De eendracht: weekblad voor het Vlaamsche volk

1977 0
close

Warum möchten Sie diesen Inhalt melden?

Bemerkungen

senden
s.n. 1917, 24 November. De eendracht: weekblad voor het Vlaamsche volk. Konsultiert 22 Juli 2024, https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/de/pid/b27pn9033v/
Text zeigen

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Tweede Jaargang, Nr i3. — 24 November 1917. Prijs : 10 cer.tiernen. Redakfie en Bureeleri : Prinsesstraat, iô, ANTWJ RPEN. DE EENDRACHT Weekblad voor het Vlaamsche Volk 241 VERBANNING VAN Priester Van der Meulen AANBIEDING VAN EEN GOUDEN KELK. i Inschrijvingslijst geopend door de zorgen van de Katholieke Vlaamsche vereeniging Per lixsir Erratum aan 4e lijst. Uit Gent. — Nog'11 Vlaamsche jor.kvrouw 1.— Uitvreugde omdat onsleger veld wint o.5o Groot.- heeren, ge zult Via imschgezind zijn of gc zuh niets zijn o 5o ^ , Men wii hier de massa dom houden, J ! doch het licht breekt door 5. -~ ï De bazen zijn tegen Wlaamsch, oindat 7, het hun beiang is 0.25 l_ j En wij zijn" er voor, omdat het 011s be- « | lang is 0.25 H : Voor de filozofen, te St NiUaa=, ver- 3! drukt door aanstellerige filozofasters 2.25 Spijts lastei en kwaadwiliigheid, voor- uit te St Nikl .as 2.5o Uit Aa schot 5.— lU't Maese le. — Twee aktivisten : Al voor Vlaanderen, Vlaanderen vôôr al ! 10.— Geea hooger eer dan schand' die eer wordt 2.5o Em Vrijdaghs, oud-Biijk van Bulde aan \ keraar'tMads-den htldhaftigen ' college te St-Trut- » der. n priester i . ...... , r j Jos. Vnjdaghs, ad- * vokaat 5.— A. De Ceuster, Schaer'oeek 5.— Uit Hassel't : Een Dayidsfondser i.5o Een LeergezeUchapper 1,5o Een Jonge KJauwaart 1.— Een ly'oemvergaarder 1.— Van'nen onder; astoor i.— :Een overtuigde 2 5o Tandards Hildward Van der Spurt, te Gent 2.5o Hoogleeraar R. CLeys, te Merelbeke 10.— Een priester uit Oost-Vlaanderen 10,— ; » » » » 6.25 a » » West-Vlaanderen 6 25 » » » » fi.25 Va;, ios H Van Hecke, te lirtvelde 10 — Dr Med. Alfons ï>epla,'te Kortrijk 10.—■ Dr J1 is Spii.cemaille, te Rrussel (2'storting) 25.— Van een onbekende uit Oost-Vlaanderen. met melding : l'ntusschen, Vlaamsche vnenden, steunt het Priester Van der Meulenfonds, 't zal van pas komen 162.5o Jufvr. Anna Pietei's, te Gent 1. Robrecht Van der Spurt, student te Gent o 5o De Verbroedermg der Vlaamsche Toi- en Accijmbedienden, afd. Accijnzenkrmg, St Truiden " I0 Uit Àarschot 5. Uit sympathie en verzet, Borgeihout 6.25 Van <en Vlaamschgezinden priester, die trouw vv 1 blijven aan zijn volk 2 5o Uit protest omdat Havere Vlaam che aal-moezemers naar Cézembre ve bant en Xardinaal Mercier Vlaamsche onderpas- toors naar verloren stiafparochie> 2.5o tt'e eischen. op onzen Vlaamschen grond, het taa'recht \an onze vaderen j,-- [Uit Antwerpen 3.y5 (Ontvangen uit St Truiden fr. 107.50, waarvan wij de lijst, wegens plaatsgebrek, eerst toeko-nende week kunnen atkondigen, zooook voor t 62.50 naamloos toegekoinen uit Borgerhout.) Gudrun, te Tongeren. —Mandaat nog niet ontvangen.Een paar abonnenten wijzen op sommige uit-ihukkingen tussçhen de motto's, d;e hun nogal Aras voorkomen. — Wij verzoeken lien te willen ; in aanmerking nemen dat zulke motto's enkel de gedichten van e in chrijvers tôt uiting brengen en dus n et kunnen terugvallen, noch op het b.ad, noch op de vereeniging. —In onderhavig geval kunnen vvij ons niet gerechtigdbeschouweneemge îatsornlijk uitgeclrukte meening te wijzigenof te verduiken, T>c Eendracht en P. C. a. L Tufnhout. — In-chrijvmgen voor lcelk en Friester Van der Meulenfonds, worden aangeno-■ir,en : BEEKSTRAAT, 10 te TURNHOUT, aile 242 werkdagen van 10 tôt 1 en van 3 tôt 8 uren. (M. E. T.) N. B. — Voor wat de giften betreft, enkel veimeld door de gemeenten van herkomst, worden, bij gebreke aan de noodige aandui-dmgen, de naraen der gevers voorzichtigheids-lialve niait openbaar gemaakt, zoolang de opzenders niet het veriangen uitdrukken nog bekend gemaakt te worden, wat zelfs wel alleszins wenschelijk is, indien eenigzins mo-gelijk.Verdere bedragen en mededeelingen nog te zenden aan L. Sips, Van Arteveldastraat, 27, Antwerpen. Aan onze Lezers. Daar wegens transportmoeilijkhe-den de slinkende papiervoorraad niet tijdig aangevuld kon worden, mochten sedert een paar eken de dagbladen nog slechts op 2 bîz. verschijnen. Qok de weekbladen worden thans door dezen algemeenen tijdelijk«n maatregel getroffen. Wij zullen het blad, thans van ballast bevrijd, zoo-veel mogelijk op de oude hoogte trachten te houden. In de hoopweldra weer over de gewone plaatsruimte te mogen beschikken. DE EENDRACHT. Nieuwe inschrijvers ontvangen ons blad tôt Nieuwjaar kosteloos. De laatste. weken van het jaar zijn de best geschikte tijd om nieuwe inschrijvers te wer-ven. Laten al onze lezers zich aan dit ver-dienstelijk Vl'amsch werk spannen. Naar het oordeel van velen is « De Eendracht <> het degelijkste Vlaamschgezind blad ; het moet 00k het meest verspreide worden. Wij zenden ons blad kosteloos gedurende " de geheéle maand Decem'oer aan" allen wier adres ons wordt opgegeven. De inschrijvers, zoo oude als nieuwe, gelie-ven het bedrag hunner inschrijving vôôr einde December op onze postchekrekening n» 86 te stoiten (met aanduiding van hun voiledig adres op het stortingsbulletijn). In d't geval is het overbodig ons bureel per brief of postkaart te verwittigen. De Grond der Zaken. Een verkeerd uitgangspunt 1 opt op schromelijke dwalingen uit. P. Pai.au s J. III Wij hebben hooger gesproken over het conservatisme onzer bevolking. Ons volk is inderdaad behoudsgezind. Het lijkt wel op een slapenden reus, die bîijft liggen op de zijde waarop hij ligt. Gij werkt, gij zwoegt gij stoot en heft : vruchteloos ! Gij wilt hem op zijn anaere zijde tillen : niets te doen ! Tôt een buitengewone omstandigheid, een sterke hefboom of een forsche hulpkracht komt aanvullen wat u aan eigen krachten te kort schoot : De reus klinkt om, ligt op zijne andere zijde en blijft er op liggen. Ons volk was gewoon aan fransch bestuur ; het sliep en 't was op zijn fransche zijde. Niemand was bij machte het op zijn andere zijde- de 243 Vlaamsche- te keeren de oorlog heeft het gedaan ; en al is er bij het omwen-den al eens een sçhreeuw opgegaan omdat er nogal duchlig geschud en gestooten werd, Vlaanderen ligt nu op zijn Vlaamsche zijde, . n het ontwakende volk vindt dat het ln'-.fgs dien kant ge-makkelijkst ligt. Omnis comparatio" claudicat — dat spreekt ! De geschapen toesland doet bij ons behoudsgezind volk, jneer dan bij gelijk welk ander volk haren invloed gelden. Dat 00k zagen de activisten in en ze hielpen krachtig aan de omwenteling in den letterlijken zin. Ten slotte willen wij een einde stellen aan het verloren loopen der bes'te krachten van het Vlaamsche volk. Het komt er niet meer op aan te pochen op die heerlijke Vlaamsche'beweging ; het komt er niet meer op aan te vertellen dat wij vooruitgingen, dat de eindzegepraal ons was ! Wij meenen uit het hooger aangehaalde tôt het U'genovergestelde te mogen besluiten ; maar zelfs indien dit zoo ware, dan zouden wij nog antwoor-den : Nu of nooit ! Wij willen'niet dat onze klaarste verstanden, hun tijd, dien ze noodig' hebben voor wetenschappelijk werk aan Vlaamsche beweging moeten besteden ; wij willen niet dat onze let-terkundigen nog langer, verplicht zijn strijdartikels te schrijven,, meetings te houden enz. en daardoor aan onze lit-teratuur misschien riîeer dan een flink werk ontrooven ; wij willen niet dat de Vlamingen nog langer 'n mensch als Van Cauwelaert in de politiek stuwen, die o vgetwijleld als professer aan onze Vlaamsche hoogeschocl een knap geleerde zou geworden zijn wij willen niet langer dat koppen als Dosfel dagelijks verplicht zijn tal va:, bladen en bro-churen over Vlaamsche beweging te lezen, wat idem zooveel vérités voor onze wetenschap en onze letterkunde beduidt ! Daarom zeggen wij : nu of nooit ! De Vlaamsche beweging dient opgelost zon-der dralen ; de gelegenheid biedt zich aan en het wate een zonde tegenover ons zelf en tegenover ons volk ze niet te grijpen. Wij hebben getracht de gronden bloot te leggen waarop ons eigen overtuiging en wellicht die der meeste activisten steunt. Wij hebben zonder vaar of vrees de zaken gezegd lijk wij ze meenden, zonder overdrijven maar 00k zonder be-neden de waarheid te blijven. Voor iederen activist komen er natuurlijk nog individueele beschouwingen en individu-eele redenen bij, maar de hoofdzaak, de grondgedachten blijven. En nu vragen wij aan de nog oprechte passieven : Is ons standpunt juist ja of neen ? Is ons politiek inzicht goed, ja of neen ? Hebben wij waarheid gesproken ja of neen ? G. Van' Havixdonk Eerste îndrukken « Uit een brief van cen hoogsiudent. » Iklandde dan eindehjk aan te Gent, God wcet, na wat al tegenkantingen, vertwijfeling, strijd en minachting. 244 Een atmosfeer van geweld drukte nop op mij ; mijn gemoed was h;et, en 't onzekere van wat mij wachtte, prangde mij 0111 t hart. 't Was in den echtend, en ds straten. hingen vol mist. Toen ik de Se-elde zag, en het Belfoit, en de Hoogeschool, kwarn er roering en sid-defing in mij. Spoedig daar p echt r voelde ik ontnuchtering mij door het iijf zakken : de men-schen waren zoo onversch l ig, zoo wantrouwig, zoo spotzuchnt' h ast; ik lcwam nergen; goed te recht ; de dingen schenen zoo dom vol van stoffelij ^heid. Maar toen ik 's namVd gs bij vergaderde hoogstt'.denten gcaakte, en de blijheid in hun oogen zag, om één weer te meer, en toen ze ■t e de ha ni drukten in kracKtig besef van ver-brjedering, en hun woorden vol =taken v-jn welkom ; toen ik bij velen, het katho iek zijn zag doorpriemen uit hun oogen, hun taal en gebdar, toen ben ik aan 't jubelen gegaan Daarop ging ik naar Oostacker ; o. derxvege dacht ik na over den toestand van Vlaanderen. Aan het front sta.tn onze jongers, te vechten, meer voor vretmde belangen ; drie jaar lang reeds worden hunne Iich imen suik gebsukt en hun gèest verminkt ; hier te lande dooden-de ex-humaniora studenten hun tij.l in n^eisioen-.rij; na den oorlog zal de n od van Vlaanderen nog hachelijker zijn op sociaal, econom'sch en in .u-striêel gebied d m nu, zullen al de hoogere plaatsbetrekkingen weer n lianden moet-n geg -ven van vreemdtlirgen, en zal 0 s volk weer gedoemd worden tôt lagere dienstbaarheid ? Noch van de jongens die aan den IJzer staan, noch van de gedwongen leegloopers in het bezette g-ebied is heil en redding op întellectueel gebied te verwachten : opnieuw studeeren na zoo%'ele jaren enkel-lichamelijk ;;ezwoeg of geestes onbedrijvigheid, gaat met meer... En Vlaanderen blijft in nood ! Daarom is het schoon hier in G nt te zijn; het is schoon en 't is groot, zich op te werken tôt eer. levend- bekwaamheid om Vlaanderen krachtig bij te staan in zijn trachten naar her-stel, het vaderland te dienen, niet met het gewe'd c f beestige moorderij, maar door wetenschap en on vvik' eli g en dat, srijts minachting, spijts 'aag b dillen of vergiu zm'g, trots ailes, iroti ailen, alleen verrechtva rdigd voor God, ons geweten en de tîeko î.st. En ons stil, verborgen werken en p >gen zal Vlaanderen, meer ten go de komen, dan het onnoozel, nog langer do nvoeren va ! den oorlog, ten bata. enkel van vreemde polit ci te il ver-derve van eigen volk. Aan den voet van Maria heb ik gebeden toen met liefde, voor Vlaanderen, voor de j.-ug.l van Vlaanderen En toen 'k heenging, met den zegen op mij onzer lieve Moeder, en met eer. r tsvast betrou-wen in de toekom t van ons volk, heb ik herhaald tôt mijn Jezus, met vroom Vlaamsc.il gemoed : Mijn Koning groot Gehecht aan 11, Geknecht aa u, In storm en nood, S:a 'k recht voor 11, Ik vccbt voor u, En tôt ter dood ! Heil Vlaanderen ! A. Joiiysns van Vluifera! Wilt ge dan hooghouden uw ideaal, en getrouw er aan blijven, het heden doorleven, spijts en trots ailes, wilt gij dan waarlijk werken voor uw volk en ailes geven aan Vlaanderen, opdat Vlaanderen aan Christus zij, bedenkt dan wel dat het hoog noodig is, uw Ideaal te bestudeeren en te doorgronden. Leert uw volk kennen, in zijn' aard en zijn' verschijnen. Schouwt rond u heen en bekijkt wat er ligt, wat er woelt in ons volk. 't Zij ge de armen uwer St Vincentiusgenootschappen bezoekt en hun de stoffelijke, maar vooral de geeste-lijke aalmoes geeft van uw hart ; 't zij ge omgaat met mannen of jôngens uit 245 de minst bemiddelde standen, of met het volk onzer burgerij, vestigt uw' aan-dacht dan op het goede dat er in ligt — en Goddank, er ligt in de diepsta plooien van ons volkswezen nog heel wat goeds — opdat dit ontwikkeld en ontplooid kunne wordtn, opdat ge weten zult laler, hoe en met wat eerst voor de heropbeuring van uw volk te ijveren, opdat ge geen ondoelmatige strekking volget of gqen hatelooze middelen aan-wendet. We hebben zoo'n nood aan werkende krachten en dus gaan er zooveel aan nutteloos geroer verloren ? Jongens, vergeet 00k niet, vergeet niet den vinger te' leggen op de open wonden van ons lijdend arme volk. Blijft niet blind voor het onrustwek-kende en gevaarvolle paupérisme in Vlaanderen, want daar broeit socialisme onder, klassenhaat bijgevolg, onrust, vredestoornis en verderf ; eens in het werkelijke mannenleven zult ge verant-woordelijkheid op uw schouders dragen; zorgt er voor dat het dan niet te laat weze om u onberispelijk van uwe taak te kwijten. Jongens, blijft niet blind voor de kan-kerende plaag van het alcoholisme. O ! de ellende in Vlaanderen door 't alcoholisme verwekt is afgrijselijk. Ligt het u aan 't hart, geen volk te hebben van verwoeste menschennaturen, van rachi-tische gestellen of van idioten ; spant het u tegen, een land te hebben van gevangenissen, zothuizen, hospitalen en verbeteringsgestichten, zweert dan haat, daadkrachtigen haat aan den drankduivel. Jongens, weest ervan bewust, dat we in Vlaanderen een volk hebben, zonder ontwikkeling : wat kunstzin steekt er o.a. toch in onze brave burgers of stroeve werklummels; wat voornaamheid of ver-iijning vindt mm in onze « deftige « klassen? Die wantoestanden dienen geweerd ; hoe zult ge het uwe bijdragen tôt de verdrijving ervan, zoo ge ze nog niet eens weet, zoo ge uw hart niet voelen trillenhebt van pijnlijk aangedane deernis, zoo ge uw' wil niet voelen dooislaan hebt in u\V geest, en zeggen met kracht « dat moet gedaan, en ik, steek de handen uit mouwen ! » Jongens van Vlaanderen, uw Ideaal mag geen louter droomen en veriangen zijn ; enkel droomen en veriangen zonder wilskrachtig daden stellen, is ontaarding van het Ideaal. Het is er te schoon toe en te groot ! Als ge zult doorgedrongen zijn tôt de kern onzer Vlaamsche Beweging en deinen zult daarna in haar breede en veelzijdige ontplobing, zult ge klaar inzien en beseffen, dat het hoolddoel is: de zedelijke herkerstening van Vlaanderen . Ma,u daartoe is stoffelijke welvaart onontbeerlijk, 'lijk de H. Thomas van Aquino leert : « geen zedelijke of geeste-lijke bloei mogelijk zonder een zeker voorafgaandelijk stoftelijken welstand. 1 Maar daartoe is verstandelijke ontwikkeling noodzakelijk, en verstandelijke ontwikkeling van 't volk ontstaat niet zonder nauwe verbintenisen innigsamen-voelen van gegoede en onbemiddelde Bij Gezelle's Sterfdag 27 NOVEMBER 189 . Deze inleiding tôt Gezelle wil niet zijn een filter van vooropgestelde en opgedrongen mee-mngen. Ik weet dat goede wijn geen krans behoeft en Guido Gezelle's werk geen geleerde vertoogen om u aangeboden te worden, lijk ge geen kennis van botaniek hoeft te bezitten om 'n roos schoon te vinden. Ik denk hierbij aan 'n oud-leeraar. - ■ Wij lazen « Tacitus' Annales» in de klas. En toen we dat beeldend, snijdig, kern-juist woord lazen, waarin de ont-toering zong of de toorn ziedde, dan vlamden professor's oogen en als eenig kommentaar klonk het : » « Voila, messieurs, Tacite ! » en we voelden het — het was Tacitus en geen Virgilius, geen Sallustius, geen Titus Livius. Zoo lees ik Gezelle : Hadde ik al de schatten van de wereld, ik gaf ze voor een kinderherte geren, ik tn 'k voel al dadelijk wie hij is. — Ik ben doordrongen in z'n binnenste zijn. Mij spreekt de blomme een taie, mij is het kruid beleefd, mij groet het altemale dat God geschapen heeft ! 't Is Gezelle ! De Vlaming staat zijn eigen taal en zeden af: hij 'n mag De Viaming wilt van ander taal en zeden zijn hij en kan niet ! De Vlaming 'n heeft op 't einde van 't spel noch dit noch dat niet ! t Is Gezelle ! Zinge wie dat lust te zingen, met onedel stof gelaàn, van de bitter kleene dingen door den grooten Mensch gedaan; 'k Zinge Gods werk en Zijn name klinkt onsterfelijk in mijn lied, als de grondtoon, noch 'k en schame dichter, voor mijn God me niet. Nog eens : Gezelle ! Ik voel hem tegen-woordig in ieder gedicht, in ieder kleenge-dichtje, in îedere rymreek, nagelduim en spakerling, met z'n eigen vleesch en bloed, met ziel en lichaam, z'n mensch-zijn en z'n vlammg-zijn, z n christen-en z'n priester-zijn Gehcel Ik vinde hem terug : de grootheid van z'n eenvoudigheid, de harmonische een-heid van z'n wezen, zijn cnvervalschtheid en waarachtigheid ; z'n liefde en z'n bewonderino-, z'n zuchten, zangen en gebeden. John Ruskin schreef ergens in z'n « Lectures on Art « : « Het hoogste wat de Kunst ver-mag, is de waarachtige uitbeelding van een edel mensch. » Guido Gezelle was een der edelste. der schoonste menschen die daar leefden. En z'n kunst is de waarachtige uitbeelding van z'n edel wezen. Hoogste kunst. Z'n |dichten zijn geen «confessions d'un enfant du siècle» ge-schreven om zich zelven op 'n verhocgje te plaatsen boven 't gemeen z'n kunst is geen idealisering van z'n eigen persoontje, als Mul-tatuli's. Het is de natuurlijke bloei van z'n zieleleven. En Gezelle was een «scoone mensch» lijk Verriest het zei. — Dichter en priester, het hoogste wat den mensch kan gegeven worden In den priester leefde de dichter en in den dichter de priester onafscheidbaar éen. Gezelle zag de schoonheid van al wat hem omringde. De buiten- en binnenwereld waren voor hem éen schoonheidsontroeren. Hij wa de dichter die dronk «den dreupel poezii schuilend in de allledaagsche dingen,» Hi was de priester, die, wat de dichter schooi vond, leidde tôt den « oorsprong van zoo vel goeden ». In ailes voelde hij de harmonie, het verban< tusschen den scliepper en het geschapene ; il aile schoonheid zag hij de prente van dei Maker. Z'n leven was éen opgang door he schoone naar de schoonheid. Lijk de profee David zingt hij de groote psalm ter eere vai de Opperschoonheid. Hoe schoon de morgendauw, hoe schoon de versche blommen, hoe schoon de