Het Vlaamsche nieuws

392 0
close

Pourquoi voulez-vous rapporter cet article?

Remarques

Envoyer
s.n. 1915, 10 Septembre. Het Vlaamsche nieuws. Accès à 28 novembre 2020, à https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/fr/pid/3n20c4v19f/
Afficher le texte

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

IfrijJag 10 Septembre 1915, Eerste Jaafg. Nr. 238 Frijs ; 5 Centiemen door geheei België Het Vlaamsche Nieuws Hift tngelicht mn œeêtl ir#;r#f£rdk! Nieuwsblaci. tas Selgl#» - Vggrttc&fjnt 1 cimal p«r wetâ CABQNNEMENTSPRIJZEN . AFGEVAARDIGDEN VAN DEN OPSTELRAAD : AANKONDIGINGEN Per week 0.35 I Per 3 maanden 4.— _ . RORMS AlhpH" VAN BF1V TiRANTIiF Tweede bladz., per regel 2.50 j Vierd» bladz., per regel.. 0.50 Per ruaand 1.50 | Per 6 maanden 7.50 i " JBUl\Jrl3 Alutui VAJ3i iillJM iil<AJMJLÎll Derde blad., id. 1.— Doodsbericht 5.— Per jaar 14. BUREELEN : ROODESTRAAT, 44, ANTWERPEN. Tel. 1990 Voor aile annoncen, wende men zich : ROODESTRAAT, 44. ■Kg*" Onze Letîerkuodige Prijskamp Mfons de Cock 1SSO Hier is een bcscheiden, doch een jerkwaardig man. 0p Griekschen bodem eu op Griek-che eilandjes, waar eertijds Olympia, irgos en Tiryns verrezen, Ilion of Per-rjmoa, op Delos en Milo, worden nu, inds een eeuw, opgravingen gedaan en pgedolven worden er wonderbare va-en, zeldzLam en sicrlijk van vorm met unstvolle beschilderingen ; aarden pot-en, hoofden en torsen van godenbeel-len ; gouden en koperen muntstukken : lies van onschatbare waarde, schoon op ichzelf, doch daarbij nog oneindig veel retend te vertellen van het verleden. Evenzoo doet de folklorist. Hij ook liept op en graaft. Hij boekstaaft en be-ivaart, en laat weer in het zonnelicht onkelen wat bijna verloren was. Hij luistert van den volksmond het ertelseltjey het woord, het rijmke, de preuk en het sprookje. Alfons de Cock is onze folklorist bij Jods genade en onder de Vlaamsche chrijvers moeten wij hem een eervolle ilaats inruimen. Wat lieeft hij al niet ]wnt, saamgelezen, verzameld eu ge-ed! Heeft hij, die al die schatten der olksverbeelding zoovele jaren lang eeds liielp opdelveu uiet gewerkt aau iet nader uitbeelden vau de Vlaamsche olksziel — wat dan toch het al of niet tweten doel vau al onze letterkundigen i? 0ns uader te breugen tôt het eigen iezen, ons zelven leeren begrijpeu, hel-en bew'ust worden vau het deel mensch-tiddût wij als volk ver tegen woordigen: aar heeft de onvermoeibave Alfons de kk, vorscher naar liet verdoken volks-p, heel zijn leven aan gewijd. Karel Alfons de Cock, geboren te Her-trsem (bij Aalst), den 12n. Januari 1850, ma van den gemeente-onderwijzer al-aar. Van 1866 tôt 1869 studeerde hij m de Nbrmaalschool te Lier, waar hij leeckx tôt leeraar in het Nederlandsch ad en waar hij onder zijn studiemak-ers leerde kennen : Jau Adriaensen, Is. 'eirlinck, Th.Sevens en G.Segers. Eerst nlponderwijzer te Moorsel (bij Aalst), 11874 hoofdonderwijzer te Herdersem èopvolger van zijn vader), in Februa-il879 hoofdonderwijzer te Deuderleeuw levons leeraar van notenleer en koor-mg in de gesubsidieerde muziekschool Waar). Op peiisioen gesteld in 1904. Seat 1907 bewoont hij Antwerpen. Pol de Mont won hem in 1885 reeds Mi'de folkloristische studie. Een ernstig man als de Cock nam de iak ook ernstig op ; weldra was hij een sr voornaamste medewerkers van het ■jdschrift Volkskunde, door de Mont en >ittée opgericht. Wat hij in zijne streek :Denderleeuw en Ninove heeft geoogst waarlijk onschatbaar. Zoo gaf hij weldra in 't licht : Uit de Underwereld (Gent, 1889 ; Rond den J{6fd (1890) ; Volksgeneeskunde in l«andefen (1891) ; Dit zijn Vlaamsche ''niersprookjes (1896) ; Dit zijn Vlaam-vertelsels (1898) ; Z66 vertellen de htingen (1903). Deze drie laatste bun-® ontstondeu met de medewerking Pol de Mont. Vervolgens zageu 't licht : Spreek-'oorden en zegswijzen, aflcomstig van ude gebruiken en volkszeden (Gent, De Iveyu-prijs) ; Kinderspel en wderlust in Zuid-Nederland, een stan-5irdvverk, 8 deelen, met Isidoor Teir-bekroond door de Koninklijke laamche Akademie ; Brabantsch Sa-'hboek, 3 deelen (id.) ; Spreekivoorden llzegsmjzen over de vrouwen, de liefde M'ei hwwelijk (1911) ; De Sage van den ' M genooden doode (1909) ; De on-dbaarhcid en de Achilles-hiel (1912); jf'' oud-tcstamentisch bijbelmotief in ,llhnt en Vlaanderen (1913) ; Natuur-l,!;larende sprookjes, 2 deelen (1912). ^ 1913, werkte hij mede aan Vlaan-door de eeuwen heen en aan een °nscience-gedenkboek. ,, Deze twee-eii-zestigjarige man, — Us schreef een Nederlandsch dagblad ct hem, toen hij in 1912 bij zijn be-; tôt ridder der Leopoldsorde ge-i werd door zijne vrienden, — deze ( 11 fHe nooit een gebaartje maakte l^door hij eenigszins de aandacht op aOÎ1 roepen, deze werkelijk eenvou-uitstekende man is een oud1 00 nicester : « rustend schoolhoofd », ^ Jaai"boek der Koninklijke '^'ische Akademie, waar zijn biblio-L e,t°t 1907 in voorkomt. Maar mag Iù',rte rusten » heeten? Dat hij te L] "rSein 'P 0°stvlaanderen — in het ){n(lVa,n ^eirlinck — werd geboren, te zij* sckeolmeesters-leven L ®aar i* stàlte de grendslagen va h ote kennis legde, is weinigen be- ! kend. Nog minder, dat hij indertijd in het tijdschrift Vlaanderen uitstekende krouieken over Folklore schreef, en nu te Antwerpen doende is als eeu kluize-naar om ailes wat aan spreekwoordeu be-staat maar bij elkaar te scharrelen, met het naadje van de kous erbij, te verza-melen, te verzamelen... » Ziehier een bibliotheekrat, die te-j vens een fijn luisteraar is, die voor de taal van 't volk, en voor aile muziek trouwens, uitmuntende ooren heeft. A. de Cock is eeu van die trouwharti-gen, dieu de gebroeders Grimm zouden gewaardeerd hebben als een dier zeldza-men, die, in een tijd waar wansmaak en gevoelloosheid heerschende zijn tegen-over al het mooie dat in het diepe ge-moed van 't volk haast vergeten ligt en daar zeker weinig opgemerkt leeft, toon-de te bezitten dat innige, rijke hart van een echt volkskiud, dat zijn broeder uit dat volk herkend heeft en hem verstaan kon, omdat hij zelf geheel « echt » en « volksch » is gebleven. » De goede A. de Cock is een man van « hoogrer weerden » in Vlaanderen, en ik ben blij dat ik dat hier eens zeg-gen mag. » j Onze lezers zullen met °root genoegen kennis nemen, onder onze « Bloemle-zing », Van den jongen die aan den Dui-. vel verkocht was. 't Heeft op vele plaat-sen echt middeleeuwsche kleuren en klankeu eu t' is vol fantazie. j Heropenitig i»r Liederaynnden te Brasse! Is het nu wel het oogenblik om te zingen? Ziedaar de vraag.welke mij gis-teren avond gesteld werd door iemand die, evenals ik, naar de eerste openbare vergadering der Brusselsche Eiederavon-deu getogen was. Och kom, waarom zou onze Vlaamsche jeugd uiet een liedje rnogen zingen, vergaderd in een lokaal, waaruit lion stemmen niet gelioord worden op de straat, en dus niemand ergernis kunnen geveu? Moet men dan altijd zitten te suffen, aan droeve zakeu clenken, aan oorlog, dood, vernieling? Neen, niet waar? En 't is nu wel juist het oogenblik, zou ik denken, om met de Vlaamsche zangeu ook het Vlaamsch gevoelen er in te houden, nu dat lakschheid, on-verschilligheid voor ailes, dra iedereen overmeestert. « Er moet gezongen worden », zei Dolf Clauwaert, en dus : de Liederavonden herbegonnen Dinsdag, en er werd gezongen. De 150 meisjes en jongens, kinder-tjes en damen en mannen, ze zongen prachtig, tôt geestdrift van het overtal-rijke, aanwezige publiek. Want er was publiek uitgenoodigd om bij deze her-opening tegenwoordig te zijn, en een ge-luk was het dat ditmaal het feest plaats greep in de speelzaal van de gemeente-school der Anneesensplaats, waar onze zangers h un kamp hebben opgeslagen, en niet zooals vroeger in 't Vlaamsch Huis, want daar hadden zeker de helft der mensehen moeten terug;keeren. On-dank de eroote zaal der Anneesensplaats stonden de mensehen op elkaar gedrukt als harinsren in een ton ! 't Was te acht ure dat het feest begon. De « John » was natuurlijk op post, achter zijn klavier. Dolf Clauwaert springt zonder veel koinplimenten op het verhoog, midden zijner geliefde en netjes uitgedoschte zangersschaar, kijkt eens in 't rond eu... verzoekt eene dame met haar kindje buiten te gaan, daar het schreit en de zangers stoort. Nog een blik om stilte dwingend, en daar klinkt, door 150 stemmen aangeheven, het Lied der Vlamingen door de zaal, weldra meegeneuried door al de aanwezigen. Daarna hoorden wij De Schelde, en dan dat praclitige Filips van Artevelde : De honger maait, Yeœdolgiiig waait... 't Volk schreeuwt om een Axtevelde! Ik weet niet welken kolossalen indruk dat lied steeds teweeg brengt, en mis-schieu voor den nadenkendeu mensch nu nog ineer dan ooit, nu, in het land van Eeie en Schelde, 't gcvaar is groot en dringend de nood, bijzonder voor het Vlaamsche volk, dat wellicht nu nog tneer een Artevelde van noode heeft dan ooit te voren. Kwam er nu een Filips of eeu Jakob Vau Artevelde zich aan het hoofd der Vlaamsche keurbenden stellen om, niet met de wapens, maar door zijn wijs belcid, zooals het den Wijzen Man pastte, de Vlamingen te zamen te bren-gen, ze allen rond zich te scharen, en eendrachtig doen strijd«n voor ©îi« ideaal : Vlaanderen vrij ! Frisch en lief, beurtelings opgewekt en droevig, klonken en ruischten de stemmen der zangers van de Eiederavon-den door de groote zaal. Scherp en krachtig klonk daarop het IVaakt, gezongen door den heer Deridder, vol toe-wijding steeds en immer op post waar degelijk Vlaamsch werk te verrichten valt. Mevr. Peereboom tracl ook Weer op, immer zoo gui eu gliinlachend, zoo braaf en goed, spontaan hare medewerking verleenend voor het Werk der Eieder-avonden. Ze zoug Wannes en Trientje, en zou zingen Meilied, van Em. Hiel, maar Clauwaert kondigde aan dat Mevr, j Peereboom het Meilied niet zoude zin-1 gen, doch wel Mijn Prinseken, van..; i Hektor De Vries ! ! Van den diepbetreurden Hektor De i Vries, een lied door hemzelf gedicht en getoonzet ! Van ons aller vriend Hektor, dien we, nu eenige jaren geleden, op het verre kerkhof vau Dendermonde gingen begraven onder het Deeuwenvlag, als een schoone bloem die plotseling van haar stengel werd gerukt alvoren haar vollen bloei te hebben bereikt ; Hektor, de medestichter van de Liederavonden te Brussel, de werkzame, onbuigzame,' hardnekkige flamingant, de rechterami vau Clauwaert, te vroeg ons ontrakt,' helaas ! Zoo schoon moge Clauwaert Aan Gent hebben voorgedragen, onder ruimen bij-val ; zoo wonderzoet eu aandoeningsvol ruischte Mijn Moederspraak door de zaal, gezongen door de Liederavonden, en zelfs Vlaanderen bovenal, krachtig weergalmend, toch kon ik niet meer vol-gen, was mijn aandacht afgetrokken, en ik mij merde, want Hektor De Vries' geest zweefde door de zaal. Ik zag,ginds in het nu verwoeste Dendermonde, een schare Vlamingen, vaandels voorop, ka- i tholieken zoowel als liberalen, naar de begravenis trekken van Hektor De Vries. j 1k zag de droefheid op ieders gelaat, ik : zag nog de traneu in de oogen der zan- i gers en zangeressen, die den jongen bard zoo lief hadden en voor wie hij zich op-offerde, en die opoffering met geestdritf deed. Ik zag nog het kleine kerkhof, ter-wijl daarboven een leeuwerik tierelierde, want 't was in voile ontluiking der na-tuur dat De Vries geknakt neerviel ; ik zag jongens en meisjes, manen en vrouwen, eeu tallooze schare, met tranen in de oogen rond de groéve staau, van hem, tweede Rodenbach, die ons, helaas ! zoo vroeg onttrokkeu werd. En we gingen terug, droevig gestemd, naar 't lieve Dendermonde, de geboortestad van on-zen vriend, het plekje dat hij zoo innig liefhad. Eu ik mijmerde... Toen ruischte het door de zaal : In groene hagen zingen de vogelen hem Het lied der eeuwige vrede. Het waren de leden der Liederavonden, die een fragment der Rubenscantate aangevat hadden, terwijl ik mijmerde aan den stichter dezer prachtige volksin-richting, en 't scheen me dat ze tôt Hektor De Vries gingen, de woordeu vau het lied : Dw geest leeft met ons, Al zijt g' ona onitvallem, Uw vruehtbaar gedaolit leeft voort. Moge 't zoo wezen, en 't gedacht van De Vries, den braven jongeliug, voort-leven in de hoofdstad, waar, dank zij Clauwaert, de Liedei'avonden nu hun volkslievend en echt Vlaamsch werk we-derom hernemen. Het tweede gedeelte van dit prachtig prgiamma bekwam niet minder bij val, eu de toejuichingen aan Mevr. Peereboom, heeren De Ridder, Dolf Clauwaert, John Coppens en de leden der Liederavonden, waren zeker overver-diend.Tusschen deze twee deelen in, sprak ons de heer Léo Picard, van Gent, van de hoop die wij moeten hebben in Vlaan-dren's toekomst, zoo de Vlamingen eens-gezind werken willen aan die toekomst, van nu af. Zoomin als een vader zijn kinderen hulpeloos zal laten, zoomin eene moeder haar kind zal laten verstoo-teu, zoomin de jongeling zijn meisje zonder eerbied laat bchandelen, zoomin mogen de Vlamingen hunne moeder : Vlaanderen, laten mishandelen ! Zijne rede werd dapper toegejuicht. Deze prachtige avond werd waardig besloten door het zingen van den Strijd-kreet, door gansch de vergadering. Aan 't werk nu, Liederavonden ! Zaait het goede met kwistige kand, zoo worde de oogst schooner en rijker ! Dolf, wij rekenen daar voor op U ! Jef HERREMANS. Over oozen Kunâtvoiieu beiaardier Jeï iicuiju De oorlog heeft ons bij onze Noorder-broeders een oumisltenbaren dienst bc-wezen. Beigeu eu iNederlanders hebben eiliander Oeier leeren kennen, en wat meer is, waardeeren. Ook de Vlaamsche kunstenaars hebben in den vreenide meer de aandaclit op zich getrokken, en met het mmst onder hen, Jet Denijn de i beroemde îViecnelsche beiaardier, die tiians m Hoiland vertoeft. In een vooraracht te Arnhem werdeu o. a. volgenele vleieude woorden over z'jn spel gezegd : « lien kiokkenspel is een instrument dat bespeelcl moet worden en hoe het als zoociamg genot kan schenken, ont-roenng kan wekken, als alleen Uooge kunst vermag, dat bewijzqn de bespelin-gen in Vlaandereu, înzonderiieid te îvrechelen, waar Jet Uemjn, de meester der beiaarciiers îu den zomer zijn mooie kiokken bespeelde voor den oorlog. Tailoozen, ook uit ous land, zijn daarna gaan luistereu; o. a. heeft Joh. de Meester van zijii bewondermg in tijd-schnttartikelen blijk gegeven. » Zeker, daar werkte de omgeving mede, maar het essentieele van scUoon-heid zou toch niet verkregen zijn wan-neer er met was de methode die den toren « zingen » deed. Het geheim daar-van schuilt voor een niet germg gedeelte in het aauhouden der tonen tôt huu voile lengte of liever — want aanhouden van een klokkentoon is niet mogeiijk — door dezelide klok zoo vlug na