Het tooneel

2180 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 11 Decembre. Het tooneel. Accès à 20 juillet 2024, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/k649p2x685/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

5 Centiem per nummer van minstens zes bladzijcien HET TOONEEL ls,e Jaargang. Nr 4 Beheer en Redactie : Vleminckxstraat, 15, Antwerpen Annoncenbureel open aile werkdagen van 9 tôt 1 en van 3 lot 5 uur (Torenuur) 1 î December 1915 Koninklijke Nederlandsche Schouwburg Margaretha Gauthier Mevr. en Mej. BERTRIJN ((Margaretha Gauthier» La Dame aux Camélias ! Het eerste tooneelwerk van Alexandre Dumas fils, het proefstuk dus maar dat, niettegen-staande het eerste, het oudste in de lange serie comedies van den vruchtbaren Franschen dra-maturg, het populairste gebleven is en — waar-schijnhjk, maar niet meer zoo wis en zeker — ir-i«Kp ii-Ct i v j K * V t \ > i~ :. \ i : ï . /.-i. 1 tilj.OIl. De roman ((La Dame aux Camélias» ver-scheen in 1848 toen Dumas nauwelijks vier en twintig jaar oud was. Kort daarna verwerkte hij den roman tôt comedie, maar het was eerst in 1852, dus vier jaren later, da; hij er in ge-lukte den tegenstand van de censuur en de aar-zeling van den directeur van het ((Théâtre du Vaudevillen te overwinnen. Dumas had met aile fransche tooneeltradi-ties en conventies afgebroken, niet uit zucht , tôt verzet, niet uit lust om verouderde vormeu neer te halen, maar doodeenvoudig omdat hij niet beter wist, uit onwetendheid met de wetten en gebruiken die toen het Fransche tooneelwe-zen beheerschten. De Fransche censuur, «Sœur Anasthasie», zooals de Franschen haar noemden, had kippe-vel gekregen, bij het doorlezen van het werk ! Denk eens na ! een demi-mondaine, een rnooi venusdierken, een courtisane of zooals men toen 00k wel zegde een «catin», voor het voethcht ; gebracht, een vrouw die munt slaat uit haar vleeschelijke schoonheid,een verachtelijk schep-sel dat zich verkoopt aan den meest-biedende, niet om afkeer te verwekken en dus de brave moraal te dienen, zooals te Sparta gedaan werd met de dronken iloten, niet om de gevaren te doen inzien van de nevenpaden der deugd.neen, o grands dieux ! de demi-mondaine kreeg het aureool, den 'lichtkrans van het slachtof fer der pure, reine liefde, zij offerde zich op, om de zuster van haren geliefden Armand, haren eeni-gen Armand, gelukkig te maken en zij werd dus een uiterst sympathiek lijdensfiguur. L'abomination de la désolation ! Neen, de toelating werd niet gegeven en zou nooit gegeven worden. Wat zou er van de zede-lijkheid geworden? Moest het gevaar niet ge-weerd waarmede de deugd van onwil.skrachtige mannen en vrouwen en vooral de lieve jonge juffrouwen die zooeven het pensionaat verlaten en pas hun ((entrée dans le monde» gedaan had-den, bedreigd werden ? 't Kon er waarachtig niet door! En toch gebeurde het : de censuur ontwapen-de! ! ! Dat zou natuurlijk niet gebeurd zijn voor een onbekende Dupont of een jongen Dupuis, maar er was maar één Alexandre Dumas fils ! De eerste vertooningen werden vooral verme-den door achtbare huisvaders — met of zonder tegenzin — nog meer eerbare mamas en vooral ! huwbare demoiselles mochten met naar het Vaudeville. Maar het succès was zoo buitengewoon en 1 dus de nieuwsgierigheid zoo onweerstaanbaar 1 geprikkeld dat weldra heel Parijs ((La Dame aux Camélias» ging zien en terugzien. • En van de Fransche hoofdstad is dan de < triomftocht gegaan over heel de wereld. In Engeland echter heeft de censuur het 1 langst en het hardnekkigst weerstand geboden. ' Eerst in 1880, dus acht-en-twintig jaren na de ((première» te Parijs werd de opvoering'toege-laten in den oorspronkelijken tekst. Voor dien tijd werd het stuk ten tooneele gebracht in ; zulk een zonderling kleed dat het bijna niet meer te herkennen was ! î De Engelsche «cant» of schijnvroomheid, \ had evenals «sœur Anasthasie» toch eindelijk f den kop in den schoot moeten leggen en dan nog maar omdat de Prince of Wales, de latere koning Edward heel het gewicht van zijnen ir-vloed en zijn hoog gezag in de balans gewor pen had. En moet men nu niet glimlachen om die ver-regaande, onbegrijpelijke strengheid tegenover een comedie welke toch wezenlijk maar klem bier is in vergelijkmg met de produkten van de moderne Fransche tooneelliteratuur, waar overspel en nog eens overspel schering en in-slag is en echtbreuk, en huichelarij in de echtelijke liefde als iets zeer gewoon, als jets zeer natuurlijk en heel aanneembaar, ja zelrs als een toi aan de heerschende mode, aanzien worden ? ! Het oude cliché kan hier nog eens voor den dag gehaald worden : Andere tijden, andere zeden. Alexandre Dumas fils had natuurlijk wel vertrouwen in het succès van zijn werk, maar dat het een goudmijn zou geworden zijn dat had hij niet durven droomen. Enkele dagen voor de «première» vroeg hij aan een Parijschen uitgever voor den totalen afstand, van zijn stuk maar 6000 fr., wat geweigerd werd ! Dumas had geld noodig, want tijdens zijn vrij onstuimige liefdeleven — waarin hij Marie Duplessis «La Dame aux Camélias» had leeren kennen en beminnen — had hij niet minder dan vijftig duizend frank schulden op zijn passief gebracht! Wie vooral voor het succès in Europa en in Amerika gezorgd heeft is de overheerlijke tragédienne, de grootste tooneelartiste die Fran-krijk ooit bezeten heeft : Sarah Bernhardtl En wat zullen we nu zeggen over de opvoering van verleden Zaterdag ? Het is niet zouder ïen zekeren schrobm, een angstvalhge bedîesq-tieid dat we uns aan die beoordeeling wagen. Immers, we hebben opvoeringen bij gewoon i waarin de goddelijke Sarah Bernhardt 1 de gaven van haar geniaal talent kwistig, vol iiei-lige liefde voor hare aanbeden kunst, tentoon jpreidde en wij, in ademlooze, plechtige stilte, ^n religieuse bewondering genoten het machtig ;pel van de groote kunstenares. Maar we heb-Den 00k de roi van «Margaretha Gauthier;) zien ;pelen door Mevr. Mann-Bouwmeester, toen 10g Frenkel-Bouwmeester, de zuster van den (grooten» Louis, en alhoewel heel vele jaren geleden, is de geweldige, overheerschende in-druk bij gebleven die de grootste actrice van iSfederland op ons gemaakt heeft ! We zouden dus gerechtigd «schijnen» ver-gelijkingen te maken ,maar wij zullen het niet doen omdat die vergelijkmgen zouden kunnen leiden tôt dwalingen en verkeerdheden daar er jaren verloopen zijn — zooals wij zeiden — ;inds we die groote artisten mochten ovation-leeren.Laat ons maar liever onmiddelijk en zonder rerdere omwegen bekennen dat Mevr. Bertrijn Dns aangenaam, heel aangenaam zelfs, verrast leeft — 't was de eerste maal dat we haar de roi van Margaretha Gauthier zagen spelen — dat zij momenten heeft gehad dat zij werkelijk îubliem was en dat in het vierde en voorname-lijk in het laatste bedrijf zij ons ontroerd heeft 1 sooals we dat nog zelden mochten ondervinden. Haar melodieuze stem en hare mimiek bekwa-men een uiting zooals dat alleen door groote artisten kan gedaan worden. En wij zijn overtuigd de goedkeuring te be-somen- van al onze lezeressen wanneer we zeggen dat hare toiletten bewijzen dat Mevr. Ber-:rijn een goeden smaak heeft waarvoor we ze vvaarlijk mogen complimenteeren. Heer Bertrijn verdient niet minder onze ge-lukwenschen. In de groote scène van het vierde aedrijf heeft hij getoond al de kwaliteiten te bezitten van een echt rasartist en in de moei-lijke slotscène van het laatste bedrijf was nij wezenlijk aangrijpend. De andere rollen — waarvan de eene al on-dankbaarder is dan de andere en die m dees werk voornamelijk dienen als ((repoussoirs» roor de twee hoofdrollen, werden, over 't alge-neen genomen, niet onverdienstelijk vervuld. Dat Nichette bemind wordt en zelfs tôt /rouw genomen door haren Gustave is niet meer ian natuurlijk. Als ge zoo lief zijt en ge kleedt 1 zoo netjes en.tevens zoo rijk-eenvoudig als uffrouw Bertrijn, dan moeten de aanbidders ds van zelf opdagen. Mej. Vervoort was een lardige en gedevoueerde Nanine. Prudence, de parasite van de demi-mondai-îes, werd goed getypeerd door Mevr. Ruys- -)ro'eck; de dames Noterman en Hens deden niet slecht in hun onbeduidende rollen, maar iij moeten niet vreezen dat een enkele vrouw naar het adres van hare kleermaakster zal ver-lemen.Heer Piet Janssens «scheen» door de eene of mdere oorzaak van streek geraakt : de vader 'an Armand was een man met een zwak geheu-jen. Was het misschien om de vele idiote din- gen die Alexandre Dumas fils den heer Duval doet zeggen aan de al te naieve Marguerite, die domweg Ijaar eigen geluk opoffert voor dit van een meisje dat zij niet eens kent, was het?... In elk geval Piet Janssens die prachtig getypeerd was, heeft minder bevallen, dan naar ge-woonte in zijn onbenullige roi. Hij moet revanche nemen en dat zal hij ! Heer Ruysbroek was een goede, sympathieke «fêtard» en de heeren Cauwenberg, Herrey-gers, Van de Putte, Remy en Van Gool, mogen niet onvermeld blijven. In, om en rond den Schouwburg DE KLEINEN. — Heden avond wordt dus, voor het eerst in onzen schouwburg «De Klei-nen» gespeeld, het schoone werk van Lucien Nepoty, waarvan, m dit blad, eene volledige beoordeeling verschijnt. Aan de instudeering en insceneering werd de grootste zorg besteed, en dat het stuk 00k goed gespeeld zal worden daar staan de namen der artisten borg voor : Mevrouwen Dilis-Beersmans (Jeanne), H. Bertrijn (Géo), M. Bertrijn , (Fannine), Ch. Noterman (Hélène), J. Vervoort (Geneviève) ; en heeren L. Bertrijn, (Villaret), G. Cauwenberg (Richard), R. Van de Putte (Hubert) en Herevgers (Balloche). De Klemen wordt opgevoerd Zaterdag 11, Zondag 12, (dag- en avondvoorstelling) en Donderdag 16 December. De zaal zal wel telkens te klein wezen. HET MEISJE VAN ARLES.—Donderdag 23 December eerste opvoering van «Het Meisje van Arles», lyrisch drama in 5 tafereelen. Het bestuur heeft noch moeite, noch kosten gespaard om iets prachtigs voor het voetlicht te brengen. De herhalingen van het koor onder ! :i-dine van H Karel Candael, zijn begonnen. Deze opvoeringen worden zeker de «clou» van dit seizoen. NOG OVER «HOUTEN CLARA». — De critiek over «Houten Clara» in Mei Tooneel moet wel met veel s .aak zijn gelezçn door de lieve Eva's dochtertjes die getrouw onzen Ko-ninklijken Nederlandschen Schouwburg be-zoeken, want verleden Zaterdag bij 't eindigen van ((Margaretha Gauthier» hoorden we drie heel aardige juffertjes wier oogen nog rood waren van de vele tranen die zij geweend had-den bij 't afsterven van de sympathieke demi-mondaine, zoo prachtig en gevoelvol uitge-beeld door Mevrouw Bertrijn, glimlachend zeggen : «We hebben ons heel goed geamu-zeerd !» En ons heeft die ontboezeming 00k geamu-zeerd. Kerstnummer van HET TOONEEL Op Donderdag 23 December zal ons blad als Kerstnummer verschijnen. Buiten d\e gewone rubrïeken over tooneel, beeldende kunsten, muziek, van ailes wat, enz. zullen hoogst merkwaardige bijdragen opge-nomen worden van A. De Cock, den gezagheb-bœndste folklorist van ~Vlaanderen, Maurits Sabbe, Jan Y an Nïjlen,Karel Van de Woe-steyne, Lode Baekelmans, Ary Delen, Lode Monteyne, en anderte. Bovendien zidlen vele frachtige afbeeldin-gen\ o-p zeer artistieke wijze het Kerstnummer van HET TOONEEL ofluisAeren. Dit Kerstnummer van wezeidijfoe kunst- en tyfographische waarde zal aan den spotprijs van slechts 10 centiemen te koop gesteld worden.H(et is dus waarlijk een prenne welke wij schenken aan onze talrijke lezers die onze po-gingen om kzen degelijk zveekblad in het leven le roepen, naar waardte geschat hebben. Redactie en Bestuur. DE KLEINEN door Lucien NËPOTY Lucien Népoty, de auteur van «De Kleinen» trad op met een dramatisch poëma : «Le premier Glaive», dat op 30 Augustus 1908 te Béziers in open lucht gespeeld werd. Hetzelfde jaar nog, in October, werd zijn tweede stuk «L'Oreille fendue» met den grootsten bij val op het tooneel van den befaamden «Théâtre Antoine» te Parijs vertoond. Daar 00k kwam zijn derde spel «De Kleinen» op 23 Januari 1912 voor 't voetlic.ht. Na de eerste voorstelling was de pers een-stemmig in haar bijvalsbetuigingen. Wel waren er eenige critici, die hier en daar tekortkomingen wisten aan te wijze. Maar allen roemden de vondsten. die er toe bijdroegen de spanning in den loop van gansch het spel niet alleen gaande te houden doch aan het einde tôt haar hoogtepunt op te voeren, de behendige slot-tooneelen van elk bedrijf en het niet min dichterlijke dan levensware slot. Weduw geworden zijnde is Mevrouw Burdan die twee zonen had : Richard en Georges hertrouwd met Mijn-heer Villaret, die na den dood zijner strenge vrouw alleen bleef met een zoon Henri en een dochter Fanny. Uit het tweede huwelijk sproot een kind : de kleine Jeannette. Die zeer verschillende kinderen zijn de hoofd-personen van dit spel : de Kleinen 1 Richard, de oudste Burdan, is toen zijn moeder voor de tweede maal huwde, naar Indo-China getogen, om daar als ingenieur te arbeiden. Jaren zijn sindsdien verloopen en toch schijnt het of de jongen even onver-zoenlijk bleef en zich maar niet inbeelden kan, hoe zijn moêder een ander man verkiezen kan boven het trouw-blijven aan de nagedachtenis van haar eersten echtgenoot. Deze Philippe Burdan was een geleerd wis-kundige doch tevens een innemende, luchthartige per-soonlijkheid, niet heel zwaar-tillend, waar het huwelijks-trouw gold, zoodat zijn brave vrouw bij hem niet het volstrekte geluk vond. Deze doode kennen we haast beter dân Mijnheer Villaret, den levenden Vader in het stuk, die wat karakteriseering aangaat, wel wat grijs • blijft en doezelig van omtrekken. We vernemen alleen, dat hij is een man met stevige godsdienstige principes, aanhanger der behoudsgezinde partij. De figuur van de gewezen Mevrouw Burdan is 00k niet zeer stevig om-lijmd. Zij is een burgerlijke dame, die zich in haar nieuwen echt heel gelukkig acht Haar man, wiens/be-ginselen ze onderdanig tôt de haie maakte, heeft ze lief. Maakte Philippe Burdan van haar een vrouwtje zonder godsdienstigheid, thans is zij bekeerd en wijl deze christelijke man haar meer heil schenkt, besluit ze tôt de voortreffelijkheid van zijn opvattingen in zake moraal en [.olitiek. Dit kenschetst de mentaliteit der dame : zij verheft zich geenszins boven de middelmatig-heid. Dit belet niet dat gevoel en instinct bij haar tôt groote ontwikkeling kwamen. Zij is voor ailes vrouw en moeder. Redeneeringen, théories, opvattingen worden op den achtergrond gedrongen door het ailes be-heerschende vrouwelijke. in haar. Een spel van scherp-ontleede karakters kunnen wij «de Kleinen» niet heeten. De oplossing van het pro-bleem door den schrijver gesteld is hoofdzaak, doch dit sluit geenszins psychologische verdieping uit. Maar laat ons even de ontwikkeling van het zich tôt het einde toe verscherpende konflikt nagaan... .Richard Burdan komt uit Indo-China terug. Dit verwekt ontstel-tenis in het anders zoo stemmige huishouden, dat thans verblijft op het buitengoed der Burdans. Vooral Hubert Villaret is bevreesd voor die komst, die den vrede ver-storen kan. Waarvoor hij beducht is? De oude hovenier, die nog Philippe Burdan gekend heeft, zegt het heel schilderachtig : «Te midden van een bed wortelen zou de schoonste rozelaar nog een onkruid wezen.» En wanneer hij doelt op het kleine zesjarige meisje uit het nieuwe huwelijk gesproten, daar uit hij zijn beden-kingen op bijzonder eigenaardige wijze: ... Ziet ge.... de vogels zijn veel redelijker dan wij... In de Lente bouwt de moeder een nest en broeit... en het volgende voorjaar herbegint ze... Maar de kleintjes van 't vorig seizoen voelen geen aandrang om deze van dit jaar te kennen... En zij doen wel... Wat geeft het, dat men van één zelfde moeder^ komt als niet dezelfde Lente U zag geboren worden!...» Over dit nieuwe kind schreef Mevrouw Villaret nooit aan haar zoon. Zij 00k ziet tegen de ontmoeting op, al is haar moederhart verblijd door dien onverhoopten terugkeer. Waarom echter bang wezen? Is het dan niet waar wat Villaret beweerde. «Richard heeft mij slechts uw geluk te vergeven. .» De heele familie, behalve de kleine Jeannette, gaat den verbeiden zoon te gemoet. Doch terwijl zij weg zijn doet hij zijn intrede in het ouderlijk huis. Het kindje, dat zoo menigmaal de vrees hoorde uiten of de jonge man haar niet kwaad-gezind zijn zou, staat schuchter tegenover hem. Heel naief zegt ze : «Och meneer, als ge weten moest hoe mijn naam is... dan zoudt ge me kwaad doen... Hij staart het meisje ver-wonderd aan, herinnert zich plots wat de oude hovenier, die hem tegenkwam, zeide : «Er is geplant geworden, Mijnheer Richard»... en begrijpt nu... In zijn binnenste ontstaat een rap-besliste kamp tusscheu tegenstrijdige gevoelens... Dan zoent hij het zusterken. Is het dan te veel gezegd. wanneer we gewaagden van gelukkige slottooneelen, die elk bedrijf met een schokkende ge-beurtenis beeindigen ? Doch thans pas komen de verschillen, die tôt dan toe bijna ongemerkt bleven en waardoor beide families gescheiden zijn, door de tegenwoordigheid van den geheel buiten den invloed van Villaret opgegroeiden Richard verscherpt aan den dag. In Géo, -nochtans, naar den geest van zijn stiefvader opgevoed, ziet Richard een sprekend evenbeeld van zijn vader : geestig, lucht-hartig doch verstandig De kinderen van Villaret, vooral de oudste Henri — een deftige doch saâie jonge man — houden zich op afstand. Allengerhand vormen zich twee kringen in het gezin. Richard verneemt, dat zijn broer niet volgens de wijsgeerige beginselen van zijn oVerleden vader. waarvoor hij e(en -grenzelooze vereering koestert, opgevoed wordt, dat de jongen bij de paters studeert, dat de menschen. waarmee Philippe Burdan omging, stelselmatig om hun politieke meeningen ge-weerd worden, terwijl personen, die de overledene eens verjoeg, thans weer als vrienden in huis verkeeren. Richard zal daarover spreken met zijn moeder. En dit is een der aangrijpendste brokken uit het aan tusschengevallen zoo rijke stuk. De Burians zijn weer

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het tooneel appartenant à la catégorie Culturele bladen, parue à Antwerpen du 1915 au 1940.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes