Het Vlaamsche nieuws

547 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 11 Decembre. Het Vlaamsche nieuws. Accès à 21 octobre 2020, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/pz51g0km0r/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Zaterdag n December 1915. Eerste Jaarg. Nr ^30 '■*: xoiJt imxrtnv.'t-vi. m #-*.«.«îwhkj* Prijs : 5 Centiemen cloor geheel België Het Vlaamsche Nieuws Het best ingelicht en meest verspreid Nieuwsblad van België. - Versehijnt 7 oiaal per week IABONNEMENTSPRIJZEN AFGEVAARDIGDEN VAN DEN OPSTELRAAD ■ . AANKONDIGINGEN Par week 0.35 Per 3 maanden 3.75 ****<> 41L , U4XÎ ncv DnAWnE Tweede bladz., per regel 2.50 Vierde bladz., per regel.. 0.50 Per maand 1.25 Per 6 maanden 7.50 < Dp Al^- B0«MS ~ A,bert VAN DEN GRANDE Derde bkdz _ id. Doodsbericht 5- Par jaar 14.- BUREELEN : ROODESÏRAAT, 44, ANTWERPEN. Tel. 1990 " , Voor aile annoncen, wende men zich : ROODESTRAAT, 44. Nederland en België Onder cng volk worden er nog altijd 1 aangetroffen — en ze zijn niet op de 1 hand te tellen —- die schijnen doof te i blijven voor elk redelijk woord en die I met eene verstoktheid zonder weerga 1 sorçimige gedachten, die ze zich eens ' gevormd hadden, blijven aanklampen, niettegenstaande anderen die met helder : hoofd en ruimer blik de zaken beschouw- ; den, hun het dwaze en onlogische ervan 1 lieten inzien. Hoe het ook zij, het is een i niet te loochenen feit dat de huidige om- : standigheden die wij doormaken, een 1 ruim aandeel hebben gebracht aan de j oorzaken der schier algemeene geestbe-roerte.Er zijn er echter nog anderen, die, 1 meegesleept in den maalstroom van ; anti- of sympathieën, zich lieten leiden : door de « openbare meening » en thans : nog versuft met dito opinie achter de hieïen ronddolen. Hunne ziekte evenwe] is niet van al te gevaarlijken aard, en een ander midden, eene heldere uiteen- : -etting der feiten en omstandigheden, 1 kunnen er soms veel toe bijdragen om daarin te verhelpen. Hoevelen vormen er zich nog altijd geene verkeerde denkbeelden van den , staat der zaken, de toedracht der ge- 1 beurtenissen en de grondoorzaken van 1 de huidige beroering? Tôt die verdwaalden behoort een on-zer landgenooten, een zekere Eugène Baie, een bekend Belgisch publicist, die in Noord-Nederland vooral bekend is om zijn propaganda voor eene ekonomische tcenadering tusschen Nederland en België, propagande die in belangrijke mate beeft bijgedragen tôt de instelling eener Nederlandsch-Belgische Staatskommissie : ter bestudeering van de ekonomische : vraagstukken, rakende de belangen de- : zsr beide landen. Eugène Baie is gedu- : rende de laatste maanden vooral be- ' kend — of berucht — geraakt, door het : ver schijnen eener brochure van zij ne handy « Ea Belgique de demain », waar-in hij o.m. betoogt, dat voor Belgjë geen vrede bestaanbaar is, tenzij België daardoor het recht verwerft, garnizoenen te leggen in de Rijnprovincie en boven-dien het Groot-Hertogdom Euxemburg aan België wordt afgestaan. Zooals men zich herinneren zal, is in de dagen van hoogerbedoelde propaganda meermaals, evenwel vruchteloos, ge-tracht binnen de grens van het te onder-zoeken vraagstuk, ook de kwestie te 1 trekken van een militair verbond tusschen België en Nederland, waarvan Bugène Baie een der groote voorstanders 1 was. In zijn vlugschrift beklaagt Baie zich, dat het werk van de Nederlandsch-Belgische bestudeeringskommissie tôt zoo weinig resultaat heeft geleid : « Zij zelf i wilde ver genoeg gaan. Maar zoodra het i er om te doen was, hare voorstellen wet- j: telijke vormen te eeven, stuitte men in j Den Haag on een stillen en hoffelijken ,] maar onoverwinnelijken