elkaar aa,u te slaau, dat de toon aangehoudeu schijnt. Dit geeft vooral bij accoorden het zmgeude, orgelende geluid en vooral bij een hoogen toren, waar de kiokken met te open hangen, zoodat retds in den toren het geluid ineensmelt, krijgt de toehoorder werkelijk den i,ndiuk van aangehouden tonen. tôt hun voile waarde.» De daarvoor vereischte inrichting heeft nog geen onzer beiaards, in België door toedoen van Denijn de meeste. Daar is men tôt de conclusie gekomen dat wanneer men de methode van Denijn volgt, men inderdaad op den beiaard hooge kunst kan verkrijgen eu daarom waren er in België ook plannen om te geraken tôt een beiaardschool. Mogen in het algemeen onze renaissance torens niet zoo volkomen geschikt zijn als de Gotische torens, met kunstenaars als Denijn zou men ook in ons land veel kunnen bereiken, België even-aren en met sonimige torens misschien overtreffen (?) » Maar in ons land geeft men niet gaarne geld voor men weet dat het geestelijk en stoffelijk voor deel oplevert. Welnu, als men Denijn uitnoodigt zijn kunst in ons land te doen h ooren en een kiokkenspel in orde brengt volgeus zijn aanwijzingen, dau zal men tôt de over-tuiging moeten komen dat wat in België kon, ook hier mogeiijk is. Dan zal Nederland inzien dat het in zijn torens schatten bezit, waarop het tegenover heel de wereld trotsch kan zijn. » Tôt zoover de inleider. Wij (N. R. C.) voegen er aan toe dat dank zij het in Arnhem genomen initiatief Denijn daar zal komen, de noodzakelijke aan-vullingen en herstellingen zullen aan het kiokkenspel van den grooten toren geschieden en over de oude Arnhemsche markt zullen dan voor de eerste maal in ons land de oude kiokken Kliuken be-speeld door een meester. Gain Vlaamsche grlatren meer I Van onzen berichtgever voor Lùn-burg, ontvangen wij volgende stichte-lijke inlichtingen. Men zal het natuurlijk onvaderlandsch vinden, op het hui-dige oogenblik tegen Fransche drijve-rijeu te protesteeren : Hoe men de Vlaamsche boeren in de provincie Limburg voor den zot houdt De «Provinciale Noodkoinmissie », ge-vestigd te Hassselt, gebruikt voor haar briefwisscling met de gemeentelijkc Hulpkomiteiten tweetalige formulieren, onderteekend door den hr F. Portmans, den franskiljonschen burgemeester van Hasselt, en den hr Ch. Vanstraelen, pro-kureur des Konings bij de Rechtbank van eersten aauleg te Hasselt. Deze week heb ik zulk een formulier gezien, gericht tôt de kleine gemeente O..., bij Sint-Truiden, waar geen vijf mensehen één woord Fransch kennen. Dit formulier was aan de Fransche zijde ingevuld. Kan men de moedwilligheid verder drijven? Diezelfde gemeente O... houdt er een sekretaris op na, die waarschijnlijk geen Vlaamsch kan schrijven, want hij zendt Fransche stukken naar de Bestendige Deputatie te Hasselt. Die stukken worden onderteekend door Burgemeester en Schepenen, die geen Fransch kennen! Deze week heb ik zulk een stuk gezien, waarbij de persoonlijke verant-woordelijkheid van het Schepenkollege voor een hooge som betrokkeu was. Dit stuk was door de Bestendige Deputatie, en den Griffier van de provincie in 't Fransch gezien en goedgekeurd. Het voerde den Franschen dienststempel van de gemeente O..., den Franschen stem-pel van de Bestendige Deputatie en den Franschen stempel van het Arrondisse-j mentskommissariaat. i Het droeg, mijns inziens, ook den stempel van de verregaande lamlendig-heid en ruggegraatloosheid van ons Vlaamsche volk, dat zich zoo maar door franskiljonsche meesters en pennelikkers laat voor den gek houden. Waar, in Eu-ropa of elders, leeft een vrij volk dat al-dus met zijn1 moedertaal den spot laat drijven? Vlaamsche boeren