Vooruit: socialistisch dagblad

798 0
close

Waarom wilt u dit item rapporteren?

Opmerkingen

Verzenden
s.n. 1915, 25 Mei. Vooruit: socialistisch dagblad. Geraadpleegd op 22 januari 2022, op https://nieuwsvandegrooteoorlog.hetarchief.be/nl/pid/0z70v8bj4p/
Toon tekst

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

IDrakater-Uftgeefeter §am; Maatschappij H ET LtCffT besttiuNtar» p. DE VISCH. ledebcf{-Ociii . . REDACTIE . . ADMINISTRAT^ îwOGPOORT. 29. OENT VOORUIT Orgaan der Belgische WeM'edenpadij* — Yerschijnende a/k dag en. ABONNEMENTSPRUS BELGIE Orie maanden. . . , . fr J.2S Zes maanden > . , , . fr. 6.30 Een jaar. ...... fr. 12.50 Ken abonneert acîs op aile postburstle» DEN VREEMDE Drie maanden (dagelijka vcrzcrctien). ..... fr. 6.73 1715-1815-1915 Onder bovenstaande titel lezen wij volgend belangrijk artikel in «Le Progrès Libéral» van Brussel; «Den i September 1715» eene eere-kamer der eerste verdieping van het kas-teel van Versailles, stierf Lodewijk XIV, en met hem de gansche glorie der fran-sche monarchie. Het regende; niettemin waren de ven-sters open gelaten ; de familieleden vul-den de kamer. Wanneer de doodstrijd aanvang nam, begonnen de hovelingen zich een voor een terug te trekken om hun hof voor den komende Regent, Fi-lip van Orléans, te maken ; spoedig bleef niemand anders meer aan het sterfbed van den Zonkoning dan Madame de Maintenon, de oude weduwe Scarron, dan de wettige echtgenoote, de genees-heeren en de dienaars. Om acht uren 's morgens, na een snik, gaf Lodewijk XIV de ziel; op hetzelf-de oogenblik zag de lucht er donkerder uit, een bliksem doorkliefde de lucht en een donderslag liet zich hooren. 's Avonds, na zijn eerste handteeken te hebben gegeven om madame de Main-tenon naar St-Cyr te verbannen met een pensioen van 48.000 ponden, avondmaal-de de regent voor de eerste maal zonder eenige hindernis met drie of vier minna-ressen, in zijn klein lusthuisje van Neuil-1 y. Van dezen dood en van dit avondmaal dagteekent het begin der langzame ver-kwijning van de monarchie; tijdens de xegeering van Lodewijk XIV, mergelde het koninklijke gezag stilaan uit; de wulpschheid des konings, de schandalen der Hertenparken, de verspillingen der ministers, de onbekwaamheid der Sou-bise en der Clermont die de legers aan-voerden; de bedriegerijen der Law, de verkwistingen der bevoorrechten en gun-stelingen voerden de vreeselijkste econo-mische en militaire rampen met zich. De naïveteit van Lodewijk XVI, de verraderijen van Marie-Antoinette die aan het Keizerrijk de Staatsgeheimen overleverde door tusschenkomst van Mer-cy-Argenteau vooreerst, door andere be-gunstelingen daarnaast, verhaastten het einde; dit werd het brassende tijdperk der Trianons, waar de koningin liefde-vol herderinnetje speelde met de Coigny en de Fersen... Het volk, door belastin-gen overladen, gromde. Eindelijk maai-de de guillotien het gansche oude regiem weg, het hatelijke woord van Lodewijk XV verrechtvaardigende : «Mijn opvol-ger zal er zich uittrekken zooals hij kan ; na rnij het einde der wereld.» Den 1 September 1715, op denwelke de Zon-koning stierf, was den laatste schoone dag der Bourbons: hij duidde goed het einde van een tijdperk aan. Toen men, in October 1793, bij middel van huweelslagen, op hetzelfde oogenblik dat het hoofd van Marie-Antoinette viel, de vloersteenen deed springen die de mumies der koningen in de basilieken van St-Denis bedekten, werd Lodewijk XV in staat van verrotting gevonden; hij moest tôt pulver verbrand worden om den stank te kunnen verdrijven; Lodewijk XIV was onaangetast, hij scheen pas averleden ; de dood had van elk dezer koningen gemaakt wat het nageslacht er later kon van maken. # * * Den 2 Juni 1815, zagen de jongens die in de straten van Villers-Côterets speel-den, met verwondering een open rijtuig, omringd van een scadron jagers van de wacht, dat in voile snelneid de baan naar Parijs oprende; het bleef voor eene afspanning staan, waar de postrijders de door een lange rit dampende en uitge-putte paarden verwisselden. Daar net wat lang duurde, zag men een gelaat, zoo geel als was, verschijnen: het was de Keizer die van de neerlaag van Mont-Saint-Jean terugkeerde, en eene laatste maal ging beproeven om zijne kroon te redden. «Sneller, sneller», zegde dit trotsche àoofd, en spoedig verdween het rijtuig ir. den lommer van het bosch. Het was een tijdperk dat eindigde: In het bloed begonnen met strafuitvoerin-gen in massas, de verdrinkingen van Nantes, de neerschietingen van Lyon; dit tijdstip, het schoonste dat Frankrijk heeft doorworstelt, richtte zich koortsig naar de reaktie. Men zag, den 11 Vendémiaire, een jong generaal den konings-gezinden opstand op krijgskundig ge-bied smachten; tien jaar later kroon de diezelfde generaal zich keizer en over-schreed in heerschende macht de hoof-dgn die hem op den troon van Frankrijk waren voorgegaan; zijne welvaart scheen zoo schitterend, zijne ster zoo helder, dat niemand twijfelde aan de broosheid van dit prachtige gebouw : de toren van No-tre-Dame, de zegepraal vloog dezen over-winnaar na, machtiger dan César, groo-ter dan Karel de Groote, zonder dat ze hem ooit scheen los te laten. De glorie van Napoléon was sterk ge-schraagd, door schitterende steunpilaren die Ney waren, de hertog van Elchingen, Augereau, de hertog van Castiglione, Mac-Donald, de hertog van Tarente, Bes-sières, de hertog van Istrie, Davoust, de hertog van Auerstaedt, Duroc, de hertog van Frioul, Junot, de hertog van Abran-tès, Lannes, de hertog van Montebello, Marmont, de hertog van Raguse, Murât, koning van Napels, Masséna, hertog van Rivoli, Soult, hertog van Dalmatie, Ber-thier, prins van Wagram, Oudinot, hertog van Trévise, Kellermann, hertog van Valmy, Bernadotte, prins van Ponte Cor-vo; onvergelijkelijke begerbende. Maar na tien jaren oorlog, was Bes-sières gedood, Duroc gedood, Junot zin-neloos geworden, Lannes gedood, Lassal-Ie gedood, Marmont, Murât en Bernadotte hadden verraden; de anderen hadden er genoeg van. Napoléon, door ziekte on-dermijnd, kon alleen niet strijden. Eene maand nadat de jongens van Villes-Côterets hem hadden zien voorbij-rijden, scheepte hij in op de «Bélérophon» voor Ste-Helena, waar hij ging sterven. # $ # 1915. t— In de gegraven loopgrachten, zelfs in de modder, ontrolt zich de vreeselijkste ramp die de moderne tijden op fesçhiedkundig gebied hebben medege-racht.De groote Europeesche oorlog, de eerste sinds honderd jaar, is uitgeborsten ; tien millioen menschen, met verschrikke-Iijke krachtinspanning, stormen den eene op den andere in, zonder het mogelijk is er al de gevolgen van te voorzien. , In der waarheid was de ramp gemakke-lijk te voorzien ; sinds tien jaren, was de politieke gezichteinder inktzwart; de be-wapeningen waren tôt het waanzinnige gedreven; het was natuurlijk dat de kri-sis vroeg of laat moest uitbreken; men was vernard in het welzijn, men was medegesleept in den maalstroom van het dagelijksch bestaan; daarenboven,scheen een westelijke oorlog zoo ver verwijderd, zoo onwaarschijnlijk, dat niemand aan de mogelijkheid van een terugkeer tôt de geweldige oplossing van den zakentoe-stand wilde gelooven. De krisis is gekomen, algemeen of bij-na; op welke wijze ze zal eindigen is gemakkelijk te voorzien dat de omstan-digheden zoo zullen zijn, dat 1915 nog-meals het einde van een tijdperk zal me-devoeren.«Na een oorlog, heeft men gezegd, komt steeds een tijdstip van welvaart.» Nochtans, zal de tegenwoordige zoo moorddadig zijn geweest, dat maanden en jaren zullen noodig zijn om de put-ten te vullen en de puinen te herstellen. Zullen wij den stralenden dageraad zien van een algemeene ontwapening ? Zullen we, zooals Béranger reeds wensch-te, eindelijk de volkeren een heilig ver-bond zien sluiten en elkander de hand reiken om den terugkeer van dergelijke rampen te beletten? In aile geval is het onloochenbaar dat na den tegenwoordigen oorlog de menschheid groote wijzigingen zal onder-gaan, over welker aard het nog niet toe-gelaten is vermoedens te uiten. Aurioc De dichter zingt : Eens komt een einde aan al dat treuren » Waarlijk, eena komt een einde e-an ailes. Doch « rouwan en jjreeneR» àofiu den mensch goed, om het <~nderstane leed te helpen dragen ©n te verzachten. De moeder die haar kind, de vader die jsijnen zoon, de vrouw die haren echtgc- s noofc, de kinderen die hunnen vader op het 1 slagveld verliezen, weenen, treuren op dit oogenblik. Doch er mag niet worden vergeten dat joor dieu di&ken, zw^rten bIvùçj van rouj? L - welke het, in zulk een are, net menschelijk gemoed omhult, de zonne, de hoop fcoch maar tracht met een straalken oor te bre-ken.De natuur is wreed en dom, zij juicht en jubelt bij rouw en wee, zij is rouwig en treurig bij vroolijkheid en "reugde. Op het vertrokken, doode gelaat van den ginds op 't slagveld gesneuvelden soldaat, glanst en gloort eene zonne, alsof de na" tuur bij dit vreeselijk tooneel feest vierde. Maar zij is en blijft natuur, het is te zeg-gen : eenwig vernieuwend en immer ver-jongend.Zij leert ons dat de diepst geslagen won-den genezen en slechts eene korst achter-laten, welke ons hardt tegen nieuwe be-proevingen.Zoo gaat het met den rouw en het leed. Deze slaan diepe wonden in hçt gemoed,in het onstoffelijke deel van den -nensch die hem doen weenen en rouwen. Laat ons treuren, laat ons zuchten, doch laat ons den lichtstraal "an hope niet ver-smaden, die tracht binnen te dringen in het onder leed en smart zuchtend en smaxvhtend menschelijk gemoed. Gunt hem, moeder s, vaders, echtgenoo-ten en kinderkens, een klein plaatsken, zooals hij zelf maar klein is ; van lieverlede zal hij terug vrede en rust brengen in het op het oogenblik aan ~ene doodsche rouw ten prooi geworden g°raoedsleven. Gesterkt door het onderstane leed, zal het leven terug aan vreugde en genot win-nen. Het zal u zoo los niet meer voorko-men ; statig en plechtig zult gij, uit de barsten en spleten "an het verharde gemoed, het opnieuw ontwaakte leven door de wereld dragen. Als gij voortijds den dood aanriept, om het u veroorzaakte leed te dooden, zult gij dan kalm en waardig lezen een plaatsken schenken in uw hart, die u in leven zoo lief en duurbaar was, om met hem samen, in een vertrouwend aandenken, het leven plechtig en genietbaar voort te leven. Bouwen en treuren -aren onze geliefde dooden wa-ardig ; wa/nhopen niogen wij niet, want bij hen die wij betreuren, was het alleenlijk de hoop, welke hen aaaivuurde en bezielde op het noodlottige oogenblik zelfs dat zij vielen. De men&eh kan een machtig voorbeeld vinden van herleven in de natuur zelf. Ziet eens die kokende en sissende lav*r stroomen uit den tuurrooden mond ran den zich wijdgeopenden krater 1 Geheel het dal overstroomend, vernie-tigt hij al wat zich op zijnen weg bevindt. Boomen, groen, weiden, ailes is in rook opgegaan ; slechts een vlaR van zwarte, afzichtelijke, uit aile grondstoffen samen-gestelde harde korst achterlatende. Ailes is doodsch geworden ; waar vroeger ailes groeide en leefde, waar voortijds de vogelen zongen, de menschen in vreugde leefden, waar dartelend het dierenrijk zich bewoog, heerscht thans dorheid en verla-fcenheid, waarop de warme zonnestralen zich lusteloos overheen spreiden. Doch de harde lavakorst is hier en daar, onder de drukkende zonnewarmte, gesple-ten en gescheurd. In die openingen heeft de wind wat aarde geworpen, bevrucht met kiemen van het eeuwig groea, waarmede de Aarde zich tooit. De warme zonnestralen dringen mede binnen in de spleet en liefkozen de vrucht die het stofje bevat. Weldra ziet men het teeder groen tus-schen de scheuren opsteken, de worteltjes in den door den binnengestroomden regen week geworden bodem, knagend eene vaste woonplaats zoeken. Eindelijk is het groene plantje tôt een dicht gewas aangegroeid. Het vogeltje heeft zijn nestje gebouwd in de lichte takjes waarin ongestoord zijn blijde toe-komstlied laat klinken. Waar voorheen door den kokenden, gloeienden lava aile 'even werd gedood, in er voor den eenzamen wandelaar weder leven en vreugde te genieten. Straks zal een overheerschend bosch de kloven en barsten van de harde lavakorst bedekken. De vogelen zullen zingen, de dieren grazen en spelen, de mensch terug de vreugde des levens genieten onder het verkwikkend lommer van de eeuwig groeiende natuur, die door aile kommer-nissen heen, weder zijn recht heroverde. Rouwt en treurt moeders en vaders, we-duwen en weezen, broeders en zusters, over het verlies van het u zoo wreedelijk ontrukte wezen. Rouwen es treuren, heelt het gewonde gemoed. Doch ontvangt het lichtstraaltje, zooals de gescheurde harde lavakorst het stofje, haar door den wind aangebracht, ontvangt en dat weder de heerlijke eeu-wige natuur in hare rechten worde her-steld.Dan zult gij 00k weldra 't vogeltje het-levenslied in uw gemoed hooren aanhef-fen.Rouwt en treurt allen, ovîrblîjvend® slach'toffers van het vreeselijke noodlot, doch wanhoopt niet ! De dood moet plaats maken voor het leven ! Met den dichter moeten wij eens volop, nlecbtig en statig, sol b.ewugtziin het lia--. : den meester te zijn geworden, zijn lied t mede aanheffen : - « Eens komt een eind aan al dat treuren >. H ANNICK.. L De ontembare Êlisaoeezes De gebeurtenissen komen andermaal de aandacht vestigen op de Albaneezen de ontembare bergbewoners die, va-n de eene onderdrukking in de andere vaJlend, nooit eene regeering hebben kunnen verdragen. Voor den Albanees is de oorlog eene be-hoefte, de vendetta een beginsel, zoodat tachtig op honderd der mannem eene geweldige dood sterven, zooals zij van kinds-been afaan wenschen. De maatschappelijke organisatie is în dit vechtersland patriarchaal zooals ri] het was bij aile herdersvolkeia der Ouâ-heid. Het fondament dezer organisatie is nog steeds het gezin, dat bestuurd wordt door het familiehoofd. . gezinnen eener streek vereenigen zich tôt een stam en de stammen vereenigen zdch tôt klannen. Elke stam maakt zoowat eene gemeente uit en deze wordt bestuurd door den raad der ouderen of den plckré. Aan het hoofd vam den klan staat 00k een raad er ouderen, die geko-zen wordt onder de bestuurders der stam-men of gemeenten en deze noemt zich den krina. die op zijne beurt onder het gezag van den bairaktar of opporbevelhebbor staat. Onder het stelsel van de vendetta, een stelsel dat heilig en onvergankelijk is voor de Albaneezen, leven aile albaneesche ge-dnnen, stammen en klannen in onafgebro-ken oorlog onder elkander. De door het heilig stelsel geheiligde wefc-ten der douzadjùes schrijven voor aile om-standigheden de wetten voor volgens de-welke de echte Albanees zich te gedragen heeft, en de grondslag dezer wetten luidt: Wie iemand doodt moet gedood worden door de bloedverwaatea van den gedood-de!Zelfs de huwelijken zijn in dit land vaaà. oorzaak van de zonderlingste moordpar-tijen, en wel op de volgende wijze : Om do toestemmiag tôt trouwen van eene vrcuw te verzekeren moet de echte Albanees haar met geweld uit de ouderlijke womng ontvoeren, iets waa,rbij zeer dikwijls de zich verzettende vader of broeders moeten afgemaakt worden, en zoo behoort het tôt de gescliiede.nis des lands dat een mirdite — dat is een jongeling die zich tôt het katholiek geloof bekeerd hseftl — ter zijner verdediging tôt ïijne rechters zegde : Om aan mijne vrouw te geraken heb ik twaalf mannen moeten dooden! Zooals in de meeste musulmansche lan-"den leert de albaneesche vrouw haren man eerst op haren trouwdag kennen. net is dan 00k een algemeen gebruik dat zij in haren bruidskorf een «doodslaken» mee-doet, plus twee lijnwaden reepen die kunnen dienen om haar de handen en de voe-ten samen te binden ! En als de albaneesche vrouw toch ge-trouwd geraakt en den post van huisvrouw bekomen heeft, is het haar eerste werk cdoodslakens» gereed te maken voor haren m»n, zijn vader en de mannelijke ieden van hare eigene familie! Bij de Turken is eene vrouw eene gevan-gene, maar bij de Albaneezen is zij er eene slavin bij. Aan de tafel moeten -ij steeds bedienen zoader zich ooit te mogen neerzetten. Bij dag en nacht moet er a -n de tafel iemand staan met een brandend takje sparrenhout, dat niet mag uitdoo-ven zoolang er iemand is die eet — en als haar ander werk af is, is het steeds vrouw die met die verlichting gelast is. Bij het eten mag men geen ander gerief gebruiken dan de rechter harnd, de linker-hand door de zonde onzuiver zijnde — en het is weer de vrouw die daar moet op waken. Niettemin blijft er de echt albaneescho vrouw een erkend middeltje over om zicii van hare slafelijkheid te verlossea en aan da dwangarbeid te ontenappen. Daartoa moet 2.ij mannenkleederen dragen, de wa-pens kunneea hanteeren en bij gelegenheid deelnemen aan de krijgsondernemingen. De aldus «ontvoogde» albaneesche vrou-wen worden doorgaans dappere krijgsters, die den mannen tôt voorbeeld worden ge-, steld en die steeds de dappersten zijn vooral als de bende op den veeroof ia uit-getrokken.Over het algemeen wordt er in Albanie zeer weinig gewerkt in den zin als wij beb werken opvatten. De oorzaak daarvan ligfc in het feit dat het heele land om zoo te zeggen ééne rots, één berg is, waar be-zwaarlijk te denken valt aan de eene of J!e andere regelmsatfea nijverheidsondterne-ming.De Albaneezen leven van de opbrengsf» hunner kudden en zooals hunne voorvadera de Grieken, verkoopen zij aan de grenzen honig, melk, kaas en huiden die nogal wat opbrengen in vredestijd. Tn Durazzo, de hoofdstad des lands, werd er sedert lange tijden eens per week foore gehouden, waar vreemde handelaars nogal talrijk verschenen om groote tioe-veelheden der hooger genoemde voort-brengsels in te ruilen tegen kleederen, juweelen .en vooral wapens. Afstammolitigen van den pélasgenstam der Grieken zijn de Albaneeien dappero, fiere, onverschrokken, ontembare vijan-den van aile gezag en onderdrukking en niets heeft hen nog kunnen doen afwijken van hunnen zonderlingen godsdienst nocîi van hunne eeuwenoude zeden en gebruiken.Als de prins von Wied, de den Albaneezen opgedrongen koning te Durazzo p.. n-kwam met zijn gevolg, ging een albaneesche « geleerde» hem te gemoet en schonk "hij hem eene verzameling van albaneesche spreuken, waar de drie eersten luidden : « Een zak meel en eene beurs geld zija' de beste vriendein. > « Alleen de paddenstoel heeft een Kcp zonder bekommering >. « Hij die een ezei voor zijne kar spant moet de onwelvoegelijkheden van het beest verdragen. » Had de prîns goed overwogen wat dera spreuken voor hem te beteekenen hadden, hij hadde zich zeker wel gewacht om de roi van koning over zoo een volkje aan te nemen en dan zou hij van den ezel z Ike geweldige stampen niet hebben moeten verdragen I Europeesche Oorlog un _,I I ■ U il -I inni I 1 . In West-Vlaanderen @ta Sas 't Noonisn van Frankrijk Otfldeela teiegramman : U3i OziâtseSi© Door den tweeden Sinxendag zijn er heden geene officieele berichten verschenen, PARUS, 21 Mei. (Havas.) Officieele médedeeling van heden namiddag, 3 uur: Tusschen Nieuwpoort en Atrecht blijft het terrein doorweekt en rioeilijk bruik-baar.De dag van doa SOston heeft zich door een levendig artilleriegevecht gekenmerkt, in den loop waarvan t ee Duitsche vlieg-tuigen neergeschoten zijn, h°.t een door de Engelsche artillerie, het andere door de Fransche. Ten noorden van /peren, ten oosten van het Yzer-kanaal, uebben de Duitschers in het begin van den nacht van 20 op 21 een aanval beproefd tegen ce Fransche linie. Zij slaagden er eerst in, er voet te krij-gen, ma-ar een d&deliik ondernomen tegen- Mf.p-Bimnimi.1.-' ■ ■ «li ' aanval heeft hen teruggedreven. Te Notre-Dame de Lorette op het front Bouchez-Neuville St-Vaast is den heelan nacht van 20 op 21 een artillerie-gevecht • geieverd. In Champagne bij Beauséjour hebben de Franschen met mijnen vorderingen gemaakt tôt aan de Duitsche loopgraven, in welker onmiddellijke nabijheid zij zich ge-handhaafd hebben. In Argonne hebben de Franschen bij Bagatelle een tegenaanval afgeslagen. In het bosch van Ailly hebben de Franschen loopgraven genomen. WTB. — PARIJS, 23-5-15: Daar het weder bet-er geworden is deden wij een aanval bij N. D. de Lorette. Wij namen La Blanche Voile (duitsche verschansingen.) Het Lorettemasief en zijne door de vijan-den sedert meer dan zes maanden met hard-nekkigheid verdedigde voorhoogten zijn in onze handen. Wij hebben 00k een deel van Ablian en St-Nazare veroverd. Elders ailes rustig. WTB. — PARIJS, 23-5-15 : Ten Noorden van leperen Oostelijk van den IJzer-Kanaal ondernam de vijand een laatste tegenaanval tegen onze loopgraven. In 't begin gelukte het hem voet ta vatten maa' een onzei tegenaanvallen wierp den vijaud weer terug. Wâj wonnen veld op ons oorspronkelijk terrein. Verder bekwamen de Engelschen een voorsprong ten V. van La Bassée. In Notre-Dame de Lorette op het front Souches-Neuville St-Vaast &rtilleriestiiwi- ^sisri^g 25 RIEI ls«l&

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.

Over deze tekst

Onderstaande tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dit komt mede doordat oude drukken moeilijker te lezen zijn met software dan moderne. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Er wordt gewerkt aan verbetering van de OCR software.

Er is geen OCR tekst voor deze krant.
Dit item is een uitgave in de reeks Vooruit: socialistisch dagblad behorende tot de categorie Socialistische pers. Uitgegeven in Gent van 1884 tot 1978.

Bekijk alle items in deze reeks >>

Toevoegen aan collectie

Locatie

Onderwerpen

Periodes