tegenstand. En telkens bleek dan, hoe ver men nog \1 venyijderd was van het ideaal van twee 1 naties, elkander met de wapenen steun ' verleenend tegen vreemde heersch- 1 zucht». Het is met de eerste maal, &at ' dergelijke vraagstukken verklaringen < en beschouwineen in de Nederlandsche i < pers hebben uitgelokt, en zoo vinden j ' wij dan ook thans in het te 's Graven- i i hage verschijnende dagblad « Het Va- S1 derland » hieromtrent een artikel, dat j 1 ons buitengewoon intéressant lijkt en uit 1 hetwelk voor velen onzer « verdwaal- ; den » van de goede soort, nog veel te leeren valt. Wij achten het dan ook . uoodig irieruit eenige gedeelten weer' te ; geven, te meer, daar de steller van het artikel eenige feiten aanroert, voor de- ( welke onze belangstelling .niet kan uit- ] blijven. " 5 Bij sommigen immers is het nieuwsje, 11 dat bij het uitbreken^der vijandelijkhe- ' ^ den in België bij velen ingang vond, als ! ^ zou Nederland Duitsche troepen over 12 zijn grondgebied hebben laten doortrek- j f ken om hun opmarsch door België te ; t wrgemakkelijken, méér, als zou Neder-Jl land verplicht zijn geweest met de wa- j Penen hulp te verleenen aan België, nog : j altijd niet uit het hoofd geschud. i c Na vooraf hoogervermeld vlugschrift | c S'eciteerd te hebben en het daarmee be-1 c °ogde doel te hebben blootgelegd, gaat i c Seller va* bedoeld artikel voort met j 1 Baie's ©pvatting te onderzoeken dit wij ' c Werboven weergaven : «Uit deze woorden blijkt, dat het : q weinig is, wat Baie verlangt : Ne- ' t derland en België zouden niets min der ' i froeten zijn dan een tweelingstaat, nauw ], v«reenigd door plicht, belang en nood- t Y'*ndigheid, en te zamen «terk tegen een s I 5«ttieenschaf»jielijkem yijand. | r 2ulk #e* lM*<gem«#t9chaj>- t*gt kîj, t Kissekie* va* d« ♦evers van de, -ç I in Augustus 1914 het onweer heb- a I >en doen afdrijven : En zoo krachtig vas in ons, Belgen, die droom, zelfs nog n het begin van Augustus 1914, dat wij :oen onuitsprekelijk Hollands komst aebben verwacht, ja, dat wij die nog /erwachten... De verwachting, waarvan Baie hier spreekt, is in Holland niet onbekend jebleven. Inderdaad is toen in vele har-:en in het in het nauw gebrachte België le hoop opgevlamd, dat Nederland tusschen beide zou komen. En dat was on-îer die omstandigheden alleszins be-^rijpelijk.Maar wie kan thans, nu dat onberede-leerde gevoel den tijd heeft gehad, vooi' ?en ander inzicht plaats te maken, wie îan thans nog beweren, dat Nederland, n Augustus 1914 verplicht was geweest rijn leger tusschen dat van België en Duitschland te werpen, en wie kan dit elfs nu nog van ons verlangen? De heer Baie beroept zich op een mo-'eelen. plicht van Holland, berustend op îe woorden van Lord Palmerstone in 1839 bij de scheiding van Noord- en Zuid-Nederland : Het Koni,nkrijk der NTederlanden, een barrière opgericht te-jen Frankrijk, is vernietigd ; men moet 2en Holland maken, sterk genoeg on1 ;en tweede linie van verdediging te wor-ien voor het geval dat België's neutra-iteit zou worden geschonden. Aangezien de heer Baie echter hierbij rit het 00g verliest, dat het Barrière-:raktaat niet tegen Duitschland (hetwelk in 't begin der 18e eeuw toen d-c >olitiek van den koning-stadhouder Willem I dat traktaat schiep, nog slechte rit een onsamenhangend aantal staatjes sonder staatkundig verband, bestond) naar tegen het impérialisme van Frank-"ijk gericht was, kunnen wij dien mo-■eelen plicht van Holland om België te jeschermen tegen Duitschland, hier ge-■ust, als phantastisch, buiten beschou-ving laten. » En verder over de plichten van Nederland : « En op 'welken anderen grond kon van Holland gevergd worden, dat