van Limburg, wordt dau toch eens fiere Vlaamsche mensehen, en eischt van de lieden die u besturen eerbied en recht voor de taal, die gij op uw moeders schoot ge-lecrd hebt ! Het Hulp- en Voedingskomiteit te Hasselt zendt naar de gemeente Rijckel, tusschen St-Truiden en Borgloou, tweetalige formulieren, gedeeltelijk te Hasselt aau den kant van den Franschen tekst ingevuld. De gemeente Rijckel telt omtrent 450 inwoners. De E. H. Pastor van dit dorp heeft mij vaudaag gezegd dat er daar maar drie personen zijn die een Fransch stuk kunnen lezen, ni. hij-zelf, de onderwijzer en één pachter. Het arrondissements-kommissariaat Tongeren zendt geregeld naar Rijckel Fransche stukken, welke daar niet verstaan, maar onderteekend worden. Dit ailes is natuurlijk in strijd met de Taalwet aangaande de bestuurlijke za-ken. Maar aan welke Vlaamsche wet va-gen onze franskiljons hun botten niet? ! Dr. P. V. Dagelijksch Nieuws ! j ~ BELGISCH INLICHTINGSBUREEL VOOR KRIJGSGEVANGENEN EN GEINTERNEERDEN. — Mededeeling n. 8. — Het Belgisch Inlichtingsbureel voor krijgsgevangenen en geïnterneer-den, Meir, 48 (Banque de Reports), Antwerpen, verschaft inlichtingen over de krijgsgevangenen in Duitschland en over de geïnterneerden in Nederland. Zijne bedrijvigheid strekt zich uit tôt de Fransche, Engelsche, Russische en Italiaansche krijgsgevangenen in Duitschland, voor zoover hunne ouders in België verblijf houden, alsook voor de Fransche krijgsgevangenen in Duitschland uit de i streken van Maubeuge (inbegrepen Bavai, Givet en Fumay), zelfs indien hunne ouders niet in België verblijven. Het bureel verschaft ook inlichtingen over de Belgische soldaten, die zich, ge-wond of ziek, in een Belgisch, Fransch of Engelsch gasthuis bevinden. De vragen om inlichtingen mogen mondelings of schriftelijk gedaan worden. Zij moeten melden : i° Naam en voornamen van d«n sol-daat waarover men inlichtingen verlangt. 20 Het wapen (infanterie, artillerie, enz.), het regiment, en het bataillon waarvan hij deel uitmaakt. 30 Wanneer de soldaat het laatst van zich heeft laten hooren en waar hij toen was. 40 Het adres van den persoon die om inlichtingen vraagt. Zoo het niet mogeiijk is dadelijk aan de vraag te beantwoorden, zal het bureel den belanghebbenden persoon schriftelijk verwittigen zoodra inlichtingen ontdekt worden. De aanvragen worden bewaard. Komen er later inlichtingen, dan brengt het bureel dadelijk den belanghebbenden persoon ervan op de hoogte. Het is dus onnoodig de aanvragen te herhalen, daar-uit ontstaat niet dan verwikkelingen, overmaat van werk en tijdverlies. Het is tevens onnoodig zich toi het bureel te wenden om antwoord te bekomen op eene gedane vraag vermits dit antwoord altijd ten huize besteld wordt. De inlichtingen worden kosteloos ver-strekt, maar daar de dienst groote uit-gaven vergt, zal het Bureel, elke gift, hoe klein ook, met dankbaarheid aan-vaarden.De bureelen zijn open van 10 tôt 12 uur en van 3 tôt 5 uur (B. T.). (Gesloten 's Zaterdags namiddags en op Zon- en Feestdagen.) LOGENSTRAFFING. — Aan som-migen onzer lezers werd wellicht eene mededeeling getoond in de « N. R. C. » overgenomen uit de a Residentiebode », met betrekking tôt de in Amsterdam onder gezuiverde redaktie verschijnende « Vlaamsche Stem ». We achten het daarom uiet zonder be-lang onderstaande terechtwijzing te laten volgen, ook verschenen in de « N. R. C. », en waaruit eens te meer blijkt dat aile wapenen, maar vooral verdacht-making en leugen, goed genoeg zijn om onwrikbare flaminganten aan te vallen. Wij lazen : « Het door ous uit de « Residentiebode » overgenomen bericht over een verbod 0111 de « Vlaamsche Stem » te verspreiden aan het front en in de geal-lieerde landen, wordt in de « Vlaamsche Stem » tegengesproken. Ook de mededeeling dat de leider der « Vlaamsche Stem » van hoogerhand bevel heeft g«-kre.een «m naar België t«ruj le keeren, noemt het blad onjuist. » Mr. THEODOR NAAR DUITSCHLAND. — Mr. Theodor, deken der Brusselsche advokateu, heeft aan een 1 advokaat verboden zich bij de beharti-ging van de belangen zijner partij voor het gerecht te beroepen op een huur-verordening van den gouverneur-gene-raal en in 't bijzonder op een uitspraak van het hof van beroep te Brussel, waarin de rechtskracht van deze verordening wordt erkend. Hierdoor heeft de deken zich schul-dig gemaakt aan overschrijding van zijn bevoegdheid ten nadeele van het rcchtzoekende publiek en ook gehan-dekl in strijd met de wet op de advoca-tuur van 14 December 1810, volgens welke advokaten hun ambt vrij mogen uitoefenen ter verdediging van recht en waarheid. De gouverneur-generaal heeft mits-dien Mr. Theodor naar Duitschland laten overbrengen, waar hij tôt het einde van den oorlog zal vertoeven. DRIE GESLACHTEN IN MILITAI-REN DIENST. — De 70-jarige Max Metzger uit Landau, een veteraan van 1866 en 1870/71, die sedert langen tijd in Karlsruhe leefde, bood zich bij het uitbreken van den oorlog vrijwillig aan, om dienst te nemen bij het Badische lijf-grenadiersregiment n. 109, als onderof-ficier. Zijn zoon, Siegmund Metzger, is 44 jaar oud en doet dienst bij het « Hauptmeldeamt » in Karlsruhe. De kleinzoon, Hans Metzger, 17 jaar oud, trad in Augustus 1914 als vrijwilliger in het leger en dient op dit oogenblik als onderofficier bij het infanterie-regiment n. 40 op het front. OORLOGSVLEESCH. — In d« ge-ineenteraadszitting te Maastricht, ver-zocht een der leden, zelf varkenslager, den voorzitter om handelend op te tre-den tegen spekslagers, welke vleesch van « miauwende en blaffende » diereu onder het gehakt mengen, ten einde op die manier de door den Burgemeester vastgestelde prijzen te ontduiken. Hij zelf had het gehakt onderzocht en be-loofde dan ook aan het verlangen vau den voorzitter te voldoen om hem na de vergadering de namen mede te deel eu, ten einde de schuldigen wegens verval-sching te straffen. Dat men ons vroeger wel eens een kat voor een konijn verkocht mag geen geheim meer genoemd worden, maar dat men van het vleesch onzer huisdieren al... worsten en looze viuken zou gaan maken, dat hadden wij ons vôôr 't uitbreken van dezen oorlog nooit kunnen voorstellen. HET VLIEGENGEVAAR. — Wij vernemen dat de Zuid-Hollandsche ver-eeniging « Het Groene Kruis » door Huibr. Luns eene prent heeft laten tee-keuen die dieut om te waarschuwen tegen het vlieeengevaar. Zij zal in grooten getale worden verspreid. De goed-geteekende plaat stelt een reusachtige vlieg voor in een gestyliseerde omlijs-ting van allerlei dingen die op bestrij-ding der vliegenplaag betrekking hebben, b.v. een vliegenglas; een kindje slapend achter vliegengaas ; een glas melk, tegen de vliegen beschermd ; de open stroopkan, omzwermd door vliegen, enz. Zou men hier in Antwerpen b.v. er ook eens niet kunnen aan denken eene dersrelijke plaat uit te geven. Het is tg verwachten dat deze plaat haar doel niet zou missen en krachtig «ou bijdragea em de aandacht H v*eti« gen op het vliegeHgevaar.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.  

Il n'y a pas de texte OCR pour ce journal.
Cet article est une édition du titre Het Vlaamsche nieuws appartenant à la catégorie Gecensureerde pers, parue à Antwerpen du 1915 au 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Ajouter à la collection

Emplacement

Périodes