zonnestraal, die deur dien dreupel beeft ; hoe schoon moet ginder zijn dat wij hier schoonheid nommen, en dat maar éenen glim van d'Opperschoonheid heeft. Hij verstond het grootsche bijbelwoord de Schepping : « Vidit Deus quod esset bonuin » En God zag, toen Hij ailes geschapen" ha< en de zevende dag rustte, hoe ailes goed was En waar. de menschen zochten lang s dwaal wegen en ^ moerassen, door onrust voortgedre ven, met 'n hart waarin de wonde gaapt de scheuring, staat hij. alsof hij noeit het Para dijs verloren had en wijst den éenen weg di opklimt naar den grooten « Zegenaar ». Hij leest in « het boek der natuur » ei vindt op iedere bladzijde God geschreven Hij verstaat het ruischen van het^ ranke riet spreekt met bloemen en bladjes, met schrijver kes, met vliegjes, met vogeltjes, als 'n anden Sint Franciskus. ; Hij voelt kich met ailes vertrouwd en ail ; leeft voor hem, in hem. j Als de ziele luistert 1 spreekt het al een taal dat leeft, ; 't lijzigste gefluister 00k een taal en teeken heeft ; I blàren van de boomen kouten met malkaar gezwind, j baren in de stroomen t klappen luid en welgezind, f wind en wee en wolken, , wegelen van Gods ïieiligen voet, talen en vertolken 't diep g'edoken Woord zoo zoet... als de ziele luistert. Guido Gezelle staat in de natuur — en li Eichendorf het zei : « jeh fuhle mich w neugeschaffen » voelt hij zich 00k als het wa: pas geschapen midden al die heerlijkheid. E ontdekt de natuur en uit de verwonderir ontspringt z'n bewondering. Als 'n groot kir met open oogen en blijheid in 't harte, kor hij bewonderend staan : Schuldeloos blommeke lief dat op mijnen weg ik ontmoete, laat mij een stond bij u toch, laat mij een stcndeke staan. of Water dat voorbij mij vaart, en ionkt en lacht en groet mij, staat een wijlke. st lie, en laat u 00k van mij gegroet zijn ! Wat 'n simpele, onvervalschte natuur, d van Gezelle. Was het te verwonderen dat I kinderen zoo lief had, en schreef lijk mi het hooren kan uit den mond van lien, d loutere klankenspel en lieve onzin, Inke de vinke den appelenboom 3S een splinternieuw paar leerzen dat hij zich vermeien kon in den klank van 'n woord, in de eigennardige rythinus Hij krinkelde hij winkelde hij kronkolde, hij krinkelde op een been. De kunst van Gezelle bloeit in 'n tijd waar de-poezie bestorven lag onder het stof der navolging, in een tijd waar middelmatige talenten gevierd werden als grooto- dichters, waar verzen-maken poezie werd geacht en de kunst op de krukken der overlevering liep. jl< En hij zong, buiten aile scholen om, en wat je hij zei en zong was poezie, echt en frisch, -c eenvoudig, los van konventie. jj Het was poezie zonder etiket van roman-„ tisme, klassicisme, réalisme... Poezie echt en d natuùrlijk als al wat hij bezong. ît Z'n fijne individualiteit gaf hij in 'n taal hem zoo eigen als al wat hij zag. Inhoud en vorm simpel, echt, éen. Niets eens voelt ge bij hem verwringing of verdraaiing van woorden — niet eens het onrechte van wat hij zegt. Geen goden of godinnen roept hij te hulp en gesn eigen syntaxis houdt hij er op na Wat hij gewaar werd van schoonheid, geaft hij weer lijk het aan hem verscheen. Zoo spreke en zoo denke en zoo dichte en zoo doe 'le m it Taine zei een groote waarheid : « Le propre des vers c'est de mettre l'àme dans l'état primitif, sensitif » Gezelle doet dat, omdat hij zelf was de primitieve sensitieve

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dieses Dokument ist eine Ausgabe mit dem Titel De eendracht: weekblad voor het Vlaamsche volk gehört zu der Kategorie Oorlogspers, veröffentlicht in Antwerpen von 1916 bis 1918.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Zufügen an Sammlung

Ort

Zeiträume