het in Augustus 1914 de neutraliteit zou ge-aroken hebben tegenover Duitschland, iat dien plicht met zulk een nauwlet-tende, bijna angstvallige zorg jegens dus in acht nam? Wie zich wil overtuigen, dat dit wer-kelijk te veel gezegd is, leze in het door le Nederlandsche regeering overgelegde Dranjeboek de verslagen en getuigen-verklaringen over de beweerde schen-iing van onze Eimburgsche grens door Duitschland eens na. Hij zal er de over-:uiging uit opdoen, dat Duitschland •verkelijk met de grootste nauwlettend-îeid heeft. gewaakt, bij den inval zijner egers in België ieder konflikt met ons wrgvuldig te vermijden. Het zou van onze zij de de grofste on-'echtvaardigheid zijn geweest, indien wij de zorg waarmede Duitschland het :ot dusverre ontzien heeft^ aan ons of >nze belangen te raken, zouden beant-voord hebben of beantwoorden met njandelijkheden. Vijandelijkheden — nen verlieze het niet uit het 00g — die len Nederlandschen bodem in een twee-le « slagveld van Europa » zouden heb->en veranderd, die onze steden evenzeer ils die van België in puinhoopen zouden lebben herschapen, en die, om het even 10e de einduitslag zou zijn geweest, de evens van duizenden en duizenden on-:er landzaten zou hebben gekost. België had een reden om tegen Duitschland het zwaard te trekken. Wij îiet. Dit vergeet de heer Baie. Geen bondgenootschap verplichtte ons laartoe, en • als men in België gewild îad dat wij dit ailes op het spel zouden :etten zonder er toe verplicht te zijn, outer uit broederlijke gezindheid, dan 'ergeet men, dat men in 1830 scheiding 'an Noord en Zuid heeft gewild, dat défi er gekomen is, en dat zij hare gevol-jen met zich brengt.Sedert dien zijn wij wee staten geworden die elk hun eigen otsbestemming hebben. Wat wij destijds doen konden in het ►elang van het geteisterde België, zon-ler de plichten der neutraliteit te schen-ien, hebben wij met ruime hand ge-laan. De heer Baie vrage het slechts aan j 'e honderdduizenden Belgische vluchte- ; ingen, die ons volk met de groofëte lief- j le heeft gevoed en gekleed. Verder konden wij niet gaan, zonder 1 !e rampen van den oorlog over ons volk e brengen, en ons eigen volksbestaan n de waagschaal te stellen. Onze staat- j :undige geschiedenis van de laatste euw vertoont overal de sporen van het treven onzer regeeringen, ons niet in militaire verbonden met andere staten e begevttH. Wij hebben steeds ons zelf j irillen zij», *aar ons vermoae* o*ze j igen lotsbestemming willen bepalen, en ■ ons niet laten medesleepen in de lotge-vallen van anderen. Ook het denkbeeld van een defensief verbond met België, hoe dikwijls ook op-geworpen, heeft bij ons nimmer krach-tigen steun gevonden. Oefenden aan de ééne zij de de banden van ras- en bloed-verwantschap hunne aantrekkingskracht uit, aan de andere zijde sçhreef het wel-zijn van ons land voor, niet te vergeten, dat de geografische ligging van België dat land in de wereldge§chiedenis heeft gemaakt tôt het slagveld van Europa. Er is in waarheid ternauwernood een staat aan te wijzen, die door aile eeuwen heen zoozeer aan schending van zijn neutraliteit heeft blootgestaan. Had een militair verbond met België dus juist wegens dit altijd boven dat land haugend noodlot weinig aantrek-kelijks voor Noord-Nederland, het is te veel gevergd, te verwachten, dat het, zonder door alliantie-plichten gebonden te zijn, in de ure des gevaars zijn eigen volksbestaan zou blootstellen aan geva-ren waaraan het, door een bondgenootschap te vermijden, met voordacht zich niet had willen blootstellen. Lebeau mocht sedert 1835 in de Belgische Kamer zijn aanmaning laten hoo-ren : Ea véritable destinée de la Belgique est