrede niet bepaald is gesloten, valt er van al die nieuwjes en outwerpen niet veel te gelooven. NEDERLAND. — De handel in muntgeld had sinds eenigen tijd eene groote uitbrei'ling genomen, bijzonder in goudstukken. hetgeen het Staatsbe-stuur heeft doen besluiten dit d or inbeslagneming te verhinderen. In den Haag heeft de palicie bij verschillende handelaren eenige duizenden guldens aangeslagen, hetgeen voor hen een aanzien) ij < ver-lies is. Op 100 gulden maakt dit eene schade van 80 gulden, want zij krijgeu enkelijk de werkelijke waarde van 't geld fcerug.. — Tusschen de Belgische vluchtelingen, maar byzonder tusschen deze in kampen geplaatst, heeft de longtering eene gevaarlijke uitbreiding genomen. De Stad zal eene bijzondere Commissie benoemen om den toestand te onderzoeken en maatregelen te nemen. — In Nederland, in Denemarken en andere onzij-dige landen, hebben voortdurend relletjes of opstoot-jes plaats, voortkomende uit den voedselnood. Het tijdperk dat eenige weken lang het volk zonder aardappelen zet. is daarvan de leidende oorzaak. Eens dit moeielijk tijdstip voorbij, dan komt ailes weer tôt de orde terug, indien de rantsoeneering voldoende is en regelmatig gebeurt. —o— FRANKRIJK. — De val van Clemenceau wordt door velen botracht, in 't bijzonder door de Socia-listen, d'e in hem een geducht tegenstrever vinden. Door opneming in het Ministerie van Briand, Bar-thou en andere voorname partijleiders, denkt Clemenceau zich tegen die aanvallen te versterken, ajhoewel zoo iets niet altijd lukt. 't Is soms eerder eene verzwakkiDg, Maar het is niet zeker dat, in dezen oogenblik, voorname leiders er lust toe gevoe-len om hem uit den nood te helpen of om de verantwoordelijkhoid op zich te laden van de bestaande hachelijke toestanden. Intusschen is de zaak Caillaux nog niet uit de voeten en deze dringt aan op zijue invrijheidstelling. SCHRIJVERS EN B0EKEN XXXVIII THEO II VMILTOX Waaroin zou Théo Hamilton — destijds te Borgerhout beter gekend onder den naain van Bultje Hamilton — ook niet in deze reeks rnogen opgenomen worden ? Omdat het tegen-woordig geslacht zijn naam en zijn werk ver-geten heeft ? Dat is geen reden ; dat màg er althans geen zijn. Daarentegen heb ik, persoon-lijk, een gewichtige reden om wèl orer hem te spreken, een reden die verder wel klaarblykend doorstralen zal. 't Was in de jaren 1860, 1861 en 1862, dus, voor het tegenwoordig geslacht, tiéél lang gele-den, toen Théo Hamilton besloot eea tijdschrift uit te geven, een zuiver Antwerpsch getint lelterkundig weekblad, dat hij Alleman's Vriend doopte, naam waar àl te veel misbruik van gemaakt wordt, doch die kenschetsend was voor Hamilton's blad. Naar gelang de omstan-digheden — of er veel of er weinig werk was op de drukkerij, want Hamilton was terzelf-dertijd drukker, uitgever, boekhandelaar, hoofdC'psteller en romanschrijver — verscheen Alleman's Vriend op 8 of 4 bladzijden, meestal echter op acht, en verschafte den lezer al wat een Antwerpsch gemoed ten jare 1860 verlangde. Het komt wellicht van pas hier nogmaals te herhalen dat ik de meeste dezer schetsen uit m'n geheugen nederschrijf, zonder behulp van de erin besproken werken noch tijdscbriften. Zoo ben ik ook oneindig ver verwijderd van m'n verzameling Alleman's Vriend. Doch ik heb er in mijn jeugd zoo talrijke jaren meè door-gebracht, dat de herinnering me nog immer frisch bijgebleven is, en ik er den Borgerhout-schen schrijver nog immer dankbaar voor ben. Het eerste nummer opende met het verhaal : Peer Zonder Zolen, van Frans van Bergen, een echte Antwerpsche truutpartij, waarvan de schrijyer ergens in 't Waalsche de eervolle bediening van schoenmaker vervulde. Een der voornaamste en ijverigste medewerkers was Harry Peters, « 't zwart Manneken » uit den Langen Gang, die toen bijster jong moest zijn gezien een der nummers van 't blad op zekeren dag het overlijden meldde van « de hartsvrien-din « van dien medewerker, <• Mej. Eugenie Swarts », in den ouderdom van zeventien jaar. 't Moet wel zyn dat me dit heel diep getroffen heeft, daar ik me dat nog zoo goed herinneren kan. En zelfs zie ik nog vôôr m'n geestesoog het rouwdicbt aan de afgestorrene toegewyd. Jong zuu... Buiten Frans van Bergen en Harrt Peters — en ik zou toch eerst en vooral Théo Hamilton in persoon moeten vermelden hebben, die er menige romantische verhalen in leverde, — telde Alleman 's Vriend nog een aantal andere medewerkers : Félix Bogaerts, de (Fransche) schrijver van El Maestro Del Campo, een verhaal uit den Spaauschen tyd, en in 't Vlaamsch van De Dooden verrijzen somtijds uit hun graf, een zuiver Antwerpsch volksverbaal ; Karel de Walsche-Maes, die er een aanta! verhalen in schreef en ook wel eens ged'ichten ; Eugeen Zetternam, wiens Hoe Pietje Triste forluin deed alleen in dit tijdschrift verscheen : Dre de Weert, wiens lieojes er veel opgang in maakten ; een van Rijswijck — den voornaam herinner ik me niet meer ; August Snieders, die er Een Stem uit de Geschiedenis in schreef ; Conscience, die er onder de letters H. C. in voorkwam ; valer Peeters, die «r zijn eerste en eenige pennevruclit liet in verschijnen... wie nogal ! Verder vertalingen van de toenmalige meest gekende schrijvers, b. v. Een Huwelijk op 't Schavot, van Alex. Dumas. Het is waarlijk heel belangryk, thans, ca meer dan een halve eeuw, dit tijdschrift al ware 't maar in d«n geest, te doorloopen om vast te stellen, niet alleen welk een geweldigen sprong we sedert eene halve eeuw maakten, maar veeleer en hoofdzakelijker... hoe de Antwerpsche geest, met z'n eigen « truteryen » nog steeds dezelfde gebleven is. Niettegenstaande die medewerkers en al hun îjverig werken, liep het echter langzamerband verkeerd : de dichterlyke ader en de truters-bron bleven niet gestadig vloeien, en om toch de kolommen vol te krijgen, vatte Harry Peters devertaling aan van het Duitsche werk van Mevr. Ida von Duringsfeld over de Vlaamsche letterkuisdigen, werk waarin de vertaler, of beter de omwerker menige toevoe-gingen, veranderingen en verbeteringen bracht waar 't hem goed en noodig voorkwam. Dat was 't begin van 't einde, want ten jare 1862 sneuvelde Alleman's Vriend op het Vlaam-sche-schrijversveld. Of die bewerking van Harry Peters er toe geholpen heeft om het einde te verhaasten, weet ik niet ; althans lag er voor mij een wondere bekoorlijkheid in die verzameling levenschetsen : ik leerde er van jongs af al onze Vlaamsche schrijvers door kennen, en vernam tevens allerlei btfzonder-heden en kreeg zoo een overzicht over hun onderscheidene werken, vooraleer ze zelf te lezen. In dat werk vooral leefde ik me in ; ik bleef die schrijvers zien zooals ze waren ten tijde van Mev. von Duringsfeld - Harry Peters ; en 't verbaasde me diep, toen ik rond de jaren 1896-1897 eens naar Nevele wilde trekken om daar «de bekoorlijke twintigjarige dichteres Virginie Loveling » te leeren kennen, te hooren... dat de schrijfster reeds heel wat bedaagd was ! Natuurlijk, in Alleman 's Vriend bleef ze immer « de bekoorlijke twintigjarige dichteres », dus in mijn geest ook ! Konden die vergeelde bladen van m'n verzameling Alleman's Vriend spreken, wat zou-den ze te vertellen weten, van af den blonden knaap die met z'n rozige vingers er over gleed, tôt aan den grijsharigen man die er soms zijn Antwerpsch gemoed nog eens kwam in opha-len sedert hij zoo vèr van zijn raderstad ver-bleef! Want — och, 't komt me zelf als een heiligschennis voor, maar 't is toch zoo — Alleman's Vriend was geen « letterkundig » tijdschrift in den echten zin van 't woord zoo gelijk Lodewijk Janssens er later een in zijn Zondagsblad oprichtte ; verre van daar. Hamilton was de man niet om zoo iets te leiden. Veeleer was het bedoeld als een licht-hartig, zuiver Antwerpsch zondagblaadje, waarin ieder die de pen hanteeren kon, zyn vrij schryven had, zoo 't maar erg dramatisch was of een goeie truutpartij kon genoemd worden... En ten laatste werd er zoo bijster nauw niet meer gezien. En toch, er was te dien tijde waarlijk geen overvloed aan gelegenheid voor onze schrijvers, om iets te plaatsen. Het Vaderlnnd. de Een-dracht, de Vlaamsche Rederijker, en zoo menige andere tijdschn/ten ware» den weg van alla papier opgegaan ; Het Taalverbond en het Letterkundig Zondagsblad van de gebroe-der« Simillion (1), kan ik niet juist op hun data brengeo en dus niet zeggen of ze toen nog, of reeds, verschenen. 't Moet echter zijn dat Hamilton, vooral in den beginne, veel bjjval genoot met zyn tydschrift, wanneer men de namen van enkele der medewerkers leest, en den rang dien ze in de Vlaamsche letterkunde bekleeden vergelijkt met het algemeen gehalte van Hamilton 's blad. Om Alleman 's Vriend en Théo Hamilton naar hun waarde te schatten, moet men Sinjo-renbloed in de aderen hebben en SiDjorengeest in 't hoofd, en dan kan men thans nog veel genoegen vinden in al die verhalen, liedjes en truutpartyen, voor zooveel men zich datrbtf een halve eeuw achteruit denkt. Want evenal» elk ander werk moet ook dit in den lijst van zijn tyd en van zjjn omstandigheden aanzien worden, anders loopt men gevaar onze voor-vaderen te veroordeelen omdat ze bij hongers-nood geen eetwaren per vliegtuig aanbrachten. y ours (1) Wat wonder is, en wat ik me niet verklaren kan, is dat het Letterkundig Zondagsblad van d* Gebr. Simillion, hoezeer ook hooger en fljner van opvat-ting en uitwerking, nooit op mij een doordrin-genden invloed uitgeoefend heeft, wat echter wèl hêt gérai was met Hamilton 's blad. Lag dat wellicht aan de ongekunsteldheid van dit laatste t WEKELIJK£CJH[ VERS LAG Borgerhout Ongelukken Het smokkelen zal dit jaar met den tram weer menige ongelukken opleveren. Voor een begin is eene vrouw onder een tram gesukkeld, waarbij haar de twee bèenen gebroken wier-den. Zy ligt ter verzorging in 't gasthuis. Voor de reizigers die gedwongen zyo den tram te nemen, is het evenetns een gevaarljjk en bedroevend iets met moeite plaats te kunnen vinden in de rijtuigen en met dwaze smokke-laars te moeten omgaan, die aan onbeschaafde volkstammen schijnen te behooren. Er zou daar vooral aan de standplaatsen of staties, policie moeten zijn, om de deftige menschen te beschermen tegen de overrompeling van lieden, die blijkbaar deriken dat heel de wereld hun toehoort. Door gemeenen en vuilen klap bevlekken zjj tevens het rein gemoed van kinderen. De Wet-Woeste moest dienaangaande meer toegepast worden. BRIEVEIVBU8 Frans O. — Postmandaat wel ontvangen. Dank ! Kontrakt wordt op 6 Juli gesloten. Gemeentelilke Magazijuen Gemeente Borgerhout. — BevoorradingsdUnit Appelstraat 39 Van 1 tôt 5 Juli 191S : a) Door bemiddeling van de winkeliert : Broodsuiker. — 750 gram aan fr. 2.34 't rantsoen. Wasclipoeder Solvay — 230 gram aan fr. 0.20 het rantsoen de maanden Juoi en Juli. b) In hei Gemeentelijh Maçazijn der Appelstraat : in ruil van bons Boonenmeel. — 150 gr. per rantsoen tegen fr. 1.40. Extra-Kofflesurrogaat. — 250 gr., tegen fr. 2.—. Gerookte Tong. — Eén of twee rantsoenen van 50 gram per persoon aan fr 1.75 het rantsoen. Grits (van boonen). — 200 gr. tegen fr. 0.90. Inlandsch Zout. — 5 k. per gezin, fr. 0.50 den kg. Waschzeep. — 250 gr. tegen fr. 1.60 het rantaoen. Bestendige verkoop van : bezem3, kaarsen, lederen nestels, groenten, «ne. wordt voortgezet. d) Veevoeder Een verkoop van Saverafval aan de vaehouders der gemeente zal plaats hebben op Maandag 8, Dinsdag 9 en Woensdag 10 Juli, telkens van 9 tôt 3 torenuur. De verkoopprijs is vastgesteld op fr. 0.80 per kg. Het rantsoen is bepaald als volgt : Paarden, eiela, stieren, ossen, koeien en runderen : 80 kg. per kop. Geiten, schapen en zwynen : 40 kg. per kop. Betaling en afleveriug in het Gemeentelijk Maga-zyn, Kattenbergstraat 65. D« koopers moeten in het bezit lyn van hua eenzelvigheidsbewijs en hun rantsoenboekje. Mu wordt verzocht met gepast geld te betalen. Natlonaal Komiteit voor Tlulp en Voedlng, Ledeganckstraat, (Isolectra) HanUotmn voor dubbeh week van 1 tôt H Juli 1918 300 gr. Reuzel per persoon aan fr. 1.50 300 gr. Mal'svlokken » 0.30 300 gr. Boonen » o 30 fr. 2.10 Het rantsoen BOONEN behoort tôt de achterstal-lige meelwaren. CACAO nog niet aangekomen, bedeeling aitgesteld tôt de volgende dubbelweek. Voor het tijdvak van 15 tôt 28 Juli, is er een* -bedeeling AZIJN voorzien berekend op : 1/2 1. per gezin van 1 tôt 4 p. fr. 0.40. 1 1. per gezin van 5 tôt 10 p. fr. 0.80. 1 1/2 1. per gezin van 11 tôt 15 p. fr. 1.20. De koopers worden verzocht de noodig* «aivere flesschen ratde te brengM.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het Vlaamsch heelal: katholiek - zondagsblad appartenant à la catégorie Katholieke pers, parue à Borgerhout du 1878 au 1930.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes