De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad

398262 0
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1915, 28 April. De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad. Geraadpleegd op 30 mei 2020, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/0k26970w1p/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

rerste jaargaiig N°r87 Woensdag g8 Aprtl 1915 a Cents DE VLMMSCHE STEM Een volk zal met vergaant Eendracht maakt mashtl PALEISSTRAAT 31, AMSILHUAM, — itLtruuw wo. Wïi noora. De Vlaamsche Stem verschijnt te Amsterdam elken dag des morgens op ïîer Uladzijden. Abonnemeiïtspr vis bjj vooruitbetaling : ^ Voor Holland en België per jaar / 12.50 — per kwartaal / 3.50 —. per |haand / l.«5. Vocr Engeland on Frankrjjk Frs. 27.50 per jaar — ' Frs. 7.50 per kwartaal — Frs. 2.75 per maand. —-vt—i - màTr--~*" TVTi i— iimi«TiMÏ»~iiii' ÎMiiTiiiwiîiiTwiri"ïriw iiilii'iliiwiliiiiTiiliTrirMiiTïi ~i mi i SiootdopsteHer ; Mr. AlBERiK DESWARTE Opslelraad : CYRÎEL BUYS8E — RENE DE CLERCQ — ANDRE DE R1DDER Voor ABONNEMENTEN wende mcn zich tôt de Administratie Tan het bladt PALEISSTRAAT 31, AMSTERDAM. Voor AANKONDIGINGEN wende men zich tôt de Adimnfstratie van de VLAAMSCHE STEM, Paleisstraat 31, Amsterdam. A DYERTENTIES : 20 Cents per regel» * korte inhoud. le Bladzijde: Lijk de Blaren... August van Cauxccmlrt. Dicke Bertha, [vieille Kroniek. Belgischè Vliegeniers (III) — G. licial. Je B 1 a d z ij d e : Vit "hct Vaderland. Brieven uit BrusseL De vStrijd aan den Yzer. Nieùtrs uit Kongo. Het Belgisclie Poode Kriiis. De jieezenvanger (slot.) Victor de Meycrc. 3 e B1 a d z ij d e : De Éuropeesche Oorlog. Telegrammen en Bericliten. Vooi'draciiten en Feestcn. 4 e B1 a d z ij d g : De bloeiende Aarde — Louis van der Swacl-m en. Niet afgehaalde Brieven» Lijk de blaren...... I. De groen-grijze zee ligt zoo heerlijk-kalm onder. het gewolkte gewelf van den morgen-bemel.Ik zie nauwelijks dat ze leeft.... Maar de zon gaab dagen over water. Er zijn. lichtbreuken gekomen in den ooster-kaiit, laag boveiï de zee. Een streep van levendig rood, naast een lange iap oranje ; daarboven, liier en daar, vurig-gele kleur-vlekken.Het rood breekt door, met groeiende kracbfc en loopt over de oranjeranden. De lucht verlieldert. De wollige wolken drijven open in breede yegen. De hemel is nog bleek,.asschegrauw, maar aan den westkant, scliemerfc' dieper blauw door. De zee lijkfc lichter nu.... • Er komt leVen en beweging op de b.oôt; eiikele. reizigers zijn naar boven gekomen e)i >taren naar den hemel rondom en over het wâtef. De wind is zacht en frisch. Ik zie çe'sîi schip over lieel de zee. De boot va-art ru'stig in een. kring van drijvend scliuim. Er is, 6811 blijde bskôring in 'tbrekend water tegen de scheepswanden. •Maar in liet oosten is begonnen het stillc ?n grootsche wonder van de zon die daagt >ver de wereld. Heel liet oosten is doorgloeid nu van oranje en rood, dafc wéérlicht over ie glhnmende baren : de wolken drijven on-^emërkt open en vervloeien in het felle licht. NTu is.de oosterhemel alleen nog een gewelf pan rood waar de zon zal rijzen, lijk de lucht i'an een brandende stad. Maar spoedig verzwakt de gloed fc Is of liet wonder niefc gebeuren zal en de ?lorie van de zon niet. openstralen zal over le zee. Zal deze lichtbelofte sterven en >vordt dit weer een eentonige zonnelooze ' J>g?-v ^ Er is «.en klein schichtig vogeltje komen Hâdderen om en boven de boot, en weemoe- j 3ig volgfc ons triestig geroep van een meeuw. i iïefc water is blond-groen geworden, en de •erre zeeranden zijn zichtbaar. De_zonnebelofte herleeft. Van achter een jrauwe wolkenbank, die plots van onder te jloeien begon, is gezeeft liclit gezegen. ;t Is îf liet nit de wolken neerzijgt : zacht geel licht, dat onnaspeurbaar vervloeit in liet teeder geel. De lichtvlced striemt lijk een zacbte zomerregen uit een hemel vol zon. II. Hefc was een zoon van het zuidën, maar UJ liad kunnen geboren zijn in den West-ioek van Vlaanderen. Ilij was een kind jog toen zijne ouders hem medenamen naar Mgiers; daar had liij geleefd en gewerkt, et- nit bet Moederland het bevel kwam te->cn den vijand op te rukken. Een zouaaf aat zich dat geen tweemaal zeggen. En nu tond lr,j hier, na drie maanden van zwa-,en r^i'ijd onder de ingangkolonade van de 5acré Poeur op Montmartre. Hij was bijna lersteld ; volgende week misschien ging het sr weer op los. Het was een stoere kerel van rond de er^g, met grauw-lijnwaden broekrok, die ® op zijn schoenen daalde, en donker-> auwe vesfc met breeden gordelband : op het 'CJ ernoofd de roode fez met bengelend 'Wispeltje. Zijn kastanjebruin liaar was . ac .en glànzend, en er zaten taaie spieren zi]n nek. Zijn voorlioofd was gerimpeld ei ag een vlam van de zon in zijn geel-Toene oogen. 't AV Vv i-aî een van cl'e mannen waarvan Paul J«ouiede zoag in zjjn solcUtenliederen. a'r.e5t pur, la route est large, *e clairon sonne la charge f la"hailt sur la colline la forêt qui domine e "ussien les attend On grimpe ou court> Qn arr;ve «t a fusillade est vive - ! .,„]fr"lei» sont adroits; quand enfin le cri se jette : p ,, n'ir ° ' A la baïonette !" 1011 «nte» sous bois. Er zat 'een gebonden kracht in hem, ei een bewuste wilrf zonder overmeed, zijin oogen gingen, diep en klaar over de stac die in licht blauwen schemer lag : de don kere daken en de grijze kerken, de gothi scho torerdijnen van de Notre-Dame en ver der, den Eifeltoren hoog/in de lucht. Ziji vingers- draaiden, een beetje zenuwachtig een cigarot, terwijl hij vertelde : ,,Ja, ik werd gewond, hier aan mijn rech-terarm ; maar 'tis haast gedaan ; ik lioof weer spoedig bij mijn kameraden te zijn.... Hoeveel zaî ik er nog wedervinden?... Wt hebben het hard te verduren gehad. Eersf te Charleroi. We zijn misschien ook wel wai roekeloos geweest met ons leven. We v'ielen van te v^r aan met de bajonet. De mitrail-leuzen Ftonden op ons gericht en spogen vuur... Dan volgde de terugtecht, dagen en nachten,... altijd verder, tôt Joffre aan Marne het offensief bevool. Met één ruk wierpcn we den vijand terug tôt op de lijn : Roissons-Reims-Verdun. Daar had hij weer vasten voet en de strijd herbegon ver- woeder dan te voreii Waar ik gékwetst werd?- Ja, zie; we lagen te... in de buurt van Soissons. in een groot bietenveid, en wachtten den aanval af. De vijand was dichtbij. Vier • geweldige obus-ren donderden neer na-ast ons; maar geen die ontplofte. Gelukkig maar, anders ware er geen van mijn kompagni© nog levend uit-gèkomen. We sclioven vcoruit, plat ter aarde", naar den .rand tee, als ik opeens een kogel kri-jg, dwars door mijn rechterarm. Ik voelde cen straal bloed naar mijn pois loopen. Maar de pijn was zeer dragelijk en er viel niet te dralen : de vijand drong dich-ter bij. Toen: opeens, een nijdig gesis en ]iet doin geplof van een bom vlak naast me. Met een entzettenden ruk was mijn rechterarm achten^itgeslagen. Ik lag een oogenblik verdwaasd v^n pijn en 't vreeselijk geluid... Dan kwam ik weer tôt bewustzijn : ik voelde mijn rechterarm- niet meer... Was liij werkèlijk lam? rt ls zoo vreemd en gek als '.ik nu die sensatie lierdénk... Indien ik 'teens beiDroefde... Roef met één sniak'ruk ik mijii arm weer naar boven!... Hij leefde nog!. Werkelijk hij was niet dood..." Zijn witte tanden blonken tuseclien zijne ojDen lippen, zijne oogen glansden en in vreugde der herinnering ging liij zijn arm weer open en toe pîooien, en bekeek zijn rterken pois en hand met stralehden trots., ,,Maar ge ziet: nu is liij weer genezen... Ik kan weer mijn.man staan!.. Dcch nu moet ik weg... Adieu." Hij stak zijne ciga-ret tusschen zijne lippen en liep met zijn zwaar vernagelde schoenen den weg af.... AUGUST VAN CAUWELAERT. •»-— ■ .uffl*-» 55DIsice Bertha" Het çelieimzinnigste wapen in den tegenwoor-digen o ereldoorlog is nog steeds het 42 c.M.-mortier, waarmede Duitschland zoo onverwachts is voor den dag gekomen. Het is eçn paar maal gebruikt en thans wordt er zoo absoluut over gezwegen, dat het gansche bestaan er van in twijfel wordt getrokken. De correspondent van de ,,Nienwe Courant'' to Amsterdam ontmoetto dezer dagen iemand, die eenigen tijd deel had uitgemaakt van de bediening van zulk een kanon en aan diens mededeelingen ontleent hij de volgende bijzonderheden : Een 42 c.M.-mortier weeg't 88,750 K G., de cementbodem, waarop het kanon komt te staan, is een blok van 37.5G0 K.G., dat 8 M. diep in den grond is gemetseld. De lengte van het mortier alleen is niet meer dan 5 M., het géwicht van elk projectiel 4100 K.G., terwijl het 1.268 M. lang is.' Elk scliot kost 11,000 Mark. Voor hct vervoer van een stuk geschnt zijn 12 speciaal er voor gebouwdo spoorwegwagens noodig. Voor de eerste maal is in den oorlog het geschnt gebruikt voor Luik. De reuzenmortieren stonden op 22.8 K.M. van de vesting verwijderd. Het monteeren duurde 24 tôt 26 uur, en toen door ander geschut de afstànd ' enz. Avas bepaald, duurde het zes uur eer er zoo gericht was, dat een schot kon gelost worden. Maar toen was de trefzekerheid ook zoo groot, dat men op zijn hoogst 50 c.M. spe-ling had. Voor de bediening zijn 200 man, ingénieurs, machinisten" enz. — noodig. Zij worden voor de ontzettende losbarsting, waarmede elk schot ge-paard gaab, beschermd door helmkappen, die mond, oogen en ooren bedekken. Zal een schot gelost worden, dan gaan zij 300 meter achtcr-waarts en leggen zich op den buik. De comman-deerende officier drukt op het goede oogenblik op don knop van een electrischen ontsteker en het daarop volgend gedaver van het schot is dan zoo hovig, dat § kilometer in den omtrek aile ruiten barsten. De uitwerking van een schot is ontzettend ; bij het eerste schot beweerde de zegsman van ! onzen correspondent, dat voor Luik word gelost i werden 1700 man buiten gevecht gesteld, bij het tweede 2400 man ! Op Namen en Maubeuge zijn telkens maar twee pi-ojectielen uit een 42 centimeter gewor-pen, voor Hoëy vond men één al voldoeride. De kans, dat ingeval van een tegenslag zulk een monster in banden van den vijand valt, moet zeer gering wezen. De cementbodem toch van elk stuk is van een met kruit gevulde mijn voor-zien en wanneer het gevaar van verovering dreigt, heeft de eerstaanwezende ingénieur tôt plicht deze te ontsteken en liet stuk in de lucht tç doen yliegen,_ Kleine Kroniek . j Onze Koning en zijne gekweîste soklaten. J Een "belgische aalmoezenier der gekwe.tsto soldat en in Engeland zond -met Pasclien vol-grncV>n brief naar onizen geliefden Koning. Wij vertalen hem letterlijk. Aan Zijne Majesteit Albert I' Koning der Belgen, ter gelegvnhcid van zijnen veertigsten verjaardag. Sire, Zal Uwe Majesteit toelaten aan Iiare geti'ou-M e gekwetste soldaton liunne eenvoudige doch diep oprechte wenschén te voegen bij de priu-~ eelijke huldetotuigingen die haar van aile kan-t-en zuîlen toestroomon ter gelegenheid van liaren verjaardag? at zijn zij al l'en gelukkig oene gelegenheid te vinden om aan Uwe Majesteit de^-gevoelens uit te drukken, van diepe bewondoring, be-trouwvoile ondèrdanigheid en volstrekte ver-kleefdheid_ die ze bjzielen ten opzichte van hunnen Koning! I In aller hert blijft sleclits ééne begeérte over : } } de vripnakjng, weze het noginaals ten koste ! van hun blo?d. en de lierniemv.ing. ten prijze : van âl hun ne ' krachten, van hun dierbaar Va- ' derland. Zij offeren aan cen Meester van Ko-ningdommen en Konipgen hunne gebedén op en hun lijden, lichamelijk en zedelijk, oodat dit 1 aasclifeest, samenvallend met don vev-jaardag van Uwe Majesteit, zou voor België do dagcraad zijn van de verrijzenis tôt eer>. nieuw leven, onder een en koning voor altijd glorie-vol. onder eene koningin meer dan ooit Velbe-mind.Iwee woorden vatte-n himne wenschén sa-men die 'zij Uwe Majesteit aanbieden : Lève de Jvoning on herleve België l Het is met iierheid dat zij zich allen nœmen Van Uv.o Majesteit De ootmeedige en getrouwe onderdanen. ^Veinige dagen daarna ontving hij van îiet sekretariaat van den Koning en de Koningin volgend antwoord dat Wij verta'on. ; De Paiine. 10 April 191-iv, Mijnbeer de Aalmoezenier, De Koning heeft den brief gelezen waarin gij met zulke schoone 'bewoording de eerbic- i dige gevoelens uitdrukt zijner moedige solda- • ten jegens Hem. I , Diep getroffen door deze 1 otelijke genegen- ] heidsbetuiging beîast Zijne Majesteit mij u in-nig te bedanken en Haren dank uit to druk- ^ ken aan al dezen die hunne -wçnschen bij de ( uwe gevoegd. hobbei}. , AVil aan onze dappere soldaten zeggen dat 1 de Koning hun eene haastige volkomene ge- 1 rezing wenseht. ( Aanveerd, Mijnheer de Aalmoezenier, de i verzekering mijner hoogacliting. | De Sekretaris, (S.) J. INGENBLEEK. c Mfetje Bœuf. 1 Mietje Boeuf wordt ons in fcen soldatenbrief [ aïs volgt voorgesteld : , ,.Kent gij Mietje Boeuf, teen oude vrouw van i 68 jaar ? Zij woont in een klein huiske langs ; de vaart in liet Z.W. van Dixmuden, 20 minu- < ten van de Hooge Brug, bij het huisje van don c kantonnier. Ik zeg niet dat ze eene ,,Moderne ] Jeanne d'Arc" is, neen, maar toch is ze meer r dan eene gewoone vrouw. Haar huisje ligt plat geschoten. Zij wil niet vlucliten, maar woont in den kelder. Al de soldaten kennen Mietje en beminnen ze aïs hunne moeder want gansche dagen bereidt ze hunnen koffie en hun voed-sel.! Wanneer het bonibardement nu te hevig wordt, gaan de soldaten er achter en brengen ze mede in de tranchées waar ze meer in ze-kerheid is. Dagelijks ontvangt Mietje het be- c zoek van hooge officieren die haar bedanlten vor hetgeen ze doet en haar geluk wenschen j met haar moedig gedrag! . Mietje moet en zal gedecoreerd worden! e Aan onze Jongens aan het front. 1; De Stem is reeds tamelijk goed onder onze \ jongens verspreid. Welnu dat zij ons nieuws C j stu-ren ! Fransche bladen geven zulke lieerlijke brieven over heldendaden van Fransche solda- (-te n. Het ià een pïicht van piëteit ;)?gens liet> ] vaderland en jegens den gesneuveîde of ge- ^ kwetste dezes kcene daden te verha- ^ len. In de uren van uitrusting siolle men dat op en zende het naar ons bu-reel. Zeer velen ongetwijfeld zullen er de sclirij-vers dankbaar om zijn.. Kenteeken, eeroteeken. ^ h Binnenkort zal aan al onze soldaten die voor I den duur van den oorlog van dienst ontslagen g zijn een bijzonder kenteeken gegeven worden. s v Wat beduidt het? p Wij vernemèn dat de Amerikaansche officieren bij de Duitsohé legers verblijvenc'»: terug zijn geroepen. r Eene opvoedîng. ^ In een juîst verschenen boek ,,Unser H in- S denburg'', beschrijft dezes broeder het leven 2 van den bekenden Duitschen Maarschalk. Paul' von Hitidenburg is een soldaat, door en door. ,,De kindermeid die hem op de knieën hield was een oude marketenster", merkt de schrijver met fierlieid op, ,,wat men ten an-dere alra9 bij de regimentaire en ietwat geu-rige uitdrukkingen van den kleine kon ver-moeden".Men vertelt er verder van dat het braaf irensch veel stank voor dank heeft ontvangen. ! Een terechtwijzing. We "publiceerdeii, naar cen relaas versch nen in den ,,Stem van België'*, die te Londe uitkcmt, het holdhaftig gedrag van onze Ylaamsclien vriend pastoor Jan Bernaerts, 6u< leider van ..Eigen Taal, Eigen Zed.en" u Ant'werpen. Deze achtbare Vlaming dofôt thaï een kleine terechtwijzing verschijnen, die eveneens heurt, overdrukken, ofschoon onze b< wondering voor zijn heldenmoed geenszins ve: mindert- Weleêrwaardè Heer Hoofdredacteùr, Daareven ontving ik ..De Stem"' met h< voor mij zeer vleiend verbaal van den af.toct te Buggenliout. Tôt mijn spijt mag ik ee kleine terechtwijzing niet nalaten. Er staat namelijk : ..Hij (do almoezeniei ncemt een geweer, zwàait het boven het hoofe enz." Dat geweer was mijn onschadelijke pas toorshoed ! Dat wil niet zeggen dat ik geen geweer ka iuaaien, hoor! 3VJ.aar een aalmoezenier ,,mag ^eon wapéns banteeren en doet het dan oo 'liet. Do Duitschers zijn bekwaam om zoo': •oldatenkroniek uit te pluizeri en tegen ons aa: ce voeren. daarom onze tereohtwijzing. Om den schrijver gerust te stellen wil i: îieraari mede tcevbegën dat ik enkel geschram v.^rd door de bajonet van een gekwetsùm Bel ;ischen soldaat ; de Dnit-scher kan me niet ra cen ...als 't God belieft! De sergeant F. D. H. was dus een van d ?00 mannen die niet asrzelden het gevaar t :rotseeren om het vaandel te reddt?n ; flinl ;co ! Aan hem on aan u zelf.. Heer Hoordredac eur, mijn besten groet. JAN BERNAERTS, aalmoezenier Badplaaîsen. Waar zullen de Britsche zieken, die ander Jiaar Mariëënbad. Homburg enz. gingen, in d' :oekomst de genezende wateren zoeken ? Ter beanlAroordiiig van deze vraag heeft dr yeonard William, een brochure uit,gegeven vaarin hij betoogt. dat voor a-lle Duitsche ei )ostenrijkscho badplaatsen, hoe hoog zij ool lang-eschreven staan, uitmuntendo plaat-sver angsters to vinden jzijn in Frankrijk of Enge and, en meestai zelfs in beide landen. Zoo kunnen patiënten, zegt de sclir'., die ge voon wjwen Karlsbad. Mariënbad. Homburj if Kissinge-n to bezoeken, precies dezelfde re ultaten bereiken te Vichy of Brides-les-Bains -'cor Wiesbaden en Baden-Baden kunnen Aix es-Bains. Bath, Hârrogate, Buxton of Llan lyindod Wells in do plante treden. Zij, die to îu toe zwoeren bij Nauheim, kunnen naa-loyal oF Bourbon-Laney gaan, met evenvee ekerheid van succès. Ems is niet beter dai ilont Dore, enz. de geheele lijst ai. De natuur heeft. om kort te gaan, geen uit luitendo voprrechten aan de Teutonischo lan [en gegeven in dit opzieht ; hoewel dr. Wil iams gaarne toegeeft, dat zij d'ikwijls betei ;ebruik hebben gemaakt van de gaven der na uur dan hun buren. Vandaar de enorme trel iaar deze Duit-sche en Oostenrijksche bad ^laatsen. Zij zijn in den grond niet beter dai iiidere, maar er is — met meer handigheit ;ebruik van gemaakt voor de exploitat-ieT Zij liangen verder niet geheel af van lie ;limaat, de baden of het water, zooals de .En ;elsche en Fransche badplaatsen, maar niakei ferle van dieet, gymnastiek, ontspanning voo: len geest en de physîologische resultaten A*ai 'iscipline. De heele atmospheer is doortrokker a n de kuur en haar détails. Als gij geen kuui ioet, telt gij niet mee. Ge zoudt even goed eei ion-combattant in een belegerde stad kunnei ;ijn. Maar dat zal nu uit zijn. De heele mensch-ic-id zal er aan houdenj Duitechland, Duitscher: n Duitsche producten te -boycotten. listorische benamlngen te Heljst-op den-berg, _ Achter de kerk van Heijst-op-den-Berg, ter Woorden van het Hoogbergbosfh strekt zicl: en lange en tamelijkc breede landstreek ui1 iet zonderling*3 en misschien wel historisclK enqmingen. Vooreerst heet zij de „SIagvel-en", daarachter de ,,Vlucht" en vervolgenf Onvrede". Di»3 benamingen geven stof tôt na enken. In den volksmond heet het dat daai ti onheuglijke tijden een bloedige veldslag heeft •laats gegrepen. Wat. er van zij, de namer ouden het bewijzen, maar in geen enkel oor-onde wordt er melding van gemaakt. C. Een pîan voor wraakneming, Asquith heeft in het Lagerhuis gezegd. dai e Engelsche regeering zorgvu'ldig het denk-eeld liad over^ogen om voor elk door een hiitscho duikboot in den grond geboord En-elsch scliip een van de geïnterneerde Duit-?he of Oostenrijkôche schepen verbeurd te erklaion, maar had besloten het voor- hei ogenblik niet uit te voeren. Later kcy. het lan echter weer overwogen worden. Tegen de Insekten. In het Lagerhuis heeft de Engelsche regee-ing medegedeeld, dat er entomologen ,,van e reld ver m aa rdlieid ' ' naar het front zijn ver-:okken om maatregelen te. nemen tegen vlie-en en andere insekten. die tegen den zomet iekten kunnen verspreiden. Nog een Antwerpsch Kinderlied, In Antwerpen is het' slechten tijd, Wij moeten leven van de Comiteit. Zijn er geen eens niet meer Dan moeten wij naar Holland weér. Willen z' ons dan in Holland niet. Dan zullen we sterven van verdriet. Wij m i lien in het vrije Holland zijn Waar dat er n iemand van ons ^rkwijnt. , Belgische Vliegeniers. ni. s_ Jan Oiïeslagers. n (Vcrvdlg.) ja_ Doch ik wou over Jan vertellen. Het vluchtje op Allerzielendag was Jan's ls luchtdoop. e Te Ozan. in Afrika, heeft hij zijne eerste rampen te aansChouwen gekregen. Jan vloog daar enkele stonden, toen hij da'en moest om iets aan zijn motor te Iierstol-, len. 't Volk dat urenlang naar een vlie-k genier had gewàcht en uitgezien was, dat j. door dat lange wachten korzelig werd en dacht u dat die Antwerpsche kwâjongen het voor de grap aanlegde, ijlde op Jan toe om hem een a duchtig pak Afrikaansch slaags te geven. Maar I daar stoof Jan op in al de ellende van zijn -^ntwerpsdie kwaadgeluimdheid en schold de nijdigaards zoo hevig in zijn bloemrijke Sin-1 jorentaal toe dat deze voor den stortvloed be- zwekeii en aftrokken. I_ Toen de motor in orde was, vloog Jan over ^ het eindelooze land, zweefde twintig minuten a over zee, verloor toen de goede richting, volgde een sneltrein, maar geraakte verder . in bot land verdwaald, tôt hij bij een hoeve te ^ Calme! nederkwam. De aldaar arbeidende Ara-bieren brachten hun bronzen lijf in zekerheid voor de vêrschrikking van dien kwaden geest, doch weldra zag -men de door godsdienst opgt.-5 zweepte mannen met vork en riek komen aan-a geloopen om dien grooten duivel voor altijd _ onschadelijk te maken. Jan's schelden hielp niet, alleen door tusschenkomst van den boer, een Franschm'an, bracht hij het er heelshuids af. Den daaropvolgenden Zondag was Jan zich in de lucht aan 't vermaken en trok figuren, zooals hij in zijn tijd, in zijn vroolijken tijd ter kindertuin, nog bad geleerd en gedaan. Daar kwam de Antwerpsche jongen los, die leeft in een artistenstad en onbewust den in-vloed van 't mooie onderging. Hij cirkelde en 5 toerde t-ot dat het in gehcimzinnige letters in i de onvévvaagde diepte der hemelen geschreven stond: Jan Olicslagers! " Jan had het gedaan met de plechtigheid van * een kind dat een nieuwjaarsbrief schrijft: Jan 1 Olieslagers! Die Vlaamsche naam in gouden " letters in de blauwzonnigo Afrikaan^'ie lucht! Wat trilde hij daar mooi en heilig en trots in de verbeelding van den Antwerpschen jongen. * Juist legde Jan een krulletje om den naam 5 toen de rechtervleugel een telegraafpaal raakte en het ding kantelde en zijn naphte-inktpot in brand . sloeg en Jan, droomende aviateur-, vol schroeiende vîammen naar beneden wierp. Toen " kwam de Dood wederom uit de vaagheid van " zijn alomaanwezigheid ojxluiken, greep toe, , maar de Antwerpsche duivel keek hem grim-t mig in 5t gelaat- en lachte. Ik zie thans Jan op liet uitgestrekte vlieg-veld van Betheny, bij Reims. ;t Is ëen groote dag in Frankrijk. Oloslagers had het afstands-] record van Farman van 232 kilometer reeds in de eerste dagen geklopt. Labouchère had " het Jan wederom gegapt met 340 kilometer. Tôt hiertoe waS Jan geen favori in Frankrijk, maar veeleer een quantité négligeable, iemand, | die niet op Franeche lcest was gesenroid, un Petit Belge, qoui ! Die negeering zou Jan h en afborstelen. Hij klopte de records van snelheid, van tijd, van lengte. Alleen Morane won liet met zijn kort vliegtuig en zijn motor van 100 pàarden in de kleine afstanden op hem. Jan bleef van af den dertigsten kilometer de baas in snellieid en opeens ontstond groote belangstellipg voor den Sinjoor. Daar ging de laatste dag. Jan had gezworen de vier uren en 37 minuten van Labouchère te kloppen. Zijn weerstandsvermogen prikkelde hem. 't Was immers niet moeilijkor vijf ur<»n in een vliegtuig dan op een motor te zitten. En daar ging hij. Een uur, twee uren, drie uren, vier uren, vijf uren dertig, veertig! Enfoncez Labouchère ! Vijf uren. Jan had geen lust tôt dalen. Hij zou gansch den dag en den nacht draaien tôt zijn laatste brandstof in rook was vergaan. De jonge meisjesoogen gingen naar omhoog, lHeven aan 't vliegtuig hangen, mannen, ouden en jongen, kenners en liefhebbers, geen een was er of zij keken Jan vriendelijk na. Men vroeg elkander zijn naam, men riep hem ieder-een toe: Jean Oilislaegairs! Jan lachte, 't kon hem niets, in 't geheel niets bommen dat men hem bewonderde, maar li i j lachte met dien man daar beneden die tel-kenmale, toen hij hem voorbijvloog, de tong tusschen de tanden en onderlip schoof en op den onesthetischen bult een zware vuist legde Dagbladschrijvers merkten het op en vroe. gen den man wat of dit teeken te beduiden had. Deze antwoordde eenvoudig in zijn Antwerpsch: Boonenvretenze ! Boonenvretenze, al-lemaal ! Geen enkel journalist kon uit de woorden wij s en toen een hunner verslag over dit korte interview in de krant gaf, Joek dat Vlaamsch wel op eèn Russischen vloek. Vijf uren en drie minuten bleef Jan het Hit-houden. 't Sluitiilgsuur was gebeld, toen kon hij beneden komen en ,,er, eentje gaan op zetten". Te Stockel zou Jan met verscheidene vh>;*-tuigen aan den strijd deelnemen. Ilij wilde ook aan zijn landgenooten laten zien wat een Petit Belge vermocht. Het terrein té Stockel is rul en kleiachtig en Jan had aanva-nkelijk veel moeite om te ,,demarreeren" of naar beneden te komen. Drie vliegtuîgen had hij reeds verhakkeld en 't scheen wel dat Lanser of Quinet met de prijzen zoudeii gaan... vlie-gen. Maar te elfder ure kwam voor Jan nog -ailes in den haak. Hij zette geweldig door en zekeren dag was hij reeds een paar uren ;in de hoogte, toen hij door gebrek aan olie verplicht was te dalen en hierbij het rasterwerk onzacht met den grond in aanraking kwam. Toen liij weder opsteeg en zwenken Wilde, was hij zijn tuig niet meer meester en vloog hij als een stornjwind een groep liuizen te gepioet. 't JVas een vreeselijk oogenblik. Jan voelde het. Met bovenmenschelijke inspanning dwong hij zijn roer te gehoorzamen en wierp zich met donde-rend geraas naast een niuur in het struik^e-was. ° Ailes splinterde, scheurde, -werd aan stulîken gehakt. Een paar jonge boomen van een twin-tigta-I centimeters dikte, te midden doorgebro, ken en voor de zooveelste anaal maakte de Dood zijn moede gebaar naar hem. Maar Jan bleef ongedeerd. Tien_ minuten later zat hij in een ander vliegtuig ep kon den verloren tijd inhalen. loen kwam de storm in violette wolken van toorn opzetten, sloeg den armen Quinet mors-dood tegen den grond, ibuitelde Lanser het on-derste boven, doch deze kon zich nog te ge-■paster tijde richten en joeg Oliesla-gers in piil-•rechte daling naar beneden. Jan bevond zich toen zeshonderd meter hoog. Ik heb zijn lijnrechte, stoute, onver^e-hjkbare kanteling gezien en hoe hij zich met bovenmenschelijke kalmte uit de wervelwinden losrukte. Het was misschien het stoutste stuk dat Jan ooit uithaalde. * * 't Blijkt me onnoodig verdere bijzonderheden te vertellen over al de vliegmeetings die Jan bijwoonde en waar hij door zijn stoute vlucliten îedereen verbaasde. In Nederland was hij de gevierde, de populaire. \ an uit .St. Job -vertrok hij soms naar de een of andere plaats in Holland. Te St. Job had hij twee loodsen, zijn beide broeders werk-ten daar, jaar in, jaar uit. Een dezer, Max, is zelfs een zeer bekwaam vlieger. Jan kwam er dagelijks per automobiel. Het is anenigmaal gebeurd, dat Jan, na een stormnacht, met vrienden een wedding aanging, naar 'St. Job nolde, in den vroegen zomermorgen de meii-schen ter stede wakker motorende en op *t ge-stelde ha-lf uur t je over do hoofden zijner kameraden heenvloog. Er was geen feest, geen openbare plechtigheid of Jan stak er zijn vliegmachien tusschen en bracht van den hooge het eeresaluut. iBcn« gel Jan werd vaak engel Jan. Door 't vertoeven in hoogere sfeeren en ibe-schaafde ikringen, kreeg Jan çjieke manieren. Hij nam graven en barons onder den arm oi: hij zelf eenmaal :in den adelstand zou verhevfci worden en, wij moeten het zeggen, 't cin^ Jan goed af. Toen Olievilla-rd zijn omkantelende toeren uithaalde en Pegoud de wereld met zijn kun-sten -bereisde, scliudde Jan het hoofd voor wat hij halsbrekerijen noemde. Ik zelf lioorde hem Chevillard persoonlijk voor een subliemen waaghals en waanzinnige uitkrijten, maar op denzelfden stond sloop in Jan's hoofd het plan om deze levensgevaarlijke perten nog te verfij-nen en_ te overtreffen. Een heelen tijd lioorde men niets meer van hem, toen men opeens vernam dat Jan in Januari 1914 op 5t Wi'l-ryksche plein den bovclc kou uitvoeren. En in de sch'èrpte van dien ellendigen vries-dag heeft Jan het gedaan, luchtjes, fraai en •mooi, als een puik artist., zoo als een nette mamzel die bevallig omdraait om de keurige rokjes te laten zien. Na dezen dag zag ik Jan boven «Sfc. :Job inenig uurtje wijden ter perfektioneering van zijn halsbrekerij. Zekeren dag zag ik hem met den kop omla^g zachtjes vallen als demand die zijn machien niet meer meester was en liep ik roocl van angsfc naar '"t plein waar... Jan al uetjes in zijn auto zat en wegreed. Op Schootenhof, voor een liefdadig doel, ccnige dagen voor het uitbreken van den oor-j'og. heeft Jan ons dan een staaltje van zijn yerfijnde kunst gegeven. Het doode blad\ h cette hij het. Krinkelend, kronkelend, zwaaiend, zwevend, zwierend,- traagjes, met het wind je stoeiend evenals het vallendo, spe-îende blad, even sierlijk, dartel, huppelde en danste Jan's Bleriot. door de lucht. Jan, Jan, riep Dr. Thiërens hem, toen hij gedaald was, toe, ge jaagt ons hct kippen-vleesch op 't lijf, en gij staa't daar zoo kalm, zoo kalm. — Och dokter, er is daar boven niet het minste gevaar, antwoordde Jan, terwijl hij zijn zweet afdroogde. Onbewustheid ? Ontoerekenbaarheid ? Of subi ieme uitspatting van een bovenmenschelijke roekeloosheid ? Jan heeft me een dag erg ontreerd en zeer sympàthiek voor hem gestemd. Weken lang lag hij met een ziek been in St. Camillus. Zoo-dra hij er uit mocht, liep hij naar St. Job, sprong in zijn vliegtuig en van uit de hoogte wierp hij naar de zusters die hem zoo moeder-lijk verzorgd hadden een zwaren tuil rozen. Jan gaf hiermede een beetje van zijn harte en van zijn goede ziele Thans, meer dan ooit, rijst het beeld van Olieslagers, in de oogen van het volk. Breed-uitwapperend vloog zijn naam door den lande. Het volk houdt van moed en van koenheid. Werkelijkheid en legende hebben Jan tôt ren-zengestalte uitgelijnd. Aan elk grootsch feit wi,jdt het volk zijn naam. Een diepe ontroering grijpt allen aan. wanneer onder het gebulder van kanons een vliegmachien verschijnt. Zijn- naam, alleen zijn naam komt op aller lippen en geestdriftig begroet men den duivel die zijn oude stad niet kan vorgeten en haar trouw blijft tôt in den dood, met de groote, brandende liefde van Antwerpsch kind. ?t Groote boek der geschiedenis en des levens ligt thans gesloten. de eigen persoonlijkheid van Jan is vervaagd in geheimenis. Wij kennen niet- de bladzijden die ons zullen doen sidde-ren van bewondering, vrees en van liefde. Niet de bladzijden vol gouden licht en niet degenen vol kille schaduw. Niet deze die onze harten met heerlijken bloemengeur zullen wivullen om de glorie der opoffering, noch degenen die ons tôt den doode zullen vernederen. Wij kennen niets, vernomen niets, maar wij voelen, voelen. En wij weten dat uit dat boek, een dag, als de verrijzenis, de cnide liederen zullen opklinken en ons zullen doen weenen van liefde en dankbaarboid voor allon die rioli voor ons hebben gegeven in het heilige teeken van ,den Dood. C. RA4U,

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks De Vlaamsche stem: algemeen Belgisch dagblad behorende tot de categorie Oorlogspers. Uitgegeven in Amsterdam van 1900 tot 1916.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Periodes