Onze taal: weekbladje voor de Vlaamschsprekende krijgsgevangenen

539 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1917, 04 Août. Onze taal: weekbladje voor de Vlaamschsprekende krijgsgevangenen. Accès à 06 mars 2021, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/2v2c825b7f/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

ONZE TAAL Nr. 110. Weekbladje voor de vlaamschsprekende krijgsgevangenen. 4= Augustusl9l7 BRIEF VAN Dr BORMS URILr VHIN *—> J UUHIYIU Mijn beste Makkers, Ik ben sedert Maandag terug thuis en nu ik het dringendste werk achter den rug heb, en de meeste der boodschappen, die ge mij hadt toe-vertrouwd, met behulp van uw beproefden vriend Rousseeu heb volbracht, kan ik den di;a,ng van mijn hart volgen en u deze korte nabe&rachting schrijven. Wat heerlijke dagen hebt ge mij toch geschon-ken ! Dit triduum zal een eenige plaats in mijn levensherinneringen innemen, en in den harden strijd, dien we doormaken, is het tôt hiertoe het glanspunt, waarop geen enkel vlekje ligt. Zooals ik zeide voor ons afscheid : slechts hel-den konden onze mannen van 1302 zôô vieren ! In ailes wat gij deedt lag zulke overtuiging, zulke levenskracht : in de voordracht van Gaspar, met de uitvoering der liederen en het uitbeelden der machtige groepen, waarvan de overweldigende schoonheid, den Gentschen onderofficier, die naast mij zat plots deed uitroepen : uZoo een volk kan niet kapot Hetzelfde gevoel kreeg men bij het hooren van uw merkwaardig orkest, waarvan ik hier overal getuig dat men thans nergens in ons land de Symphonieën van Tinel en de Vlaamsche Dansen van Blockx zoo kan uitvoeren gelijk gij dat hebt gedaan. Even lioog staat uw tooneel en Caritate is hier met vrouwen in de vrouwenrollen niet betêr vertoond dan bij u met Verrijken als Monica, en De Graeve als Madeleine. Staf Brug-gen en Edgard De Pont, ge moogt fier zijn op uw werk en uw "Opgaande Zon" is reeds hoog gestegen ! 0 ! Wat een opbloei van Ylaamsch leven toch, nu men al wat de natuurlijke uiting onzer volks- kracht belette,'heeft weggenomen: waar ge vroe-ger in ditzelfde kamp eerst tôt onmacht zijt ge-doemd geweest, dan slechts tôt een moeilijk wasdom kondet geraken, hebt ge nu uwen vollen geestelijken groei bereikt en bewijst ge zoo met daden hoe van de "VValen gescheiden, de Ylamin-gen met zelfbestuur een schitterende toekomst te gemoed gaan. Nu moet ik u ook nog zeggen dat het vervolg van mijne » reis even voorspoedig is geweest als de Gôttinger dagen en eveneens de beste uitslagen heeft opgeleverd. In Dusseldorf zooals ge reeds weet, is een Ylaamsch Huis gesticht voor onze werklieden ; Munster is nu ook als uitsluitend Ylaamsch kamp ingericht voor de Ylamingen, die uit Sennelager bij Paderborn gekomen zijn : ik heb 't geluk gehad hun te mogen toespreken in de mooie kinozaal van 't Munstersche kamp ; ze zullen naar uw voorbeeld met taaie volharding en eendrachtig voortwerken om een tweede Gôttingen tôt stand te brengen. En dan ten slotte zijn we in Oberhausen geweest, waar onze Ylaamsche krijgsgevangenen, die werken in de " Gâte Hoffnùngshutte", bijeen-gekomen waren en na een H. Mis met Ylaamsch Sermoon van E. H. Yan Roy, op hun wijze den Sporenslag hebben herdacht, niet zoo luisterrijk, maar toch even geestdriftig als gij. Die mannen zijn ook niet meer te temmen en als ik dit her-deak en alle3 overzie wat ik tijdens die tweede reis heb beleefd, dan geraakt in mij de overtuiging hoe langer hoe vaster geankerd : "Ylaanderen kan niet meer verloren gaan!" Daar zullen wij hier, daar zult gij ginder voor zorgen. Gij zijt de Ylaamsche keurbenden aan 't worden, die zooals ik u zei, na den oorlog, al het veroverde Ylaamsch recht zult helpen ver-dedigen en behouden.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Onze taal: weekbladje voor de Vlaamschsprekende krijgsgevangenen appartenant à la catégorie Oorlogspers, parue à Göttingen du 1915 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Sujets

Périodes