de se rapprocher des Pays-Bas » ; die wensch is niet in vervulling getreden, omdat hij nôch door de regeeringen, uoeh door de volksmeerderheid in Noord- of Zuid-Nederland werd ge-deeld. )> Uit deze rake woorden zal eenieder die niet ziende-blind of hoorende-doof is het volgende kunnen besluiten : Toen de vijandelijkheden in België aanvingen, bestond voor Nederland niet ééne verpliehting zich aan de zijde van België te scharen, en het is bijgevolg onzinnig te beweren dat Nederland aan zijn plichten tegenover ons land zou te kort - gekomen zijn, plichten, waarvan het de zedelijke ten andere met de meesle nauwgezetheid heeft nageko. men. Ook : Dat voor Nederland niet de minste reden bestond om tegen Duitschland, dat zijn plichten tegenover dit land « met bijna angstvallige zorg » in acht nam, het zwaard te trekken. Dit voor de « verdwaalden » van de goede soort ! Steller van besproken artikel in « Het Vaderla-nd » schreef in dit blad insgelijks eene kleine studie als vervolg op de eerste, waarin hij het heéît over de toe-standen van morgen in Nederland, en waarover wij bij gelegenheid zullen uit-wijden.fui. GONDRY. ONZE LETTFRKUNDIGE PRÏJSKAMP Karel logaerd 1834-1906 i Oude vriend Karel Bogaerd, reedg bij-;. na tien jaar verscheiden, doch wiens' aandenken en beeld ons nog trouw bij-: blijft, het zou onve.rgeeflijk zijn moes-ten wij u vergeten in de rij der Vlaamsche schrijvers. Niet dat Karel Bogaerd een dichter was die onze tijd nog genieten zal, njaar daarin deelt hij het lot van zoo menig ander, die met meer faam en roem dan hij door het leven ging. Maar Karel Bogaerd was een reine op-rechte ziel, diepve.rkleefd aan zijn taal, aan Vlaanderen, aan het arme Vlaamsche volk ep rein en oprecht, innig Vlaamsch klinkt ook zijn ongekunsteld lied. Op zijn sterfbed, schreef hij : Zonneluister, marieschijn, Vriendlijk avondstergeflonker bij 't geheimvol ndchtlijk donker : ; Wie toch zou de Schepper zijn | van die wondren niet te noemen ? | Wie toch vormt en kleurt de bloemen ? \ Wat is leven, wat is dood ? Wat hier sterft wordt weer herboren : de Natuur kent geen vergaan. Stort om mij geen enklen traan ; laat geen weemoedsklachten hooren als mijn scheidingsuur zdil slaan. Karel Bogaerd werd geboren te Kal-ken, den 21 October 1834, en stierf te Schaarbeek, in 1906, waar hij schepen van onderwijs was. Dichtbundels : Bloemen in 't wild ge-groeid, Stemvien des Gevoels, Ver-strooide Bladeren, Zomerkrans. In den werkersstand geboren, heeft hij zich opgçwerkt door vlijt en zelfstu-die. Zijne eerste onderscheiding op het letterveld dagteekent van het tijdstip waarop het gedenkt«eken aa* den dichter K. Ledeganck, op het kerkhof van Sint-Amandsberg, te Gent, werd ont-huld.De toenmaals bestaande en vermaarde maatschappij De Taal is gansch hei Volk, had eenen prijskamp uitgesckre-ven voor een gedicht op K. Eedeganck. De jonge Karel Bogaerd droeg den pâlir weg. « Wij herinneren ons, zegt Jozef van Hoorde, nog den overwinnaai van gemelden prijskamp te hebben zien gaan in de.n stoet die optrok naar het graf van den zanger der Drie Zustersteden. Het had op onzen jeugdigen geest eenen sterken indrul gemaakt dat een werkjongen, een smic — want Karel Bogaerd was toenmaal: een smid — bekrocnd was geworden ir eenen wedstrijd van dichtkunst en me' bewonderende blikken keken wij der bekroonden dichter in den stoet achter lia... Zijne beeltenis is ons steeds bijgeble ven. Hij had, overigens, een zeer karak teristiek gelaat, met zijne bruine tint manlijke, teekenachtige trekken, zijnr zvvarte oogen met krachtdadigen en te vens kinderlijk zachten blik, sprekendt van verstand, wilskracht, vastheid er tevens ook van goedheid en vrouwelijkc zachtheid. Zijne oogen schenen diep ir het hoofd te liggen, overschaduwd door zware wenkbrauwen. Die eens dat fi-guur gezien had kon het niet vergeten en gevoelde er eene oprechtê saménnei-ging voor. » Gedurende; een heelen tijd is Karel Bogaerd gehecht geweest aan- het Be-stiuf van den spoorweg Gent-Eecloo en stond vele jaren als statieoverste te Evergem en te Eecloo. Destijds was hij een trouwe vriend van Mevr. "Court-mans, de schrijfster van Het Geschenk van den Jager, de Bloem van Kleit en zoo menig andere reine letterkundige parel, die te Maldegem woonde, in een huisje achter de boomen verscholen. In meer dan eene gelegenheid trad. K. Bogaerd ridderlijk o£ tôt verdediging der raiskende en vervolgde schrijfster. Zijn geest was immer werkzaam. Hij kende geene. rust. Schier tôt de laatste oogenblikken zijns levens schreef hij. Een zijner laatste gedichten is een vers aan Eedeganck. Zijn groot en grootsch gedicht Vooruitgang, dat verscheidene uitgaven heeft beleèfd, en zijne verza-meling van gedichten, verschenen in eenen bundel getiteld Wilde Rozen, om maar een paar zijner lettergewrochten te noemen, zullen hem eene schitteren-de en blijvende faam verzekeren. In ailes wat hij schreef lagen gedachten en gevoel uitgedrukt, — kloeke, manlijke, dikwijls wezenlijk verheven gedachten en een kiesch en rein gevoel. Karel Bogaerd was een geestdriftige ziel : bij aile strijden voor recht en rechtvaardighejd ; bij aile betoogingen ten voordeele van onze. Vlaamsche kun-sten en letteren ; bij aile feesten tôt hul-diging van verdienstelijke mannen ; ook jj bij aile rouwen die het Vlaamsche landj troffen, was hij tegenwoordig en sprak -ier een aanvurend, opwekkend of een! troostend en moedinsnrekend woord. | i Zijn zoon, Alfred Bogaerd, is de gun-1 jstig gekende tooneelschrijver. j Vrede ? ; Nieuws van één dag betreffénde dent : vre.de, voor of tegen : Het Amerika dat voor den vrede ijvert ■ j New-York, 6 December. — Toen de ; v^edespelgrims van Ford gisteren met de ] î « Oscar II »_ vertrokken, juichten elui-; zenden îiun toe en speelden vele muziek- ' korpsen die op het havenhoofd waren^! opgesteld. Behalve Bryan was ook Edi-i son gekomen, om afscheid van hen te : nemen. Duizenden exemplaren van eeu I voor den tocht vervaardigd vredeslied [ werden onder de menigte rondgedeeld. i Aan boord bevinden zich 180 men-rschen, o.w. 34 journalisten en 50 steno-; grafen. Voor de heele reis is rooken aan i boord verboelen. Er is dan ook geen ■ rookkamer. • Ford verklaarde dat hij aile oorlog- , voerende naties zou bezoeken, ofschoon j ; zijn paspoort alleen voor onzijdige lan-j | den geldt. Terloops zal hij te Southamp- j ; ton een nieuwe fabriek openen. De tocht , heeft totdusver 70.000 (dollars?) gekost. ; Gevraagd wat hij in Europa dacht te [doen, atwoordde Ford dat hij dat niet; j wist. Hij vertrouwde echter op zijn goed l ; gélule. Dr. Charles Aked, de beke*d« predi- ; j kant te San-Francisco, die niet zoo heel j \ lang geleden een vermaard Engelsch ;. If kanselredenaar was, maar die in de Uni» \ meer de gelegenheid vond oui zijm drang 1 • naar daden tôt uiting te doe* komen en zijn talentep in vele richtingen te ont-L3looien, heeft zich naar New-York ge-haast om zich bij de vrecles-missie van Ford aan te Sluiten. Aked is thans ge-uaturaliseerd Amerikaan. Hij kwam nog bijtijds te New-York aan, waar hij en-kele mededeelingen deed aan de talrijkc verslaggevers, die zijn persoonlijke mee ning kwamen vragen. Dr. Aked zeide niet te gelooven dat de onderneming een totale mislukking zou worden. Maar des-niettemin koesterde hij niet veel op dt jongens met K^rstmis liit de loopgraver te hebben. Duitsche stem De, sociaal-demokraat Dr. Paul Eenscl schrijft in een artikel over de mogelijk heid van vrede, dat in de gegeven omstandigheden, zelfs van het onzijdig« buitenland, geen bemiddeling tôt der vrede of ook maar een poging daartoe te verwachten is. Elk vredesaanbod van Duitsche zijde zou niet anders dan een bekentenis van zwakheid zijn, die der vijand tôt nieuw roffelvuur zou aanmoe-digen m het leven van de Duitsche sol daten in de loopgraven in gevaar zor brengen. De eenige overredingskracht. die duurzaam werkt, hebben in dezen oorlog evenals in elke anderen de ka-nonnen. « Zij hebben het laatste woord nog niet gesproken. De hoop bestaat echter dat zij het in niet al te verren tijd zullen spreken. » @ * * * Wij voege.n erbij : (t Mocht Kerstmis de volken verstan-dig makemen ons den vrede brengen ! » Het'is hier de wensch van aile recht-geaarde menschen. Dr. Jacob te Antwerpen Dezer dagen behelsde De Vlaamsche Stem de volgende MEDEDEELING : Uit Vlaanderen bereikte onzen medeleider Dr. A. Jacob het Ver-zoel? zich derwaarts te begeven. Hoe noode wij hem zien vertre\~ hen, hebben wij gemeend hem niet le mogen weerhouden, aan dezen aandrang gevolg te geven. Dientengevolge zal, voor den duur Van den oorlog, Dr. Jacob's redactioneele verantwoordelijkheid tôt de door hem ondertee\ende ar~ ïihels hepsrkt blijven. Directie en Redactie van u De Vlaamsche Stem ». Wij zijn zoo gelukkig te kunnen apenbaar maken dat onze koene ivapenbroeder, gevolg gevend aan dit hem toegezonden verzoek, waar we reeds lang van afwisten, gisteren in onze stad is aangekomen. Hij komt hier aan onze zijde den hei-iigen strijd meêstrijden, en de aan-wezigheid tusschen ons van een Jier beide onverschrokken Vlamin-gen, die zich voor Vlaanderen lie-:en slachtofferen, zal ons allen sta-ien en sterken. Het Vlaamsche Nieuws begroet Dr. A. Jacob, den dapperen strijd-?enoot, met dankbare lief de, met Je gevoelens die aile rechtzinnige Vlamingen hem toedragen. I I • 1 I imtrri— m i naiiuwmMw'i hmii DAGELIJKSCH NIEUWS AAN ONZE LEZERS. — Wij raden onze lezers van Antwerpen en omlig-gende aan, zich per maand te abonnee= rer. op ons blad. Van af 1 December wordt dan het blad tehuis besteld met île eerste pcstuitdeeling. Men gelieve zich te wenden tôt het bureel van het :< Vlaamsche Nieuws », Roodestraat, 447 EEN KRANIG WOORD VAN VOLKSVERTEGENWOORDIGER L. AUGUSTEYNS. — Donderdag avond 1.1. hield de heer K. Angermille in het « Liberaal Volkshuis » zijne voordracht over de figuur en het werk van J. F. Willems, waarvan onze lezers het uitvoe-rig verslag zullen vinden op de je blad-zijde van dit nummer. Na d« voordracht richtte de heer volksvertegenwoordiger L. Augusteyns een woord van dank tôt de* h®er A»germill«, bracht »og «vo* hulW« &4* dea « Vader der Vlaamsch# Beweging », en eindigde met deze woorden, waarvan wij de beteekenis niet genoeg kunnen laten uitschijnen : « Thâhs en meer dan ooit moet de » Vlaamsche Beweging voor elk Vla-» ming eene heilige zaak zijn, die hij » tegen de vijanden dier zaak moet ver-» dedigen en die trots gekuip en ver-» dachtmaking, moet en zal zegevie-» ren ! » Dat die kranige woajden van Volksvertegenwoordiger L. Augusteyns bij de talrijke toehoorders bijval genoten hoeft geen betoog ! ER ZAL AAN DE VERZUCHTIN-GEN... — Uit « Het Vaderland » van 8 dezer vernemen wij, dat onderstaand te-legram door Koning Albert aan het te Amsterdam verschijnend « Belgisch Dagblad » werd gezonden : « Het heeft Zijne Majesteit uiterst ver-heugd te vernemen dat uw opstelraad steeds voor doel zal hebben de verbroe-dering aller Belgen, uit louter vader-landsliefde, te versterken. Hiervoor be-tuigt u onze Vorst zijne levendige sympathie.» Ik heb de eer u en uwe medewerkers den besten dank des Konings voor uw aller verkleefdheid uit te drukken. » Voor een zestal dagen verscheen er in hoogerbedoeld dagblad, waaraan bene-vens Dr Terwagne, Leonce Ducatillon (nu Ducastillon of Duchâtillon?) mee-werkt, een opstel, waarin Stijn Streuvels op de ergerlijkste wijze werd aangeval- v len. Daar dit artikel tegen onzen grooten Vlaming, die er o. a. « een schraapzuch-tig Vlaamsch boertje» wordt in genc>emd, én te gemeen én te onzinnig was, vonden wij het dan ook destijds raadzaam er niet het minst over te reppen. Dergelijke vui-ligheid laat men liefst onberoerd. Wij achtten het thans echter de geschikte gelegenheid er aan te herinneren. Waarlijk onze Regeering houdt er eene zonderlinge opvatting op na om hare beloofde gedragslijn te volgen : Er zal aan de verzuchtingen van het Vlaamsche Volk voldaan worden ! DE TWISTEN IN HET BUITEN* LAND. — In de « Indépendance Belge » gaat de heer Nodrenge voort met de pi-kantste bijzonderheden van den pennen-strijd te publiceeren welke tiisschen de Belgen in het buitenland gevoerd wordt. De campagne tegen onze instellingen, zegt hij, — waarvan de heer Carton de Wiart verklaarde dat zij de liberaalste der wereld waren, — schijnt met kracht voortgezet te worden, wat in allerlei op-zicht zeer te betreuren is. « Nouvelle Belgique », roept hij : « Het ■is uit met de démocratie ! Het is gedaan met den koning-burger ! » Ik wil niet twisten, ik wil slechts aan-halen. Dat zelfde blad vraagf aan de officieuse journalisten om met hem « Albert, als Koning van België en niet als koning der Belgen » te huldigen ! Maar zij hebben het gedaan, mijn waarde collega, zij hebben het gedaan,-ik heb dat reeds in de « Indépendance » voor eenige maanden aangehaald. Camille Roussel had inderdaad goed gezien, toen hij verleden jaar, hier zelfs, het débat op dit terrein bracht : « Anto-cratie of Démocratie? » De driestheid waarmede onze collega's den koninklijken persoon behandelen is hoogst ongepast. Wij willen eenvoudig eraan herinneren dat de Koning inder-tijd een noodberoep op de Belgen in het buitenland deed : « geene twisten vôôr den vijand ! » Een reden te meer — buiten de on-macht waarin de censuur ons plaatst — om onze verontwaardiging te matigen tegenover dezen nieuwen aanval op de eendracht welke heilig rpoest wezen ! DE ZWITSERSCHE EN FRAN-SCHE BETREKKINGEN. — Wij hebben reeds bericht dat de brieven, die uit Zwitserland kOmen voor Fransche kre-diet-instellingen en titels en waarden be-vatten, door het postbeheer ingehouden werden. De heer de Haller, de voorzitter der Zwitsersche Nationale Bank, is naar Parijs gegaan om met de Fransche regeering eene schikking te treffen ter rm-geling der moeilijkheden, welke tussche* de Zwitsersche Banken en de Fransche autoriteiten ontstaan zijn. Er schijnt een « modus vivendi » inge-treden te zijn. Het postbestuur zal voor-taan de zendingen met titels niet meer ophouden, wanneer deze van eene ver-klaring vergezeld zijn volgens welk« de zich daarin bevindende titels het exclu-sieve eigendom zijn van personen die niet tôt de naties behooren welke met Frankrijk in oorlosf zijn, noch in vijandelijke landen woonachtig zijn, noch zich in de bezette landen ophouden. Dit zal niet bijzonder aangenaam zij* voor de Belgen, di® door deze laatste be-perking getroffen worden, en welke zij terech't hinderlijk ea willekeurig kumom vi*den.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het Vlaamsche nieuws appartenant à la catégorie Gecensureerde pers, parue à Antwerpen du 1915 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes